Maandag 26/09/2022

Ontwerpers strijden tegen verloedering

In Arnhem opende het 'modehotel' Modez zijn deuren. Niet het zoveelste modehotel, maar de kroon op een opmerkelijk voorbeeld van stadsvernieuwing, waar de Vlaamse steden nog heel wat van kunnen leren. Wandel even mee. Agnes Goyvaerts

De stad Arnhem heeft een opstandige geschiedenis. Hier zat de kern van de Nederlandse krakersbeweging. De wijk Klarendal was in de vorige eeuw een uitgesproken volkswijk met een dorps karakter. Sinds 1960 ging het er zienderogen achteruit. De vroegere arbeidersbuurt was een aaneenschakeling geworden van coffeeshops. Er werd op straat gedeald en gevochten en illegale prostituees deden er openlijk hun werk.

De stad probeert al enkele decennia de leefomstandigheden en het imago van de wijk te verbeteren, en zo de uitstroom en verpaupering tegen te gaan. Er kwam een winkelcentrum met een Albert Heijn, een Etos en een Zeeman, maar een neveneffect was dat de oorspronkelijke neringdoenden, bakkers en slagers wegtrokken. In de eens zo levendige winkelstraten, werd het stil, en voelde het onveilig aan.

Omstreeks 2000 kwam de vraag van de bewoners van Klarendal om 'iets anders' met hun buurt te doen, ze waren de overlast beu, en wilden opnieuw ondernemers zien komen. Toen kwam de woningbouwcorporatie Volkshuisvesting, die 2.000 van de 3.600 panden in de wijk beheert, op het idee om de verloederde vitrines te laten innemen door jonge ontwerpers, en niet alleen de etalages. Ze konden ook een etage huren aan een beduidend lagere prijs dan wat voor een commercieel pand in het centrum van de stad wordt gevraagd.

"In die tijd kwam ook Richard Florida (Amerikaanse socioloog die bekendheid verwierf door zijn publicaties over de creatieve klasse en de rol van deze groep in stedelijke ontwikkeling, AG) hier spreken", vertelt wijkontwikkelaar Berry Kessels, "en beseften we dat we de creatievelingen hier een plaats moesten geven." In Arnhem wordt 27 procent van de beroepsbevolking tot de creatieve klasse gerekend, iets hoger dan het landelijk gemiddelde.

Kessels: "In juni 2005 werd voor het eerst de Arnhem Modebiënnale georganiseerd. Er kwamen internationale namen op af en in de marge werden in Klarendal catwalkshows georganiseerd. In 2006 hebben we de eerste vier winkeltjes geopend van ontwerpers, tussen de coffeeshops."

50 tinten mode

Spil hierin is de hogeschool voor de kunsten ArtEZ, die zowel een bachelor- als een masteropleiding verzorgt in mode en vormgeving. Met oud-studenten als Viktor & Rolf, Francisco van Benthum en Alexander van Slobbe staat Arnhem te boek als de belangrijkste modestad van Nederland. Lidewij Edelkoort, deze zomer nog te gast bij Jan Leyers in Zomergasten, studeerde en doceerde later aan ArtEZ. De beroemdste oud-studenten vonden een plek bij grote huizen, zoals Lucas Ossendrijver bij Lanvin (mannen) of bouwden hun eigen bedrijf uit, zoals illustrator Piet Paris, of People of the Labyrinths. Maar veel van hen kiezen ook voor een kleinschaligere aanpak.

"Hier op de hoek bleef nog een zwaar café", vertelt Kessels, "waar men liever een omweg voor maakte. Er werden harddrugs gedeald. Op een dag is de politie binnengevallen en sloot het café voor zes maanden. Toen was het gedaan, ze zijn niet teruggekeerd en hebben wij het pand kunnen kopen en slopen. Het oude postdistributiecentrum dat bij het centraal station stond, is dan in 125 stukken gezaagd en in de wijk Klarendal heropgebouwd. Er kwam een grand café in, 'Goed'.

"Niemand geloofde er aanvankelijk in, maar er werd een concept neergezet dat nog niet bestond, met 200 plaatsen, en op de eerste verdieping kwam een atelier waar ontwerpers hun monsterstukken en kleine series kunnen laten maken. In 2008 hadden we al 15 winkels, maar dat bleek niet genoeg om volk te trekken, we wilden tot 25 gaan. De gemeente heeft dan geïnvesteerd in verbetering van de toegangswegen, en toen kwam het idee van een hotel. Intussen is in de oude kazerne een cultuurcentrum gekomen, en hebben we 50 winkels, allemaal gelinkt aan mode en design."

Berry Kessels neemt ons mee op wandel. We hebben afspraak in café Caspar. Hoewel het pas open is, heerst er al een gezellige drukte. Kessels: "Om de mensen te overtuigen om hier naar een café te komen, moest het wel iets bijzonders zijn." Café Caspar is open van 's morgens tot 's avonds. Behalve het huiskamergevoel dat de uitbater er in wist te leggen - onder meer door overal oude gezelschapsspellen te leggen, en boeken over design of horeca, heeft hij nog een troef: de goed gevulde bar bevat niet één fles van een bekend merk. Voor alles zoekt hij een alternatief, en hij gaat zelfs naar Oostakker bij Gent voor speciale bieren. Caspar doet ook dienst als bar van het aanpalende hotel Modez.

Meubelmaker van fietsen

Onze eerste halte is vervolgens bij Okimono. Hier staat Gerrit Weeren. "Ik verkoop T-shirts voor de oudere man", legt hij uit, "de 35-jarige die nog niet aan een pak en hemd toe is, maar die toch geen gewoon T-shirt aan wil." Hij laat de hemdjes bedrukken door kunstenaars - dat is de sleutel van deze wijk, dat de creativiteit zo dicht op elkaar zit - en per design is de oplage beperkt tot 100. Ieder T-shirt is genummerd en, haast vanzelfsprekend, duurzaam en van faire handel. De manier waarop de shirts gepresenteerd worden, is origineel, in plexi kokers aan de muur, zodat ze een kleurige muur vormen. Sinds vorige week is er ook Okimini, voor de (heel) jonge man. Zo gaat dat als ontwerpers vader worden.

Irving Vorster was een van de eersten die zich in het modekwartier vestigde. Hij maakt haute couture, en sinds kort ook een kleine lijn van feestelijke prêt-à-porter. Hij stichtte zijn merk IRVINX in 2004, en opende in begin 2010 zijn eigen couture-salon midden in het modekwartier van Arnhem. "Typisch voor mijn kleren is de asymmetrie", laat hij zien, "en ik gebruik luxueuze stoffen om tegelijk iets elegants te maken, maar toch edgy".

Vandaar is het maar enkele stappen verder naar De Hoedenmaker (makkelijk als je bij die feestjurk een hoofddeksel nodig hebt). Dirk-Jan Kortschot, zijn vriend Marcel en hun speelse hondje hebben een mooi pand veroverd. Je loopt naar binnen via een poortje, links is het atelier, rechts de winkel - in zacht groene kleuren - en boven wonen ze. Een zichtbaar tevreden Dirk-Jan vertelt: "Ik ben in 1992 afgestudeerd als vormgever, en ben begonnen met kostuums voor dansers. Daarna heb ik bij de Hema en bij de marketing van de Rabobank gewerkt, maar toen ik Marcel ontmoette, die etaleur was, en we dit pand zagen wisten we: hier willen we zitten en dit wil ik doen". Zijn blikvangers zijn lederen vouwhoedjes, en mooie sjaals.

We passeren voorbij het winkelcentrum, met de standaardwinkels: Albert Heijn en De Zeeman. Gelukkig is er ook nog een bakker, en op nummer 471 is een van de twee paardenslagers van Arnhem gebleven. Slagerij Ernste '112 jaar specialist' maakt reclame met het magere en gezonde vlees "goed voor jong en oud, zeer goed voor sportmensen. Paardenvlees = dubbele kracht".

Het is rond zessen, en het valt me op dat het stil is op straat. De meeste winkels zijn al dicht, Nederland zit aan de avondboterham. Maar in haar winkel annex atelier is de jonge Rosanne Bergsma nog aan het werk. Zij maakt prachtige schoenen op maat. "In zo'n paar maatschoenen zit gauw 40 uur werk", zegt ze, en ze toont de houten leesten die ze bestelt en vervolgens aanpast aan de voeten aan haar klant. Bergsma studeerde in 2009 af aan de ArtEZ Hogeschool in de richting Product Design. Tijdens haar opleiding specialiseerde ze zich in het ambachtelijke schoenmaken. Ze werkte onder meer voor Viktor & Rolf, en voor Iris van Herpen. En al zien we er meestal niet veel van, ik weet nu dat Matthijs van Nieuwkerk (De wereld draait door) ook een paar schoenen heeft van Rosanne Bergsma.

Onze laatste halte is bij fietsenmaker Van Hulsteijn. Hij is eigenlijk meubelmaker, maar een jaar of drie geleden maakte hij voor zichzelf een prototype van een fiets. Wanneer hij ermee door de stad reed, keek iedereen hem na. Hij liet het meubelmaken voor wat het was, en legde zich toe op fietsen, rechtstreeks aan de klant. Er is veel handwerk aan, al laat hij sommige onderdelen lasersnijden. Van Hulsteijn krijgt intussen bestellingen uit de hele wereld, doordat mensen via internet in contact met hem komen. Ik zag zo'n fiets in het atelier staan van schoenenontwerpster Rosanne Bergsma. "Ja", zegt hij, "we hebben geruild. Een paar schoenen tegen een fiets". De prijzen zijn van dezelfde orde, ongeveer 1.200 euro.

Jammer dat Sugar Hill niet open is, het succesvolle café aan het andere einde van de Klarendalse weg. "Ja", zegt Berry Kessels, "ik hoor wel eens zeggen: als je vroeger in 't café over Klarendal hoorde spreken, was het van 'er is er weer een neergestoken'. Vandaag klaagt men dat de winkels te vaak gesloten zijn."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234