Maandag 26/09/2022

Tuin met bestemming

De Nederlandse tuinontwerper Piet Oudolf is in New York belast met de aanleg van een herdenkingstuin voor de slachtoffers van 11 september 2001. De tuin is gesitueerd in Battery Park langs de oevers van de Hudson, op het zuidelijkste punt van Manhattan, waar de boten richting Vrijheidsbeeld en Ellis Island aanmeren. De voortuin van New York als het ware.

Battery Park is genoemd naar de kanonnen die de Nederlanders in de 17de eeuw langs de Hudson neerzetten ter verdediging van de stad tegen de Britten. Piet Oudolf, Nederlands beroemdste tuinontwerper (behalve in Nederland), gaat er een 240 meter lange bloemenborder herinrichten. Ook buigt hij zich over de directe omgeving van het oorlogsmonument van de Tweede Wereldoorlog in de Battery, waar hij 'kamers' omgeven door bomen zal aanleggen. In die kamers komen banken en fonteinen.

Twee maanden na de terroristische aanslag op het World Trade Center werden in Battery Park, dat slechts enkele blokken verder ligt, al Gardens of Remembrance aangelegd. Maar die voldeden volgens de beheerders van Battery Park niet. "We hebben behoefte aan vernieuwing en wedergeboorte, aan tuinen die een helende werking hebben", aldus Warrie Price, de voorzitster van The Battery Conservancy, een non-profitorganisatie die Battery Park beheert, in een interview met The New York Times. "Het moet een plek worden waar we de bezoekers overrompelen met schoonheid. Het is de enige openbare ruimte in downtown Manhattan en het zal zo mooi worden dat de mensen vanzelf langzamer gaan lopen om rond te kunnen kijken. Ik noem het a place with a destiny."

Piet Oudolf kreeg als opdracht "de emoties van de New Yorker te vertalen in een beplanting". De zeventien gerenommeerde tuinontwerpers die hadden meegedongen naar de opdracht, hadden het nakijken nadat Warrie Price toevallig via vrienden had kennisgemaakt met de riante bloemenborders van Oudolf. Onder meer vanwege "zijn intieme omgang met planten". Oudolf had niet eens zijn kandidatuur gesteld.

Na een eerste bezoek aan Battery Park stelde Oudolf een bloementuin voor met inheemse siergrassen en fors bloeiende vaste planten, die zowat zijn handelsmerk zijn. "Het is erg druk langs de waterkant. Mensen zijn constant in beweging. Ik wil dat ze even stilstaan en voelen wat er zich in het park afspeelt", aldus Oudolf in een eerste commentaar bij zijn ontwerp. "Deze plek moet kustlijn uitstralen. Een overgang van water naar land. Levendigheid, energie."

Bedoeling is dat de nieuwe tuin dit voorjaar al wordt aangeplant zodat hij deze zomer kan worden geopend. Om de tuinen aan te leggen en permanent te kunnen onderhouden is het niet onaardige bedrag van 4 miljoen euro samengebracht. De tuinen die Piet Oudolf in eerste instantie moet realiseren beslaan nu 1.000 vierkante meter op een totaal van meer dan 10 hectare park. In de toekomst wachten hem nog meer opdrachten.

vaste planten

Piet Oudolf wordt beschouwd als boegbeeld van wat enkele jaren geleden met typische Hollandse koopmanszin nogal grootsprakerig 'de nieuwe tuin' werd genoemd. De Dutch new naturalistic gardening, zoals het enkele jaren geleden op een prestigieus symposium in Londen werd genoemd. Waarin zit nu precies dat 'nieuwe' in die 'nieuwe tuin'? Volgens de in Nederland wonende tuinontwerper en -auteur Michael King, samen met Oudolf samensteller van een boek Nieuwe bloemen, nieuwe tuinen. Een nieuwe beweging in de tuinarchitectuur, is het voornaamste kenmerk van de 'beweging' dat het gaat om mensen "die zich door de natuur laten inspireren om zich uit te drukken in de door hen gekozen kunstvorm, de tuin. Het succes is te danken aan het plantenassortiment dat in veel van haar tuinen te zien is. Vaste planten zijn veel belangrijker geworden omdat hun formaat binnen de perken blijft en ze dus gemakkelijker in een woonomgeving passen. Veel belangrijker is echter hun eindeloze verscheidenheid in vorm, kleur en textuur, zodat er tot ieders tevredenheid kan gecombineerd worden."

Mensen als Piet Oudolf werken bij voorkeur met plantensoorten die "beter in staat zijn om naturalistische beelden op te roepen en ver afstaan van de ver doorgekweekte cultivars. Ze zijn minder stijf van vorm, weven beter met hun buren in de border en hebben kleinere en enkelvoudige bloemen met subtielere kleuren. (...) Soms zijn het planten die uit de mode zijn geraakt, maar bij nader inzien toch waardevol zijn gebleken en aan de vergetelheid zijn ontrukt. "

"De naturalistische manier van planten is bedoeld om de planten er uit te laten zien als in de natuur. Door ze op een natuurlijke en vrije manier te combineren, door ze in pollen en groepen van verschillende grootte of kriskras in de border te kweken. Geslaagde beplantingen zien er spontaan uit, alsof de tuineigenaar de zaak niet in de hand heeft. Het lijkt maar zo, het is niets anders dan een nieuwe manier van ontwerpen die gericht is op vrije expressie en een broertje dood heeft aan opgelegde regels", zo schrijft Oudolf zelf in een ander boek, Prachtig gras. Het gaat er helemaal niet om de natuur te proberen te kopiëren, dat leidt alleen maar tot teleurstellingen. "Maar door te kijken naar details van landschappen die we in hun geheel mooi vinden, is het mogelijk om aanwijzingen te vinden, die succesvol te gebruiken zijn in de tuin."

Een tuin moet er wild uitzien, maar niet wild zijn, zo vindt Oudolf. "Wat je van een tuin verwacht, is een metafoor voor de natuur. Het is gecultiveerd. Ik maak geen wilde tuinen, wel tuinen die het oergevoel van de natuur naar boven brengen. Ik ben altijd bezig met het creëren van een metafoor over wat natuur is in een mensenhoofd en hoe je dat naar een tuin kunt vertalen."

Van veel van de 'droomplanten' die Oudolf in zijn borders gebruikt heeft hij in de loop der jaren eigen variëteiten gekweekt omdat de beschikbare planten niet altijd beantwoordden aan zijn verwachtingen. Hij zocht sterke planten die niet bij het minste windje omvallen, niet gevoelig zijn voor allerlei ziekten, die lang bloeien maar ook na hun bloei nog aantrekkelijk zijn, en die vooral een natuurlijk uitzicht hebben. Hij verzamelde en selecteerde planten die laat in het seizoen bloeien, die mooie zaadhoofden hebben zodat ze ook in de winter een interessant silhouet hebben. Geen fel gekleurde, grote bloemen, ook geen pasteltintjes, maar bij voorkeur enkelbloemigen in warme tinten van paars, rood en bruin.

grassen

Oudolf is ook een groot promotor van het gebruik van siergrassen en bamboes in de tuin in het algemeen, en in bloemenborders in het bijzonder. De gratie en schoonheid van siergrassen wordt veroorzaakt door hun lange, buigzame blad en hun subtiele groeiwijze, zo schrijft hij in Prachtig gras. Grassen brengen rust en een gevoel van natuurlijkheid, een sleutelbegrip in de tuinfilosofie van Oudolf. "Veel planten waarvan we in onze tuinen genieten zijn afkomstig van graslandgemeenschappen in de hele wereld. Wanneer we ze weer combineren met grassen zullen zelfs de variëteiten die het verst verwijderd zijn van hun wilde vorm er harmonisch en natuurlijk uitzien", zo meent hij.

"Bloemen zweven in een web dat is gesponnen door het alomtegenwoordige gras. De enorme verscheidenheid van siergrassen maakt ze geschikt voor allerlei verschillende plaatsen en toepassingen in de tuin. Laag blijvende grassen zijn geschikt om voorin de bloemenborder of als rand langs een pad te gebruiken; hoge, polvormende grassen kunnen gebruikt worden als solitair en blikvanger. In sommige omstandigheden kunnen woekerende soorten zelfs ideale bodembedekkers zijn. Ze kunnen ook de basis vormen voor een border waartussen de andere planten gekweekt kunnen worden die er mooi mee combineren, om extra kleur toe te voegen en een per seizoen verschillend aanzien te creëren", aldus Oudolf.

De rechtopgaande groeiwijze van veel grassen kan worden gebruikt om soortgelijke groeiwijzen te accentueren, zoals de langgerekte aren van Veronica-soorten, of om te contrasteren met de platte bloeiwijze van Achillea-soorten. Grootbladige planten als Hosta's en Ligularia's zijn vaak perfecte begeleiders, evenals andere planten met dikke, brede of geribbelde bladeren. In hetzelfde boek geeft Oudolf tal van voorbeelden van vaste planten die volgens hem vragen om met grassen te worden gecombineerd, zoals Astilbe's, Astrantia's, Thalictrum aquilegifolium, Monarda, Rudbeckia, Echinacea, Veronicastrum virginicum, Sanguisorba, Persicaria enz. In zijn eigen tuin in Hummelo zijn schitterende voorbeelden te zien van het effect dat men kan bereiken met dergelijke combinaties.

"Ik denk dat de Britse tuinier bereid is om het strakke corset van Gertrude Jekyll af te werpen en Piet Oudolfs spontanere en vrijere aanpak te omarmen', zo schreef een Brits bewonderaarster onlangs in het oer-Britse tijdschrift Gardener's World. Het is trouwens vooral in de Angelsaksische wereld dat Piet Oudolf de laatste jaren furore heeft gemaakt. Zo kaapte hij twee jaar geleden de eerste prijs weg op de Chelsea Flower Show in Londen en heeft hij tuinen ontworpen voor prestigieuse locaties zoals het koninklijke Hampton Court en de proeftuin van de Royal Horticultural Society in Wisley. In Chicago is hij betrokken bij de aanleg van een prestigieuze Millenium Garden bij een nieuw concertgebouw van architect Frank Gehry.

Weinig tuinontwerpers kunnen zo'n palmares voorleggen. En toch wordt hij door collega's in Nederland niet echt au sérieux genomen. Maar die zijn dan ook bezig met grote stedenbouwkundige vraagstukken en met zeer ingewikkelde en grootschalige processen van landschapsherinrichting. En dan komt er zo'n figuur die in de Achterhoek met plantjes bezig is... "Wat die New Yorkers gezien hebben in Piet Oudolf, kan ik absoluut niet begrijpen", zo vertelde een van die bekende Nederlandse ontwerpers mij vorige week nog. "Hij kent misschien veel van planten, maar als ontwerper en zeker als stedenbouwkundige stelt hij helemaal niets voor."

Dat kan misschien wel zijn. Maar zou het kunnen dat steden zoals New York en vooral hun inwoners niet alleen nood hebben aan begenadigde ontwerpers en geniale stedenbouwkundigen, maar ook aan bevlogen plantenliefhebbers?

Van en over Piet Oudolf verschenen bij uitgeverij Terra enkele boeken:

Michael King, Piet Oudolf en Henk Gerritsen, Nieuwe Bloemen, nieuwe tuinen, 1997. Piet Oudolf en Henk Gerritsen, Droomplanten: de nieuwe generatie tuinplanten, 1990.

Michael King en Piet Oudolf, Prachtig gras, 1996.

'Wat je van een tuin verwacht, is een metafoor voor de natuur'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234