Zaterdag 01/10/2022

Onrustige huizen vol losse objecten

'Italië is nog steeds designland nummer één in de wereld', zegt Manlio Armellini, gedelegeerd bestuurder van de meubelbeurs van Milaan, onbescheiden doch volledig naar waarheid. Italië is tevens de grootste exporteur van designmeubilair. 'Maar toch moeten ook wij dringend onze communicatie met andere landen verbeteren. Inspiratie en kruisbestuiving tussen ontwerpers en fabrikanten is broodnodig.' Een gesprek over de veranderende houding tegenover wonen en woninginrichting, en over accessoires die even belangrijk worden als meubels.

Armellini is naar Parijs gekomen om de internationale pers warm te maken voor de volgende meubelbeurs. Na het officiële gedeelte wil hij aan ons zijn bespiegelingen kwijt over de veranderende houding tegenover wonen en woninginrichting. "Jarenlang hadden we vaste scripts voor hoe we een huis met meubels dienden uit te rusten", zegt Manlio Armellini. "We konden duidelijk een woonkamer onderscheiden van een slaapkamer en van een keuken. Maar jonge mensen denken daar tegenwoordig anders over. Wonen is immers een 'systeem' geworden. Er is een totaal nieuwe aanpak nakend van hoe meubels gemaakt worden, hoe ze eruit zien, wat ze kunnen zijn en hoe ze verkocht moeten worden. Onlangs hebben we een enquête gehouden onder zesduizend gezinnen uit uiteenlopende sociale lagen. We ondervroegen hen over hoe ze thuis woonden. Een van de conclusies van het onderzoek is dat de vaste indeling van een huis veld verliest. De vaste meubelcombinaties die bij elke kamer hoorden, verdwijnen eveneens. Voorts zijn de afmetingen van de woonruimte ook aan enorme veranderingen onderhevig. Ik weet niet hoe het daarmee is gesteld in België, maar in Italië is iedereen steeds kleiner behuisd. Wat we dan vooral bij jonge mensen vaststellen is dat ze steeds meer verkiezen om losse objecten te kopen: een tafel van merk X, een zitbank van merk Y, stoelen van merk Z. Verder zien we ook dat de meubels in één ruimte zelfs qua stijl niks meer met elkaar gemeen hebben; jonge mensen kopen een kast in een landelijke stijl en combineren die bijvoorbeeld met een hoogtechnologische fauteuil. Ze stellen ook volkomen andere eisen wat betreft de vorm van meubels. Vroeger was een kast een op zichzelf staand meubel. Als je de deuren opentrok, zag je legplanken en een kapstokkenstang. Nu willen ze een hele ruimte als kast inrichten, de zogenaamde 'dressing room'. Natuurlijk heeft zo'n kast niet meer die oervorm, maar wordt ze meer een 'ruimte die uitgerust is met materiaal om dingen in op te bergen'. Dat vergt een heel andere manier van ontwerpen dan die voor de 'vertrouwde' kast. Je hebt geen kast meer nodig, maar allerlei 'uitrustingen' om een ruimte als kast te kunnen inrichten." We schijnen ook steeds minder nodig te hebben om een ruimte in te richten. "Er is één hoofdmeubel, bijvoorbeeld een bed, en verder zoeken mensen wat accessoires."

De wijziging van ons leefpatroon veroorzaakt eveneens grote veranderingen in onze habitat. "Als je als voorbeeld een gezin neemt, waarvan beide volwassenen voltijds werken, is de leefruimte in hun huis z'n oorspronkelijke functie toch volledig kwijt? Deze mensen brengen daar immers niet meer zoals vroeger het gros van hun tijd in door. Zij vertoeven meer uren in de keuken, de badkamer en vooral de slaapkamer. Je kunt deze gerust de nieuwe leefruimten noemen. Het logische gevolg is dat je in de leefruimte van nu bijlange niet meer de mooiste meubelstukken terugvindt. De mensen nemen die mee naar de plaats waar ze het meest vertoeven. Nog een gevolg kan ook zijn dat je niet meer één bepaald meubel toewijst voor één bepaalde kamer, maar dat je meubilair dat oorspronkelijk bedoeld was voor de leefruimte even goed aantreft in de keuken of de badkamer. Al die wijzigingen bedoel ik als ik zeg dat wonen een systeem geworden is en dat het bijlange niet meer lijkt op dat van pakweg twintig jaar geleden."

Voor meubels heeft deze wijziging gevolgen die ingrijpender zijn dan iemand op het eerste gezicht zou denken. Aangezien elk meubel door de consument nu apart bekeken wordt, moet het aan veel meer criteria beantwoorden en moet het boven alles iets meer te bieden hebben dan het vorige meubel. Ook op 'accessoires' zal steeds meer druk komen te staan en er zullen steeds hogere eisen aan worden gesteld. "Het woord 'accessoire', toevoeging, dekt over afzienbare tijd immers niet meer de lading", zegt Armellini. "Het wordt even belangrijk als het meubel, tussen de twee zal geen onderscheid meer worden gemaakt. In Italië zie je nu al dat steeds meer zogenaamde accessoirefabrieken opgericht worden; hun omzet stijgt elk jaar. Die bedrijven hebben ook het belang van goeie designers ontdekt. Ze halen hen massaal binnen, van over de hele wereld, en laten elke designer telkens één object ontwerpen. Dat is wat de markt vandaag vraagt: één ding van één ontwerper - geen 'families' van objecten meer - of een continuüm waarin één designer lange tijd voor één fabrikant ontwerpt."

In één kamer in huis blijft het verdacht rustig: de keuken. "In deze ruimte is het moeilijk om afstand te nemen van de 'oude' manier van werken", weet Armellini. "Een paar fabrikanten doen moeite om het meubilair dat niet aan één ruimte gebonden is, het losse meubilair, ook hier ingang te doen vinden. Maar dat gaat moeilijk en volgens mij zal het voorlopig bij experimenteren blijven. De media zijn natuurlijk op de 'nieuwe keuken' gesprongen; deze oogt mooi. Maar al bij al zie je toch dat de markt voorlopig niet volgt, ze is er niet klaar voor. We houden er nog steeds van dat onze keuken samen met onze toestellen één overzichtelijk geheel vormt."

Om op al die veranderingen in te spelen, ontstaat er een doorgedreven specialisatie. "In Italië merk je dat de industrie daar al naar neigt: meubelproducenten richten zich op het uitbrengen van slechts één meubel." Armellini geeft het voorbeeld van een van de medeorganisatoren van de tentoonstelling 'Stanze e Segreti' (zie hieronder). "Luigi Settembrini is de eigenaar van een beddenfabriek, en hij maakt enkel nog bedden. Weliswaar in vele moderne stijlen, van heel eenvoudig tot hoogtechnologisch. Ik geloof trouwens dat de toekomst zal toebehoren aan een meubel van de laatste soort: hoe meer (goeie) technologie een meubel herbergt, des te meer het zich zal onderscheiden van het volgende." Volgens Armellini breken er boeiende tijden aan voor goede ontwerpers. "Ze zullen werkelijk elk product voor thuis kunnen ontwerpen en ze hoeven zich niet meer vast te pinnen op één ding. Ze zullen kunnen shoppen. Nu eens kunnen ze een bed ontwerpen voor die fabriek, dan weer een emmer of een bestek voor een andere producent. Er zullen hen zullen wel hoge eisen gesteld worden inzake industriële kennis. Ze moeten volledig op de hoogte zijn van de technologie en van de materialen die ze kunnen gebruiken om een gebruiksvoorwerp te vervaardigen. Want daarmee zal een meubelfabrikant willen uitpakken: hij zal willen tonen uit welke hoogtechnologische elementen zo'n tafel of bed bestaat. Wat een meubel kan, in welke zin het voldoet aan alle mogelijke eisen en hoe uniek het wel samengesteld is, wordt een heel belangrijk verkoopsargument. Goeie ontwerpers vinden, die dergelijke meubels kunnen bedenken, is voorlopig nog een probleem in Italië: het ontwerponderwijs hinkt daar achterop. Men kan de studenten bij gebrek aan kennis over hoe het er in de industrie aan toegaat nog niet volledig voorbereiden op de kloof. Maar de kloof tussen industrie en onderwijs opvullen, wordt in mijn land een grote opdracht."

De negenendertigste Meubelbeurs van Milaan heeft dit jaar plaats van 11 tot 16 april, in de beursgebouwen van Milaan. Openingstijden: van 9.30 tot 18.30 uur. Enkel op 16 april 2000 is deze vakbeurs ook toegankelijk voor het publiek. De uitzondering op de regel vormt paviljoen 9, waar het werk van jonge ontwerpers gepresenteerd wordt. Het paviljoen is elke dag toegankelijk voor iedereen, tussen 10 en 19.30 uur.

Kamers en geheimen

Naast en tegelijk met de Meubelbeurs kun je dit jaar in Milaan terecht voor een andere happening. Voor de kunsttentoonstelling 'Kamers en geheimen' is aan achttien internationaal bekende multimediale kunstenaars gevraagd om een eigen interpretatie van het thema te maken. Deelnemers zijn: Marina Abramovic, Ghada Amer, Massimo Bartolini, Dumb Type, Peter Greenaway, Maria-Teresa Hincapié, Eriko Horiki, Ben Jacober en Yannick Vu, Ilya en Emilia Kabakov, Emir Kusturica, Mladen Materic, Yoko Ono, Michelangelo Pistoletto, Peter Sarkisian, Daniel Spoerri en Robert Wilson. De filosofie achter de tentoonstelling is dat de beursorganisatoren de wereld een boodschap van kunst willen toesturen. "Kunst wordt geïnterpreteerd als kunst die te maken heeft met het huis, de woonomgeving", zegt Manlio Armellini. "De conservator van deze tentoonstelling is Achille Bonito Oliva, een van de bekendste kunstcritici ter wereld. Hij heeft ervoor gezorgd dat er voldoende vrouwelijke kunstenaars onder de deelnemers waren, omdat hij van mening is dat de vrouwen specialisten zijn inzake de geheimen die het huis bevat."

Een deel van de tentoonstelling zal bestaan uit (nieuwe) installaties die de kunstenaars speciaal voor deze tentoonstelling zullen maken. Een ander deel omvat reeds bestaand werk dat aangepast is voor deze tentoonstelling. "Het hele idee bestaat erin het woongebeuren open te trekken", zegt Manlio Armellini. "Wij, de organisatoren van de meubelbeurs, merken dat er behoefte is aan nieuwe woonideeën. Tenslotte stappen we een nieuw millennium binnen. We organiseerden al een aantal tentoonstellingen over 'klassieke' designers van de twintigste eeuw - Ettore Sotsass, Achille Castiglioni, Joe Colombo, Vico Magistretti, Alvar Aalto - en nu wilden we afsluiten met een blik op de toekomst."

'Stanze e Segreti', van 11 april tot 7 mei 2000 in Milaan, in de 'Rotonda della Besana', Via Besana 12, in de 'San Michele ai Nuovi Sepolcri'-kerk. Geopend van 14 tot 17 uur en van 18 tot 22.30 uur. Maandag gesloten. De toegangsprijs bedraagt 10.000 lire (200 frank).

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234