Maandag 08/08/2022

Mea culpa

Gert Van Langendonck

Wat moet een Irakees die in een Amerikaanse gevangenis is mishandeld doen om geloofd te worden? Het antwoord zou moeten zijn: het aan een westers journalist vertellen. Het antwoord is meer iets in de zin van: naakt aan een leiband worden voortgetrokken door een Amerikaanse soldaat, zorgen dat er een foto van wordt gemaakt en dan maar hopen dat die door een goede ziel naar de media wordt gelekt. Een van de lessen die uit het Abu Ghraib-schandaal moeten getrokken worden is dat de media tekort zijn geschoten in de berichtgeving vanuit Irak.

Ik heb het de voorbije weken keer op keer moeten horen van de families van Iraakse gevangenen. Waar waren jullie vóór de foto's van Abu Ghraib op tv kwamen? Waarom hebben jullie ons niet geloofd toen we zeiden dat we mishandeld werden in de gevangenis? De waarheid is dat we het wel wisten. Dat wil zeggen, vanuit een buikgevoel wist elke journalist in Irak dat de Irakezen in de Amerikaanse gevangenissen wel moesten mishandeld worden.

Mishandeling in de gevangenis was het logische gevolg van de Amerikaanse houding tegenover de Iraakse burgers zoals we die elke dag op straat zagen, van het gedrag dat we met eigen ogen konden zien wanneer we ingebed waren bij de troepen. Vanuit mijn eigen ervaring: als de soldaten je meenemen wanneer ze wat huizen gaan vernielen, gewoon omdat er pro-Saddam-graffiti op de gevel staat, als ze een raid doen op zoek naar een verdachte en in de plaats zijn broer, neef, oom arresteren omdat de verdachte toevallig niet thuis is, als een oude Saddam-poster onderaan in een kast voldoende reden is om voor onbepaalde tijd achter de tralies te verdwijnen... Dan weet je gewoon dat het nog veel erger moet zijn wanneer er geen journalisten op staan te kijken.

En toch hebben we de Irakezen niet willen geloven toen ze het ons vertelden. Vorige week herinnerde ik mij een pamflet dat mij begin maart was toegestopt in de Abu Hanifa-moskee, de belangrijkste soennitische moskee van Bagdad. Het was afkomstig van de verzetsbeweging Ansar al-Sunna, en stelde dat in Abu Ghraib mannelijke en vrouwelijke gevangenen waren mishandeld en verkracht door Amerikaanse soldaten. Ik heb het toen niet eens laten vertalen. Zelfs mijn Iraakse tolk was het ermee eens dat het pure verzetspropaganda was.

Deze week heb ik het pamflet alsnog laten vertalen. Er staat onder meer in dat er "binnen de gevangenis van Abu Ghraib eenmanscellen bestaan waar de mannen naakt worden vastgehouden". Dat is celblok 1A, de gang waar de beruchte Abu Ghraib-foto's zijn gemaakt. In diezelfde periode circuleerde in de moskeeën de boodschap van Noor, de vrouw die zei dat de vrouwelijke gevangenen in Abu Ghraib verkracht werden, wat ook blijkt te kloppen. Maar we hebben het pas geloofd toen het verhaal tot ons kwam uit onverdachte, want Amerikaanse, bronnen.

Toegegeven, de Irakezen hebben het ons niet altijd makkelijk gemaakt. Een beetje Iraaks verzetsstrijder begint niet aan een aanslag tegen de coalitietroepen als hij niet minstens tachtig Amerikanen kan doden, ook al stond je er zelf bij en hadden ze de basis helemaal gemist. Die overdrijvingen hebben de verklaringen van het verzet ongeloofwaardig gemaakt in de ogen van de media. En het is ook niet alsof we gewoon even aan de poort van Abu Ghraib konden gaan vragen of het waar was dat ze daar de gevangenen verkrachtten. Maar toch. Ik schaamde mij tegenover de gevangenen van wie ik de voorbije weken de verhalen heb opgetekend, omdat ik weet dat ik ze twee maanden geleden wellicht niet had geloofd. Wellicht wilden we niet geloven dat Amerikanen, "mensen zoals ons", zoiets zouden doen.

Nancy Gibbs bracht het onlangs in Time goed onder woorden. "Er is deze week iets heel kostbaars verloren gegaan", schreef ze naar aanleiding van de Abu Ghraib-foto's, "de hoop dat de wereld op een dag de Amerikanen zal zien zoals wij onszelf zien." (Ze bedoelt: als de 'good guys'.) "In de plaats daarvan hebben wij onszelf gezien zoals de rest van de wereld ons ziet", als de 'bad guys'.

Het is misschien daarom dat de ex-gevangenen van Abu Ghraib dezer dagen zo geduldig hun verhaal blijven vertellen aan de journalisten. Behalve dat de Irakezen gewoon heel vriendelijke mensen zijn, weten zij dat het Abu Ghraib-schandaal Amerika meer schade heeft toegebracht dan alle aanslagen van het verzet bij mekaar. Daarom ook zijn alle gevangenen in Abu Ghraib, of ze nu mishandeld zijn of niet, of ze nu bij het verzet zaten of niet (de meeste waren dat niet) collectief uitgeroepen tot helden van het Iraaks verzet tegen de bezetter.

De hamvraag is dan of Bush liegt als hij zegt: "Dit is niet het Amerika dat ik ken." Voor wat mijzelf betreft: het is niet het Amerika dat ik kende maar het is jammer genoeg wel het Amerika dat ik heb leren kennen in het afgelopen jaar in Irak. Als een Europeaan die in Amerika woont, ben ik sinds 11 september 2001 vaak een onbezoldigd verdediger geweest van 'de Amerikanen' tegenover het anti-Amerikanisme van de Europeanen. Maar wanneer ik nu in New York ben, tussen trips naar Irak door, merk ik dat ik 'de Amerikanen' anders bekijk dan tevoren.

Wanneer ik nu een patser zie die met zijn dikke SUV naar huis rijdt van Wall Street naar New Jersey, zie ik hem in gedachten in Irak bovenop een tank zitten met 'Born to Kill' op de loop geschreven. Dat is natuurlijk heel erg oneerlijk tegenover de patser in zijn SUV die misschien juist een heel aardige vent is. Maar zowel de SUV als de tank zeggen luidop tegen de wereld: ik doe waar ik zin in heb en het kan mij geen ene reet schelen wat iemand anders daarvan vindt. Los van de politieke verantwoordelijkheid voor de wantoestanden in Irak, de leugens over de massavernietigingswapens, de opeenstapeling van foute beslissingen in Irak, is het de erfenis van Bush dat hij het slechtste in de Amerikanen naar boven heeft gebracht. Ik denk dan aan de foto's waarop Lynndie England en Sabrina Harman het 'thumbs up'-gebaar maken terwijl ze met naakte Iraakse gevangenen poseren. Het is een Amerika dat Bush volgens mij heel goed kent.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234