Dinsdag 04/10/2022

Tussen bronzen medaille en boerenkool

Namen > Rops en zijn biotoop JJJ

Hoewel Félicien Rops (1833-1898) het grootste deel van zijn kunstenaarsleven in Brussel en Parijs doorbracht, ging de haat-liefdeverhouding met zijn geboortestad Namen nooit over. In het dagboek van de Goncourts lezen we over zijn pittoreske accent, une espèce de rra vibrant met Spaanse en Vlaamse wortels. Rops koketteerde met de vijandigheid en het onbegrip vanwege de geborneerde burgers uit het stadje aan de Maas, en liet geen kans onbenut om het provincienest liefdevol onderuit te halen: "De stoeptegels kwamen vanzelf naar boven om mij te stenigen, en de politiepatrouilles werden versterkt als ik door de rue des Fossés-Fleuris wandelde." In Namen is er alleen plaats "voor burgerlijk, braaf en conformistisch denken. Enthousiasme wordt er beschouwd als een vorm van dronkenschap". Hij week uit naar Parijs. De klank en de glans van de grootstad waren hem op het lijf geschreven.

De kleine tentoonstelling Poste restante à Namur in Rops' eigen museum schetst een fraai beeld van Namen en zijn inwoners ten tijde van hun beroemdste buur. De expositie is een perfecte aanvulling bij de vaste collectie. Biografisch veldwerk hoeft geen romaneske zijsprong te zijn; als het grondig gebeurt en een visueel aantrekkelijke vorm krijgt, is het een essentieel complement voor al wie een oeuvre in het lijf en de biotoop van de kunstenaar wil zien ontstaan.

De anekdotes die hier worden opgedist, krijgen een plaatsje in de correspondentie van de kunstenaar: familiefoto's, stadsgezichten van fotograaf Armand Dandoy, schoolrapporten en karikaturen van leerkrachten, de bronzen medaille die hij won voor "een magnifieke boerenkool" op de landbouwwedstrijd van 1859... Stalenboeken met stoffen evoqueren de handel van vader Rops. Vlakbij staat zijn terpodion opgesteld, het vreemdsoortige klavier waarop hij Bach speelde terwijl de kleine Félicien de verhaaltjes van vadertje Cats verslond. Een ensemble van landschapsschilderijtjes uit de Maasvallei, geborsteld door academieprofessoren en vrienden, rondt de expositie af; je haalt er moeiteloos Rops' eigen werk uit. De virtuoze marines en bosgezichten zijn nog altijd een onderbelicht aspect van zijn oeuvre, dat de laatste tijd gelukkig wat vaker in beeld komt.

Baudelaire kreeg zijn Parijse tentoonstelling, het Berlijn van Walter Benjamin werd in kaart gebracht. In een pas verschenen boek worden de Brusselse avonturen van Rimbaud en Verlaine uitgebeend. Rops' Namen mag even oplichten. Een gouden tip voor Geert Lambert en zijn vzw die Oostende op de culturele kaart moet zetten: doe iets verstandigs met de onschatbare erfenis van Ensor en Spilliaert, voor ze verkruimelt in de kartonnen dozen.

(EM)

Tot 30/12 in het Ropsmuseum, rue Fumal, Namen. Open van di tot zo van 10 tot 18 uur, gesloten op 24/12. Gratis toegang.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234