Maandag 15/08/2022

Rome voor alles, alles voor Rome

1580 bladzijden Romeinse geschiedenis van Livius

Patrick De Rynck

Domme vraag: is Rome op 21 april 753 v.Chr. gesticht door een jongeman die als zuigeling door een zogende wolvin van de hongerdood was gered en die voor zijn stichtende daad eerst zijn tweelingbroer van kant maakte? Natuurlijk niet, ontdekte ik op mijn negentiende (pas, ik beken) dankzij mijn professor Romeinse geschiedenis: rond 750 zijn er sporen van bewoning teruggevonden op de Palatijn, een van de Romeinse heuvels, maar van zo'n glorieuze eendagsstichting is uiteraard geen sprake. Het verhaal is verzonnen en moest dienen om de boeren en soldaten van Rome een gezicht en een stamboom te geven.

Hoe komt het, vraag ik me nu af, dat ik zo lang in de legende heb geloofd en dat het verhaal nu nog hardnekkig blijft figureren in schoolboeken en encyclopedieën, waar je bij Romulus vaak alleen de dubbelzinnige notie 'mythische stichter' aantreft? Hoe komt het dat de mythe geschiedenis is geworden? Dat komt door Livius en door de naïeve manier waarop je als 16-jarige puber zijn Latijnse teksten las - beter: waarop je in zijn sliertige Latijnse zinnen verstrikt raakte.

Livius schreef de geschiedenis van Rome vanaf het begin tot in zijn tijd, ergens rond het jaar 1: zijn werk kreeg dan ook de gortdroge maar logische titel 'Vanaf de stichting van de Stad', Ab Urbe Condita. Hij heeft met zijn oeuvre een item verdiend in het Guinessboek: Titus Livius is vermoedelijk de auteur van het omvangrijkste werk uit de Oudheid. 142 'boeken' heeft het in zijn geheel beslagen; zo'n liber staat voor ongeveer zeventig van onze bladzijden. Slechts een vierde is bewaard, voor de rest moeten we het stellen met inhoudsopgaven.

Een leven lang moet Livius niets anders hebben gedaan dan bronnen en archieven opzoeken en gestaag voortschrijven. En het is hard om te zeggen: door zo'n bestaan te leiden wist hij vaak niet waar hij het over had. Straks meer daarover. De omvang van Livius' werk heeft nu in elk geval twee imposante vertalingen opgeleverd, twee keer tien van Livius' 'boeken': Zonen van Mars, over de periode van 753 tot ca. 300, en Hannibal voor de poorten, over de Tweede Punische Oorlog aan het eind van de derde eeuw v.Chr. Het is hoe dan ook mooi dat dit kan, in ons klein taalgebied. Een uitgever heeft er durf voor nodig.

Het gaat slecht in Rome en vroeger was het beter: dat is zowat Livius' belangrijkste uitgangspunt en boodschap. En het gaat nu slecht omdat de oude Romeinse waarden, de mores maiorum, in verval zijn geraakt: respect voor de goden, het vaderland en de familie, trouw, eendracht, rechtvaardigheid, spaarzaamheid, eenvoud... Sire, er zijn geen Romeinen meer. Dat Livius uit de 'achtergebleven' periferie van Italië kwam (hij bracht zijn jeugd door in Padova), zal in zijn conservatisme zeker een rol hebben gespeeld. Bovendien kun je hem nageven dat het inderdaad slecht ging: als hij rond 30 v.Chr. aan zijn werk begint, heeft Rome pas enkele decennia van moordende burgeroorlogen achter de rug. Nog in 31 v.Chr. vond in Actium de beslissende slag plaats waarin Octavianus, de latere Augustus, Antonius (en Cleopatra) vernederde.

De naam is gevallen: Augustus. We weten dat Livius bevriend was met Augustus en meteen rijst een van de grootste problemen die met zijn werk verbonden zijn: was Livius niets meer dan de propagandistische historicus van 'dictator' Augustus, de vader van het vaderland, de man die met zijn hardhandig ethisch reveil - terug naar de oude waarden, ook hij - Rome na al het bloedvergieten weer hoop gaf? Ondanks de onbetwistbare banden van de twee heren denk ik niet dat je het zo boud kunt stellen, daarvoor is Livius nog te pessimistisch en te genuanceerd, alsof hij soms niet echt gelooft in Augustus' grootse plannen. (Voorzover we dat kunnen beoordelen: het deel van het werk dat over hun eigen tijd gaat, is niet bewaard.) Maar dat Livius' ideologie goed overeenstemt met die van Augustus, draagt uiteraard bij tot de indruk dat het hier wel eens om propaganda gaat. Opnieuw: we moeten terug naar vroeger, de oude religieuze tradities moeten worden hersteld, de zeden van de voorvaderen hebben Rome groot gemaakt en het zedenverval is ons grootste probleem: "Ja, naarmate men minder bezat, begeerde men ook minder. Nog maar heel kort geleden is met de grote welstand ok de hebzucht in het land gekomen en hebben buitensporige genietingen geleid tot de drang om door overdadige luxe en verliederlijking zichzelf en de hele wereld te gronde te richten," staat er aan het eind van het beroemde voorwoord op het hele werk.

Rome is het product van de goddelijke voorzienigheid, maar door het menselijk normenverval hebben er catastrofes plaatsgevonden. Livius moet dus inderdaad wel veel sympathie gekoesterd hebben voor de 'nieuwe Romulus' Augustus en heeft met zijn werk diens politiek gepusht. Soms is de grens van het 'toelaatbare' niet ver.

Het is na wat hierboven staat logisch dat Livius permanent de lof zingt van veel grote mannen (en enkele vrouwen) die de oude virtutes - deugden, vertaalden we op school steevast - belichamen. Dat heeft beroemde en invloedrijke portretten opgeleverd: in het bejubelde boek van Eric Moormann en Wilfried Uitterhoeve, Van Alexandros tot Zenobia. Thema's uit de klassieke geschiedenis, in literatuur, muziek, beeldende kunst en theater, is Livius voor alle Romeinen bij wie dat chronologisch kon, een belangrijke of de belangrijkste bron. Dat zijn ca. dertig van de honderd items. Ik denk bijvoorbeeld aan de tragedie van Lucretia (de kuise maagd, zegden we vroeger). Zij wordt bij Livius verkracht door de tirannieke koning Tarquinius Superbus en geeft door haar zelfmoord de aanzet voor de verdrijving van Romes gehate laatste rex. Livius' bron is hier wellicht een oude Romeinse tragedie; ziet u moderne historici zich voor hun werk baseren op de bron Shakespeare?

Of neem dat prachtige verhaal van de drie broers Horatii. Zij worden in Romes burenoorlog met de inwoners van Alba Longa bereid gevonden om door een 'tweegevecht' met de Albanese drieling Curiatii de strijd te beslechten en nog meer massaal bloedvergieten te voorkomen. Als op een moment twee van de drie Horatii zijn gesneuveld, doet de derde alsof hij op de vlucht slaat. De drie Curiatii, alle drie op een andere manier gewond, achtervolgen hem op verschillende afstand, Horatius keert terug, maakt ze een voor een af en zegeviert. De pointe: de zus van de winnaar, die verliefd was op een van de Curiatii, geeft zich over aan rouwbeklag. Haar broer vermoordt haar om deze reden en wordt naderhand vrijgesproken van schuld. Dit gedrag is echt Oudromeins, hoor je Livius denken, en deze grote boodschap willen al die portretten van deugdzame lieden overbrengen: Coriolanus, Cincinnatus, Lucius Brutus, Fabius Maximus, Scipio... Zie het genoemde boek voor hun invloed in de latere kunst.

Livius is voor mij dus niet de ghostwriter van Augustus (in tegenstelling tot zijn tijdgenoten Vergilius en vooral Horatius, bij momenten). Toch is hij een geschiedschrijver die, als hij nu op dezelfde manier zijn ding zou doen, door de kritiek zou worden afgemaakt. Even hard zijn: hij wist als kamergeleerde niets af van de plekken die hij beschrijft, zijn beschrijvingen van veldslagen en militaire tactieken - en dat zijn er nogal wat - lijken naar verluidt nergens op, zijn inzicht in politieke mechanismen en machinaties is ook al niet je dat, hij is weinig kritisch tegenover zijn vaak eenzijdige en dubieuze bronnen, hij maakt infantiele vertaalfouten als hij Griekse bronnen gebruikt, hij vertelt nagenoeg niets over economische en sociale geschiedenis, over de kleine man enzovoort. En bovenal: Livius is een onvervalste Romeinse patriot: alles voor Rome, Rome voor alles. Carthagers, om maar iets te noemen, kunnen niet goed zijn. Ze krijgen dan ook te pas en te onpas het epitheton 'bedriegers'.

(Wat je Livius niet kunt verwijten, is het gebrek aan bronnenmateriaal voor de oudste tijden: dat was er gewoon niet, onder meer omdat de Galliërs in 390 v.Chr. in Rome grote vernielingen hadden aangericht. Livius heeft zelf dan ook geen illusies over de 'waarheidsgetrouwheid' van wat hij in de boeken 1 t/m 10 vertelt. Voor de periode van de oorlog met Hannibal was er veel meer materiaal ter beschikking.)

In zekere zin doet Livius als historicus ook 'modern' (sic) aan: hij wou in de eerste plaats mooie boeken schrijven, literatuur maken, portretten schetsen, verhalen vertellen. Geschiedenis als literatuur. Historische accuraatheid is voor hem van minder belang dan drama, pathos, literaire spanning, mythologiserende uitvergroting. Is Hannibal met zijn olifanten de Alpen overgetrokken? Ja natuurlijk, en dankzij Livius zal dat tot in de eeuwen der eeuwen een ijzingwekkend verhaal blijven.

Ik denk dat je als 'gewone' lezer aan het eind van de twintigste eeuw Livius het best op die manier leest: als schrijver, niet als historicus. Dit is een avontuurlijk jongensboek voor grote mensen, waarin je wordt meegesleept door de vaart waarmee alles wordt verteld, door het retorische vuur van goeie ouwe orationes (er moeten er in totaal ongeveer 1650 zijn geweest, speeches die je menig hedendaags politicus toewenst), door de psychologische portretten van individuen, door de persoonlijke drama's die zich afspelen als er weer wordt gevochten en belegerd. Je moet dan wel bereid zijn over de honderden namen heen te lezen (de twee namenregisters tellen samen 75 bladzijden). En je moet dit werk dus ook lezen als je wilt weten waar onze beelden van Coriolanus en Lucretia cum suis vandaan komen.

Van het Hannibal-gedeelte heb ik elke letter van het Latijn en het Nederlands gelezen, omdat ik de vertaling heb geredigeerd. Ik zal het nooit meer doen, heb ik mezelf en mijn huisgenoten beloofd, maar ik kan daardoor de vertaling hier wel van harte aanbevelen. Hetty van Rooijen-Dijkman heeft een prachtig compromis gevonden om Livius' lastige Latijn in draaglijk en gedragen Nederlands om te zetten. Dat gaat ook op voor Zonen van Mars, waarin dezelfde vertaalster de bestaande vertaling van mevrouw F.H. van Katwijk-Knapp (1902), in overleg met de vertaalster, heeft bewerkt. De twee dames hadden voelbaar iets met Livius en dat enthousiasme lees je.

Meer dan één recensie van Van Alexandros tot Zenobia eindigde met een oproep in de aard van 'dit boek is een absolute must voor iedereen die wel eens een literair werk leest dan wel een museum of theater bezoekt'. Dat geldt dus eigenlijk ook voor Livius. Neem deze nuttige dikke boeken (vergeet in voorkomend geval uw traumatische worstelingen met Livius' Latijn), erger u aan de soms ondraaglijke zwaarte van het enge, conservatieve Romeinse patriottisme van historicus Livius, maar laat u vooral meeslepen door een fascinerend schrijver.

Livius (vertaald door F.H. van Katwijk-Knapp, bezorgd door H.W.A. van Rooijen-Dijkman en ingeleid door H.C. Teitler), Zonen van Mars. De geschiedenis van Rome, I-X., Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam. Livius (vertaald en toegelicht door Hedwig W.A. van Rooijen-Dijkman), Hannibal voor de poorten. De geschiedenis van Rome, XXI-XXX, Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam.

Het gaat slecht in Rome en vroeger was het beter, dat is zowat Livius' belangrijkste boodschap

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234