Woensdag 06/07/2022

Sluitertijd voor Irving Penn (92)

BRUSSEL

Het is een herfst met een rouwrandje voor de fotografie. Een maand geleden overleed de Franse grootmeester Willy Ronis op honderdjarige leeftijd, en gisteren was het de beurt aan de Amerikaan Irving Penn. ‘Het voelt als het einde van een tijdperk’, zegt De Morgen-fotograaf en Penn-fan Stephan Vanfleteren. ‘Er zijn nu bijna geen 20ste eeuwse fotografie-iconen meer over.’

Penn, afkomstig uit Philadelphia en de oudere broer van filmregisseur Arthur Penn, stond vooral bekend als modefotograaf. Hij begon zijn loopbaan in 1943 bij het tijdschrift Vogue, waarvan hij zo’n 150 keer de cover zou sieren. Later maakte hij reportages voor de modemerken Clinique en Chanel. Maar net als collega en tijdgenoot Richard Avedon ontwikkelde Penn zich mettertijd tot een all-round fotograaf, die op tal van terreinen uit de voeten kon, en wiens werk tot de kunst werd gerekend. Hij maakte iconische portretten van beroemdheden als Picasso, Miles Davis en Truman Capote, maar schoot ook een schitterende serie over ‘petits métiers’: bakkers, slagers en visverkopers. Beroemd werden ook zijn voedselstillevens, die verschenen op de culinaire pagina’s van Vogue. De constante afwisseling prikkelde zijn verbeelding, zei hij zelf eens in een interview. Hij herinnerde zich een perfecte week in 1950 waarin hij zowel beeldhouwer Alberto Giacometti, een paar Franse slagers en een groep modellen in de laatste Parijse couture vastlegde. Penn bleef daarbij consequent trouw aan zijn strakke, minimalistische stijl, zegt Vanfleteren: “Welke periode en welk onderwerp je ook neemt: een Penn is een Penn, dat zie je meteen.” De fotograaf ging dan ook vrijwel altijd op dezelfde wijze te werk. Hij isoleerde zijn onderwerpen, gebruikte nauwelijks rekwisieten en besteedde nauwgezet aandacht aan het afdrukproces. Ook werkte hij vrijwel altijd in de studio met daglicht. Zelfs als hij op reis ging naar landen als Peru en Marokko nam hij een zelfgebouwde mobiele studio mee. Over het perfectionisme van Penn doen legendarische verhalen de ronde. “Als hij een citroen wilde fotograferen”, zei een voormalige Vogue-redacteur in 1990 tegen Vanity Fair, “dan moest je eerst 500 citroenen kopen zodat hij het perfecte exemplaar kon uitzoeken. Daarna moest hij 500 opnames maken van die citroen tot hij het perfecte plaatje had.” Ook op het gebied van techniek kon Penn eindeloos blijven experimenteren. Zo bleekte hij de prints voor een serie naaktportretten, waardoor de vrouwenlijven er hard en ruw uit kwamen te zien. In de jaren 60 leerde hij zichzelf om zijn foto’s af te drukken met een ouderwetse techniek waarbij gebruik werd gemaakt van platina in plaats van zilver. Met deze tijdrovende techniek zou hij dertig jaar lang blijven werken. Penns arbeid wierp zijn vruchten af, want zijn foto’s bleven in de loop der jaren hun schoonheid en waarde behouden. Veel ervan werden aangekocht door musea en galeries, of voor grote bedragen verkocht op veilingen. Niettemin bleef hij zelf altijd de bescheidenheid zelve. Op openingen verscheen hij steevast gekleed in sneakers en jeans, en vergezeld door zijn eigen vrouw: het voormalige Zweedse model Lisa Fonssagrives. Ook dat laatste aspect beviel Vanfleteren: “Het leek me een hele vriendelijke, zachtaardige man. Niet zo’n hippe, cokesnuivende fotograaf.” Over Penns erfenis maakt Vanfleteren zich geen zorgen: “Zijn werk blijft. Mensen van dit niveau - Penn, Richard Avedon, Diane Arbus, Helmut Newton - zullen altijd blijven inspireren.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234