Donderdag 27/01/2022

Rock

Mercury Rev

Tussen droom en werkelijkheid

Toen Mercury Rev drie jaar geleden het prachtige Deserter's Songs uitbracht, was de groep ervan overtuigd dat het haar zwanenzang zou worden. Het werd echter de plaat van de wedergeboorte: een werkstuk dat, alleen al door de onwereldse arrangementen, menigeen met verstomming sloeg. Voor de opvolger wilde het Amerikaanse viertal in zee gaan met producer Jack Nitzsche, een geniale zonderling, die eerder al met Neil Young, Phil Spector en de Stones had gewerkt, maar, belangrijker nog, talloze filmsoundtracks had geschreven, die op zanger Jonathan Donahue een onuitwisbare indruk hadden gemaakt. Ongelukkig genoeg stierf Nitzsche een week voor de opnamen zouden beginnen, maar dat neemt niet weg dat zijn geest in iedere track op de cd prominent aanwezig blijft. De orkestraties, waarin mellotrons, chamberlains, zingende zagen, belletjes, harpen, houtblazers, strijkers en sopraanstemmen een belangrijke rol spelen, herinneren immers aan die uit Buffalo Springfields 'Expecting to Fly' of aan de muziek uit One Flew Over A Cuckoo's Nest.

De groep vond uiteindelijk in Tony Visconti een perfecte medeplichtige en slaagde er opnieuw in een warme, tijdloze plaat te maken die veel diepgaander beïnvloed is door de symfonieën van Dvorak of de arrangementen van Gordon Jenkins dan door zoiets prozaïsch als rock-'n-roll. Eigenlijk vormt alleen het goed in de gitaren zittende 'Queen' een uitzondering op die regel. All is Dream is het verslag van een mentale reis. Mercury Rev heeft een passie voor het ongrijpbare en sublieme en alle songs draaien om wat er zich afspeelt in het onderbewuste. De ikpersoon laat het materiële achter zich en dompelt zich onder in een droomwereld vol jungiaanse archetypen en cultuurhistorische referenties, van Abe Lincoln tot Hercules en van de Veda tot de film Cabaret. Opener 'Dark is Rising' ontleent zijn titel aan een kinderboek van Susan Cooper en elders zoekt Donahue zelfs inspiratie in de mythologische werken van Joseph Campbell. All is Dream handelt over de kloof tussen droom en werkelijkheid. Nu eens geeft dat aanleiding tot frivole ('Nite and Fog') of ronduit hilarische ('Drop in Time') uitspattingen, vaker nog tot omineuze, soms paranoïde overpeinzingen. Maar de wanhoop wordt steevast gecamoufleerd met verleidelijke instrumentaties, zodat je voortdurend de oren moet spitsen, wil je door de groep niet op een dwaalspoor worden gebracht. Mercury Rev heeft met All is Dream een bevreemdend meesterwerk gemaakt; een complex universum waarin je om de haverklap nieuwe dingen ontdekt. Luisteren is bezwijken.

Mercury Rev, All is Dream, V2

Björk

Een ode aan de huiselijkheid

Ze is pas 35, maar op artistiek vlak heeft ze al verscheidene levens achter de rug. Björk bracht haar eerste plaat uit op haar elfde, zong in een punkband op haar dertiende, trok de wereld rond met Kukl en The Sugarcubes en werkte de jongste acht jaar aan een intrigerende solocarrière. Tussendoor speelde ze ook nog in Dancer in the Dark, een beklemmende film van Lars von Trier. Die prestatie leverde haar in Cannes weliswaar de Gouden Palm voor beste actrice op, maar vergde zoveel van haar krachten dat ze besloot zich voortaan nog uitsluitend met haar muziek te zullen bezighouden. "Die film was zo brutaal en emotioneel veeleisend, dat ik, als tegenreactie, iets moois, zachts en troostends wilde maken", zegt de zangeres over Vespertine.

De titel verwijst naar het avondgebed van kloosterlingen en suggereert rust en sereniteit, maar ook euforie en extase. Het is een complexe maar intieme plaat waarmee Björk een ode wil brengen aan de huiselijkheid. De werktitel luidde, niet toevallig, Domestica: de liedjes handelen immers vooral over hoe je je kunt afsluiten van de buitenwereld en, genietend van het alleenzijn, je eigen paradijs kunt creëren.

Björk wordt niet gedreven door de drang naar commercieel succes, maar verlegt voortdurend haar eigen grenzen. Hoewel Vespertine tot stand kwam op een laptopcomputer is het een gelaagd, sensueel en poëtisch werkstuk, waarop de zangeres er andermaal in slaagt uitersten met elkaar te verenigen. Zo werkte ze dit keer samen met Matmos, een avant-gardistisch elektronicaduo uit San Francisco dat op zijn jongste cd muziek maakt met gesamplede geluiden uit een operatiekamer. Voorts betrok ze ook de excentrieke harpiste Zeena Parkins, een IJslands strijkkwartet, een filharmonisch orkest en een uitgebreid koor bij de opnamen, zodat Vespertine veel nauwer aanleunt bij moderne kamermuziek dan bij pop. Dat levert ronduit magische nummers op, zoals 'Cocoon', 'It's Not Up to You' en 'Aurora'.

De vierde soloplaat van Björk is niet meteen easy listening en bevat op het eerste gehoor weinig tracks die je overdag op de radio zult horen. De zangeres drijft steeds verder weg van de mainstream en maakt, misschien net daardoor, almaar mooiere, kwetsbaardere muziek. In 'Pagan Poetry' raakt ze zelfs zo overweldigd door haar emoties dat een regel als "I love him" bijna een desperate ondertoon krijgt. Vespertine is meer dan zomaar een cd; het is een op zichzelf staande wereld. Wie hem eenmaal heeft ontdekt, wil er vermoedelijk nooit meer weg.

Björk, Vespertine, One Little Indian/Universal

New Order

Terugkeer van de gitaar

Nooit gedacht dat er, acht jaar na Republic, nog een nieuwe plaat van New Order zou komen. De onderlinge relatie van de groepsleden was immers danig verzuurd en de zakelijke beslommeringen, te wijten aan het faillissement van hun Hacienda-club in Manchester, hielpen zeker niet om de plooien glad te strijken. Maar de dood van hun vriend en manager Rob Gretton, zo'n twee jaar geleden, bracht hen weer samen en op Get Ready neemt New Order dus eindelijk de draad weer op.

Erg veel is er niet veranderd: het melodieuze basspel van Peter Hook, het machinale drumspel van Stephen Morris, de lijzige zang van Bernard Sumner, zijn meteen herkenbaar en ook de typische technopopgroove is intact gebleven. Opvallend is wel dat New Order nog nooit zo gitaargericht heeft geklonken: in '60 Miles an Hour' en 'Slow Jam' wordt zelfs voor het eerst weer net zo stevig gerockt als ten tijde van Warsaw en Joy Division. Volgens Sumner heeft dat te maken met het feit dat de groepsleden niet langer in discotheken rondhangen en zich daardoor niet meer in staat voelen geloofwaardige dansmuziek te maken.

In ieder geval hoor je op Get Ready een opgefriste band aan het werk die er weer plezier in schept samen te spelen. De liedjes klinken poppy en catchy, ook al is 'Crystal', met een prominente rol voor zangeres Dawn Zee, niet meteen een vanzelfsprekende single en vraag je je af waarom 'Rock the Shack', met Bobby Gillespie van Primal Scream in een vocale gastrol, de final cut heeft gehaald. In 'Turn My Way' krijgt New Order de hulp van Billy Corgan, die tijdens de op handen zijnde tournee de plaats inneemt van Gillian Gilbert. De toetsenspeelster moet immers thuisblijven om voor haar zieke dochtertje te zorgen.

In tekstueel opzicht staat Get Ready nog altijd in het teken van naïeve verwondering. Luister maar eens naar 'Run Wild', waarin een akoestische gitaar, melodica en strijkers elkaar liefdevol omarmen en Sumner besluit met de regels "I wanna live till I die / I wanna live to get high." Get Ready is klassieke New Order, en na halfslachtige nevenprojecten als Revenge, Monaco, The Other Two en (in zekere mate zelfs) Electronic kunnen we daar alleen maar blij mee zijn.

New Order, Get Ready, London/Warner

Bob Marley

Het onsterfelijkste van de reggae

In mei werd de twintigste verjaardag van zijn dood al herdacht met de compilatie One Love, maar ook in de eerstkomende maanden blijft reggaekoning Bob Marley in het brandpunt van de belangstelling staan. Platenmaatschappij Island, die de soul rebel in de vroege jaren zeventig bij het blanke poppubliek introduceerde, heeft namelijk besloten 's mans hele discografie digitaal op te poetsen en aan te vullen met bonustracks. De eerste vijf langspelers uit het post-Coxsone Dodd- en Lee 'Scratch' Perry-tijdperk zijn inmiddels al heruitgebracht en de overige zullen dra volgen.

Marley was de grootste en succesrijkste artiest die de reggae ooit heeft voortgebracht. In Jamaica groeide hij uit van volksheld tot nationaal instituut, maar ook elders in de wereld lieten zijn charisma, sociaal engagement en spiritualiteit diepe sporen na. Met zijn groep The Wailers koppelde Bob Marley zijn r&b-roots aan plaatselijke stijlen zoals ska, mento, bluebeat en rocksteady en op die manier ontwikkelde hij een unieke, onnavolgbare stijl, die twee decennia na zijn dood nog steeds niet is verouderd.

De internationale doorbraak kwam er toen Chris Blackwell hem een contract aanbood met Island. Om Bob Marleys Jamaicaanse sound voor Europese en Amerikaanse oren wat lichter verteerbaar te maken, werden de scherpe kantjes afgerond, en voor je 'rastafari' kon zeggen groeide de gedreadlockte zanger uit tot de eerste superster uit de derde wereld. Catch A Fire gaf meteen aan waartoe The Wailers zoal in staat waren: 'Slave Driver', 'Kinky Reggae' en 'Stir It Up' blijven tot op heden onsterfelijke songs. Pas sinds de recente release van de luxe-editie kwamen we te weten dat de oorspronkelijke versie van die plaat een stuk rauwer en ongepolijster klonk dan de officiële, maar nu ze eenmaal verkrijgbaar is, zien we geen enkele reden meer waarom u nog langer vrede zou nemen met het gladgestreken Blackwell-geluid. Burnin' was de plaat die Marley, met het opstandige 'Get Up, Stand Up', bij ons voor het eerst op de radio bracht. Eric Clapton scoorde een wereldhit met een andere track uit de elpee, 'I Shot the Sheriff', en van toen af behoorde de Jamaicaanse rasta definitief tot de poparistocratie. Bob Marleys positie werd geconsolideerd met het schitterende Natty Dread: een bezielde plaat waarop de zanger harder dan ooit van leer trok tegen sociaal onrecht; uitbuiting en onderdrukking. 'Them Belly Full', 'Rebel Music', 'Revolution' en 'Lively Up Yourself' lieten geen twijfel bestaan over Marleys politieke ideeën en getuigden vooral van trots en waardigheid. Natty Dread bevatte ook de oorspronkelijke versie van 'No Woman, No Cry', dat in de latere live-uitvoering een grote hit zou worden. Maar met het succes kwam ook de verdeeldheid: Wailers Peter Tosh en Bunny Livingstone stapten op en Marley verrijkte zijn sound met het dameskoortje The I-Trees.

Dat trio (Rita Marley, Judy Mowatt en Marcia Griffiths) zou een prominente rol spelen op het in Londen opgenomen Live. Dat concertdocument vormt ongetwijfeld het hoogtepunt uit Bob Marleys carrière: de groep speelt strak en gedisciplineerd, maar met gevoel en de set bestaat uitsluitend uit klassiekers. Als er één Wailers-plaat bestaat die iedereen in huis zou moeten hebben, dan is het deze wel. Zeker nu de heruitgave is verrijkt met een geweldig 'Kinky Reggae'. Live illustreert tegelijk de essentie van de rootsreggae en Marleys crossover naar pop en soul. "Ik kan geen muziek maken voor Jamaica alleen", zei de artiest destijds. "Ik wil constant mijn horizon verbreden."

Bob Marley & The Wailers bereikten hun creatieve piek in de eerste helft van de jaren zeventig, maar vanaf Rastaman Vibration begon er een zeker dosis routine in de muziek te sluipen. Marley viel steeds vaker terug op formules en pseudomystiek, al zou hij ook in de tweede helft van de seventies nog heel wat hits scoren. Op 'War', 'Positive Vibration', 'Johnny Was' en 'Roots Rock Reggae' viel nog volstrekt niets aan te merken, maar voortaan was het Jamaicaanse genie alleen nog bij vlagen briljant.

Bob Marley & The Wailers, Catch A Fire, Island Bob Marley & The Wailers, Burnin', Island Bob Marley & The Wailers, Natty Dread, Island Bob Marley & The Wailers, Live, Island Bob Marley & The Wailers, Rastaman Vibration, Island

Dirk Steenhaut

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234