Woensdag 28/09/2022

Ovalen dromen

Als Fabian Cancellara zondag rond halfvijf de hemelpoort openbeukt, is ze heel even de navel van de internationale wielerwereld. Maar bovenal knipoogt de open wielerbaan van Roubaix naar de tijd van toen. Van toen haast elk vlak dorp zijn velodroom had.

Vijfhonderd meter, langer is de wielerbaan van Roubaix niet. Vijfhonderd meter beton, geschiedenis, glorie. Sean Kelly, 1984, met een kwieke sprong in de laatste bocht. Johan Museeuw, solo en de linkerknie stoer uit de pedalen, in 2000. Vier lentes later de Zweedse reus Magnus Backstedt, in een millimetersprint voor Tristan Hoffman, Roger Hammond en, toen al, Fabian Cancellara. Elk hoekje zijn verhaal, zeg maar.

Luidt de boutade: "Als je de velodroom in Roubaix haalt, dan mag je zeggen dat je coureur bent."

Er is de Oerlikon in Zürich, jarenlang aankomstplek van het inmiddels verdwenen Kampioenschap van Zürich. Er is ook de velodroom van Mexico-Stad, waar Eddy Merckx in '72 het werelduurrecord brak. Die van Roubaix, evenwel, moet zowat de bekendste open wielerbaan ter wereld zijn.

Een van de weinige die nog steeds in roulatie is, bovendien. Als een licht hellende klaagmuur vechtend tegen mos en aftakeling, eind negentiende eeuw aangelegd en stilaan de laatste schakel in een voorheen gretig blinkend collier.

Streek van Briek Schotte

Ooit bloeiden ze haast overal, de velodromen. "208 Belgische gemeenten hadden ooit één of meer wielerbanen", schrijft Bert Moeyaert, toenmalig student Geschiedenis aan de Katholieke Universiteit van Leuven, in 2003 in zijn scriptie Van wielerbaan tot Velo-Droom. De geschiedenis van het baanwielrennen in België van 1890 tot 2003.

En enkele alinea's verder: "De eerste wielerbanen waren rond en 150 à 200 meter lang. Een dergelijke piste was de eerste permanente wielerbaan van België, in het Industriepaleis te Antwerpen. (...) Wat de vorm betreft was men in het begin van de jaren 1890 er nog steeds niet uit: de ene was een fel voorstander van de ellips, nog een ander dacht dat een afgerond vierkant ideaal was. Uiteindelijk heeft 'het ovaal' het pleit gewonnen, mede onder invloed van de vorm van de hippodrooms."

208 Belgische gemeenten met een velodroom, dus. Aanvankelijk geconcentreerd in de grote steden en toeristische gebieden - Zurenborg in Antwerpen, Ter Kamerenbos in Brussel, La Boverie en Rocourt in Luik -, nadien ook op minder bevolkte plekken als Houthulst, Maldegem, Sint-Truiden, Klein Gelmen en Waremme. Een opvallende concentratie zie je in het zuidoosten van West-Vlaanderen, de streek van opperflandrien Briek Schotte, en ten zuiden van Antwerpen, waar Rik Van Steenbergen eivormige jongensdromen ontstak.

Grafzerk op de geschiedenis

Het zijn er 21 in 1896, 47 in 1912, 69 in 1933. Sommige pistes permanent - in de dageraad van de twintigste eeuw is baanwielrennen populairder dan straatkoersen - het gros snel weer afgebroken. Ook velodromen blijken vaak bedrog, niet het minst onder impuls van de twee wereldoorlogen. Schrijft Moeyaert daarover: "Talloze houten wielerbanen werden opgestookt. De meeste wielrenners werden ook opgeroepen voor het leger. De ene renner na de ander vond de dood aan het front."

In Oostende en Luik worden de velodromen het laatst doorgeprikt, Rocourt sluit in 1995 de deuren en is inmiddels met een Kinepoliscomplex bedekt. Als een flitsend grafzerk op de geschiedenis.

De laatste jaren, echter, wellen steeds meer verse velodromen op. Voorzichtig maar veelbelovend. Aan de Blaarmeersen in Gent bijvoorbeeld, met de sinds 2005 overdekte Eddy Merckx-piste. De Schorredroom in Oostende, al acht jaar de geliefde speeltuin van skaters, BMX'ers en gocartfanaten. Wielerpiste Ter Beke in Wilrijk, of Patrick Sercu in Brugge, Gilly in Charleroi en De Deuster in Peer. In open lucht en met helder zicht cirkelen de velodromen immer voort.

Of zoals een journalist van Het Nieuwsblad in 1955 al schreef: "Zij die denken dat de open wielerbanen ten dode opgeschreven zijn, hebben het verkeerd voor."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234