Woensdag 17/08/2022

'Progressie is mijn levensmotto'

Hij was top, hij kreeg kanker, en nu wil hij opnieuw top worden. Tienkamper Thomas Van der Plaetsen (24) traint als een bezetene om de Spelen van Rio 2016 te halen. 'Maar het hoofd moet ook mee.'

Waarschijnlijk is de straat veel ouder dan hij. En heeft het een dus weinig met het ander te maken. Maar het is wel mooi, dat je net voordat je bij de atletiekpiste van Deinze aankomt door de Overwinningslaan rijdt.

Volgend weekend vertrekt Thomas Van der Plaetsen naar het WK atletiek in Peking, China. En dat is tamelijk bijzonder. Begin oktober vorig jaar was het, toen Van der Plaetsen te horen kreeg dat hij aan teelbalkanker leed. Er volgde een operatie, een zware chemokuur, een herfst en een winter, en ondertussen is het volop zomer en staat hij hier te trainen.

Niet voor het eerst. Want op 9 juli al, amper negen maanden nadat zijn ziekte was vastgesteld, won de tienkamper goud op de Universiade in het Zuid-Koreaanse Gwangju. Daarmee wist hij zijn titel van 2013 te verlengen. Alsof er amper iets gebeurd was tussen die twee jaren. Maar dat is dus allesbehalve waar.

"Het is lang de vraag geweest of ik in vorm ging zijn om te kunnen starten in Gwangju", zegt Van der Plaetsen. "En voor de wedstrijd zelf was ik erg nerveus, terwijl ik meestal niets van zenuwen heb. Ik begin gewoon. Maar nu was het de eerste grote test om te kijken waar ik stond.

"Eigenlijk had ik totaal geen idee van wat mijn niveau zou zijn. Wel vreemd om op zo'n manier aan een wedstrijd te beginnen. Er hing dus wel wat geladenheid aan die Universiade. Ik had een zware tijd achter de rug, en die tienkamp was wat mij de laatste maanden echt gemotiveerd had. Ik had me eraan vastgeklampt. Dat ik daar uiteindelijk stond, betekende veel voor mij."

Maar het is veel meer geworden dan er gewoon staan. Hij won er goud. Zijn comeback was een feit. En er werd meteen een hoofdstuk afgesloten.

Absurd

"Ik sta nog altijd niet op mijn oude niveau van voor de kanker", beseft hij. "De gevolgen van de chemo merk ik nog steeds. Maar die gouden medaille heeft toch een soort psychologische streep onder de voorbije periode getrokken."

Normaal gezien duurt het na een chemotherapiekuur zeker een jaar voor je weer min of meer gezond bent, zegt hij, maar hij stond na amper twee maanden weer te trainen, en na vijf maanden had hij al zijn oude niveau als streefdoel. "Eigenlijk is het absurd dat ik nu al meedraai op topniveau. Maar dat was het doel. Als het niet zo'n helse uitdaging was geweest, was ik misschien niet zo gemotiveerd geweest om ze aan te gaan."

Hoe het komt dat het hem gelukt is? Simpel: keihard voor getraind. Maar, zegt hij, dat is misschien nog het gemakkelijkste aspect. Want je hoofd moet ook mee. "De laatste maanden ben ik veel meer op zoek gegaan naar actieve ontspanning. Ik had er nood aan om het zware fysieke werk in balans te brengen met meer plezier. Ik wist: als ik dit zes maanden moet volhouden, dan moet ik een evenwicht vinden waarbij ik mij goed voel."

En dus ging hij in de weekends kamperen als hij op trainingsstage was in Zuid-Afrika. Of maakte hij een meerdaagse trip. Maar ook voor de kanker geloofde Van der Plaetsen in een gebalanceerd leven. Je niet te veel afschermen, niet enkel focussen op de piste. "Maar na de chemo werd ik toch geconfronteerd met hoe abrupt het leven kan veranderen. Daardoor voelde ik ook veel meer de behoefte om nieuwe dingen uit te proberen. Zonder uitstel. Nu."

Niet helemaal tevreden

Te behalen punten in Zuid-Korea: 8.000. Dat had hij vooraf gezegd. Het werden er 'slechts' 7.952. Het heeft gezorgd voor een dun, zwart randje aan dat gouden schijfje. Hij zucht een beetje. Heel even maar, want Van der Plaetsen is geen zuchter. "Ik had liever nooit meer onder de 8.000 gescoord in mijn carrière. Spijtig. Net niet. Maar ik probeer het mij niet te hard aan te trekken. Ik heb toch goud behaald."

Voor iemand die nog maar net kanker overwonnen heeft, is dat erg knap, zou je kunnen zeggen. Maar dat klinkt raar. Je zou voor minder bang zijn dat je vanaf nu altijd zo beoordeeld wordt: knap voor iemand die kanker heeft gehad. Dat kan, zegt hij, dat mensen dit jaar, en misschien ook volgend jaar, zo nog redeneren. En zo'n foute redenering is het nu ook weer niet. Want je lichaam kan de invloed van een chemokuur nog jaren meeslepen.

Maar als hij weer helemaal op topniveau functioneert, zal het label van ex-kankerpatiënt wel verdwijnen, denkt hij. "En als dat niet zo is, dan zal ik het mij niet aantrekken. Ik ga meedoen aan het WK atletiek, niet aan het WK voor ex-kankerpatiënten."

In Zuid-Korea miste Van der Plaetsen nipt de WK-limiet, maar omdat hij vormbehoud aantoont, én omdat hij vorig jaar op het EK in Zürich die limiet al eens behaalde, mag hij toch naar Peking. Daar gaat hij echter niet naartoe voor de medailles: "We praten over een heel ander niveau dan in Zuid-Korea, een medaille daar zou niet realistisch zijn. Maar het is wel de bedoeling om in Peking beter te scoren dan in Zuid-Korea.

"Mentaal was Gwangju een ontlading, fysiek is het nu de bedoeling om alles wat daar minder goed was te verbeteren. Ik heb het gevoel dat ik nu beter ben dan voor Gwangju. Het doel is dus om hoger te scoren en misschien nu wel de olympische limiet te halen (wat hem in 2011 niet lukte, SMU)."

Doelen stellen

Voor hoogspringen zit hij alweer op zijn hoogste niveau, wat verspringen betreft zit hij op een niveau van vijf jaar geleden. Elk nummer dat lopen inhoudt, gaat om uithouding en snelheid, en dat is nog niet zoals vroeger. Hoogspringen is vooral een technische discipline, dat is makkelijker om weer op te bouwen, zegt hij.

Sowieso is de meerkamp een discipline waar vooruitgang erg gradueel gaat. "Als ik met hoogspringen 2 à 3 centimeter hoger wil springen, doe ik daar 2 à 3 jaar over. Voor die enkele centimeters moet je dus maandenlang trainen als een gek. Maar progressie is gewoon mijn levensmotto. Ik wil elke dag een stap vooruitgaan. Ik wil elke dag doelen stellen om naartoe te werken."

Buiten oefent een Amerikaanse atlete op verspringen. Uit de boxen die ze meegenomen heeft, klinkt luide hiphop. In de kantine van de atletiekpiste in Deinze hangt een duffe warmte.

We willen het toch nog even hebben over de eerste dagen van oktober 2014. 's Woensdags werd meegedeeld dat het zwangerschapshormoon HCG werd aangetroffen na een onaangekondigde urinecontrole, en dat hij dus voorlopig geschorst werd. De dag nadien bleek dat hij teelbalkanker had, wat de afwijkende waarden verklaarde.

Op een persconferentie zei hij dat de krantenberichten zijn imago als sportman ernstig beschadigd hadden. Nochtans had de pers correct bericht, vonden sportjournalisten. Er was alleen voorwaardelijk geschreven over doping, en er was meteen bij verteld dat ook kanker de aanwezigheid van HCG zou kunnen verklaren.

Maar zo denken mensen niet, zegt Van der Plaetsen. "Als een krant over een politicus schrijft: 'Hij zou mogelijk een kind verkracht hebben, maar het zou ook iets anders kunnen zijn', wat onthouden de mensen dan, denk je? Dat medische verslag over mijn afwijkende waarden had in de eerste plaats nooit openbaar mogen worden gemaakt tot mijn onschuld was bewezen. Maar er is een lek geweest."

Het is fundamenteel fout om een atleet met zijn rug tegen de muur te zetten, vindt Van der Plaetsen, en hem dan plots te gaan laten bewijzen dat hij niks verkeerd gedaan heeft. "In die paar dagen ben ik door een hel gegaan: eerst de lekken in de pers, dan overal testen gaan doen, dan het nieuws krijgen dat ik kanker had, een persconferentie geven om mijn naam te zuiveren, en de dag nadien geopereerd worden. Waanzin."

Bang voor controles

Over doping in de sport wil hij dit kwijt: "Als sommige mensen vals willen spelen, doen ze dat maar. En als ze ermee wegkomen, zal het zijn omdat ze het slim genoeg spelen."

Maar een collega die iets neemt waardoor hij minder lang dan twee jaar moet trainen om 2 centimeter hoger te springen, dat is niet eerlijk, toch? "Tja, het leven ís oneerlijk. Mensen spelen nu eenmaal vals, dat zie je in elk aspect van het leven. Dus ook in de sport. Je moet controles doen, natuurlijk, maar denken dat er ooit een systeem zal zijn waardoor niemand de zaak nog kan bedriegen, dat is een utopie.

"Ik kan alleen maar zeggen dat ik zo niet ben opgevoed, en dat ik er geen nood aan heb. Het zou compleet indruisen tegen wat ik daarstraks vertelde over mijn levensmotto. Daar doping bij gebruiken is geen optie voor mij."

Als je plots het verdict 'kanker' krijgt, is dat een stevige confrontatie met je sterfelijkheid, zegt hij. "Als topsporter wil je bij de besten van de wereld behoren. Elk doel dat je stelt, kun je halen, waardoor het lijkt alsof je onoverwinnelijk bent. En dan blijkt dat ineens toch niet zo te zijn. Dat is een ferme klap voor je zelfvertrouwen."

Chemotherapie maakt niet alleen je lijf kapot, het speelt ook met je hoofd, vertelt hij. Een hele tijd heeft hij het gevoel gehad dat hij zichzelf niet was, en dat hij op automatische piloot door het leven ging. "Ik denk dat veel mensen na een chemokuur niet meer dezelfde persoon zijn als ervoor."

Uiteraard moet hij nog regelmatig op controle. En ja, daar is hij bang voor. "Ik ben iemand die altijd rustig blijft, maar zo'n controle knaagt wel elke keer. Je stelt je de vraag: wat als? Het is al eens gebeurd, het kan opnieuw. Terwijl ik vroeger dacht: mij gaat zoiets nooit overkomen."

Onlangs heeft hij de documentaire The Biology of Belief van de Amerikaanse bioloog Bruce Lipton bekeken, over hoe een positieve ingesteldheid een rechtstreekse invloed kan hebben op je lichamelijke gezondheid. Hij wil erin geloven, dat positief denken je herstel bevordert.

"En als er niets van klopt, is het toch veel aangenamer geweest dan als je pessimistisch was gebleven. Dat sommige mensen zich volledig laten gaan als ze zo'n nieuws te verwerken krijgen, kan ik begrijpen. Maar op een gegeven moment moet je jezelf toch van de grond rapen en zeggen: het is wat het is, en als ik er niks aan kan veranderen, kan ik het maar beter aanvaarden."

Olympische gedachte

Terug naar de toekomst. Naar Peking, bijvoorbeeld. Misschien haalt hij daar de olympische limiet. En mag hij dan volgend jaar naar Rio. Want dat is toch de grootste droom voor elke sporter, een olympische medaille? Natuurlijk droomt hij daarvan, maar wat belangrijker is, vindt hij, is een carrière die in zijn geheel gebaseerd is op de olympische gedachte, namelijk voortdurend groeien.

"Niet alleen op sportief gebied, ook op persoonlijk vlak: jezelf elk jaar heruitvinden, jezelf blijven pushen en ontwikkelen. Ik kan later toch moeilijk een bedrijf binnenstappen, met mijn medaille zwaaien en verwachten dat ze me een job aanbieden? Ik wil kunnen zeggen dat ik iemand ben die hard werkt, snel bijleert en alles doet om successen te behalen."

In maart 2014 zei Van der Plaetsen in een interview dat hij dat jaar wereldtop moest worden. Dat is er niet van gekomen. Gaat 2016 nu het jaar zijn waarin hij wereldtop wordt? Hij denkt na, en antwoordt dan voorzichtig: "Ik hoop van wel. Maar ik weet het eigenlijk niet. Ga ik echt nog die sprong kunnen maken? Het zal niet gemakkelijk zijn om de achterstand in te halen die ik dit jaar opgelopen heb."

Hij zwijgt even. En zegt dan gedecideerd: "Maar sowieso zal ik dan wel op mijn beste niveau zitten. En dus beter zijn dan ik ooit geweest ben."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234