Zaterdag 02/07/2022

InterviewSiegfried Bracke

Siegfried Bracke: ‘Regimepers? De coronaberichtgeving, dát was regimepers’

Siegfried Bracke: ‘Er zijn te veel journalisten die uit dezelfde opleidingen komen en op dezelfde manier naar de wereld kijken.’   Beeld Damon De Backer
Siegfried Bracke: ‘Er zijn te veel journalisten die uit dezelfde opleidingen komen en op dezelfde manier naar de wereld kijken.’Beeld Damon De Backer

Sommigen volgen hem geestdriftig, anderen hebben een hekel aan hem, maar onberoerd blijven weinigen bij Siegfried Bracke (69). Daar zal zijn bundel Open het debat! niet veel aan veranderen. ‘Ik ben niet bang van controverse. Integendeel, ik vind dat geestig.’

Bart Eeckhout en Stavros Kelepouris

Waarschuwing: hierna volgt een interview met Siegfried Bracke, oud-VRT-hoofdredacteur en oud-Kamervoorzitter namens N-VA. Voor sommige lezers volstaat die mededeling om de bloeddruk ongezond te voelen stijgen. Zij vinden wellicht elders in de krant andere boeiende verhalen. Alle anderen kunnen vernemen waarom Bracke, volgens zichzelf, zo veel mensen op de zenuwen werkt. En ook waarom N-VA, de partij waarvan het oud-Kamerlid nog altijd ‘trots lid’ is, volgens Bracke nooit met het VB ‘samen een meerderheid’ zal vormen. Maar vooral werd dit een spannend gesprek over ons, de media.

BIO • geboren in Gent op 21 februari 1953 • begon in 1981 bij de toenmalige BRT; stapte er in 1990 over naar de nieuwsdienst, presenteerde onder andere Terzake, De zevende dag en Bracke en Crabbé • was van 2007 tot 2009 hoofdredacteur van de VRT Nieuwsdienst • maakte in 2010 de overstap naar de politiek en N-VA • was naast volksvertegenwoordiger en gemeenteraadslid in Gent ook voorzitter van de Kamer (2014-’19)

Daarover gaat ook een flink deel van Open het debat!, een nieuwe bloemlezing van voornamelijk columns die Siegfried Bracke voor Doorbraak schreef. “Ik zie veel goede dingen in de media, maar ik zie ook te veel pensée unique, te veel clichés die voetstoots worden aangenomen en herhaald”, legt hij uit. “Mensen moeten minder bang zijn voor kritiek of voor tegengestelde meningen.”

U hebt het over ‘de media’, maar eigenlijk ­viseert u vooral de VRT. Waarom?

“Uit liefde. (glimlacht) Omdat ik het Huis het beste ken, maar ook omdat de openbare omroep een bijzondere plek in het medialandschap inneemt. U moet niet bang zijn, ik heb geen ambitie om bij de VRT binnen te wandelen en het eens allemaal te gaan regelen. Het hoeft niet meer, merci. Ik ben een groot, principieel voorstander van een omroep die met publieke middelen wordt betaald. Maar als die omroep niet beter werkt dan de concurrentie, en eigenlijk slechter, dan vervalt een belangrijke reden om al dat belastinggeld daarin te steken. Dat is nu het geval.”

Wat stoort u dan concreet aan de VRT?

“Ik mis diversiteit in de meningen. Ruimdenkendheid. Natuurlijk werken er ook bekwame mensen op de redactie. Ik viseer niet de individuele journalist, wel het gebrek aan sturing. Je merkt dat nog het meest als de omroep zichzelf moet bevragen. Kijk naar de ombudsman. De conclusie van Tim Pauwels is toch telkens dezelfde? ‘Er is wel wat kritiek, dames en heren, maar eigenlijk zijn we goed bezig.’”

Onderzoek leert dat het vertrouwen in de VRT juist toeneemt.

“Ik zie wat ik zie. Neem nu dat debat in De afspraak over de Ultimas-prijs voor Tegenwind (documentairereeks van en met coronacritici en antivaxstemmen, red.). Drie van de vier mensen rond de tafel hebben die documentaire niet gezien, maar ze hebben er wel een uitgesproken mening over. Ik heb niets tegen die mening, maar onderbouw ze dan. Toon mij waar de fouten zitten. Door dat zomaar te laten ­passeren lok je juist mensen naar die documen­taire.

“Dit past in een bredere trend. We zijn nu zover dat er een ernstig, internationaal wetenschappelijk tijdschrift bestaat, The Journal of Controversial Ideas, waarin wetenschappers onder pseudoniem mogen publiceren omdat ze bang zijn voor de reacties van hun collega’s.”

Wat heeft dat te maken met Tegenwind?

“De reactie op de documentaire vertrekt vanuit dezelfde mentaliteit: angst voor tegenspraak. Ik ben ook kritisch voor de inhoud van Tegenwind, maar ik ben er niet bang voor. Die verkramptheid maakt me boos en bedroefd. Journalistiek is zo’n schone stiel, maar je doet dat toch niet om alleen je eigen gedacht te horen echoën?”

Is het verstandig om ruim baan te geven aan manifest onwetenschappelijke beweringen? Dat is toch geen kwestie van ‘debat’?

“Ik ben geen antivaxer, au contraire. Ik was destijds een van de eersten om te pleiten voor verplichte vaccinatie, zodat de onzin kon ophouden. Dat het instituut VRT wordt ingeschakeld om de vaccinbereidheid te bevorderen, vind ik helemaal prima. Maar niet de nieuwsdienst! Die moet zo breed mogelijk informeren, zodat mensen zelf een mening kunnen vormen. Dat is in de coronacrisis flink misgegaan. Professor Stefaan Walgrave, toch een ernstige mens, vergeleek de berichtgeving met Noord-Koreaanse toestanden. Een overdrijving, maar toch!”

In Nederland kregen sceptici een breder ­platform, met als gevolg dat de antivax­beweging er talrijker en agressiever werd.

“En wij vervielen in het andere uiterste. Als ik het heb over ‘de Experts’, dan weet iedereen meteen wie ik bedoel, zonder dat ik hun naam moet noemen. Dat zegt genoeg. Zij waren adviseur en commentator tegelijk. Daar kun je toch fundamentele vragen bij stellen? Expert A adviseert een beslissing, en mag dan vanuit de tv-studio met de duim omhoog of omlaag oordelen over de beslissingen van het Overlegcomité. Die experts begonnen zich te gedragen als politici, ze zetten de krijtlijnen van het beleid uit, met dat verschil dat zij níét verkozen zijn. Als klap op de vuurpijl blijkt dan ook nog eens dat ze hun communicatie met elkaar afstemmen via een besloten WhatsApp-groepje. Daar word ik als democraat dan toch een beetje nerveus van.

“Wijlen Jean-Luc Dehaene (oud-premier CVP, red.) zei altijd dat complotten in de Belgische politiek onmogelijk waren omdat politici niet slim genoeg zijn, met te veel zijn en niet goed genoeg georganiseerd. Wel, hier heb je dus het tegendeel: een klein groepje van sterk verbonden, uiterst intelligente mensen. Marc Van Ranst heeft het zelf uitgelegd, op een lezing in Londen, hoe je in een pandemie de bevolking moet meekrijgen. Hij heeft dat plan tot in de puntjes uitgevoerd. En het enige wat journalisten daarop te zeggen hadden, was: doe maar. Regime­pers? Ik zal dat woord nooit gebruiken. Nooit. Op één uitzondering na: de berichtgeving over corona, dat was regime­pers.”

De experts gaven vaak juist kritiek op de regeringen, en vice versa. Dat werd uitvoerig toegelicht in de media. Hoezo dan ‘regime­pers’?

“Het gaat erover dat je je blik laat vernauwen tot wat vier of vijf experts zeggen. En dat al wie kritiek op hen heeft, meteen scheef wordt ­bekeken. Sam Brokken is één keer op tv geweest met een totaal andere mening, en hij is daarop meteen ontslagen aan zijn universiteit. Ik vraag me nog altijd af welke verboden gedachte die man toen in De zevende dag heeft uitgesproken.”

Voor zover we weten speelden in dat ontslag andere kwesties mee.

“Dan had de universiteit daar best wat transparanter over gecommuniceerd, want de timing was nu wel erg raar. En het gevolg was hoe dan ook: geen Sam Brokken meer in de media.”

We komen uit hoogst onzekere, tragische ­tijden. Is het dan niet wijs om niet te veel journalistieke zijwegen in te slaan?

“Dat klopt, voor de allereerste fase. Toen was het alle hens aan dek. Maar twee jaar later zaten we daar nog altijd met dezelfde vier, vijf experts elke avond op tv. Daarmee werk je in de hand wat je wilt vermijden: extreme polarisatie.

‘Ik moet toegeven dat als ik naar een interview met De Wever kijk, ik ook wel denk: ‘Dju, daar had ik toch nog eens goed op doorgevraagd.’ Beeld Damon De Backer
‘Ik moet toegeven dat als ik naar een interview met De Wever kijk, ik ook wel denk: ‘Dju, daar had ik toch nog eens goed op doorgevraagd.’Beeld Damon De Backer

“Het was te eenzijdig. Dat vonden ze op de nieuwsdienst zelf trouwens ook, zo lees ik toch in het boek van Luc Pauwels (‘Journalistiek in tijden van fake news’, red.). Er is op de redactie heftig gediscussieerd over het feit dat altijd dezelfden aan het woord kwamen. Maar daar is niks mee gebeurd. Merkwaardig. En zo ontstaan complottheorieën, zoals van mijn oud-collega Peter Verlinden, die meent dat er contacten zijn geweest tussen politiek en nieuws­directies of redacties over de corona­berichtgeving.”

Daarover kunnen we formeel zijn. De hoofdredactie van De Morgen heeft nooit een ­consigne vanuit de politiek of de directie ­gekregen.

“Ik geloof je. Maar ik zou zo’n consigne ook nooit aan de hoofdredacteur van De Morgen geven... Wat een compliment is.” (lacht)

Bedankt, maar het is wat makkelijk. Zo streng als u bent voor de VRT, zo meegaand bent u met de complottheorieën van Peter Verlinden, iemand die zelfs niet over de lippen krijgt dat coronavaccins nuttig zijn.

“Ik heb Peter Verlinden niet nodig om kritisch naar de VRT te kijken. Op de redactie waren wij destijds geen vrienden, en nu nog niet. Ik heb geen idee in welke kringen hij vertoeft, en het interesseert mij ook niet.

“Ik val terug op John Stuart Mill: je moet niet bang zijn van foute meningen, je moet ze weerleggen. De mechaniek is perfide. Mensen worden eerst geweigerd omdat ze foute gedachten hebben. Als ze dan elders via minder gangbare mediakanalen toch hun mening geven, wordt het gebruik van die ‘foute’ media een extra ­argument om hen te weigeren. Ik lees nu dat er een nieuwe politieke partij ‘Vrijheid’ is opgericht. Waarom hoor ik daar niets over in de ­reguliere media?

Zou u ze uitnodigen in De afspraak?

“Waarom niet? Ze moeten geen abonnement krijgen zoals de dertig andere gasten in De afspraak, maar één keertje zou ik wel interessant vinden. Mensen die de maanlanding ontkennen of beweren dat de aarde plat is, daar moet je van wegblijven. Maar over de wetenschappelijke basis van het coronabeleid kun je wél debatteren, en ik word wat bang van de mensen die zeggen dat dat niet mag. Dan zit je bij het Journal of Controversial Ideas.”

De partij Vrijheid is mede opgericht door een man die pleit voor executies voor virologen, tribunalen voor journalisten, en openbare doodstraffen. Vanavond in De afspraak dan maar?

“Nogmaals, één keer, meer niet.”

Dezelfde man beweert dat de overheid de angst voor het virus gebruikt om de bevolking onder de knoet te houden. Wat is het verschil met mensen die beweren dat de ­aarde plat is?

“De graad van zichtbare aannemelijkheid. Als je boven de aarde vliegt, zie je gewoon dat ze rond is. Over een virale pandemie is er een ­ruimere discussiemarge. Ik wil gerust alles ­bestrijden wat die partij beweert, maar als je ze een keer aan het woord laat, trek je de angel eruit. Dan toon je dat er niks te zien is in het konijnenhol.”

Of je verlaagt de drempel naar het konijnen­hol...

“Dat geloof ik niet. Dat is de les die we geleerd hebben uit de omgang met het Vlaams Blok destijds. De toenmalige VRT had een heuse ‘beginsel­verklaring’ over de omroep en de democratische samenleving. Het VB werd gebannen, behalve in programma’s van de nieuwsdienst. En ook daar kwamen ze maar uiterst sporadisch aan bod. Frank Vanhecke, de toenmalige VB-voorzitter, ging daar uiterst galant mee om. Bij aanvang zei hij met de glimlach: ‘Blij dat ik hier nog eens mag zitten’, en ik wist: hop, weer 10.000 stemmen erbij.”

Onderzoek toont nochtans aan dat er een correlatie is tussen het in toom houden van uiterst rechts en een cordon médiatique, ­zoals in Franstalig België.

“Ik ben niet overtuigd. Het cordon médiatique is geprobeerd, ook in Vlaanderen, en het is spectaculair mislukt. Politicologie is een bijzondere vorm van wetenschap. Toen wij destijds bij de VRT begonnen met De grote stemtest, werkten we eerst alleen samen met de UA. Meteen regende het methodologische bezwaren en wetenschappelijke kritiek... van de andere universiteiten. Toen hadden we het simpele idee om bij de volgende editie alle uniefs te betrekken. We deden juist hetzelfde, maar alle kritiek verstomde. Curieus hè.” (glimlacht)

Ook vóór corona was u al kritisch over de VRT. Ligt de klacht dat u te veel linkse stemmen zegt te horen ook niet aan het feit dat u zelf naar rechts bent geschoven?

“Het gaat veel ruimer dan de links-­rechts­tegenstelling. Het gaat mij om wat de huidige baas van de BBC bij zijn aantreden heeft gezegd over het belang van onpartijdigheid. Ook bij de VRT krijg ik te veel een wereldbeeld dat, in de woorden van die man, te veel geschapen is “by a particular perspective”. Er zijn te veel journalisten die uit dezelfde opleidingen komen en op dezelfde manier naar de wereld kijken. Als iedereen hetzelfde denkt, wordt er niet veel meer nagedacht.”

De VRT waar wij naar kijken, lijkt juist hyper­correct te anticiperen op dat verwijt. Als Bart De Wever in Terzake of De afspraak zit, wordt hij vaak wat coulanter behandeld dan zijn collega’s, wellicht uit angst dat er anders weer gedonder van komt.

“Hmm, ik moet toegeven dat als ik naar een interview met De Wever kijk, ik ook wel denk: ‘Dju, daar had ik toch nog eens goed op doorgevraagd, als ik daar gezeten had.’ Niet dat ik daar nog enige ambitie toe heb.” (glimlacht)

U vindt het adresboekje van Terzake en De afspraak veel te klein. Is dat niet de consequentie van de journalistiek die u zelf op de kaart hebt gezet? Breed toegankelijk, met herkenbare en voorspelbare gezichten met een vlotte babbel...

“Je moet alles in zijn tijd bekijken. In de eerste helft van de jaren 90 was de VRT op sterven na dood. Wij moesten ons toen losmaken van een totaal verkeerd begrepen intellectualisme. Politiek, dat ging toen over de Koude Oorlog... Dat interesseerde de mensen geen fluit. Daar moesten we iets aan doen. Dus werden auto-ongelukken plots wél deel van het nieuws. Voor sommigen was dat het begin van het ­einde.

“Ik geef toe: we zijn echt wel hard gegaan in die vernieuwing. Op de redactie hingen zelfs pamfletten tegen die befaamde Bracke en Crabbé (politieke tv-show in de aanloop naar de verkiezingen van 2000 en 2003, red.). En toen ik De ochtend hervormde in 2007, hingen er wéér pamfletten. Er waren er toen die riepen: ‘Daar doe ik niet aan mee!’ Niet mee inzitten, zei ik: we zullen het zonder u doen. (lacht)

‘Ik ben zeer gematigd in mijn handelingen, maar in mijn spreken 
en mijn gedachten buitengewoon provocatief. Ik kan niet anders.’ Beeld Damon De Backer
‘Ik ben zeer gematigd in mijn handelingen, maar in mijn spreken en mijn gedachten buitengewoon provocatief. Ik kan niet anders.’Beeld Damon De Backer

“Maar dat was toen. Vandaag is de situatie anders. Een paar maanden geleden is een jongetje van vier vermoord, net over de grens met Nederland. Ik heb de klok erbij genomen: 23 minuten lang ging het in Het journaal daarover, op in totaal 40 minuten uitzending. En het laatste kwartier heb ik niets gehoord dat ik daarvoor nog niet wist. Sorry, dat is emotioneel gehijg. En dat jaagt de mensen ook weg.”

De vraag was: is dat geen monster dat u zelf hebt gecreëerd?

“Heb ik een aandeel in die geschiedenis? Ja, dat is zo. Maar de tijden zijn veranderd. Onlangs vroeg de krant NRC aan een kind wat het Journaal is. Zijn antwoord: dat is ’s avonds, en dan lezen ze voor wat al de hele dag op het internet staat. (lacht) Dat is het probleem. De VRT moet veranderen. Waar zit die hoofdredactie?”

Begin er maar aan. Als de VRT bekende ­koppen uitnodigt, begint meneer Bracke te ­tweeten. Als ze het moeilijker maken, zakken de kijkcijfers en zal de partij van meneer Bracke dat aangrijpen om de dotaties te ­verlagen.

“Ach, ach... de partij van meneer Bracke is al lang tevreden als er in de beheers­overeen­komst met de VRT op de eerste bladzijde een keer of drie, vier het woord ‘Nederlands’ voorkomt. De N-VA zou best wat meer durf mogen tonen over de openbare omroep. De VRT stond te bibberen bij de vorming van de regering-Jambon. Wat bleek? Ze zijn nog nooit zo goed bediend geweest. Ik heb ooit eens bij wijze van proef een beheersovereenkomst gemaakt, niet meer dan zes bladzijden lang. Ik kan u verzekeren: dat was andere koek.”

Hoort u Bart De Wever soms nog?

“Af en toe, niet dikwijls. Ik was in 2019 niet meer verkozen, en ik heb toen een lijn getrokken – ik was ook al bijna 67. Ik heb heel bewust de keuze gemaakt om niet nog vijf jaar in het partijbestuur te gaan zitten. Vanaf dan ben ik een geëngageerd toeschouwer geworden. Maar N-VA is nog altijd mijn partij.”

Is de waarheid niet dat u bij de lijstvorming in Gent op een zijspoor bent geduwd?

“Ik heb zelf beslist dat ik al dat gezever achter mij zou laten. Maar een partij is natuurlijk geen vriendenkring. De problemen waren reëel, dat ga ik niet ontkennen.”

Waar leidt de toekomst heen voor N-VA?

“Moeilijke vraag, omdat je én in België én in Vlaanderen te maken zal krijgen met onbestuurbaarheid. Vivaldi-­toestanden, kortom, maar dan ook in Vlaanderen. Ik hou geen ­rekening met een coalitie met Vlaams Belang, omdat ik die onmogelijk acht. Het gevolg is dat je met anderen in het bootje moet, en dan zal het krabben worden om – in Vlaanderen – met drie partijen overeen te komen. Dat is niet ­makkelijk, en het zorgt ervoor dat beleid moeilijk te voeren valt. Dat is een fundamenteel ­probleem.”

U zegt nogal vlot dat een coalitie met het VB geen optie is.

“Die partijen zijn zo verschillend dat die combinatie voor onbestuurbaarheid staat. Je krijgt het inclusieve migratiemodel van N-VA niet in het exclusieve model van Vlaams Belang gepast. En Vlaams Belang kan dat niet laten vallen, want dat is hun corebusiness. Stel je voor dat een VB’er zegt: ‘Bon, we hebben dat wel gezegd van die vreemdelingen, maar is dat nu écht nodig?’ Dat gaat toch niet?”

Heeft zo’n coalitie meer kans op slagen als Bart De Wever geen voorzitter meer is?

“Neen. De Wever kan zich vast wel vinden in wat ik hier zeg, maar er zijn nog veel anderen die er zo over denken. Met dat soort toestanden valt de partij uiteen. En dat wil De Wever absoluut niet – hij heeft dat al eens meegemaakt met de Volksunie. Dat blijft een trauma. Met zo’n coalitie kan ik mij bijvoorbeeld moeilijk voorstellen dat founding father Geert Bourgeois een N-VA’er blijft. Zoals Geert kan ik er tientallen opnoemen.”

Blijft u dan N-VA’er?

(denkt na) “Ja, uiteindelijk wel. Al was het maar om nog eens terug te gaan naar een vergadering waar ik nu niet meer kom, om nog eens mijn gedacht te zeggen. Si tous les dégoûtés s’en vont, il n’y a que les dégoûtants qui restent.”

U bent een mens die makkelijk weerstand oproept. Hebt u daar zelf een verklaring voor?

“Meer dan één zelfs. (glimlacht) Ik ben niet bang voor controverse. Ik vind dat eigenlijk zelfs nuttig én geestig. De aard van het beestje. Ik ben zeer gematigd in mijn handelingen, maar in mijn spreken en mijn gedachten buitengewoon provocatief. Ik kan niet anders.

“In Vlaanderen leeft er een vorm van parochiale afgunst – zeker bij de VRT. Ik zat én bij de verkeerde partij, én ik maakte plots ‘carrière’. Niet iedereen was daar blij om. Churchill zei daarover: als je vijanden hebt, betekent het dat je ergens voor staat.”

... of dat je een ruziemaker bent.

“Dat ben ik niet. Maar ik provoceer wel, dat is waar. Dat móét ook tot op zekere hoogte.”

Hoeveel rancune zit er in uw voortdurende kritiek op de VRT?

“Kijk, dat is nu zo’n typisch Tim Pauwels-argument: ach, die Bracke, dat is rancune. Dat is gewoon op de man spelen, en het is niet waar. Al heb ik intussen geleerd dat ik dat niet te veel moet zeggen. Hoe meer je het zegt, hoe minder men het gelooft.”

Siegfried Bracke, Open het debat!, Ertsberg, 240 p., 24,50 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234