Dinsdag 16/08/2022

‘Leugendetector, gij liegt’

‘Ik begrijp er niets van. Dat ding liegt.” Kadir Kir (36) wist even niet waar hij het had toen hij de resultaten van zijn leugendetectortest te horen kreeg. Al anderhalf jaar lang ontkent de neef van Brussels staatssecretaris Emir Kir (PS) dat hij iets te maken heeft met de moord op zijn echtgenote. Al anderhalf jaar is hij niettemin de enige verdachte in de zaak. De polygraaftest zou daar eindelijk verandering in brengen. Dacht hij. Het draaide enigszins anders uit. Vooral doordat Kir zijn zweetklieren niet helemaal onder controle kon houden.

Vorig jaar werden in ons land op vraag van onderzoeksrechters en procureurs meer dan 400 polygrafische tests afgenomen door de federale politie. Officieel worden de resultaten door het gerechtshof niet als doorslaggevend bewijs aanvaard. Maar officieus weet iedere verdachte maar al te goed dat de invloed van een leugentest op een rechter of jury niet te onderschatten is. Als een machine, die volgens de politie wetenschappelijk is en 95 procent accuraat, zegt dat je een jokkebrok bent, dan valt daar nog maar weinig tegen in te brengen.

Zopas nog, op het proces over de parachutemoord, sloot de jury de man van Els Van Doren uit als mogelijke dader omdat hij geen motief had en “vrijwillig een test met de leugendetector onderging, die in zijn voordeel uitdraaide”. Wie de test durft te weigeren, zoals Els Clottemans, maakt zich daarentegen meteen verdacht. “Leugens vormen het element van schuld”, pleitte Jef Vermassen. “Als je beschuldigd wordt van moord, dan ga je niet liegen. Dan zeg je: hang mij aan de leugendetector.”

LéOPOLD STORME BIS

“Hang mij aan de leugendetector” was precies wat Kadir Kir zei tegen zijn ondervragers. In tegenstelling tot de meeste verdachten drong hij zelf aan op de test. Het zou de speurders doen inzien dat ze dringend op zoek moesten naar de echte moordenaars van zijn vrouw, die volgens Kir na anderhalf jaar nog altijd vrij rondliepen.

Op 30 mei 2009 troffen de hulpdiensten in een appartement in de Oorlogkruisstraat in Neder-over-Heembeek het levenloze lichaam aan van de 34-jarige Zahide. De vrouw, op dat moment achteneenhalve maand zwanger, was om het leven gebracht met een mes en een hamer. Naast haar lichaam lag haar hevig bloedende echtgenoot. Kadir Kir werd met diepe wonden aan de keel naar het ziekenhuis gebracht, waar hij een week in coma lag.

Een maand nadat hij ontwaakt was, werd hij gearresteerd. Zijn verklaring klonk niet echt overtuigend. Drie onbekende overvallers zouden die avond hun appartement zijn binnengedrongen. Kir zou zich met hand en tand verdedigd hebben maar kon niet verhinderen dat de mannen hem en zijn vrouw overmeesterden. Toen hij weer bij bewustzijn kwam, belde hij zijn broer. Alleen: in de flat wees niets op een gevecht, noch op een poging tot diefstal. De deur was niet geforceerd en de enige DNA-sporen die werden teruggevonden, waren die van Kir. Tot op het moordwapen toe.

Als het verhaal een belletje doet rinkelen, dan is dat omdat het als twee druppels water lijkt op dat van Léopold Storme. Hoewel Storme eind vorige maand werd veroordeeld tot 26 jaar cel voor de moorden op zijn ouders en zus, blijft de student tot vandaag volhouden dat hij niet de dader maar de enige overlevende was van het drama in de Marollen. Ook Storme werd op een gegeven moment gevraagd zich aan een leugendetectortest te onderwerpen. Hij weigerde, wat hem in de ogen van velen zo mogelijk nog verdachter maakte.

Toch had de raadsman van Kadir Kir zijn cliënt gevraagd om het voorbeeld van Storme te volgen. “Ik adviseer al mijn cliënten om een polygraaftest te weigeren”, zegt advocaat Laurent Kennes. “Simpelweg omdat zo’n test niet betrouwbaar is. Het draait ook vrijwel altijd negatief uit voor de verdachte: als hij faalt, wordt hem dat aangewreven. Als hij het goed doet, vindt men dat onwaarschijnlijk.”

DENK AAN IETS OPWINDENDS

In het oude China werden moeilijke vraagstukken over schuld en onschuld beslecht met behulp van een bakje rijst. Verdachten moesten de rijst kauwen en vervolgens uitspuwen. Als de rijst er niet als een natte bal uit kwam, werd de verdachte schuldig verklaard. Men ging immers uit van de theorie: angst zorgt ervoor dat je minder speeksel produceert.

Leugendetectie mag sindsdien een stuk geëvolueerd zijn, het uitgangspunt is hetzelfde gebleven. Ook bij polygrafische tests worden de fysiologische reacties van de ondervraagde gemeten: bloedvolume, zweetklieractiviteit, ademhaling en hartkloppingen. Men gaat ook nog altijd uit van de veronderstelling: leugenaars zijn zenuwachtig.

“En dat is nu net het probleem”, vertelt Bruno Verschuere, die aan de Universiteit Gent al tien jaar onderzoek doet naar leugendetectie. “Er bestaat niet zoiets als een unieke leugenrespons. Het is niet omdat je bloeddruk omhoog gaat dat je per definitie aan het liegen bent. Zo’n bloeddrukstijging kan bijvoorbeeld ook wijzen op angst. Ook mensen die de waarheid spreken kunnen nerveus zijn. Zeker als ze aan een leugendetector hangen. Daarom kun je liegen enkel afleiden door vergelijking met een reeks controlevragen.”

Die controlevragentechniek (CVT) moet wie waarachtig is onderscheiden van wie dat niet is. Verschuere: “De controlevragen zijn redelijk absurde vragen als ‘Heb je ooit gelogen?’ en ‘Heb je ooit iemand bewust gekwetst’. Met als doel de ondervraagde ervan te overtuigen dat de polygraaf elke leugen doorziet. Men gaat ervan uit dat de spanning bij de schuldige verdachte het sterkst zal zijn bij de misdrijfrelevante vragen. De onschuldige verdachte moet erop vertrouwen dat de polygraaf heel erg accuraat is en dat wel zal blijken dat de waarheid gesproken wordt bij de misdrijfgerelateerde vragen. Men gaat er met andere woorden van uit dat de onschuldige juist sterker zal reageren op de controlevragen.”

Er is echter een probleempje, aldus Verschuere: de polygraaftest is helemaal niet voor 95 procent accuraat. “Er is heel veel discussie over, maar 80 procent is de beste schatting. Vooral bij onschuldigen zou het fout lopen. Fouten die serieuze gevolgen kunnen hebben. De test wordt immers ingezet vanwege zijn intimiderende karakter. Voor vele mensen is die ervaring op zich al behoorlijk indrukwekkend.”

Wie vreest dat hij door de mand zal vallen, hoeft echter niet te wanhopen. Uit onderzoek is gebleken dat een polygraaf misleiden verre van onmogelijk is. Het volstaat om stevig op je tong te bijten, punaises in je schoenen te verstoppen, je voeten stevig op de grond te duwen of aan iets opwindends te denken om vergelijkbare reacties op te roepen.

“Op dit moment bestaat er geen enkele waterdichte methode waarmee we zeker kunnen zijn of iemand liegt of niet”, zegt Verschuere. “Je hebt wel systemen die accurater zijn dan CVT, zoals geheugendetectie met gerichte meerkeuzevragen, dat in Japan wordt gebruikt. Niet in België nee, de speurders hier zien het probleem met CVT nu eenmaal niet. In sommige zaken, zoals zedenzaken, is lang niet duidelijk wie de waarheid spreekt, waardoor men blijkbaar bereid is een beroep te doen op iets onorthodoxere technieken.”

SINDS 2001 OOK IN BELGIË

Hoewel de polygraaftest al zo’n vijftig jaar geleden werd ontwikkeld aan de universiteit van Utah, duurde het tot 2001 voor de Belgische speurders ermee aan de slag gingen. Een van de eersten die in België aan de leugendetectortest werden onderworpen, was nota bene een ex-politieman. Robert Beijer, ooit lid van de BOB van de Brusselse rijkswacht, werd een tijdlang verdacht van betrokkenheid bij de Bende van Nijvel, maar doorstond glansrijk een confrontatie met de polygraaf.

“Voor 2001 moesten we de hulp van buitenlandse experts inroepen voor een polygraaftest, maar dat bleek algauw te duur”, zegt Jef Van Overdijn van de federale politie. Van Overdijn was een van de eersten die naar Canada trokken voor een opleiding tot polygrafist. Vandaag neemt hij samen met vier collega’s bijna dagelijks leugentests af. “Vijfenzeventig procent van de ondervraagden zegt de waarheid. Bij zo’n 10 procent van de tests is het resultaat onbeslist. De polygraaf is geen mirakelmiddel, maar het is en blijft een belangrijk hulpmiddel in onderzoeken. Neem nu zedenzaken of gevallen van intrafamiliaal geweld. Daar is het vaak woord tegen woord. Het is een goede techniek als hij correct wordt toegepast. We stellen gesloten vragen die to the point zijn en dus niets suggereren in een bepaalde richting. Als je onschuldig bent, heb je in wezen niets te vrezen.”

HOU ZE ANDERS

ONDER WATER

In Nederland is het gebruik van polygraaftests bij verhoren niettemin verboden. Als het van advocaat Hans Rieder afhangt, volgt België dat voorbeeld. Rieder manifesteerde zich als een fervent tegenstander van de polygraaftest in het assisenproces-Roger Van Rie. De gepensioneerde boer werd in 1998 dood aangetroffen in zijn woning in Maldegem. Aanwijzingen wezen al snel in de richting van Ivan L., de minnaar van de echtgenote, die drie dorpsgenoten de opdracht tot de moord zou hebben gegeven. De vier mannen werden elk aan de polygraaf gelegd. Drie werden door de machine ‘ontmaskerd’ als leugenaars. Enkel Carlos A., die bekentenissen had afgelegd, werd waarachtig bevonden.

“Ze hebben die polygraafverhoren toen gefilmd, en op die beelden zag je duidelijk dat de ondervragers de verdachten onder druk zetten en erg ingewikkelde, dubbelzinnige vragen stelden”, zegt Rieder. “Ik vind persoonlijk dat het gebruik van een polygraaf tijdens verhoren verboden moet worden. In de zaak-Van Rie bleek een van de tests maar half te kloppen en was de verklaring dus deels waarachtig. Waarop men zei: dat komt doordat de verdachte een pathologische leugenaar is. Ze gebruiken die test gewoon om de verdachte erbij te lappen. Ik raad mijn cliënten dan ook altijd aan om een leugendetectortest te weigeren, ook al maakt hen dat in de ogen van sommigen verdacht. Liever dat dan mee te werken aan een test waarvan geenszins bewezen is dat hij wetenschappelijk is. Het staat het openbaar ministerie vrij om zo’n test voor te stellen, dat maakt deel uit van het principe van de vrije bewijsvoering. Net zoals het hen vrij staat om voor te stellen om verdachten onder water te houden tot ze bekennen. Als verdachte moet je maar zo dom niet zijn om eraan mee te werken. En als advocaat moet je maar aantonen dat die test meer quatsch is dan wetenschap.”

In dat laatste slaagde Rieder met verve op het assisenproces over de zaak-Van Rie. Alle beklaagden werden vrijgesproken.

Of het Kadir Kir ook zo goed zal vergaan, valt nog af te wachten. Zijn zaak is overgedragen aan het parket van Brussel, waar de komende maand beslist zal worden of Kir al dan niet voor assisen zal moeten verschijnen. Hijzelf blijft ontkennen, en ook zijn advocaat klinkt strijdvaardig. Er zijn diverse elementen die in het voordeel van zijn cliënt spreken, vindt hij. Zoals het feit dat er ook geen DNA-sporen werden gevonden van de broer van Kir en de hulpdiensten, hoewel vaststaat dat die het appartement hebben betreden. Het feit ook dat Kir haast onmiddellijk om een robotfoto had gevraagd van de overvaller, die hij gezien zou hebben, maar dat dat portret pas enkele maanden geleden bekend zou zijn gemaakt (tot dusver zonder resultaat, KVDP).

Of het feit ook dat leugendetectors niet betrouwbaar zijn. “Mijn cliënt heeft volgens de resultaten dezelfde reacties vertoond als iemand die liegt”, zegt Laurent Kennes. “Ze hebben onder meer zijn zweetklieractiviteit gemeten. Welnu, als ik word verdacht van de moord op mijn vrouw, en ze doen mij zo’n test ondergaan, dan zal ik ook zweten.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234