Donderdag 11/08/2022

Sfinks '98: feest van gezelligheid en tolerantie

Donderdag nam het Sfinksfestival een moeizame start, vrijdag werd orde op zaken gesteld met een swingend Festa do Brasil en zaterdag sneuvelden records in Boechout. Ondanks de sombere voorspellingen bleven de weergoden gunstig gezind en vond meer volk dan ooit de weg naar het Molenveld. Muzikale uitschieters waren nochtans schaars, maar de gezelligheid was als vanouds. Sfinks ontpopte zich nog maar eens tot een feest van de tolerantie, waar een rijk geschakeerd publiek met volle teugen genoot van de meest uiteenlopende muziekstijlen en cultuursferen.

De gratis openingsavond was goed voor 15.000 nieuwsgierigen. Voor het Festa do Brasil daagde heel wat minder volk op, maar de enkele duizenden aanwezigen wisten waarvoor ze kwamen. Zangeres Daúde had weinig moeite om het Braziliaanse feest op temperatuur te brengen. Geruggesteund door een goed ingespeelde begeleidingsgroep bracht zij vlot verteerbare exotische pop, stevig verankerd in de smeltkroes van stijlen die de Musica Popular Brasileira is.

Daarna deed Jorge Benjor wat van hem verwacht werd, namelijk de danstent uit de bol laten gaan op de tonen van zijn luie samba-funk. Veel nieuws viel er niet te rapen en ook verrassingen bleven uit, maar Benjor bouwde in zijn decennialange carrière een rijk repertoire van hits, klassiekers en meezingers op waaruit hij naar hartelust kan putten. Het was een voorspelbaar concert, maar wel met veel vakmanschap gebracht. Naar het einde toe kon niemand nog weerstand bieden aan de aanstekelijke Benjor-groove.

Zaterdag was al vroeg duidelijk dat Sfinks op een recordopkomst afstevende. Het was bijzonder druk op het festivalterrein en de organisatoren hadden het over circa 20.000 bezoekers. Meteen de bevestiging dat wereldmuziek-festivals in de lift zitten. Nochtans stonden weinig of geen bekende namen op de affiche, maar de diversiteit in de programmatie blijkt een breed publiek aan te spreken, van alle leeftijden, rangen en standen.

Het succes moet wellicht ook gezocht worden in de hele omkadering van het festival. Er wordt alles aan gedaan om een relaxte sfeer te creëren, waarbij iedereen zich goed kan voelen. Terwijl vader en moeder zich in trance laten zingen in de clubtent of uit de bol gaan in de danstent, kunnen de zonen en dochters terecht in het ieder jaar kleurrijker Kidz-dorp of internet-surfen en chatten op de computers van de Virtual Village. Voor wie tijdens de hectische muzikale wereldreis even op adem wil komen, is er ook nog de randanimatie. De chill-out tent met de videoprojecties rond reizen en muziek, de relax-ruimte met hangmatten, de parla-tent waar Sfinks-muzikanten hun muziek komen toelichten en de bonte wereldmarkt zijn maar enkele van de vluchtheuvels waar de vermoeide wereldreiziger een rustpauze kan inlassen. Ook de kleurrijke terreinanimatie (met onder meer een Braziliaanse fanfare van honger en dorst en Westafrikaanse percussie-gabbers uit Burkina Faso) bleek een schot in de roos te zijn.

Maar Sfinks staat in de eerste plaats voor de vele concerten, met onder meer Westafrikaanse mbalax, trotse Malinese blues, aanstekelijke son en salsa, flamenco en rumba, rai en soukous, ambient en trance. Kortom, een festival van extreme stijlbreuken en cultuursferen.

Alles meemaken is onbegonnen werk. Een keuze dringt zich op om niet doodvermoeid te geraken door een veelvoud muzikale jetlags. Voor ons kwamen de eerste, echt mooie momenten in de vroege namiddag. De Malinese griot Moriba Koita maakte in de volgelopen clubtent indruk met zijn akoestische set. Het was hoofdzakelijk instrumentale muziek, gebracht op ngoni-gitaar, kora, balafon en djembe. Verfrissende traditionele muziek die wij verkozen boven de overigens niet onaardige world-mbalax van Youssou N'Dour-gitarist Jimmi Mbaye. De clubtent lijkt trouwens ieder jaar populairder, in zoverre dat het er soms beangstigend druk was. Vooral de intiemere muziek, die een hoge luisterbereidheid vraagt, kwam er aan bod. Dat het Sfinkspubliek niet alleen voor de sfeer komt en ook wil luisteren, bleek uit het succes van die concerten. Zo kreeg de sjamanistische ambient van Wimme, een Finse Lap of Saami, het publiek moeiteloos in trance. Ook voor de Marokkaanse gnawa-ceremonie die de zaterdag afsloot, was er een overdonderende belangstelling.

In de danstent bleven we even luisteren naar Grieks new age-bombast van Avaton en wist de oertraditionele, lekker ouderwetse son van de Cubaanse Familia Valera Miranda te boeien. Pas bij het concert van Kadda Cherif Hadria bleven we tot het einde. Cherif komt uit Oran, Algerije en is een zanger met een krachtige, doorleefde stem die perfect past bij de smeltkroes van rai, reggae, flamenco en rumba die zijn groep produceert. Een gedreven zanger, prima muzikanten en veel inzet maakten van dit concert een bescheiden revelatie. Cherif leek wel een Magrebijnse versie van Arno en gaf zich voluit. Het concert had langer mogen duren, maar de strikte tijdschema's die Sfinks hanteert, laten daartoe weinig ruimte.

Op het openluchtpodium trok Extra Musica zich op gang en dat betekende soukous met een hoge dansbaarheidsfactor. Ondanks hun diploma's als 'Animateurs Première Classe' was het grote podium iets te hoog gegrepen voor de Zaïrese jongens. Muzikaal stelden ze bitter weinig voor en ondanks de aanstekelijke danspasjes en spelletjes met het publiek bleek anderhalf uur hetzelfde ritme herhalen en uitrekken te veel van het goede. Misschien iets voor Pole Pole, maar niet voor Sfinks waar het publiek iets te nuchter is voor uitzinnige leut. Dat moest trouwens ook La Charanga Habanera vaststellen, die voor Extra Musica de festivalgangers plat wilde spelen met haar moderne Cubaanse salsa. Het zat allemaal mooi in elkaar en de Cubaanse salseros speelden, schetterden, dansten en zongen aan een moordend tempo. Tijdens hun concert bleek nog maar eens hoe geïnteresseerd het Sfinkspubliek wel is tegenover andere culturen, zeker wanneer die zich manifesteren als allochtone schoonheden in sexy jurkjes. Uit het publiek gepikt en aangemoedigd door de macho-jongens van La Charanga Habanera demonstreerden zij de nieuwste cintura-dansrage. De mannelijke hormonen van de autochtonen vaarden er alleen maar wel bij. Mooi en leuk, en zeker goed om de avondkilte te verdrijven, maar toch zou dit concert op de Antilliaanse Feesten meer vuurwerk opleveren.

Sfinks bood dit jaar opvallend meer Latijnsamerikaanse muziek en sloot daarmee aan bij de hype rond Cubaanse muziek. Ook de Afrikaanse sfeerscheppers zoals Musica extra en Monique Seka waren in de eerste plaats bedoeld om het wat intellectuele imago van Sfinks bij te schaven. Als een soort bewijs dat Sfinks net zo goed een pretfestival kan zijn als Pole Pole of de Antilliaanse Feesten. Toch blijft het festival zijn kracht en relevantie ontlenen aan al de zijsprongen die er kunnen gemaakt worden. Met welk verwachtingspatroon men ook komt, hoe uitzinnig, ingetogen of nieuwsgierig men ook wil zijn, op Sfinks is er muzikale en culturele bewegingsruimte zat. Dat maakt een bezoek telkens weer een aangename zwerftocht in de wereldmuziek. (CD)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234