Zaterdag 13/08/2022

InterviewFamilieklap

Marleen en Peter Temmerman: ‘Als tiener voelde ze zich al benauwd in ons dorp’

Marleen Temmerman en haar broer Peter: ‘We leven te veel in andere werelden om elkaar onze zielenroerselen te vertellen.’ Beeld Damon De Backer
Marleen Temmerman en haar broer Peter: ‘We leven te veel in andere werelden om elkaar onze zielenroerselen te vertellen.’Beeld Damon De Backer

De oudste is 69, professor gynaecologie en ex-politica. Vanuit Kenia zet ze zich in voor de rechten van vrouwen en kinderen. De jongste is 62 en kiest voor een sociaal engagement dichter bij huis. Marleen en Peter Temmerman, zus en broer.

Sophie Pycke

Marleen

“Dankzij onze ouders hebben we een onbezorgde jeugd gehad op het Oost-Vlaamse platteland. Moeder runde het huishouden en vader was postmeester in Kaprijke. Ze maakten deel uit van die naoorlogse generatie die vooruit wilde komen en het beter wilde doen dan hun ouders. Om vier uur ’s ochtends stonden ze vaak al op het veld dat ze huurden om aardbeien te kweken. Ook Peter en ik gingen voor en na schooltijd helpen. De strawberry fields van familie Temmerman waren niet altijd even succesvol, maar ze waren wel een constante binnen ons gezin.

“Ik was een revolterende puber, wat voor mijn jongere broertje niet altijd even leuk was. De discussies aan de eettafel konden behoorlijk verhit raken. Onze papa was een heel gezags­getrouwe man die de Vlaamse zaak van dichtbij volgde. Ik was zijn tegenpool. In 1968 was ik 15 en ik stelde alles in vraag. Ik volgde Latijn-Grieks op een strenge school, maar broste stiekem lessen om aan de unief van Gent lezingen te volgen van marxist Ernest Mandel.

“Onze discussies eindigden vaak met onze pa die gefrustreerd naar zijn aardbeienveld trok en mama die probeerde beide kampen te verzoenen. ‘Grijp naar de maan, misschien pak je een ster’, fluisterde ze me dan toe. Ze nam het vaak voor me op bij papa. Aan de ene kant was hij trots op zijn dochter die naar de universiteit ging. Maar hij zei ook: zou je dat wel doen? Als meisje uit onze sociale klasse?

“Peter en vader delen hetzelfde type sociaal engagement. Onze papa heeft de muziekacademie van Kaprijke helpen oprichten en Peter zet zijn werk al een hele tijd verder. Papa stierf 25 jaar geleden aan een hartaderbreuk. Het laatste gesprek tussen vader en zoon ging trouwens over de muziekschool. Hun engagement heeft zich altijd op lokaal niveau afgespeeld en dat bewonder ik enorm. Peter deinst er bovendien niet voor terug om uit zijn comfortzone te komen voor een ander. Samen met zijn vrouw Mieke besloot hij om hun huis open te zetten voor Oekraïense vluchtelingen: een mama en een hoogzwangere dochter die in april is bevallen van een zoontje. Ik vind dat enorm schoon van hem. Wie in nood is, kan altijd terugvallen op Peter.

“In ons gezin voel ik me weleens een buitenbeentje. Dat is altijd al zo geweest. De drie broers zijn een hechte clan. Ze wonen in elkaars buurt en ze zien elkaar regelmatig bij mama thuis. We hebben nooit een slechte band gehad, maar onze zielenroerselen vertellen we niet aan elkaar. Ik denk dat we daarvoor te veel in andere werelden leven. Als ik hen een jaar niet in levenden lijve heb gezien, vragen ze: ‘En, hoe is het in Kenia?’ Maar algauw raken ze weer verzonken in dagelijkse beslommeringen. Sinds een paar jaar is mijn relatie met Peter wel veranderd. We begrijpen elkaar beter.”

Peter

“De drie broers zijn enorm honkvast. We zijn geen wereldreizigers zoals onze zus. Ik denk dat ze zich als tiener al benauwd voelde in Kaprijke. In de vakanties was ze er bijna nooit, altijd wilde ze op kamp. Ik zat liever thuis. Dat verschil is er altijd geweest. Marleen is zelfs de allereerste ooit die me op een vliegtuig heeft gekregen. De eerste keer was in 2012, toen ze in Genève woonde. Vijf jaar later deed ik het opnieuw. Ik vloog met mijn gezin naar Istanbul en vandaaruit naar Mombassa. De dagen, zelfs weken, voor die trip had ik mijn twijfels. Zo’n avontuur, was dat wel iets voor mij? Maar toen we eindelijk landden, voelde ik me zoals Neil Armstrong: we made it! (lacht) Die reis was zo ongelooflijk mooi. Op 1 januari liepen we zomaar over een hagelwit strand, terwijl in Kaprijke de jaarlijkse nieuwjaarsreceptie plaatsvond.

“Marleen is het gewoon om het hoogste woord te voeren, maar voor ons blijft ze ‘gewoon’ onze zus. En wij, de drie broers, wij zeveren graag. We hebben ons bovendien een moeilijk te begrijpen mompeltaaltje aangemeten dat Marleen al jaren probeert te ontrafelen. (lacht)

“Voor die fameuze trip naar Kenia vroeg ik haar wel eens hoe het ging met haar werk, maar onze gesprekken bleven meestal aan de oppervlakte kabbelen. Op die reis hebben we écht gepraat. We kwamen tot het besef dat we uit hetzelfde nest komen en dezelfde waarden delen. Sindsdien spelen we elk dag online een spelletje scrabble. Ze denkt dat ik tegen mijn verlies kan, maar meestal zit ik dan een eindje te zeuren tegen mijn echtgenote. (lacht)

“Ik ben de laatste van vier, het kakenestje. Met haar rebels karakter heeft mijn zus het pad voor mij geëffend. Alles wat ik wilde doen, mocht. Nu goed, zo’n wilde puber was ik helemaal niet, om eerlijk te zijn, maar in theorie kon alles!

“Toen ik net geboren was, was Marleen kwaad op mij. Ze wilde een zusje, geen zoveelste broertje. Toen ik een jongetje van 11 was, was zij al een jonge vrouw van 18. Ik heb altijd opgekeken naar haar. Bij het begin van haar eerste academiejaar reed ik mee van Kaprijke naar Gent om haar af te zetten bij haar eerste kot, in een zijstraat van de Overpoort. Toen we toekwamen, stonden haar medestudenten haar op te wachten. ‘Is dat uw broertje?’, vroegen ze lacherig. Ik weet nog altijd niet waar ze exact om lachten, maar vijftig jaar later herinner ik me dat moment nog steeds. Misschien omdat ik een kindje van de buiten was dat door mama gemaakte kleren droeg. Uitvliegen ging haar goed af, dat merkte ik toen al.

“Haar werklust is onmetelijk, en hoewel haar pensioenleeftijd al even overschreden is, denk ik niet dat ze het snel rustiger aan zal doen. Die werkethiek hebben we van onze ouders. Onze vader was een staatsambtenaar, geen postcode mocht verkeerd staan, en moeder was een gemeenschapswerkster avant la lettre. Op haar veertiende moest ze stoppen met school en kolen ronddragen met paard en kar. Vaak brak haar hart van de miserie die haar pad kruiste en zette ze kolen opzij voor de armen of ijverde ze voor hen bij de burgemeester. Onrechtvaardigheid maakt ons kwaad, een familietrekje.”

Gekke gewoontes

Marleen over Peter: “Hij drinkt elke ochtend melk uit een kinderglas of een marginaal gekleurde tas uit de Action.”

Peter over Marleen: “Sinds de pandemie heeft ze altijd twee sets oortjes bij zich zodat ze aan twee videocalls tegelijk kan deelnemen. Geen idee hoe ze het doet.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234