Woensdag 28/09/2022

Singer-songwriter Jim White over een leven vol zwarte sneeuw Terug uit het schimmenrijk

Soms ontvouwt het leven zich als een roman waarvan de verhaallijn aan een iets te zware dobber is bevestigd. Country-noir-artiest Jim White kan ervan meespreken. Vóór Talking Head David Byrne hem een platencontract toeschoof, trachtte hij vergeefs de kost te verdienen als fotomodel, schrijver, cineast, taxichauffeur en surfplankenfabrikant. Zijn jeugd werd getekend door godsdienstwaanzin en chemisch opgewekte hallucinaties, maar op zijn vierenveertigste staat hij voor een nieuw begin. Een gesprek dat in Brussel begon en, dankzij de wonderen van het internet, een transatlantisch staartje kreeg.

DIRK STEENHAUT / FOTO ALEX VANHEE

'Showbizz sho ain't what it seems'

Met Wrong-Eyed Jesus, zijn spookachtige debuut, veroverde de Amerikaan Jim White vier jaar geleden meteen een plekje tussen Tom Waits en Neil Young. De plaat werd met extatische kritieken overladen, maar de zanger werd er niet gelukkiger van.

"Als je plaat niet verkoopt, maakt het niet uit dat iedereen je fantastisch vindt", zucht hij. "Mijn vriendin was hoogzwanger en aangezien ik niet eens de ziekenhuiskosten voor de bevalling kon betalen, vond ze dat ze niet langer met mij kon leven. Ten einde raad trok ik op een dag naar de supermarkt met een stapeltje recensies waarin ik als een genie werd bestempeld. Toen ik bij de kassa kwam, zeiden ze: 'Sorry sir, hier kunt u enkel met dollars terecht.' Dat was nogal ontnuchterend. Vier jaar lang was ik onafgebroken op tournee geweest en nog bezat ik geen cent. Integendeel, bij mijn bank stond ik zo'n 35.000 dollar in het rood. Dus, toen mijn dochter geboren werd, was ik zo wanhopig dat ik op het punt stond voorgoed uit de muziekbusiness te stappen. Ik kon mijn kind toch niet laten verhongeren omdat ik zo ijdel was per se de artiest te willen uithangen? Maar enkele dagen voor het ter wereld kwam, kreeg ik telefoon uit Hollywood: ze wilden een van mijn liedjes gebruiken in Home Fries, een film met Drew Barrymore. Na een kwarteeuw aanmodderen leek het lot me eindelijk gunstig gezind. Het voorschot dat ik kreeg van de muziekuitgever was net hoog genoeg om mijn schulden te betalen."

White verzoende zich met zijn vriendin, nam zijn dochter in zijn armen en besefte dat zijn leven nooit meer hetzelfde zou zijn. "Tot dan toe had ik nooit veel belang gehecht aan geld of materiële dingen. Zelfs toen ik in New York op straat leefde en uit vuilnisbakken at, stond ik zelden bij mijn armoede stil. Maar als ouder heb je voor je kind toch een ander soort toekomst voor ogen."

'If it ain't got a beat, they won't put you on the street'

Dankzij de gulheid van Andrew Hale, toetsenman bij Sade, en de muzikanten van Morcheeba die hem productionele hulp en studiotijd aanboden, was Jim White alsnog in staat een nieuwe plaat op te nemen, waarop zijn fucked up roots music geactualiseerd werd met hiphopbeats en geprogrammeerde elektronica.

"De muziek is slechts de lijst voor het schilderij dat ik in mijn teksten bij elkaar borstel", vertelt de zanger. "Mijn eerste plaat was voor mij als een innerlijke reis, terwijl ik met mijn nieuwe de grenzen van de uiterlijke wereld aftast. Je kunt niet eeuwig tegen jezelf blijven praten. Op een bepaald moment moet je, met de codes die je hebt ontwikkeld, ook anderen zien aan te spreken en hopen dat je begrepen wordt. De mensen met wie ik No Such Place heb gemaakt vormen een bont allegaartje, maar ach, ik raak zelden geïnspireerd door muzikanten die precies zijn zoals ik. Het is veel spannender in zee te gaan met lieden die je absolute tegenpolen zijn. Als morgen een Beierse tubaband met mij aan de slag wil, hap ik meteen toe, alleen al omdat het resultaat niet te voorspellen valt. Niets is zo saai als een artiest die zich voortdurend herhaalt."

Hoewel de songs van Jim White donkere trekjes vertonen, is hun teneur overwegend optimistisch. De zanger huldigt immers de overtuiging dat je het geluk pas ten volle kunt appreciëren als je veel zwarte sneeuw hebt gezien.

"Alles staat in het teken van de verlossing, ja. Ten tijde van mijn eerste cd zat ik aan de rand van de afgrond. Ik liep met zelfmoordplannen rond, kon geen enkele reden bedenken om in leven te blijven, behalve dat het mensen pijn zou doen als ik eruit zou stappen. Niet zo'n beste motivatie om door te gaan. (brede grijns) Toen ik 'A Perfect Day to Chase Tornados' schreef, trachtte ik mezelf er dus van te overtuigen niet uit de wereld weg te vluchten, maar er juist deel van te worden. Wel, op No Such Place vier ik mijn vertrek uit het schimmenrijk en mijn terugkeer naar het mensdom.

"Voor alle duidelijkheid: mijn echte naam is Mike Pratt en in het werkelijke leven draag ik nooit een cowboyhoed. Jim White is slechts een verzonnen personage, een vehikel voor de ideeën of gevoelens die ik aan de openbaarheid prijs wil geven. Het gekke is dat ik al die jaren, in mijn eigen ogen, weinig meer was dan een geest en dat ik, door een fictieve figuur in het leven te roepen, plots écht ben geworden. Die paradox verwart me een beetje. Voor het eerst in mijn leven heb ik het gevoel dat ik ergens thuishoor. Het is alsof ik, net als de Israëlieten, na veertig jaar in de wildernis afsteven op het Beloofde Land. Ik besef wel dat ik, zeker in mijn privé-leven, nog een hoop obstakels moet overwinnen. Maar ik ben tenminste niet langer een outsider."

Ten tijde van Wrong-Eyed Jesus schreef White al voornamelijk over marginalen en schaduwfiguren: een predikant die vrouwen vermoordt, een meisje dat door haar vader en ooms seksueel wordt misbruikt. En, toeval of niet, ook op No Such Place staat een song over een incestslachtoffer, dat het onrecht dat haar is aangedaan wreekt door systematisch haar minnaars om te brengen.

"Onlangs las ik de biografie van Aileen Wuornos, een vrouwelijke seriemoordenaar die veertien mannen van het leven had beroofd. Wist je dat er in de voorbije tweehonderd jaar in de VS slechts zevenendertig vrouwelijke serial killers werden geregistreerd, terwijl er momenteel honderden mannelijke seriemoordenaars rondlopen? Daaruit kun je slechts een ding afleiden: vrouwen uit gebroken gezinnen, die tijdens hun jeugd misbruikt zijn geweest, nemen op een andere manier wraak dan mannen. Vrouwen zijn emotionele seriemoordenaars. Ze doden niet lichamelijk maar geestelijk: ze hebben het op je hart gemunt."

Incest en religieus fanatisme staan niet alleen centraal in 'Wrong-Eyed Jesus', een kort verhaal van Jim White dat werd afgedrukt in het boekje bij de gelijknamige cd, het zijn ook vaak terugkerende onderwerpen in de romans van William Faulkner, Flannery O'Connor en Erskine Caldwell. Zoekt White bewust aansluiting bij de mythe van het Amerikaanse Zuiden?

"Het is geen toeval dat je nooit een bord zult tegenkomen met het opschrift Welcome to the South", grinnikt hij. "Het is een mythische plek - veeleer een sfeer dan een concrete plaats. Maar als je een sint-bernardshond meeneemt naar de Bible belt, is de kans wél groot dat hij dol wordt van de hitte. Volgens mij is de mentaliteit die door Flannery O'Connor wordt beschreven gewoon een menselijke variant op die 'hondendementie.' De meeste zuiderlingen zijn ingeweken uit Europa; hun lichaam is klimatologisch niet aangepast aan de hoge temperaturen in de streek. Dat leidt tot een vorm van waanzin die uitmondt in bijgeloof, maar ook in opvliegend gedrag, verkrachting, moord en andere uitingen van gewelddadigheid. Het verschroeiende klimaat van het Amerikaanse Zuiden leunt nauw aan bij dat op het Afrikaanse continent. Misschien verklaart dat waarom zwarten zich er veel meer op hun gemak voelen dan blanken."

'I'm traveling faster than the speed of regret'

De grens tussen werkelijkheid en fictie is in Jim Whites songs vaak bijzonder vaag. De man groeide dan ook op in Pensecola, een stad in Florida waar de pinksterbeweging heer en meester is. De bevolking gelooft er in miraculeuze genezingen en het aantal kerken per inwoner is er het grootst in de Verenigde Staten.

"Het bovennatuurlijke maakt er deel uit van het dagelijks leven", zegt White, die op zijn zevende in de greep raakte van het fundamentalistische christendom. "Als kind werd ik voortdurend blootgesteld aan de dogmatische doctrines van de pinksterkerk. Maar zodra ik merkte hoeveel onheil dat rigide fanatisme kon aanrichten, keerde ik me ervan af en zocht ik soelaas in speed of andere drugs. In Pensecola leek het alsof er slechts twee mogelijke wegen te bewandelen vielen: die van de criminaliteit of die van Jezus. Hoezeer ik ook mijn best deed me in de plaatselijke geloofsgemeenschap te integreren, ik hield er alleen maar mentale problemen aan over. Iedereen beschouwde me als een buitenbeentje."

White ventileert zijn religieuze twijfels in het hilarische 'God Was Drunk When He Made Me'. "Noem het maar een existentialistisch lied. Dostojevski zei ooit dat er zonder God geen wet bestaat. Wel, bij het begrip God denk ik aan twee dingen: de God die door mensen is uitgevonden en dus heel erg op hen gelijkt, en de ware God, waar ik me geen voorstelling van kan maken. Het staat wel vast dat de 'verzonnen' God er een zootje van heeft gemaakt. Zo werd de God waar ik tijdens mijn jeugd mee te maken kreeg, door zijn vertegenwoordigers misbruikt om aanslagen op abortusklinieken te vergoelijken. Dezelfde God die een honkbalspeler een wedstrijd helpt te winnen, laat in Bosnië of Rwanda onschuldige kinderen afslachten. Ik denk niet dat de echte God, mocht hij al bestaan, zoiets zou toelaten.

"Omstreeks mijn twintigste kreeg ik wat ze in Pensecola een hallelujah breakdown noemen: een zenuwinzinking veroorzaakt door een geloofscrisis. In die periode verloor ik enkele van mijn vrienden aan de drugs, ging de zakenpartner met wie ik een kleine surfplankenfabriek runde er met al het geld vandoor, bedroog mijn toenmalige vriendin me met de kerel die achter mij zat in de kerk en stierven mijn zeven katten een voor een een vreselijke dood. Mijn leven was zo'n puinhoop dat ik op het punt stond er een eind aan te maken, maar gelukkig trad mijn zus K.T. op als reddende engel. Ze stond erop dat ik bij haar introk in New York en aangezien ze een paar mensen uit de modewereld kende, opperde ze dat ik misschien aan de slag kon als fotomodel. Het leek me een bespottelijk idee: ik was een vrij ascetisch type dat, bij wijze van spreken, nog nooit in de spiegel had gekeken. Maar aangezien ik op alle terreinen was mislukt, bedacht ik dat ik net zo goed iets kon gaan doen dat helemaal haaks stond op mijn natuur.

"Door een bizarre samenloop van omstandigheden kwam ik bij een toonaangevend modellenbureau terecht en kreeg ik zelfs opdrachten voor Vogue. Vervolgens werd ik naar Italië gestuurd, waar ik nauwelijks aan de bak kwam en op een haar na verhongerde. Ik wilde naar huis, maar had geen geld voor een vliegtuigticket en zonk weg in een diepe depressie. Met de hulp van enkele vrienden vond ik uiteindelijk mijn weg naar kleinere modemarkten, zoals Düsseldorf, Zurich en Brussel. Maar de glamour van het wereldje - de disco's, de cocaïne, het losbandige seksleven - ging totaal aan me voorbij. Ik sloot me op, las veel boeken, dacht na, schreef af en toe een song. Tegelijk vroeg ik me af waarom ik op de wereld was gezet en hoe het kwam dat ik me zo ontheemd voelde. De beau monde meed me alsof ik een besmettelijke ziekte had. Het was een verdomd eenzame tijd."

Uiteindelijk slaagde Jim White erin een beurs te versieren voor de filmacademie in New York. Terwijl hij in zijn levensonderhoud voorzag als taxichauffeur, draaide hij dertien korte films en een langspeelfilm, een ervaring die hem een visuele schrijfstijl deed ontwikkelen en hem leerde beelden in woorden om te zetten. Een vriend aan wie hij zijn songs voorspeelde, zei hem: 'Er zitten interessante ideeën in, maar wat ontbreekt is een context die er de nodige diepgang aan kan geven.' White nam die kritiek ter harte, bedacht 'Still Waters' en 'A Perfect Day to Chase Tornados', en plots kwamen zijn personages echt tot leven.

'Life's a highway that you travel blind'

In 'Christmas Song' verstaat Jim White de kunst tegelijk triest, hoopvol en sarcastisch te klinken. Het is kerstdag, de ikfiguur heeft net gebroken met zijn levensgezellin, neemt een Greyhound-bus naar een bestemming die buiten het bereik van zijn herinneringen ligt, strandt door een panne op tien mijl van het busstation en troost zich met de gedachte: "Damn, what good fiction I will mold from this terrible pain."

"Geen geluk zonder pijn en geen gratie zonder verlies", zegt de zanger gelaten. "Niemand kan alle dimensies van de liefde begrijpen, tenzij hij ooit iemand heeft verloren die hem dierbaar is. Ik ben ervan overtuigd dat ellende je bepaalde inzichten kan verschaffen. Maar je moet ze ook weer niet bewust gaan opzoeken, want dan wordt het pervers."

Als de liedjes op No Such Place al één allesoverheersend gevoel gemeen hebben, dan is het aanvaarding. White beseft dat de dingen buiten ons om gebeuren en we ons alleen maar kunnen laten drijven op de golven van het noodlot. "You gotta go at God's speed", zingt hij ergens. "Ja, maar daarvoor moet je eerst een hoop psychologische ballast afgooien en een soort lichtheid verwerven, door je over te geven aan de mysterieuze schoonheid van de dingen en je neer te leggen bij het paradoxale karakter ervan."

Een vaak terugkerend motief in het werk van Jim White is blindheid en de daarmee verbonden suggestie dat onzekerheden het leven opwindender maken. "Saint-Exupéry had het in dat opzicht over ons aangeboren talent om juist de dingen die essentieel zijn over het hoofd te zien", lacht de zanger.

En zo krioelt het op No Such Place van de gevatte oneliners en tot de verbeelding sprekende metaforen. In 'Corvair' is een autowrak synoniem met een vergooid leven; elders wordt de menselijke geest afwisselend vergeleken met een spookstad en een kerkhof waar de stoffige resten van een verleden worden opgegraven.

"Als je het leven fictionaliseert, zoals de meeste kunstenaars doen, moet je eerst enkele bakens uitzetten", legt Jim White uit. "Twintig jaar lang zijn mijn artistieke uitgangspunten zo persoonlijk geweest dat geen mens er iets in herkende. Maar op een dag stuitte ik op een reeks referenties - het Amerikaanse Zuiden, Jezus, auto's, het bovennatuurlijke - die blijkbaar universeel genoeg zijn om ook bij het publiek een gevoelige snaar te doen trillen. Daar ben ik blij om, want zo vind ik uiteindelijk toch nog een plek waar ik met anderen van gedachten kan wisselen. En hoef ik niet langer in de duisternis tegen mezelf te fluisteren."

Discografie: Gimme 5 EP (1997); Wrong-Eyed Jesus (1997); No Such Place (2001). Al deze platen zijn uit op Luaka Bop en worden gedistribueerd door Virgin. Jim White concerteert op vrijdag 4 mei in de Brusselse Botanique.

'Ellende kan je bepaalde inzichten verschaffen'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234