Donderdag 06/10/2022

Tony zit al in zijn schuitje, alleen

Het gebeurt niet veel dat een ex-minister zich ruimhartig bereid toont zijn eigen decreet te laten aanpassen door een opvolger. Het gebeurt nog minder dat hij die stap motiveert met het argument dat zijn decreet moedwillig fout werd toegepast. Toch is dat de redenering die ex-mediaminister (1995-1999) Eric Van Rompuy (CD&V) ontwikkelt. Het brengt het VRT-management in wel zeer nauwe schoentjes.

De website van zijn broer Herman is bij journalisten populair om zijn bon mot of zijn sarcasme, maar ditmaal is het Eric van Rompuy die het meest lezenswaardige stuk heeft afgescheiden dat er deze maand op een site van een politicus te vinden was. Onder de titel 'VRT opnieuw in de branding' levert hij een gezaghebbend stuk af - niemand die Van Rompuy zal kunnen verwijten tégen een onafhankelijke VRT te zijn, tegen een autonoom management ook - dat evenwel niet graag gelezen zal worden aan de Reyerslaan. Ten eerste omdat Van Rompuy duidelijk maakt dat de problemen niet recent zijn. "'Tony Mary en Aimé Van Hecke spelen met vuur', schreef ik in mijn Dagboek op 29 juni 2005", zo begint hij zijn stuk. Versta: heren, in de fout gaan, tot daar aan toe. Bij herhaling in de fout gaan, dat zijn de manieren van de Wetstraat niet.

Overigens staat Van Rompuy daarin niet alleen. Begin april werd in de Wetstraat volgende vergelijking gemaakt: "Kent u de film The Godfather II? Al Pacino - don Corleone II, dus - ontdekt dat zijn broer Toni verraad heeft gepleegd tegenover de eigen famiglia, tegen betaling uiteraard. Toni mag blijven leven, tot de beschermende hand wegvalt. Dan wordt hij op een ochtend gevraagd om te doen wat hij zo graag doet: in zijn favoriete vissersschuitje het meer op. Alleen. Daar krijgt hij van achteren een kogel in zijn hoofd. De vraag is niet of, maar wanneer Tony Mary het meer zal worden opgeduwd. En wie hem het laatste zetje zal geven, 'Dag Toni', en welke vriend het nekschot." Er zit één fout in de vergelijking - de broer, overigens een voortreffelijke rol van wijlen John Cazale, heette niet Toni, maar Fredo. Maar Fredo Mary, dat klinkt niet.

Maar het toont wel aan dat de VRT-manager al langer dan de laatste, wat overspannen ronde tegenover media-minister Geert Bourgeois onder vuur is komen te liggen. Dat Bourgeois aan een nieuw mediadecreet werkt, daar zijn Mary en Van Hecke zelf de schuld van, suggereert Eric Van Rompuy. Waarom? Hubris, hoogmoed. Ja, zegt Van Rompuy, dat het VRT-management "zeer ruime bevoegdheden" heeft, is goed. Het maakte de openbare omroep weer succesvol, zelfs een marktleider. De twee partijen kenden hun plaats: het management werkte autonoom, maar niet tegen de raad van bestuur, de politiek werd ingelicht waar nodig, en liet de VRT zijn ding doen. Tot grote woede overigens van de privé-concurrentie, die toen al vond dat de VRT te veel subsidie kreeg, en te ongestoord op jacht mocht naar commerciële reclame. Maar wie De Graeve al een stroper vond, had het ergste nog niet meegemaakt.

De Graeve werd opgevolgd door de tandem Tony Mary en Aimé Van Hecke. Eric Van Rompuy erkent dat het om "twee uitstekende managers" gaat, maar legt in dezelfde zin het pijnpunt bloot van wat vandaag bezig is: "Sinds 2004 proberen zij de grenzen van de bevoegdheidsverdeling te verleggen." In 2004 het 'tijdelijke' Sporza, "na een aanvaring met de raad van bestuur". Dan de samenwerking met Belgacom voor het voetbalcontract, "waarbij de raad van bestuur voor schut werd gezet". Vervolgens kwam Mary af met plannen voor nieuwe digitale themakanalen, "zonder overleg". Streng: "Zulke debatten voert men niet op het publieke forum zonder overleg met de raad van bestuur en de minister." En voor het geval Tony Mary en Aimé Van Hecke het nog niet zouden begrijpen: "Succesvolle managers van publieke bedrijven (zoals De Graeve en John Goosens van Belgacom) slaagden erin te komen tot een goede samenwerking met hun raad van bestuur. Dat is de essentie van goede corporate governance. Ook in de privé-sector moet het management zich verantwoorden en voor strategische beslissingen moet de raad van bestuur worden ingelicht en betrokken. Als dat gebeurt in een context van conflict is er een probleem. Hier gaan Mary en Van Hecke in de fout. Onafhankelijkheid wil niet zeggen een vrijbrief om zelf te bepalen waar die openbare omroep naartoe gaat." Die zin is essentieel.

Paradoxaal genoeg hanteert Mary altijd zelf de term die Van Rompuy hier bezigt: corporate governance. In de Mary-visie betekent dat: álles en iedereen in het belang van de onderneming. Dat Mary, na aanvankelijke scepsis binnenshuis (waar men hem eerst zag als een man van paars of van de loge, dus van 'de liberalen', dus van Het Laatste Nieuws, dus van Van Thillo, dus een mol van VTM) al snel helemaal een VRT-man werd, daarmee is natuurlijk niets mis. Maar in hoeverre is 'de politiek' een buitenstaander? Als Mary en Van Hecke naar de mediacommissie van het Vlaams Parlement moesten, lieten ze uitzoeken hoeveel - in de praktijk: hoe weinig - ze moesten prijsgeven. Wat niet móést, deden ze niet. Argument: 'bedrijfsgeheim'. Vanuit die visie vindt Mary ook dat de raad van bestuur niet de aandeelhouder (de Vlaamse regering) vertegenwoordigt, maar de VRT moet vertegenwoordigen bij die aandeelhouders. Dat allemaal als extreme uiting van 'corporate governance'.

Na verloop van tijd viel op hoezeer het Mary ontbreekt aan politieke feeling, aan de noodzakelijke handigheid, aan het nodige politieke doorzicht ook, of de tactische finesse om zich op hoog niveau te handhaven. Dat uitte zich het duidelijkst bij de benoeming van Aimé Van Hecke, de voormalige 'strateeg', als algemeen directeur televisie. Niemand betwist de competentie van Van Hecke, maar de raad van bestuur wenst hem niet te benoemen vanwege mogelijk een zweem van belangenvermenging. Maar omdat de raad van bestuur geen initiatiefrecht heeft, maar alleen mag stemmen over het voorstel van de afgevaardigd bestuurder (Mary dus), speelde die het zo hard hij kon. Hij droeg alleen Van Hecke voor, opnieuw. Dus zat de raad van bestuur voor een dilemma. Ofwel bleven ze Van Hecke afschieten, maar Mary bond toch niet in. Dan werd de VRT onbestuurbaar. (Mary zelf, de profeet van corporate governance, had dat ervoor over). Dus zwichtte de raad. Mary triomfeerde, zonder het inzicht dat hij te ver was gegaan. Zeker met een nieuwe mediaminister als Geert Bourgeois. N-VA'ers hebben 'iets met cultuur', en Bourgeois is een harder karakter dan voorganger Van Mechelen.

Alleen is Bourgeois haast even onhandig als Mary. Even 'rechtlijnig', zal hijzelf denken. Zo wil hij van de VRT per se een zogenaamde 'eva' maken, een structuur vergelijkbaar met de VDAB of Kind en Gezin. Voor Eric Van Rompuy hoeft dat niet, en dat is diplomatische taal. Het is niet goed, voor wie nadenkt. Omdat een minister en zijn administratie zich wel mogen bezighouden met het beleid inzake arbeidsbemiddeling -en controle, maar dat niet mogen inzake nieuws en berichtgeving. Dat zou een moderne vorm van staats-tv zijn, en niemand wil daarnaar terug. Het is niet omdat Mary te ver gaat, dat Bourgeois mag overdrijven.

Ook praktisch is het niet goed. Als de VRT een 'eva' zou worden, zouden ook de lonen van het management op het niveau van de Vlaamse administratie komen. Voor het competentieniveau dat men zoekt (en nodig heeft), is dat ridicuul laag. Als Van Rompuy dus fijntjes opmerkt dat de VRT geen 'eva' hoeft te worden, toont hij meteen de meest realistische, en voor de omroep ook beste weg: een stevige herziening van de relatie tussen management en raad van bestuur, zonder dat de VRT onder de rechtstreekse voogdij van de administratie en de minister komt. Dat is wat het gezond verstand zegt. Dat is wat politiek haalbaar is. Dat is wat in een democratie passend is. Dat is wat in een vrijemarktsituatie, met overheidscorrectie, het gezondst is.

Bourgeois heeft het eerste schot gelost, met zwaar kaliber. Mary reageerde, met gelijk kaliber via perslekken en opgewonden gesnater in eigen huis. Hij wacht af tot minister-president Leterme in zijn kaarten laat kijken, al heeft Van Rompuy vanuit de CD&V al een sterk signaal verstuurd.

Niemand intussen die eraan twijfelt dat Tony Mary, als hij zijn zin niet krijgt, binnen afzienbare tijd 'de eer aan zichzelf houdt'. Met een (nog precies te onderhandelen) opzegvergoeding van om en bij 30 miljoen oude Belgische franken, mogen die principes ook wel een tijdje hard verdedigd worden. Een man van eer is niet om-, hoogstens uitkoopbaar. Voor dat bedrag zet Tony, alias Fredo, zich manmoedig in zijn schuitje.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234