Zaterdag 13/08/2022

Terroir is niet zaligmakend

De Franse wijnindustrie beleeft duidelijk zeven magere jaren. Ooit onaantastbaar en hors concours, nu het voorwerp van scherpe, wereldwijde concurrentie en kritiek. Zelfs het terroir, hoeksteen van de wijnreputatie, is niet meer heilig.

Frank Van der Auwera

Franse wijnmakers en -marketeers claimen al decennia dat precies hun unieke terroirs - tevens de grondslag voor hun systeem van beschermde appellations - ervoor zorgen dat hun cru's eigenlijk niet te imiteren zijn. Ze argumenteren dan meestal dat tegenwoordig 'technisch' inderdaad overal ter wereld wel mooie wijn kan worden geproduceerd, maar dat die producten dan wel het 'terroireffect' ontberen. Effect dat maakt dat die wereldwijnen complexiteit, diepgang en finesse missen vergeleken met hun Franse evenknieën.

Larie, beweren nu twee onderzoekers, Olivier Gergaud van de Université de Reims en Victor Ginsburgh van onze eigen ULB. Dat dynamische duo heeft namelijk geprobeerd om het belang van de terroirfactor te kwantificeren, in combinatie met een aantal andere parameters. Hun conclusie is een klap in het gezicht van veel Franse wijnmarketeers: de ingezette vinificatietechnologieën zijn doorslaggevender voor de kwaliteit van een (grote) wijn dan zijn terroir, die mysterieuze mix van bodemtypes, waterhuishouding, microklimaat en topografie.

Om die toch nog altijd controversiële stelling hard te maken verzamelde het onderzoeksteam duizenden gegevens over zowel de omgevingscondities als de wijnmaaktechnieken in het referentiejaar 1990 in wijngaarden van de Haut-Médoc. Op basis van die data vergeleken ze statistisch de terroirfactoren en wijnmaakfactoren voor zo'n honderd wijngaarden uit die appellations, waaronder grote jongens als Château Mouton-Rothschild, Latour, Lafite-Rothschild en Margaux. Die gegevens werden dan op hun beurt gekoppeld aan de prijsniveaus die sommige oogstjaren haalden op de wijnmarkt én aan de proefscores die o.a. door Robert Parker aan de desbetreffende wijnen werden gegeven.

Volgens de onderzoekers was hun databestand overduidelijk: het effect van 'het terroir' is - althans in de Médoc - verwaarloosbaar vergeleken met het effect van de gebruikte vinificatietechnieken.

Gergaud en Ginsburgh zijn overigens niet de eerste wetenschappers die een aantal mythes over het terroir ontkrachten. Begin jaren tachtig zette ook de bodemwetenschapper Gérard Seguin kwaad bloed bij de Franse wijnindustrie. Hij onderzocht toen de beste Bordelaise cru's en concludeerde dat ze op terroirvlak een belangrijke overeenkomst vertoonden: hun bodems bezaten de capaciteit om de watervoorraad prima te reguleren, vooral tijdens de cruciale rijpingsfase van de druiven. De chemische bodemsamenstelling - nochtans een van de bouwstenen in de AOC-filosofie - heeft volgens Seguin geen enkele invloed op de uiteindelijke wijnkwaliteit. Integendeel, zo beweerde hij, er kunnen voortreffelijke wijnen worden geproduceerd op zowel zure, alkaline- als eerder neutrale bodems, en zelfs op bodemtypes die nogal rijk aan voedingselementen zijn, op voorwaarde dat de wijnstokken voldoende diep wortelen. Want een wingerd die moet 'werken voor de kost' is een voorwaarde voor sterk druivenmateriaal. Vreemd genoeg verzamelde de studie van Seguin snel stof.

Maar terug naar recent studiewerk, ditmaal over een totaal andere kwestie: het Parker-prijseffect. Wijngoeroe Robert Parker is al minstens vijftien jaar lang een trend in zijn dooie eentje. Ook al worden zijn scores steeds vaker gecontesteerd, toch bepalen ze in grote mate het commerciële succes van een nieuw oogstjaar - zeker in sterappellations als Bordeaux en Bourgogne - omdat er na een topscore meteen een wereldwijde toeloop ontstaat naar deze flessen. Die dan schaars én (nog) duurder worden. Maar tot nu toe was het nattevingerwerk om uit te maken hoe groot die impact wel is. Een onderzoeksteam rond INRA-economist Michel Visser becijferde onlangs dat een sterke proefscore in de nieuwsbrief The Wine Advocate van Robert Parker de marktprijs van een Bordeaux tot 15 procent (of gemiddeld 2,80 euro per fles) kan aandikken.

Dat er een prijsopzwepend effect uitgaat van Parker, dat kan zelfs het kleinste kind merken, maar de statistische basis voor dit onderzoek lijkt me toch wankel. Visser & co. vergeleken immers de Bordeaux-oogst 2002 met die van 2003. Waarom? Parker gaf namelijk verstek bij de primeurproeverijen van 2002 en publiceerde in de periode dat de marktprijzen worden 'gezet' geen scores die het koperspubliek of de domeineigenaars - en dus de startprijs - konden beïnvloeden. Pas in het najaar volgde de publicatie, toen de prijsniveaus al vastgeprikt waren.

Voor de oogst 2003 nam Parker de gewone draad wél weer op en publiceerde hij zijn invloedrijke scores in de lente. En daar trapt het team van Visser blind in de val: zij vergelijken die twee jaargangen - 2002 zonder Parker-scores, 2003 mét - en belanden bij 15 procent prijsverschil. Maar zo vergelijken ze appelen met citroenen, want zelfs zonder Parker was het voor de héle markt snel duidelijk dat 2002 geen superjaargang was en dus weinig kopers kon enthousiasmeren, terwijl het wijnjaar 2003 van meet af aan tot een van de magnifieke topoogsten werd gebombardeerd en een enorme hype meedroeg. Zelfs in 'objectieve' termen zou de primeurprijs dus een stuk hoger gelegen hebben, ook al was Parker ondertussen naar Saturnus uitgeweken.

Frankrijk wacht op trendbreuk

Het lijkt op zout in de wonde wrijven, maar Franse wijn zit nog altijd in slechte papieren. Een echte kentering lijkt nog niet voor morgen, ook al werd met argusogen uitgekeken naar - en gehoopt op - een trendbreuk vanaf begin dit jaar. Zopas raakte echter bekend dat het overschot van 502 miljoen euro die de totale Franse export van landbouwproducten in januari 2005 liet optekenen, zeker niet op het conto van de wijn kan worden geschreven. De daling van de Franse wijnexport die zich in heel 2004 manifesteerde, zet zich namelijk structureel door in januari. Zo kromp de verkoop van rode Bordeaux zelfs met 20 procent. In totaal daalde de uitvoer van Franse wijn en champagne in januari 2005 met 50 miljoen euro.

De impasse waarin de verkoop van Franse wijn zich bevindt, vertaalt zich echter niet uitsluitend in een slabakkende export. Ook op het thuisfront wordt er minder wijn geconsumeerd. Opvallend daarbij is dat de verscherpte alcoholcontroles duidelijk effect hebben in de horeca. Franse restaurants kochten volgens de laatste cijfers uit 2004 op jaarbasis 6 procent minder (volume) 'stille' wijn aan dan in 2003. Een terugval die zich bovendien manifesteerde in alle 'kleuren' en kwaliteitscategorieën.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234