Woensdag 26/01/2022

InterviewMaarten van Aalst

‘Landen als België hebben veel klimaatlessen te leren van Bangladesh’

Vrijwilligers helpen een dam te herstellen na de doortocht van tyfoon Amphan in Burigoalini vorig jaar in mei. Dankzij het waarschuwingssysteem vielen er 'maar' een honderdtal doden.  Beeld AFP
Vrijwilligers helpen een dam te herstellen na de doortocht van tyfoon Amphan in Burigoalini vorig jaar in mei. Dankzij het waarschuwingssysteem vielen er 'maar' een honderdtal doden.Beeld AFP

Ook in onze contreien laat de klimaatcrisis haar tanden zien, zo mochten we afgelopen zomer ondervinden. Dat heeft één voordeel, stelt Maarten van Aalst, directeur van het Klimaatcentrum bij het internationale Rode Kruis en Rode Halve Maan. ‘Het is niet meer te ontkennen dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten.’

Barbara Debusschere

“Wij zijn een soort internationale weervoorspellers, brandweer en ambulance tegelijkertijd”, zegt Maarten van Aalst, professor weerbaarheid bij klimaatrampen (Universiteit Twente). Terwijl de alweer 26ste VN-klimaattop op gang komt, staat het Klimaatcentrum dat hij voor het Rode Kruis en de Rode Halve Maan leidt al twintig jaar te midden van de vernieling die opwarming aanricht.

Het gaat om steeds meer kapotgeblazen, oververhitte of overstroomde levens. Zo moesten in 2020 in totaal 30,7 miljoen mensen hebben en houden verlaten op de vlucht voor extreem weer, zo toont een nieuw rapport van het Internationale Rode Kruis. Drie keer meer dan het aantal mensen dat moet verkassen door conflict en geweld.

Is dit een nieuwe soort van internationaal oprukkend geweld?

Van Aalst: “Zo kun je het zeker zien. Ons netwerk combineert meteorologie, klimatologie en rampenmanagement. We voorspellen zo goed mogelijk extreem weer, helpen lokaal met bufferen tegen extreem weer en met de vaak zware nasleep. Jaar na jaar is er meer werk. Dankzij wetenschappelijke vooruitgang kunnen we ook steeds beter zien in welke mate de opwarming speelt. De vingerafdruk van de klimaatopwarming is nu erg duidelijk zichtbaar. Denk aan de waterramp in onze contreien deze zomer, aan de bosbranden in Australië vorig jaar, orkaan Harvey die in de VS voor 100 miljard euro schade aanrichtte en de extreme en dodelijke hitte in Californië.

“De vraag is dus niet meer hoe het straks met de ijsberen gaat in 2100, maar ook met de – onder meer – Amerikanen, Belgen, Nederlanders, Duitsers die slachtoffer worden. Zo was de hitte in Europa, waaronder Nederland en België, vorig jaar de dodelijkste natuurramp van de wereld. Het gaat nu echt heel hard. In het Duitse rampgebied zetten we bijvoorbeeld water- en sanitatiesystemen in die wij al jaren in ontwikkelingslanden gebruiken bij rampenhulpverlening.”

Omdat de Duitsers niet goed voorbereid waren?

“Algemener kun je stellen dat de rijkste landen iets te makkelijk denken dat ze met al hun centen en technologie extreem weer de baas kunnen. Maar er gebeuren steeds meer dingen waarop ook zij niet goed voorbereid zijn. Denk aan de overstromingsramp van deze zomer. We wisten dat er ongezien veel regen zat aan te komen. Watermanagers gaan dan aan knoppen van sluizen draaien en doorgaans volstaat dat om rampen te vermijden. Alleen zie je nu dat er ongeziene waterbommen ontstaan, en dan is niets duidelijk. Wie moet er gewaarschuwd worden? Wie zorgt voor de kwetsbaarsten? Wie communiceert op welk moment met welke mate van urgentie? Op dat vlak kunnen wij lessen leren van landen die hier al vaker mee te maken hebben.”

In Sathkira, Bangladesh, brak een dijk langs de kust bij de doortocht van tyfoon Amphan.  Beeld REUTERS
In Sathkira, Bangladesh, brak een dijk langs de kust bij de doortocht van tyfoon Amphan.Beeld REUTERS

Geef eens een voorbeeld?

“Bangladesh valt op. In de jaren zeventig veroorzaakte een zware tyfoon daar tienduizenden doden. Bij tyfoon Amphan, die in mei vorig jaar toesloeg, waren het er 124. Dat enorme succes kwam er dankzij een geperfectioneerd waarschuwingssysteem waarbij miljoenen mensen zijn geëvacueerd. De Rode Halve Maan en de overheden leverden daar grote inspanningen.”

Dat moeten de rijke landen toch ook kunnen?

“Ja, maar we moeten aanvaarden dat ook wij steeds kwetsbaarder zijn. Een efficiënt waarschuwingssysteem garandeert trouwens niet dat je geen averij oploopt: er zitten limieten aan ons aanpassingsvermogen, onder meer door de onvoorspelbaarheid. De klimaatwetenschap weet dat er overal ter wereld meer risico is op extreme hitte. Maar het aantal hittegolven neemt in Europa sneller toe dan we op basis van onze modellen zouden verwachten. Voorspellen wat wanneer en waar zal gebeuren, gaat al erg goed, maar is evenmin al perfect. En dan vallen er bijvoorbeeld in Canada doden door extreme hitte. Mocht dat in Las Vegas zijn gebeurd, dan was iedereen gewoon in de airco gaan zitten.

“Of neem de zware branden in Australië. De lokale vrijwillige brandweerkorpsen zijn niet opgewassen tegen maandenlange vuurzeeën waarbij ze veel meer dan ooit levensgevaar lopen. Kan je daar dan nog wonen? Hetzelfde kun je je afvragen over de zwaarst getroffen gebieden in de overstromingsramp van deze zomer. Samenvattend: de klassieke houding van ‘We verhogen de dijk met tien centimeter’ volstaat niet meer.”

Wat bedoelt u daarmee?

“De wereld faalt in het terugdringen van de CO2-uitstoot én in het zich aanpassen aan de opwarming. Men gaat ervan uit dat als de zeespiegel stijgt, dat gestaag zal gaan en we het wel halen door de dijk tien centimeter te verhogen. En we denken in termen van eens om de zoveel jaar een ramp.

“Wij zien elke dag hoe dat niet meer volstaat. Het gaat niet per se geleidelijk en naast de grote onvoorspelbaarheid is er de opeenstapeling van weerrampen. In Oost-Afrika was er het ene jaar extreme regenval, het volgende extreme droogte. Er kwam corona bij. Mensen kunnen nog net een nieuw huis bouwen met hun spaargeld, maar als niet lang daarna de volgende klap komt, hebben ze geen eten meer. Ook wij moeten rekening gaan houden met meerdere en opeenvolgende zware dobbers.

“De grenzen aan ons aanpassingsvermogen staan niet toevallig steeds hoger op de internationale klimaatagenda. Soms zijn het ‘zachte grenzen’, zoals zwak bestuur of weinig middelen voor bijvoorbeeld shelters. Maar we botsen ook al op harde grenzen, zoals gebieden waar niet meer te wonen valt en ecosystemen die het niet meer trekken. Denk aan de koraalriffen die ten dode zijn opgeschreven bij een opwarming boven anderhalve graad en waar eilanden zoals de Malediven van afhangen voor hun overleven.”

Maarten van Aalst. Beeld RV
Maarten van Aalst.Beeld RV

Hoe ontmoedigend is dat voor uw ‘troepen’?

(lacht) “Wij laten ons niet snel ontmoedigen en concentreren ons op lokaal de weerbaarheid vergroten. Zo bieden we de armsten in onder meer Bangladesh tegenwoordig cash voor een grote overstroming zich voltrekt. Een weduwe met een paar kinderen en één koe als enige bron van inkomsten kan wel twee weken naar een shelter, maar de koe kan niet mee. Door haar vooraf centen te geven, kan ze het dier in veiligheid brengen en daarna makkelijker haar leven heropbouwen.

“Dichter bij huis zijn er ook voorbeelden. In Den Haag kunnen mensen uit arme buurten die het vatbaarst zijn voor extreme hitte nu in gekoelde overheidsgebouwen terecht tijdens hittegolven. Het is geen toeval dat de schade van de waterramp deze zomer in Nederland beperkt bleef. Sinds de jaren negentig is in dat stuk van de Maas veel ruimte vrijgemaakt om water te bergen. Want op een bepaald moment houden de dijken het niet meer. Wetenschappers lichten nu door of eerdere investeringen volstaan, want het was op het randje.”

In de nasleep van de overstromingsramp was er in België kritiek op het Rode Kruis omdat de hulpverlening te traag op gang kwam. Kan u daarop reageren?

“Ik leid het internationale klimaatcentrum en ben onvoldoende op de hoogte van de specifieke respons in België en de uitdagingen in de logistiek en lessen voor de toekomst. Dit is een vraag voor het lokale Rode Kruis.”

Hoe frustrerend is het steeds meer klimaatrampen het hoofd te bieden terwijl de CO2-uitstoot blijft stijgen en cruciale beslissingen uitblijven?

“Ons mandaat is simpelweg hulp leveren waar nodig. We hebben niet de luxe om bij de pakken te gaan zitten als het tegenzit. Maar we zien de druk toenemen en ook daarom proberen we meer en meer om rampen te helpen voorkomen in plaats van alleen meer en meer rampen op te vangen. Juist in dat licht is het teleurstellend dat er te weinig gedaan wordt om de uitstoot terug te dringen en ons beter voor te bereiden op het veranderende klimaat. Deze boodschap zetten we in de verf door onder meer bij te dragen aan de wetenschappelijke analyses van het Intergovernmental Panel on Climate Change en door in Glasgow onze ervaringen te delen. Investeren in lokale preventie en in financiële en materiële hulp bij de nasleep is hoogdringend. Dat zien we nu ook in onze eigen achtertuin.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234