Woensdag 28/09/2022

Moedig zeewaarts

Hun schip drijvend houden, hun passie levend: dat is wat 400 werknemers van de roemloos ten onder gegane staatsrederij SeaFrance gedaan hebben. Ze tastten diep in de eigen buidel, maar nu is het zover: tussen Calais en Dover varen de boten van MyFerryLink, een 21ste-eeuwse coöperatieve, de hunne. Lode Delputte voer mee.

Ik voel me trots. Ik ben gemotiveerd. Ik heb mijn lach teruggevonden." Jacques Deroo, kapitein op de Rodin, is een gelukkig man. "Dertig jaar zee, het doet wat met een mens. Ik ben niet gemaakt voor de kade. Eindelijk kan ik mijn schip weer manoeuvreren."

Het is bijna middag, door de nevel priemt een late zomerzon, er staat vier tot vijf beaufort, noord-noordwest, een klassieke windkracht tussen Calais en Dover. De Rodin, 186 meter lang, 28 meter breed en diep in het ruim goed voor twee kilometer auto's en vrachtwagens, is net de Franse haven uitgevaren. Aan bakboord liggen Cap Blanc-Nez en Cap Gris-Nez, aan stuurboord, blakend in het licht, de krijtrotsen van Zuidoost-Engeland.

"Op naar twintig knopen", zegt Deroo terwijl hij zijn baard strijkt. In de panoramische toetsen- en schermenzaal die zijn stuurcabine is, en die hij deelt met zijn ondercommandanten, geeft hij het bevel tot kruissnelheid. Het Kanaal oversteken is een absoluut metier. Met Antwerpen, Rotterdam en Hamburg om de hoek is deze 'snelweg van de zee' niet alleen de drukste scheepsroute ter wereld, er liggen ook verraderlijke zandbanken en de stroming is geducht. "Maximale attentie is vereist."

De kapitein, telg uit een mijnwerkersgezin met Frans-Vlaamse wortels en wereldburger dankzij de lange omvaart, bleef negen maanden lang aan wal. Maar sinds 20 augustus staat hij weer aan het roer. Deroo is een van de 400 werknemers van MyFerryLink, de pas opgerichte, fors afgeslankte opvolger van SeaFrance. In dat staatsbedrijf, een dochter van spoorwegmaatschappij SNCF, werkte tot vier keer zoveel volk. Maar eind vorig jaar, na een taai sociaal conflict, ging het roemloos op de fles.

MyFerryLink wordt volstrekt anders, zweren Deroo en zijn collega's. "Let op het bezittelijk voornaamwoord", zegt tweede kapitein Thibaut Blanquart, 29. "Het is ónze onderneming, die van het personeel. Maandelijks staan we 2 procent van ons loon aan de coöperatieve af en straks stoppen we er elk ook 5.000 euro in uit eigen zak (er is voorts een plan om de nog niet uitgekeerde ontslagvergoeding uit het derde sociaal plan van SeaFrance, 25.000 euro per werknemer, aan MyFerryLink over te dragen, LD). Nu maar hopen dat we onze klanten terugwinnen."

Blanquart monstert de horizont. Acht jaar lang was hij bij SeaFrance aan de slag. Aan het eind speelde de angst om werkloos te worden hem flink parten. Ook vandaag blijft hij de vingers kruisen, al is hij vooral opgelucht. "Weet je, ik ben geboren in Calais. Als kind keek ik elke dag naar de boten. Toen ik naar de zeemansschool trok, maakte ik mijn jongensdroom waar. Ik prijs mezelf gelukkig dat ze hem niet afgepakt hebben."

Leven onder de waterlijn

Niet alleen hoog op de brug, in alle kajuiten en op alle dekken zingen de associés hetzelfde lied: passie voor de zee, enthousiasme voor hun baan, hoop op de toekomst. "Het is jammer dat de merknaam SeaFrance zoveel schade opliep, dit is een nieuwe start", zegt Yann, verantwoordelijk voor het touwwerk tussen schip en wal. "De eerste klanten van weleer zijn terug", getuigen, in koor, Christine en Catherine, die de voormalige Duty Free runnen. "We zijn blij de vertrouwde gezichten weer te zien en er nieuwe te leren kennen."

Onder de waterlijn, diep in de buik van de Rodin, zegt Olivier, een 36-jarige Rijselaar, niets anders. "Ik heb er 12 jaar machinekamer opzitten. Ik was ronduit uitgelaten toen ik de zee weer op kon. De motoren draaiend houden, de staat van het materiaal controleren, de Rodin doen varen, deze schepen zijn ons leven." Een leven dat zich, voor wat Olivier betreft, afspeelt in een verzengende hitte, oorverdovend geronk en de penetrante geur van brandstof.

Gezwind zet de Rodin koers richting Dover. Onderweg kruist hij zijn tweelingbroer, de Berlioz, die op de terugtocht is. Op hun flanken prijkt de nieuwe naam, MyFerryLink. Als straks ook de Nord-Pas-de-Calais opnieuw zeevaardig is, een vrachtschip dat voor hercertificatie in Duinkerke ligt, is de vloot compleet.

Maar hoe kan een kleine société coopérative et participative ('Scop') drie boten runnen? Simpel: omdat ze er geen eigenaar van is. Op de schepen wappert de vlag van Eurotunnel. Nu de tunnelexploitant eindelijk zelf uit de slechte papieren is, heeft hij een deel van de inboedel van SeaFrance opgekocht - prijs: 65 miljoen euro. In de Kanaaltunnel zijn grote werken op til, het partnerschap met MyFerryLink moet een portie van de klanten straks naar de coöperatieve sturen. Wil het bedrijf in eerste instantie vooral operationeel aanwezig zijn, dan mikt het straks op een marktaandeel van 12 tot 14 procent van het vrachtverkeer en 10 procent van de passagiers.

Veel courage

Bij MyFerryLink geloven ze minder in mirakels dan in courage. Dat moet wel, anders kies je niet uitgerekend in deze conjunctuur het sop. Op radiozender France Info klinkt het middagjournaal als een litanie van sociaal-economische rampspoed: de Bretonse kippenreus Doux moet in vereffening, in de Parijse banlieue gaat een Peugeotfabriek dicht, in Spanje piekt de werkloosheid op een kwart van de beroepsbevolking en in Duitsland blijft Lufthansa staken.

Nu ja, in de regio Nord-Pas-de-Calais hebben ze met crisis leren leven. De industriële revolutie, diep in de negentiende eeuw, heeft er onuitwisbare sporen nagelaten. Wie industrie zei, zei werk, en later, toen de fabrieken sloten, onvermijdelijk werkloosheid. Ook Calais, voor velen de hoopgevende exit naar zee, kreeg rake klappen. De laatste was het faillissement van SeaFrance - 1.700 banen weg.

Neem het dorp Oye-Plage, tussen Calais en Grevelingen. Hier alleen al werden vijftig families door het SeaFrancedebacle getroffen. "En óf het drama over de tongen heeft gerold", knikt, daags voor onze overtocht, de waardin van café Le Victor Hugo. "Zelfs nu de boten weer te water zijn houdt de discussie aan, pas vrai, Jean?"

Jean, dat treft, is een gepensioneerde commandant van de havenpolitie. Hij wil niet herkenbaar in de krant, maar praten doet hij als Brugman. "SeaFrance heeft het zelf gezocht", zucht hij. "De ferry's van de staat, vraag het om je heen, dat was georganiseerde diefstal, vijf decennia lang. Maar zo zat het systeem ook in elkaar: het SeaFrancepersoneel kreeg op alles korting. Een krat Glenfiddich voor een prikje? Laat maar komen. Heel Calais deelde in de zwendel."

Jean liet niets passeren, zweert hij. "Maar wij hadden natuurlijk andere katjes te geselen: het gros van ons werk bestond in het onderscheppen van verstekelingen. De politie had het druk en dus ging het personeel van SeaFrance zijn gang."

SeaFrance was een staat binnen de staat, zo luidt de kritiek. De vakbonden hadden op alle vlakken het laatste woord. Aanwervingen, lonen of vakantiedagen. Het management, de Franse overheid zeg maar, wist er geen blijf meer mee en liet begaan.

"Maar de werknemers die met hun eigen centen de Rodin en Berlioz weer in de vaart brachten? Die verdienen mijn respect. Ik hoop alleen maar dat het goed afloopt, want de concurrentie is moordend. Het Franse personeel krijgt ten minste nog een noemenswaardig loon. Dat kun je van veel Oost-Europeanen bij andere rederijen niet zeggen."

In maatpak op zee

In de zeemanskroegen in Calais klinkt een vergelijkbaar verhaal: intern maakte SeaFrance geen schoon schip met de graaicultuur, buiten bleef het blind voor kapers op de kust. In bar La Marinière, aan de voet van de vuurtoren, lijkt zelfs sprake van plaatsvervangende schaamte. Niemand wil nog woorden vuil maken aan SeaFrance, zeker niet tegen een journalist. Tot een bebaarde stamgast dan toch een grapje veil heeft. "Het doet hier sinds jaren de ronde", grijnst hij, "al moet je er natuurlijk de dubbele bodems van het Frans voor kennen. Weet je wat het verschil is tussen SeaFrance en Air France? Chez SeaFrance on vole plus..." Waarop het hele gezelschap het uitproest.

Aan boord van de Rodin bevindt zich ook Raphaël Doutrebente, hr-manager en kersvers adjunct-directeur-generaal van MyFerryLink. Doutrebente kent de verhalen, maar plaatst ze in hun context. "De werknemers genoten kortingen", bevestigt hij, "maar het was op zich niet verboden om spullen door te verkopen. Het echte probleem zit dieper: tussen de top van SeaFrance en de basis was het vertrouwen weg. Als je geen sociale dialoog meer hebt, tja, dan ontspoort de zaak. Voeg eraan toe dat de zeemanswereld altijd al hard geweest is, en dat Frankrijk, anders dan Duitsland, geen traditie heeft in comanagement door vakbonden. Je hoort mij geen kritiek geven op een bedrijf dat het mijne niet was, maar het is een beetje wat hier misgelopen is."

Vandaag bewaren de syndicalisten van CFDT Maritime Nord een discrete afstand. Hoewel ze zich in de zaak-SeaFrance weinig vrienden maakten, is het dankzij hun samenwerking met de curatoren dat MyFerryLink van de grond kwam.

Niet alleen Doutrebente vaart mee, dat doen ook directeur-generaal Jean-Michel Giguet en het hele management. Mannen in maatpak die buiten SeaFrance gerekruteerd werden en die je niet met een coöperatieve in verband zou brengen.

Doutrebente lacht: "Een coöperatieve (Frankrijk telt er 21.000 met in totaal 1 miljoen werknemers, de VN riepen 2012 zelfs uit tot Internationaal Jaar van de Coöperatieve, LD) heeft niets met Hugo Chávez of de Sovjet-Unie te maken. De werknemers zijn partners, jazeker, maar iedereen over elke beslissing zijn zegje laten doen werkt niet. Dat moet je aan het management overlaten."

En toch: allemaal betalen de managers mee voor hun nieuwe bedrijf. Eenmaal per week komen ze aan boord, en vandaag vergaderen ze tijdens de overtocht, kwestie van het contact met de realiteit niet te verliezen en de bemanning te begroeten. Die is vereerd. "De vroegere directie", zegt een van de scheepslui, "bleef hardnekkig in Parijs. Dát was misschien hun grootste fout."

Intussen ligt de Rodin in Dover aangemeerd. Op het kasteel wappert soeverein de Union Jack. Vrachtwagens en auto's rijden het parkeerruim alweer binnen. Het schip biedt plaats aan 1.900 passagiers, maar meer dan een paar tientallen komen er vanmiddag niet aan boord. Het voorbije weekend was gelukkig wel goed: motorpech bij concurrent P&O en het einde van de zomervakantie zorgden voor bemoedigende cijfers.

Camaraderie

Het is etenstijd. In de keuken van het restaurant staat Yvon Rongrais, koksmuts op het hoofd. Rongrais is 52 en dankbaar dat ze hem op zijn leeftijd nog aannamen. "Ik heb me kandidaat gesteld, ben op gesprek gekomen en mocht vennoot worden. Andere ex-collega's bij SeaFrance staan nog in de rij. Maar eerst moet de zaak een beetje draaien hé. We hebben ingeleverd en spelen misschien in een categorie lager dan destijds, maar de eerste klanten zijn tevreden."

Dat bevestigen twee echtparen die een tafel delen en een fles rode wijn gekraakt hebben. Mijnheer en mevrouw Lux en mijnheer en mevrouw Treffot, allen uit de buurt van Lyon, hebben er een reis door Schotland opzitten en keren naar huis terug. Toevallig is het de verjaardag van mevrouw Lux, en daar mag wel een glas bordeaux bij.

"Maar we klinken ook op MyFerryLink", zegt ze vastberaden. "We zagen dit verhaal op tv en kozen bewust voor deze maatschappij. Maak me niets wijs, SeaFrance was niet over de hele lijn rot. Deze werknemers zijn realisten maar blijven erin geloven. Ze hebben er zelfs hun eigen centen voor over. Waar zie je zoiets nog? Het zou erg zijn als we hen niet steunden."

De rest van het gezelschap knikt, en het lijkt alsof ook de Rodin het heeft gehoord. Zachtjes glijdt het schip de haven alweer uit. Vanuit de stuurcabine zwaait Jacques Deroo naar de Engelsman in de controletoren op de pier. Ze hebben elkaar maanden moeten missen, het weerzien was ernaar, camaraderie onder zeelui.

"Deux gauche, deux gauche, trois, trois, zéro, zéro", klinken de kapitein en zijn assistent in echo. Op basis van de cijfercode stelt Deroo het roer, eigenlijk een stuurknuppel, voortdurend bij. In de cabine hangt een religieuze stilte, want het Kanaal opvaren is precisiewerk. Het manoeuvre verloopt feilloos, op de Rodin ziet heel Dover de naam MyFerryLink pronken. Alweer verschijnt er een lach op Deroos gezicht. "De zee, ze doet wat met een mens."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234