Donderdag 30/06/2022

Uit kankerkelen schreeuwen wij

Veel geschreeuw, weinig wol: J.M.H. Berckmans. 'Slecht nieuws voor Doctor Paf de Pierennaaier'

Herman Jacobs

'Niet alleen gaat het niet goed met Doctor Paf de Pierennaaier, hij is ook nog totaal zot geworden.' Nu goed, "totaal zot", wat heet. Terwijl iedereen in "het spetserke", zijn stamkroeg, al zijn geld op Brazilië zet, heeft hij namelijk op Kameroen gewed. Dat is alles. Valt nog wel mee, die krankzinnigheid van Doctor Paf, zou je dus denken.

Anderzijds - als je Slecht nieuws voor Doctor Paf de Pierennaaier, Pandemonium in de Grauwzone leest, J.M.H. Berckmans' nieuwe boek, vraag je je onwillekeurig toch af of je bovenstaand citaat niet in absoluter zin dient te interpreteren. Tot nu toe was het zo dat de schrijver J.M.H. Berckmans zich steeds boven de maatschappelijke misère van de persoon Jean-Marie Berckmans wist uit te tillen. Wat hij literair met zijn uit de goot opgedregde materiaal deed, liet je op zijn minst niet onverschillig en snoerde je in zijn sterkste verhalen (zoals 'Café De Raaf nog steeds gesloten', 'Als Carla zwijgt', 'Het zomert in Barakstad') eenvoudigweg de keel dicht. Tot nu toe. Anders is het echter in dit Slecht nieuws, waarin Berckmans de greep op zijn stof heeft verloren en inderdaad de kluts compleet kwijt lijkt te zijn geraakt.

Aan het onderwerp ligt het niet. De 'menagerie van de schamele drie', zijnde moeder Paf, vader Paf en Paf zelve, alsook de 'Gangsters van de Grauwzone', als daar zijn Raimundo van Bedaf, de Brees en Jeanien het Poepmasjien, zijn nog immer van de partij. En nog steeds wordt er gezopen, gedaasd en gebraakt, is er veelmaals sprake van uitwerpselen, snot en fluimen (je zou haast aan zelfironie denken als Berckmans op een gegeven ogenblik gewaagt van "(d)eze zo traditionele dat we haast van rituele bezeiking en beschijting kunnen spreken"), wordt, kortom, de uitzichtloze nachtkant van Barakstad weer breed uitgemeten. In zijn vorige boeken wist hij met die goorheid, die onversneden viezigheid, die terminale ellende iets op te roepen dat je emotioneerde, of deprimeerde, of amuseerde zelfs af en toe, hoe verschrikkelijk het ook klinkt - iets dat je raakte. Van Slecht nieuws daarentegen word je warm noch koud. En wel omdat deze negen 'verhalen' niet zorgvuldig genoeg zijn opgeschreven.

Weliswaar is niet gebeurd waar na Berckmans' vorige bundel, Ontbijt in het vilbeluik, voor gevreesd kon worden: dat hij zich zou verliezen in een soort post-Vinkenoogiaanse, 'poëtische' woordblubber-per-strekkende-meter. Maar wel zijn een paar van de zwakste stijltics uit die bevreemdende, op profane litanieën lijkende stijloefeningen in zijn schrijven blijven hangen: dwaze rijmelarijen ("Oh ja, op de hei kunt gijlie goed vuurke stook and in the spetserke kan Jeanook het Poepmasjook lekker en heimelijk afzuigen uw knook"), gemelk ("Hier, alhier, nadert Doctor Paf de Pierennaaier z'n naderende einde, steeds nader, altijd dichterbij") en regelrechte wartaal ("Wij verscherpten onszelf en wij waren niet als altijd voering vermits wij voeren ter Grand Bazar en wij daar kochten de grote Moeftie alias de grote Poefti alias de knolselder en de wortel van de grote Knoeftie verknochten").

En vooral: Berckmans heeft niet meer de moeite genomen om een lijn, een ontwikkeling in deze schrijfsels te leggen. Dat emmert maar door, rijp en groen door elkaar, vulsel afwisselend met potentieel sterke scènes, zonder hiërarchie. Zo blijkt in 'As Father Died' de dood van vader Paf niet meer dan een fait divers, dat zonder overgang gekoppeld wordt aan wezenloze episodes in "het spetserke", zonder dat overtuigend duidelijk wordt gemaakt dat zo'n voorstelling van zaken op iets anders berust dan op moedwil van de schrijver. Het zou aangrijpend kunnen zijn, maar op deze manier werkt het niet.

En zo is er in Slecht nieuws nogal wat dat niet werkt. "De last", waarover in het spetserke heel wat af wordt gefilosofeerd, tot men ook dat beu is geworden, krijg je als lezer zelf nauwelijks te voelen. "Noch spreken wij in het spetserke nu nog over de last, noch spreken wij nu nog over de armoedegrens, noch spreken wij nu nog woorden met prikkeldraad rond, uit kankerkelen schreeuwen wij nu verhakkelde fonemen en bekakkelde morfemen, die geen blik meer doen opslaan." Inderdaad. Wegens te veel meer van hetzelfde, wegens te ongedisciplineerd, wegens te particulier ook. Wat kan mij andermans sores schelen als de schrijver er niet ook mijn sores van maakt?

Er zijn uit dit boek nog altijd wel een paar ijzersterke citaten te halen ("Als je zonder liefde zit luister je naar muziek van Prokofiev die dan gaat klinken als bestek niet op tafel gelegd maar gesmeten"); het zou ook wel vreemd zijn als een schrijver van Berckmans' klasse zijn métier plotseling helemaal had verleerd. Maar ook wie, zoals ik, Berckmans altijd goed vindt, zelfs als hij slecht is, zal moeten erkennen dat Slecht nieuws een zwak boek is. "Denken wat ondenkbaar is, met name het platste van het platste en het heiligste van het heiligste." Daar begint het inderdaad mee - maar het moet ook nog eens op papier worden gezet. En dat heeft Berckmans in het verleden al veel overtuigender, onverbiddelijker, onontkoombaarder gedaan.

J.M.H. Berckmans, Slecht nieuws voor Doctor Paf de Pierennaaier, Pandemonium in de Grauwzone, Houtekiet/de Prom, Antwerpen/Baarn, 132 p., 595 frank.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234