Dinsdag 09/08/2022

'Niemand jaagt op mij, ik jaag zelf'

Dit voorjaar zag ze in de commissie 'de la guillotine' alle hoeken van de Kamer. Het ging over Doel en Tihange. Er vielen woorden als 'leugenachtig' en 'onbekwaam'. Maar MR-energieminister Marie Christine Marghem (62) versaagde niet. 'Mijn batterij loopt nooit leeg. Er is nog heel veel megawatt over.'

Wat is de Franse vertaling voor 'opgejaagd wild'? Marie Christine Marghem zet zich schrap. "D'abord", begint ze met grote nadruk op die 'r'. Iets dreigends glijdt mee in de ondertoon van haar bronzen stem. Dat we haar wild noemen, daar kan ze mee leven, maar opgejaagd wild... ho maar!

De vertaling luidt 'chasser le gibier'. "En gibier, dat ies oewild, in et alguemeen", klinkt het ineens in bijna-Nederlands. De lessen die ze gedreven volgt, werpen hun vruchten af, maar voor een interview in het Nederlands is het nog te vroeg. "Geloof me, ik doe mijn uiterste best. Dat moet ook, mijn echtgenoot is een Vlaming." Een brede glimlach breekt door.

De minister oogt wat afgetobd na het hectische voorjaar waarin ze een hoofdrol speelde. Heel ad rem wordt ze, als ze daarover spreekt. 'MCM' is een weergaloos verteller. De helft van de tijd lig je in een deuk.

MCM. Marie Christine Marghem wordt vaak benoemd met die initialen. Het klinkt ferm, het heeft iets van een eenmanspartij. Hoewel ze een uiterst loyaal MR-partijlid is, is Marghem eigengereid, met alle gevolgen van dien. Toen ze dit voorjaar niet echt mededeelzaam was (dat is een understatement) in de besprekingen over de heropstart van Doel I en II, en later de Conventie over Tihange I weigerde openbaar te maken, was ze wekenlang kop van Jut in het parlement en in de pers. Nu is het weer stil, na de storm.

De minister bedankt voor het boek, En avant marche van fotograaf Stephan Vanfleteren, over majorettes, harmonieën en fanfares. Marghems man dirigeerde twintig jaar lang het Groot Harmonieorkest van de Belgische Gidsen. Verrukt slaat ze de pagina's om, slaakt een 'ah', een 'oh' en zegt: "Il va aimer."

Muziek is haar passie, ze beleeft het ten volle "en niet alleen passief", zegt ze tijdens het bladeren. "Welk instrument?", vraag je dan, waarna iets dieppaars jouw wangen kleurt. Ze lacht en wuift de excuses weg, legt haar 'gewone' linkerhand snel weer boven die veel kleinere rechtse. "Er bestaan maar weinig instrumenten die je met één hand kunt spelen", zegt ze. "Eenhandsfluit?", probeer je - het onheil is nu toch geschied. Ze schatert, besluit dit onderwerp gevat met: "Ik zing."

Sterballerina

De Marie Christine van vijf jaar oud koestert een andere droom. "Sterballerina worden. Ik was onder de indruk van de balletuitvoeringen die ik op de televisie zag. Ik verplaatste me door het huis terwijl ik pirouettes maakte.

"Dat balletwerk weerhield er me niet van een robbertje te vechten op school. De jongens daar vonden dat ik anders was, une fille différente. Als ik dat vertel, zie ik ineens volgend beeld. Ik sta op de speelplaats, gekleed in een Schots rokje, links van mij bevindt zich de grot met daarin de maagd van Lourdes, rondom mij hebben de jongens zich in een cirkel opgesteld. Eén geeft een sein, de rest valt aan. Ik loop niet weg, maar verdedig mij, ik schop erop los. Nu nog voel ik de fysieke pijn, want ik mocht nogal incasseren, tot een leerkracht het opmerkte en een einde maakte aan het gevecht.

"Een volgend beeld. Ik ben iets ouder, we springen met een paar meisjes in de elastiek, doen kunstjes. Aangezien ik om evidente redenen de radslag niet kan uitvoeren, beginnen twee meisjes me te plagen. Ik pak een van hen in een houdgreep, geef haar een flinke neep en laat los. Die dag staat in mijn klasagenda: 'Marie Christine est brutale.'

"U merkt, ik zat na pesterijen niet in een hoekje te vergaan van miserie. Ik verweerde mij. Ik was een durvertje, stak vol energie, klom in bomen, speelde indiaantje op het dak, was scout. Ik heb nog poppen gehad, maar meer als decoratie, niet om er mamaatje mee te spelen."

Financieel onafhankelijk

Zodra ze jongvolwassen is, blijft die attitude overeind: Marghem countert elke aanval. Ze gaat uitdagingen aan, toont zich een uitstekende student, houdt later in de rechtszaal en in het politieke halfrond gedreven pleidooien. De psychologische theorie van de compensatie andermaal van een voorbeeld voorzien? Ze haalt de schouders op.

"Ik heb eigenschappen die me apart maken en me als mens mee samenstellen. Ik ben niet onaf, voel geen 'gebrek aan'. Ik wil worden gerespecteerd zoals iedereen. Mijn slogan is: ik zal slagen. Vanuit die spirit heb ik leren fietsen, zwemmen, met de auto rijden. Ik ben sportief, hou van competitie, én van winnen. Als ik verlies, is het omdat ik niet mijn uiterste best heb gedaan.

"Een sterballerina werd ik niet. Ik had snel door dat het publiek om meer redenen naar me zou komen kijken dan enkel om mijn gracieuze bewegingen te zien. Dat besef ging niet met diepe treurnis gepaard. Het waren toen gewoon de feiten."

Op haar 14de droomde Marghem van een beroep dat ze tien jaar later wél uitvoert: advocaat. Het 'verdedigen' krijgt meteen een minder fysieke uitingsvorm.

Er is wel even twijfel geweest. Marghem zag zich ook wel psychiater of filosoof worden: "Het menselijke handelen fascineert me enorm, ik heb ook snel mensen door. Het nadeel is dat de psychiater te veel moet zwijgen. Filosofie vond ik dan weer voedend voor de geest, maar je kon er het zout in de pap niet mee verdienen.

"Als vrouw wilde ik financieel onafhankelijk zijn. De advocatuur bracht vele skills samen: dat was én pleiten én mensen leren begrijpen én hun drijfveren nagaan én durven nadenken. Dat is later ook van pas gekomen in de politiek."

Het meisje dat ooit meppen incasseerde naast de Lourdesgrot, krijgt, eens minister, alweer een cirkel dreigende jongens rondom zich. "Groepjes die zich dreigend opstellen, maken geen indruk op mij, hoe hard ze ook roepen. Ik weet dat mensen die anderen verbaal aanvallen, vernederen of beledigen, dat doen bij gebrek aan argumenten. Als je feiten aandraagt, is gebrul of baldadig gedrag niet nodig. Noch in het parlement, noch in een rechtszaal voel ik de nood om iemand uit te kafferen. Het enige waar ik voor ga, is mijn dossier."

De Waalse Maggie

En zo zijn we naadloos bij dit opzwepende politieke voorjaar aanbeland en bij de heisa die rond Marghems persoon ontstond toen het energiedossier over de kernuitstap - of beter de 'niet-kernuitstap' - ter tafel kwam.

Het deed even denken aan een periode in de vorige regering, toen staatssecretaris Maggie De Block (Open Vld) opgejaagd wild was tijdens de eerste parlementaire debatten over asielbeleid, winter- en crisisopvang. Zelfde scenario: hoog oplaaiende emoties, persoonlijke aanvallen, verwijten van incompetentie en onwetendheid, eis tot ontslag. Wordt Marghem daarom nu de Waalse Maggie genoemd?

"Ik weet het niet. Maggie en ik zijn wél heel goed bevriend, we zitten naast elkaar in de ministerraad. Misschien voelen we eenzelfde innerlijke kracht.

"Net als Maggie toen, heb ik me eerst kort verdedigd. Ik werd meteen vanuit alle hoeken aangevallen; wat ik ook zei, het had geen zin meer. Ik heb uiteindelijk zeventig uur debat over vier wetsartikels doorstaan en de hele tijd moeten incasseren. Ik zie het niet vaak bij mannelijke collega's gebeuren.

"Maggie en ik hebben dit gemeen: we laten ons niet destabiliseren, en we werken efficiënt. Laatst, in de ministerraad, deed een collega er weer heel lang over om zijn punt te maken. Ik boog me naar Maggie toe en zei: 'Als wij iets moeten regelen onder elkaar, hoe lang denk je, twee minuten?' Waarop zij: 'Vier seconden, Marie Christine.' Die attitude, daar hou ik van."

'Menteuse', 'amateuriste', 'u bent niet transparant.' Marghem kreeg in mei een paar fraaie omschrijvingen toegeslingerd. "Sommigen wilden grote zichtbaarheid, vooral in de pers, en dat op mijn rug", zucht ze.

Er waren nochtans redenen voor kritiek. Zo was ze weinig mededeelzaam, gaf ze niet tijdig notities door, en werd de waarheid op z'n zachtst gezegd maar gedeeltelijk verkondigd. Marghem countert. "Non et non. Niet waar! Iedereen heeft zijn notities gekregen. Maar de mijnheren wilden ze meteen. Niets verplichtte mij om alles meteen door te geven. De oppositie heeft het publiek zand in de ogen gestrooid, omdat zij zich wilden profileren. Ik moest als energieminister een wet helpen uitvoeren waartoe in een vorige legislatuur de aanzet was gegeven. Ik werd in de hoek van de voorstanders van kernenergie geduwd, terwijl ik samen met deze regering naar oplossingen zocht om niet zonder energie te vallen.

"Het was een ideologisch en emotioneel debat, en dat begreep ik, maar dat het zo keihard op de persoon werd gespeeld, ging er bij mij niet in. Ik zag rondom mij erupties aan gevoel; alles ontplofte gewoon. Het begon op 5 mei en stopte op 18 juni. Anderhalve maand, dag na dag na dag, debat, aanval, tegenargument, volgende aanval."

Calvo's beet

"Zodra ik doorhad dat het spel niet meer loyaal en correct werd gespeeld, dat mijn kant van de zaak ook niet meer in de pers kwam, stopte ik met commentaar geven buiten het parlement. Ik werd doodkalm en impavide, vastberaden. De meerderheid heeft mij nooit laten vallen of teruggefloten. Het klopt wel dat ze mij een stuk van het werk lieten overdoen en me vroegen om iets meer te communiceren. Ik heb dat geaccepteerd. Binnen een bewindsploeg mag je tegenover elkaar zaken uiten, zo kom je samen tot een beter bestuur.

"Op 21 mei had ik besloten niet meer met de pers te praten. Ik gaf alleen een korte commentaar als ik de commissie 'van de guillotine' - zoals ik ze intussen noemde - betrad. Elke dag bij binnenkomst waren honderd ogen op mij gericht, alle camera's stonden in positie, alle microfoons in het gelid. Ik dacht: niets nieuws onder de zon, ik heb al eerder moeilijke momenten meegemaakt. Ik dacht ook: we moeten deze winter elektriciteit hebben. Alle Belgen rekenen op mij, en ik ga hier dus niet flauw doen en het onderspit delven.

"Ik werkte door, morgen was er een nieuwe dag. Elke ochtend haalde ik drie kranten uit de bus en gaf ze aan mijn partner. Als u denkt dat ik mijn foto niet zag op de voorpagina's, dan vergist u zich. Maar ik las niets. Ik hoorde wel mijn man sakkeren. Hij kwam af en toe luisteren, bleef tussen het publiek de commissie volgen, soms tot 's nachts. Zoals een dirigent zat hij het schouwspel te bekijken, hoorde hij het dissonante orkest, zag hij de solisten bezig.

"Op een avond, na alweer een late commissie, zei mijn man: 'Ik heb iets gezien, ongelooflijk.' Hij vertelde dat er een fruitmand werd rondgedragen. Groen-oppositielid Kristof Calvo had een appel genomen, er zijn tanden in gezet en die appel weer in de mand gelegd. Mijn man had Calvo een blik toegeworpen van 'betrapt'. (schatert)

"Gelukkig heeft hij de commissie van 21 mei niet gevolgd. Toen hing er een sfeer van (ineens luid) 'On va guillotiner Marghem sur la Place de Grève'. (Op de Place de Grève vond in Parijs in 1792 de eerste executie met de guillotine plaats, ML). Wat een cinema was me dat. Ik ontmoette mensen die me vroegen wat ik wel had misdaan, dat ze zich zo bloeddorstig op mij wierpen. Volgens mij heeft het met de basisinstincten van de mens te maken. Ik ken dat goed vanuit het strafrecht."

Merde!

Je zou van minder ineens zin hebben om de deuren van het parlement achter je dicht te trekken en weer aan dat strafrecht te gaan. Maar niet MCM. Toch, geeft ze toe, is haar visie op de politiek een heel klein beetje bijgeschaafd. "Ik dacht dat de fundamentele kwaliteit in de politiek was: avoir de la volonté, wilskracht bezitten. Nu, dat geldt blijkbaar niet voor iedereen. Zou ik het een volgende keer opnieuw aankunnen? Ja, want ik ontvlucht niets of niemand. Alleen kan ik de beledigingen niet begrijpen. Dat mensen die het volk vertegenwoordigen zich zo onwelvoeglijk gedragen, vat ik niet. In de rechtszaal is dat uitgesloten. Gebeurt het toch, dan grijpt de voorzitter in. In het parlement leek het wel feest."

De belediging die haar het meest heeft geschaad? Ze denkt even na en kan er niet meteen één uit isoleren. Het geheel was beledigend, het feit dát het gebeurde. Of misschien toch, één woord. Dat liegen. "Menteuse, zo word je écht niet graag genoemd. Ik heb niet gelogen, merde!"

Marghem maakte eerder crisissen mee tijdens haar advocatenperiode, of in de plaatselijke politiek in Doornik. Vaak moest ze vechtend een plek verwerven. "Ergens heb ik altijd strijd moeten leveren voor mijn bestaansrecht in de groep. Het is het verhaal van mijn leven. Ik ben nochtans een emotionele vrouw, anders was ik niet verliefd geworden, verschillende keren zelfs, tot ik de allerbeste in het vizier kreeg, en overspoeld werd. Passons, emoties zijn privé."

Wil dit zeggen dat gevoel voor haar altijd iets privé is en ze in het openbaar vooral keihard wil overkomen? Marghem: "Welnee, trouwens: dat keihard, hebt u het dan over mijn nogal definitieve toonaard? Hoe komt dat toch: ik moet maar mijn mond opentrekken en men denkt dat ik kwaad ben. Weet je dat sommige mensen niet durfden langs te komen op mijn kabinet? Blijkbaar waren ze bang, jawel. Ik maak er soms grapjes over. Na een meeting zei ik laatst: 'U hebt geluk dat ik vandaag geen zin had om te bijten.' (lacht luid)

"Ach, mijn doel in het leven is niet dat iedereen me in de armen sluit. Mijn doel is bestaansrecht hebben tout court, met wat ik heb, hoe ik ben, rechtlijnig en direct, een vrouw die resultaten wil boeken. Je ne regrette rien. Als ik de balans opmaak, besluit ik: niet slecht gedaan, Marie Christine.

"Er waren ook foutjes, zoals bij iedereen, ik kan ermee leven. Die sterballerina ben ik niet geworden. Ik had nochtans de fysieke kracht, het karakter, de doorzetting. Toch is de droom niet aan gruzelementen. Was ik eraan begonnen en had ik teleurgesteld moeten stoppen, dat was anders geweest."

Littekens

'J'assume' zegt ze op het einde van een gesprek. Gedane zaken nemen geen keer. Een blijvende schade is er niet? "Niet echt. Ik merk wel dat ik iets wantrouwiger ben geworden. Voor de rest draag ik zoals ieder mens mijn littekens. Dit voorjaar heb ik nog eens een strijd gevoerd. Ik stond op, deed mijn maliënkolder om, greep mijn zwaard en trok naar Brussel. Maar, opgejaagd wild... Jamais. Ik herhaal: c'est moi qui chasse. Ik neem in het vizier. Geen mensen, voor alle duidelijkheid, ik richt mij op doelen. Ik wil moeilijke dossiers tot een goed einde brengen. Ik moest in dit land voor licht zorgen. Et voilà.

"Zelf ben ik geboren met een opgeladen batterij die maar niet lijkt leeg te lopen. Ook na dit jachtige voorjaar. Er is nog heel veel megawatt over."

Volgende week: fotograaf Giovanni Troilo.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234