Zondag 02/10/2022

Naar Elba

Ze vonden Napoleon in een hoekje van de gelagkamer, het hoofd in handen, zachtjes snikkend

Napoleons laatste verovering: Martin Bril

Martin Bril had nooit iets met het verleden, tot hij toevallig een boek over Napoleon las. Hij werd getroffen door zijn grote aspiraties, daadkracht, eenzaamheid en militair vernuft en ging op zoek naar de sporen van Napoleon in het moderne Europa. Na één museum wilde hij er nog tien zien, na één slagveld wilde hij alle slagvelden bekijken, na tien boeken over Napoleon wilde hij alles over Napoleon lezen. Over zijn passie doet hij verslag.

In de nacht van 12 op 13 april 1814 deed Napoleon in Fontainebleau een zelfmoordpoging. Op het slagveld was het hem eerder dat jaar niet gelukt te sneuvelen. Hij bevond zich op een interessant dieptepunt in zijn leven. In Parijs waren zijn maarschalken met de tsaar en de Oostenrijkers een wapenstilstand overeengekomen, en de afspraak was nu dat de keizer afstand zou doen van de troon en het land zou verlaten.

De keizerin bevond zich in Rambouillet en mocht zich van haar vader, de keizer van Oostenrijk, niet bij haar man vervoegen. Of ze dat had gewild als het had gemogen is nog altijd een vraag. Marie-Louise voelde weinig voor ballingschap op een dom eiland. De vorige keizerin, Josephine, bevond zich ook niet ver van Fontainebleau, op het buiten Malmaison.

Zij had Napoleon een paar dagen eerder nog gezien en gesproken, maar ontving nu de tsaar, die zeer van haar onder de indruk was. De derde vrouw in Napoleons leven, de Poolse Marie Walewska, was onderweg naar Fontainebleau; zij wilde haar minnaar wel volgen in de ballingschap, maar zou hem niet eens te spreken krijgen.

Napoleon probeerde zichzelf te doden door vergif in te nemen. Sinds zijn Spaanse veldtochten droeg hij dat gif onder zijn kleren in een zakje op zijn borst met zich mee. In Spanje was het niet verstandig om in handen van de vijand te vallen. Ook tijdens de Russische veldtocht had de keizer het gif bij zich; het was dus ruim twee jaar oud toen hij het in Fontainebleau tot zich nam. Hij werd er alleen kotsmisselijk van. Zelfs de dood was hem niet vergund. In l Absent, een roman van Patrick Rambaud, is de scène uitgebreid en kostelijk beschreven: "Sire, quand on veut se tuer on prend un pistolet, et alors la dose est sure", zegt een van de bedienden tegen Napoleon, terwijl de ander hem een mooie vaas onder de mond houdt om in over te geven.

"Donnez-moi quelque chose de plus fort", mompelt de keizer, dik en bleek en bibberend in zijn kamerjas, maar hij weet al dat niemand hem iets zal geven en kotst nog maar een keer in de vaas, waar de bediende vervolgens geen raad mee weet, dus hij zet hem maar in de tuin. Even later zit hij met het hoofd in handen en komt Caulaincourt binnen met de papieren die hij moet tekenen om zijn troonsafstand definitief te maken. Zonder te kijken, krabbelt hij zijn naam. Buiten wordt het alweer ochtend.

Een paar ochtenden later verlaat de keizer zijn kasteel om aan de reis naar Elba te beginnen. Op de binnenplaats neemt hij afscheid van zijn geliefde Garde: een moment dat met schilderijen, etsen en gravures vele malen is vereeuwigd, een hoogtepunt in de napoleontische iconografie: huilende grognards (oude mopperkonten, zoals de keizer zijn soldaten liefkozend noemde), een ontroerde Napoleon die het vaandel kust dat tegenwoordig nog steeds te bewonderen is in het Musee de l'Armée in Parijs. Daarna vertrekt hij, met 600 grenadiers als geleide. Nog eens 600 zouden volgen; meer dan een piepklein legertje van 1.200 man mocht hij niet meenemen naar Elba.

De reis van Fontainebleau naar Saint-Tropez, waar hij scheep moest gaan, is een van de meest wonderlijke die hij ooit ondernam, een film waardig.

In eerste instantie verliep alles rustig. In Briare, Cosne, La Charité-sur-Loire gebeurde niets. In Nevers werd de keizerlijke stoet door duizenden enthousiaste mensen opgewacht. Men scandeerde "Vive l'Empereur!" en Napoleon vertoonde zich op het balkon van het stadhuis om zich toe te laten juichen, tot grote ongerustheid van de Oostenrijkse, Russische en Engelse soldaten die hem óók vergezelden. De volgende dag rolde de stoet door Saint-Pierre-le-Moutier, Villeneuve, Moulins: overal dezelfde taferelen. In Lyon werd Napoleon met alle eerbetoon binnengehaald. Daags daarop werd het gezelschap buiten de poorten van de stad opgewacht door maarschalk Augereau, die zijn keizer eens lekker wilde uitschelden. Vandaar ging het naar Valence en Orange, en daarmee trok het gezelschap het van oudsher royalistische zuiden binnen. Nu werd de sfeer grimmiger, in Avignon dreigde de gevallen keizer gelyncht te worden, hij ontsnapte maar op het nippertje.

Volgende halte: Saint-Cannat.

Herberg La Calade.

Hier kwam de keizer incognito aan. Hij had zijn vaste grenadiersuniform vervangen door een rommelige soldatenoutfit. Hij was in gezelschap van nog maar een paar mannen, de rest was hij kwijtgeraakt in de buurt van Avignon. Het was druk in de kroeg, slechts met pijn en moeite was er een plaatsje te bemachtigen. De mensen staarden naar de vreemde snoeshaan die binnenkwam. Uren later kwam de rest van het gezelschap binnen; ze vonden Napoleon in een hoekje van de gelagkamer, het hoofd in handen, zachtjes snikkend. Die scène is nooit deel uit gaan maken van de napoleontische beeldcultuur. De volgende dag reisde het gezelschap verder; nu droeg Napoleon het uniform van een Oostenrijkse generaal.

Niemand herkende hem.

Twee dagen later werd Saint- Tropez bereikt. Daar lagen een Engels en een Frans schip klaar om de keizer naar zijn nieuwe rijk te brengen, The Undaunted en de Dryade. Napoleon weigerde aan boord te gaan van het Franse schip, bang als hij was dat de Bourbons hem een kunstje zouden flikken, en meldde zich bij de Engelsen. Maar er stond geen wind en dus moest er gewacht worden tot vrijdag de 29ste april. Des zondags werd Corsica gepasseerd, met saluutschoten, en op dinsdag 3 mei verscheen The Undaunted voor de kust van Elba, waar de mensen nog niet wisten dat ze sinds kort een keizerrijk waren met Napoleon aan het hoofd. De keizer zelf was inmiddels bekomen van de reis over het Franse platteland en vastbesloten zijn kleine eiland op te stoten in de vaart der volkeren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234