Zaterdag 25/06/2022

PortretMahmoud Dicko

Kan Mali’s spirituele leider jihadisten tot kalmte manen?

De Malinese imam Mahmoud Dicko in hoofdstad Bamako op 28 november 2021. Beeld Florent Vergnes / AFP
De Malinese imam Mahmoud Dicko in hoofdstad Bamako op 28 november 2021.Beeld Florent Vergnes / AFP

Imam Mahmoud Dicko (68) lijkt de aangewezen persoon om de onderhandelingen met de jihadisten in Mali te leiden, nu Frankrijk zich terugtrekt. In zijn preken pleit hij voor tolerantie, inclusiviteit, dialoog en gematigdheid. Wie is deze salafistische imam?

Carlijne Vos

Nu de Fransen zich terugtrekken uit Mali is voor de Malinezen de weg vrij om te onderhandelen met jihadisten. Mahmoud Dicko lijkt hiervoor de aangewezen persoon. Deze 68-jarige gematigd salafistische imam wordt op handen gedragen door de Malinese bevolking. Hij leidde de grote volksprotesten die in 2020 leidden tot de val van president Ibrahim Boubacar Keïta en de daaropvolgende militaire staatsgrepen.

Voor Frankrijk en de westerse bondgenoten gold Dicko altijd als een bedreiging vanwege zijn streng conservatieve islamitische denkbeelden – een ‘Malinese Khomeini’, of ‘paard van Troje van het islamisme’, zo klonk de scepsis. Maar Dicko draait het liever om: “Mali is voor 95 procent een moslimland. De islamisering is een feit”, zo zei hij vorig jaar tegen The Africa Report. “Wat betreft de veronderstelde radicalisering moet Frankrijk zijn radicale toon eens matigen. Die is contraproductief en wakkert radicalisering aan.”

Jihadisme is ‘een creatie’ van Frankrijk, bedoeld om met een legerinvasie Mali te kunnen herkoloniseren, zo zei Dicko in 2015 in de grote moskee van Bamako. Frankrijk, zo meent hij, heeft niet het recht om Mali te dicteren wat te doen. “Als je tegen je bondgenoten zegt: ‘Als je niet doet wat wij zeggen, dan gaan we weg’, dan keren die bondgenoten zich tegen je en leidt dat tot radicalisering. Je kunt radicalisering niet genezen met radicalisering.”

Machteloos

De preken van Dicko, waarin hij pleit voor tolerantie, inclusiviteit, dialoog en gematigdheid, vallen in vruchtbare aarde in een land dat al bijna tien jaar geplaagd wordt door islamitisch extremisme en etnisch geweld. Tien jaar lang heeft de bevolking machteloos moeten toekijken hoe de door het Westen gesteunde regering van oud-president Keïta er niet in slaagde het extremisme een halt toe te roepen. Terwijl de veiligheidssituatie verslechterde, ondanks de nadrukkelijke aanwezigheid van 5.000 Franse militairen en 14.000 VN-blauwhelmen, zagen ze de corruptie en het economische wanbeleid toenemen.

Het groeiende antiwesterse sentiment als gevolg hiervan en de eigenzinnige koers van de huidige regering van kolonel Assame Goïta leidde vorige week tot de aankondiging van het vertrek van Frankrijk uit Mali. Daarmee is nu de weg vrij voor onderhandelingen met de belangrijkste islamitische terreurgroep JNIM, een paraplu-organisatie van vier terreurgroepen waaronder Ansar Dine en Al Qaida in de Islamitische Mahgreb (AQIM). De beoogde gesprekspartner is JNIM-leider Iyad Ag Ghali, met wie Dicko in 2012 ook al in gesprek ging om te bemiddelen toen hij met Ansar Dine kortstondig een kalifaat in het noorden van het land had uitgeroepen. Dicko probeerde te voorkomen dat Ag Ghali strenge shariawetgeving zou invoeren en probeerde hem het idee van een heilige oorlog (jihad) uit het hoofd te praten.

‘Straf van God’

Dicko, geboren in de omgeving van Timboektoe en behorend tot de etnische Fulani, werd opgeleid in Mauritanië en Saudi-Arabië en daar geschoold in het conservatieve salafisme. Toch bleef hij altijd verdediger van het soefisme, de in West-Afrika dominante mystieke stroming van de islam. Wel hield hij er uiterst conservatieve denkbeelden op na. Zo verzette hij zich in 2009 als voorzitter van de Hoge Islamitische Raad van Mali tegen een wet die vrouwen en meisjes meer rechten zou geven. Ook noemde hij terreuraanslagen zoals die op een westers hotel in de Malinese hoofdstad Bamako in 2015 een ‘straf van God’ voor de promotie van homoseksualiteit.

Nadat Dicko in 2013 Keïta nog steunde als president, keerde hij zich in 2017 tegen hem en ontpopte zich met zijn eigen burgerorganisatie tot zijn belangrijkste politieke tegenstander. Het ongenoegen over het falende beleid van Keïta, die in toenemende mate gezien werd als een zwakke en corrupte marionet van Frankrijk, leidde in 2019 tot hevige volksprotesten waarin om zijn aftreden werd geroepen. Nadat andere burgerorganisaties zich achter het spiritueel leiderschap van Dicko schaarden, greep het leger medio 2020 de macht waarna een transitieregering onder leiding van Bah Ndaw het land naar nieuwe verkiezingen zou leiden.

De constante factor in Dicko’s betoog is het pleidooi voor dialoog met de strijdende partijen. Iets waar Frankrijk niets van wilde weten, maar waar ook de interim-regering van Ndaw zich tegen verzette hetgeen mogelijk de aanleiding was voor de tweede staatsgreep vorig jaar door kolonel Goïta. De regering van Goïta, die vorige maand de geplande verkiezingen voor deze maand uitstelde tot minstens 2025, zou achter de schermen al in gesprek zijn met jihadistische leiders, waarbij ook Dicko zou zijn aangeschoven.

Dicko heeft altijd gezegd geen politieke ambities te hebben. “Ik ben geen politicus, maar ik ben een leider en ik heb meningen”, zo antwoordde hij in 2019 in Jeune Afrique op de vraag of hij het presidentschap ambieerde. “Als dat politiek is, dan ben ik politiek.”

3 x Dicko

Frankrijk

Dicko steunde de militaire invasie van Frankrijk aanvankelijk en zei dat de Fransen Mali kwamen ‘redden’ van islamitische extremisten. Later bekoelde de liefde: “Ik weet dat Frankrijk niet van me houdt omdat ik geen priester ben, geen kardinaal, geen aartsbisschop. Ik ben een imam en dat woord maakt Fransen bang. Maar het zijn niet de imams die dit land hebben geplunderd, onze gemeenschappen tegen elkaar hebben opgezet en slecht bestuur hebben ingevoerd.”

Corruptie

Dicko over de Malinese regering: “Dit land kent slecht bestuur en diepe malaise. Corruptie tiert welig. Ik zeg het en ik blijf het zeggen.”

Religie

Mali kent een milde vorm van islam, het soefisme, dat sterk leunt op pre-islamitische culturele gebruiken, rituelen en mystiek. De salafistische extremisten van Ansar Dine, die aanhangers van het mildere en mystieke soefisme beschouwen als ‘ongelovigen’, vernielden in 2012 tal van historische soefi-bouwwerken in Timboektoe, de stad die behoort tot het werelderfgoed en bekendstaat als de ‘stad van 333 heiligen’.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234