Vrijdag 01/07/2022

Van gebraden duif en vliegen over balkjes

Een unieke lichting Belgische veldrijders gaat vandaag en morgen op schattenjacht op het eiland Funen, geboortegrond van de sprookjesschrijver Hans Christian Andersen. Bij de junioren azen Davy Commeyne en Sven Vanthourenhout op WK-eremetaal. Maar de ogen van de verzamelde wereldpers en van elke wielerliefhebber gaan vooral richting Sven Nijs en Bart Wellens. Kan iemand dit klasseduo beletten om het mirakel van München '97 nog eens over te doen? Sprookje of illusie: that's the question.

middelfart./van onze

verslaggever ter plaatse

Op het vorige WK gaven Nijs en Wellens een verpletterende demonstratie van hun klasse. Met hun tweeën herleidden ze de internationale tegenstand bij de beloften tot een hoopje puin. Nijs won met voorsprong voor Wellens, o.a. omdat hij als enige niet afstapte aan de kunstmatige hindernissen, maar er gewoon over zweefde.

De twee goudhaantjes zijn er alleen maar sterker op geworden. In Superprestige-wedstrijden duelleren ze onvervaard mee met de wereldtop. Eliterenners worden geregeld op minuten gereden. Vooral de 19-jarige Bart Wellens imponeert. In Geraardsbergen werd onlangs niét wereldkampioen Nijs maar wel het hoekige vechtertje uit Vosselaar kampioen van België.

Zowat elke waarnemer is ervan overtuigd dat een Belg vandaag wereldkampioen bij de beloften wordt. De vraag blijft alleen: wie van de twee?

Beiden staan op scherp. Wellens heeft (is?) een snotneus - "Te scherp afgetraind, denk ik - en Nijs is de afgelopen week nog twee kilo afgevallen. "Ik ben in prima conditie en deze omloop ligt me nog beter dan die van vorig jaar in München", zei hij gisteren. "Maar dat volstaat niet. Factoren zoals geluk, concurrenten en materiaalpech bepalen voor meer dan vijftig procent het verloop van een wedstrijd. Als je vlak na een materiaalpost lek rijdt, is alles verloren."

"Toch wil ik graag wereldkampioen worden. Volgend seizoen teken ik alleszins een profcontract omdat ik bij de beloften niks meer te zoeken heb, maar ik wil winnen voor de eer."

In het verleden had Nijs vaak last van zenuwen. Vorig jaar nam hij een intelligente beslissing: hij liet zich van zijn faalangst afhelpen door een psychologe en werd wereldkampioen. Stress voor het WK behoort nu definitief tot het verleden. "Voor het Belgisch kampioenschap was ik zenuwachtiger dan nu", zegt hij. "Toen moest ik in mijn eentje die enerverende laatste week doorspartelen. In de aanloop naar een WK leven en trainen we in groep. Er wordt veel druk weggelachen."

Opvallend zijn de reacties van buitenlandse renners tijdens de training. Als Nijs de balken nadert, is het alsof het leven om hem heen even stil valt. "Iedereen vraagt zich af of ik ook hier over de balken durf te zweven. Maar ik laat niet in mijn kaarten kijken. Ik wip van de fiets en stap er gewoon over. Alleen als er niemand in de buurt was, heb ik een paar sprongen gewaagd. Het lukte perfect. Ze liggen dicht bij elkaar, dus veel terreinwinst zullen die sprongen me niet opleveren. Het zijn vooral mentale opdoffers voor mijn concurrenten."

De Fransman Martinez, de Zwitser Roman Peter: dat zijn de gevaarlijkste outsiders. "In heel het seizoen is er nog geen enkele andere beloftenrenner voor mij geëindigd", aldus Nijs. "De enige die ik soms moet laten passeren, is Bart Wellens."

De naam is gevallen. Van stress of complexen heeft de spichtige vechtjas nog nooit gehoord. In het vliegtuig, op training, op een persconferentie: overal kwettert hij boven iedereen uit. "Wie hier wereldkampioen wil worden, moet zijn verstand op nul zetten en als een zot van die hellingen naar beneden razen", aldus Wellens. "Met zo'n risico's pak je in elke ronde 150 à 200 meter. Laat de concurrentie die kloof maar eens dichten. Sven en ik zijn vrienden. We zullen niet tegen elkaar rijden, maar we zullen zeker de titel ook niet zomaar weggeven. Als er één van ons lek rijdt, maakt de andere in elk geval nog kans om wereldkampioen te worden."

Als extra opsteker beschikt Bart Wellens over een geheim wapen. Als moeder Wiske vandaag in Denemarken arriveert, brengt ze... een duif mee. Geen blauw geschelpte fladderaar, maar een geslacht en gepluimd exemplaar moet het zijn. Op de vooravond van elke grote wedstrijd peuzelt Wellens namelijk een gebraden duifje op. "Het helpt", zegt hij. "En in de chaletjes waarin we logeren, kan ma de duif perfect bereiden." Het is een beetje sneu voor de duif - diertjes die niet goed presteren worden door een oom-duivenmelker onmiddellijk in de pan gehakt voor Bart - maar als het hem vleugels geeft: voor ons niet gelaten.

Bij de junioren is het traditiegetrouw koffiedik kijken, maar toch wordt veel verwacht van Davy Commeyne en Sven Vanthourenhout. Davy Commeyne schoot vorig jaar als een pijl van de rest weg en leek op weg naar een stunt, maar hij sneuvelde door materiaalpech. Vanthourenhout betwistte vorige zomer 16 wegwedstrijden. Hij won zeven keer, eindigde zeven keer tweede en twee keer derde, o.a. op het Belgisch kampioenschap. Om u maar te zeggen dat ze klasse op overschot hebben en nu al tot de opvolgers van Nijs en Wellens zijn gebombardeerd. Met dat verschil dat hún supportersclans geregeld eens op de vuist gaan. De onderlinge vete is in het bijzijn - en door toedoen - van bondscoach De Vlaeminck uitgepraat. Aangezien ook hun moreel in het zenith staat én Tim Van Nuffel beresterk rijdt, wordt in het Belgische kamp reikhalzend uitgekeken naar zondagmorgen 11 uur, als de bende juniores het parkoers opstuift.

"Onze beloften en juniores trainen alleen maar op dit soort omlopen", zegt bondscoach De Vlaeminck. "In dit werk zijn we zonder meer de beste. In internationale wedstrijden waren onze jongens tot nu toe niet te kloppen. Een WK blijft natuurlijk een speciale koers. Maar winnen we geen medaille, dan is dat nog geen drama. Volgend jaar spelen we opnieuw mee in de Superprestige en de Wereldbeker en zullen we nog méér progressie maken."

En toen was het tijd voor wierook en lof. Technisch Directeur Paul Ponnet gaf de bondscoach een pluimpje voor zijn jeugdopleiding, De Vlaeminck dank-u-welde voor de financiële armslag van de BWB, applausje links, applausje rechts en Ponnet die luchtig besloot met: "We hebben dit WK niet nodig om aan te tonen dat we goed bezig zijn."

Een mens zou bijna vergeten dat het WK de belangrijkste kwaliteitstest van het jaar is. Dat Nijs, Janssens, De Bie en De Clercq al om halfzeven uit bed moesten voor een hematocriettest (zonder verder gevolg). Dat de strijdlust er bij de elite niet bepaald afdroop. Maar de elite: dat was gisteren. De toekomst: die begint vandaag. Om 14 uur, om precies te zijn.

Martin Heylen

Bart Wellens: 'Wie hier wereldkampioen wil worden moet zijn verstand op nul zetten' (Foto Reporters)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234