Dinsdag 18/01/2022

InterviewDirk Van Damme

‘Je krijgt de indruk dat scholen dienen om kinderen op te vangen zodat ouders kunnen gaan werken’

Van Damme noemt de focus op het openhouden van de scholen een idee-fixe. 'In bijvoorbeeld Denemarken is er amper leerachterstand opgelopen, hoewel de scholen er veel langer dicht waren. Het gaat erom hoe je het afstandsonderwijs organiseert.' Beeld Thomas Nolf
Van Damme noemt de focus op het openhouden van de scholen een idee-fixe. 'In bijvoorbeeld Denemarken is er amper leerachterstand opgelopen, hoewel de scholen er veel langer dicht waren. Het gaat erom hoe je het afstandsonderwijs organiseert.'Beeld Thomas Nolf

Kunnen de scholen nog wel openblijven nu corona rondraast? Volgens onderwijsexpert Dirk Van Damme moet de vraag zijn of leerlingen nog wel iets leren als leerkrachten in quarantaine zitten. ‘Je krijgt de indruk dat scholen dienen om kinderen op te vangen zodat ouders kunnen gaan werken.’

Pieter Gordts

“Afgaande op de verhalen die mij bereiken, is het nu echt niet simpel om een school te organiseren.” Hij mag dan wel in Frankrijk wonen, onderwijsexpert Dirk Van Damme volgt het Vlaamse onderwijs nog altijd op de voet. Zowel via de media als via zijn contacten hoort hij verhalen die hem de wenkbrauwen doen fronsen. “Ik hoor dat leerlingen niets zitten te doen op school. Of ze krijgen een vage opdracht in de studie, die ze na een halfuur afgewerkt hebben waarna ze zich nog een halfuur vervelen. Daar heb ik het moeilijk mee.”

Wie is Dirk Van Damme?
• geboren in Gent in 1956
• pedagoog en ­gezaghebbende stem in het ­onderwijsveld
• ­afgevaardigd bestuurder Gemeenschaps­onderwijs (2004)
• kabinetschef ­minister van ­Onderwijs Frank ­Vandenbroucke (2004-2008)
• hoofd van het Centre for Educational Research and Innovation en ‘senior counselor’ van het onderwijs­directoraat bij de OESO (2008-2021)
• werkt nu als Senior Research Fellow bij de Amerikaanse denktank Center for Curriculum Redesign

U liet op Twitter weten dat u zich ‘mateloos ergert’. Waarom?

Dirk Van Damme: “Heel weinig mensen lijken zich vragen te stellen over de kwaliteit van wat we onze kinderen nu nog aanbieden op school. Het gaat puur om het per se willen openhouden van de scholen, dat is het politieke motief geworden. Dat bedoel ik overigens niet als kritiek op Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA). Ook federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) heeft dat gezegd. Ik vind dat de kwaliteit van het onderwijs ook een plaats in het debat verdient.”

U hebt het over een idee-fixe. Wat bedoelt u daarmee?

“De discussie gaat over welke prijs je voor die open scholen wilt betalen. Natuurlijk zijn virologische argumenten daarin belangrijk, maar voor mij is ook de kwaliteit van de onderwijs- en leerervaring essentieel. Die onderwijskwaliteit is voor een groot deel van de leerlingen momenteel niet gegarandeerd. Op zo’n moment wordt het openhouden van scholen een dogmatische benadering.”

Wat is volgens u de impact op de onderwijskwaliteit?

“Daarvoor kunnen we ons enkel baseren op indrukken, dus pin me er niet op vast. Maar ik vrees dat ongeveer de helft van de kinderen met een serieuze disruptie van het leerproces geconfronteerd wordt, hoewel scholen openblijven.”

Er zijn nu zo’n twintig scholen volledig gesloten. Halen we op deze manier de kerstvakantie?

“Als daarmee bedoeld wordt of we de examenperiode zonder leerlingen in quarantaine halen, lijkt het antwoord evident: nee. Als ik de virologen mag geloven, zal het ergste zich rond eind november, begin december situeren. De besmettingen razen rond. Leerkrachten moeten in quarantaine, grote groepen rond hen ook. Die mensen belanden dan wel niet in het ziekenhuis, maar ze zijn essentieel voor het leerproces van kinderen op school.”

Bent u van mening veranderd? Vorig jaar gaf u toe dat het openhouden van de scholen net goed was geweest.

“Tijdens de tweede golf in november en december vorig jaar heb ik er ook voor gepleit om de scholen te sluiten, net vanwege de redenen die ik nu aanhaal. Maar nadien was ik inderdaad wat onder de indruk van het wetenschappelijk onderzoek dat verscheen over de leerachterstand bij kinderen. Die was in Vlaanderen, vergeleken met het buitenland, verrassend groot. Het afstandsonderwijs had dus blijkbaar niet gewerkt.

“Vandaag ben ik daar weer een beetje genuanceerder over. Een recente studie in Denemarken toonde bijvoorbeeld dat leerlingen daar geen leerachterstand opgelopen hebben, hoewel scholen er veel langer gesloten waren dan in Vlaanderen. Ook in Frankrijk is er nauwelijks leerachterstand opgelopen. Al te fatalistisch doen over effecten van schoolsluitingen weerhoudt mensen ervan om verstandige beslissingen te nemen op moeilijke momenten zoals nu.

“Als je de scholen kan openhouden, zoveel te beter. Het is niets voor niets dat alle internationale organisaties, van de Wereldbank tot de OESO, daarvoor pleiten. Daar ben ik het ook mee eens. Maar ze openhouden ten koste van de kwaliteit van het leerproces: dat vind ik een brug te ver. Dan denk je beter na over alternatieven.

“Daar is dan nog eens de hele polemiek over de mondmaskers bijgekomen - waarvoor jullie senior writer (Van Damme doelt op Joël De Ceulaer, PG) ten strijde trekt. Ik ben daar voorzichtiger in. Peter Adriaenssens (die vorige week op Radio 1 voor minder emotionele argumenten over mondmaskers voor kinderen pleitte, PG) is een fantastische kinder- en jeugdpsychiater. Maar hij is geen pedagoog. Hij heeft onvoldoende kennis over wat het gebrek aan visuele communicatie bij taalverwerving betekent, zelfs bij acht- tot negenjarigen.”

U vond dat er een karikatuur van dat pedagogische argument werd gemaakt?

“Ja. Ik had het gevoel dat de mensen die bezorgd zijn over de kwaliteit van het onderwijs niet gehoord worden. Het debat over een uitbreiding van de mondmaskerplicht in de scholen ging puur over virusbestrijding. Dat betwist ik helemaal niet, uiteraard is het veiliger dat kinderen met een mondmasker op in de klas zitten.

“Maar als leerlingen in een klas zitten met mondmasker en hun leerproces wordt daardoor ernstig geschaad - naast alle andere factoren die er vandaag voor zorgen dat leren niet optimaal gebeurt, zoals het lerarentekort - ben je dan toch niet beter af met goed georganiseerd afstandsonderwijs?”

Iedereen terug naar huis dan?

“Nee. Ik pleit, net als in het verleden, voor een gedifferentieerde aanpak. Je kunt bijvoorbeeld alle leerlingen die de mogelijkheid hebben om thuis les te volgen dat laten doen en kleine groepen die er echt nood aan hebben op school houden.”

Het kan dus wél, kwalitatief afstandsonderwijs organiseren voor alle leeftijden?

“Ja, daar blijf ik bij. Al is de voorwaarde dat je het goed organiseert. Als de effectiviteit en de kwaliteit van het contactonderwijs niet gegarandeerd kunnen worden, vind ik afstandsonderwijs voor grote groepen leerlingen wel een zinvol alternatief. Toevallig las ik vandaag een studie van het Joint Research Center, het onderzoeksinstituut van de Europese Commissie. Die is eigenlijk vrij positief over afstandsonderwijs, zelfs bij jonge kinderen.

“Je krijgt toch de indruk dat scholen dienen om kinderen op te vangen zodat ouders kunnen werken. Dat is een belangrijke functie die ik niet onder de mat wil vegen, maar de school dient in de eerste plaats wel om te leren. En dat schiet er nu bij in.”

Dirk Van Damme. Beeld Thomas Sweertvaegher
Dirk Van Damme.Beeld Thomas Sweertvaegher

Is het aan een directeur om te beslissen over te schakelen naar afstandsonderwijs of moet de politiek ingrijpen?

“Mensen in de eerste lijn, zoals huisartsen maar ook leerkrachten en directies, krijgen het nu het hardst te verduren. Alle last van de beslissingen komt op hun schouders terecht. Zij moeten maar ploeteren en zwemmen. Ik hoor verhalen over klassen die worden samengevoegd omdat een leerkracht uitvalt. Zo verhoog je het risico op besmettingen ook natuurlijk, al snap ik dat directies gewoon geen alternatief hebben. Dat is eigenlijk niet verantwoord. Het beleid, de koepels, de bonden: ze laten directies, zowel organisatorisch als pedagogisch, aanmodderen. De meeste handelen consciëntieus hoor, maar er gaat heel wat onderwijskwaliteit verloren.

“Dat is niet per se de schuld van de minister. Ik kijk evengoed naar de koepels en vakbonden. Die laatste zijn merkwaardig genoeg amper een stem in het debat, zeker in vergelijking met hoe het in andere landen gaat. Het lijkt alsof ze geen kritiek op de minister willen leveren.

“Dan heb ik het nog niet over ventilatie - op dat punt ben ik het dan weer wel absoluut eens met jullie senior writer. Het belang daarvan is veel te lang miskend. En toen het belang van ventilatie duidelijk werd, wou de minister er niet op doorpakken. Opnieuw, je kunt discussiëren of de minister dat moet verplichten. Maar men had op dat vlak een veel steviger beleid kunnen voeren, ook vanuit de koepels. Zowel de minister als de koepels hebben dat te veel aan de scholen zelf overgelaten.”

Is het probleem ook niet dat scholen niet op afstandsonderwijs voorbereid zijn?

“Dat blijft inderdaad een probleem. Dat is gewoon jammer. Ook daar speelt het idee-fixe van de open scholen mee. Ik vrees dat minister Weyts denkt dat als hij een positieve boodschap geeft over afstandsonderwijs, hij zijn lijn over het openhouden van de scholen niet kan aanhouden. Dat heeft scholen ervan weerhouden om naar goede strategieën in afstandsonderwijs te zoeken. Zo kom je weer in de situatie dat de Vlaamse regering enorm investeert in digitalisering, behalve voor het onderwijs.”

Weyts investeert toch 385 miljoen euro in Digisprong om, onder andere, laptops voor leerlingen te kopen?

“Dat zijn bescheiden initiatieven in vergelijking met wat er in andere sectoren gebeurt. Bovendien heeft men in Vlaanderen een enorm simplistische visie op wat digitaal onderwijs kan zijn. Wij lopen op dat vlak echt achterop tegenover ontwikkelingen in andere landen. Neem nu Nederland: daar bestaat met SURF al decennia een organisatie die aan de kar trekt van meer digitalisering in het onderwijs. Dat betekent niet dat Nederland plots helemaal op afstandsonderwijs is overgeschakeld. Maar ze slagen er wel veel beter in om digitale tools een plaats te geven in onderwijs. Ook Denemarken doet dat, de Verenigde Staten en veel andere landen. Er zijn zelfs ontwikkelingslanden die het beter doen dan wij.”

Hoe komt het dat Vlaanderen daar zo moeilijk voor overstag gaat?

“Mja. (zwijgt) Over pedagogiek en didactiek denken we in Vlaanderen hetzij zeer conservatief, hetzij naïef progressief. De groep die in andere landen aan de kar trekt voor meer digitalisering, zou ik misschien omschrijven als de pedagogisch-modernisten. Die groep is in veel Europese landen, zelfs in landen als Spanje of Frankrijk, veel meer uitgesproken. In Vlaanderen legt ofwel de conservatieve middenklasse haar visie op over hoe de school vroeger was, ofwel komt de naïef-progressieve visie, die vaak postmaterialistisch gekleurd is en technologie wantrouwt, bovendrijven.

“Het gaat ook over welke rol het hoger onderwijs hierin opneemt. Wij hebben geen open universiteiten zoals in het buitenland, die van digitalisering een waarmerk gemaakt hebben. De Spaanse open universiteit UNED is de trekker van heel wat digitaliseringsprocessen in het hele onderwijs daar, de open universiteit CNED in het Franse Poitiers deelt haar expertise met heel wat lerarenopleidingen. Dat soort ontwikkelingen zijn er veel minder in Vlaanderen. Ja, de KU Leuven is samen met Imec begonnen met iLearn, een platform dat allerlei digitale tools bundelt. Een heel goed project, maar dat bestaat dus al veel langer in het buitenland. Om nog eens terug te komen op SURF: dat bestaat al 35 jaar.”

We vergeten het misschien door corona, maar scholen kampen ook met de gevolgen van het lerarentekort.

“Ik heb daar in het verleden wel eens de uitdrukking ‘a perfect storm’ voor gebruikt. Dat dreigt het te worden: een stilaan dramatisch lerarentekort, een kwaliteitserosie die al langer bezig was en daar dan nog eens de toestanden van vandaag bovenop.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234