Donderdag 07/07/2022

AnalyseVrouwendag

Vandaag Internationale Vrouwendag: waarom één vrouwelijke premier de lente nog niet maakt

Ex-premier Sophie Wilmès (MR), vandaag vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken.  Beeld VRT
Ex-premier Sophie Wilmès (MR), vandaag vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken.Beeld VRT

Is editie nummer 111 van Internationale Vrouwendag nog even broodnodig als editie nummer 1? Het prijzengeld van de Ronde Van Vlaanderen is dan wel gelijk getrokken, structureel gaapt er nog steeds een kloof. ‘We hebben al het laaghangend fruit geplukt.’

Michiel Martin

“Een storm in een glas water”, zo deed de Europese Commissie het incident af. Enkele weken geleden, tijdens de EU-Afrika-top in Brussel, gleed de Oegandese minister van Buitenlandse Zaken zo voorbij Commissievoorzitter Ursula Von der Leyen om gretig handjes te schudden met de heren Michel en Macron. Die eerste, Charles Michel dus, was zich van geen kwaad bewust. Opnieuw. Een jaar eerder belandde Von der Leyen ook al eens in de zetel – ‘sofagate’ – toen er bij een ontmoeting met de Turkse president Erdogan slechts twee stoelen klaarstonden. Voor de mannen.

Hoewel het klassieke m/v-denken vandaag voor een stuk achterhaald is, blijft de kernboodschap van Internationale Vrouwendag na ruim een eeuw nog steeds relevant. Dat kan je met leuke weetjes staven. Bij Nederlandse beursgenoteerde bedrijven zijn er bijvoorbeeld meer bedrijven met een directeur die Peter heet, dan met een vrouw aan het roer. En in een metropool als Londen staan zo’n honderd standbeelden van dieren, het aantal bekende vrouwen dat in beeld vereeuwigd is blijft steken op de helft daarvan.

Het is anekdotiek die een systeemfout aankaart. Want het brede plaatje leest als volgt: het World Economic Forum berekende dat het in het huidige tempo nog zo’n 135 jaar duurt om de wereldwijde economische kloof tussen mannen en vrouwen te dichten. Eerder schatte de organisatie dat nog op 99 jaar, maar de pandemie heeft de prognose geen goed gedaan. Dat komt onder meer omdat vrouwen vaker in sectoren werken die het zwaarst zijn getroffen, zoals de zorg, en daarnaast meer belast zijn met de zorg voor het gezin.

“We bekijken die strijd graag als een lijn die gestaag naar omhoog gaat, maar zo werkt het helaas niet”, zegt Bieke Purnelle, directeur van RoSa vzw. Ze wijst erop dat politieke tendensen vaak een bepalende factor zijn, en het hoeft geen betoog dat het autoritaire, conservatieve leiderschap in de lift zit. Abortusrechten zijn de voorbije jaren op heel wat plaatsen ingeperkt, onlangs nog in Texas. “Je hoeft niet eens zo ver te kijken. In landen als Hongarije is het beeld van de vrouw aan de haard springlevend.”

Het is treffend hoe we ook in Vlaanderen in tijden van crisis zijn teruggegrepen naar het gekende rollenpatroon, zegt Liesbet Stevens (Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen). “Na het prille begin, waarbij mama’s en papa’s vaak dolle shiften draaiden om het gezin recht te houden, is er gezocht naar oplossingen die vol te houden zijn.” Het coronaouderschapsverlof werd overwegend door vrouwen opgenomen. “En vrouwen zaten vaker aan de keukentafel bij de kinderen te werken, mannen in het bureau waar ze zeker niet gestoord mochten worden.”

De kansen lagen er nochtans. Uit tijdsbestedingsonderzoek van de VUB tijdens de lockdown blijkt dat mannen tijdens de lockdown per dag 4 uur langer thuis waren. Toch werkten ze dagelijks amper 6 minuten meer in het huishouden dan bij eenzelfde bevraging uit 2013.

Impliciete mechanismen spelen daarbij een rol, zegt Stevens. “Als een kind niet netjes gekleed is, kijkt de omgeving afkeurend naar de moeder.” Al is het natuurlijk evengoed een financieel verhaal: wanneer een huishouden onder druk komt te staan, is het de kleinste verdiener die gas terugneemt. Dat is vaak de vrouw. Meer zelfs: kinderen ­krijgen vergroot de kansen op de arbeidsmarkt voor mannen, een bonus die toeneemt bij het tweede kind, zo blijkt uit recent onderzoek van de Nationale Bank (NBB). Vrouwen zien hun kansen slinken.

Lekkende pijp

De zorgkloof geldt als spiegelbeeld voor de heersende loonkloof. In België is die nochtans best beperkt. Volgens de recentste cijfers van Statbel verdienen vrouwen per uur 5,3 procent minder dan mannen, bijna een halvering ten opzichte van 2010 – en goed voor plek zes in Europa.

Ook op vlak van werkgelegenheidsgraad is er een gelijker speelveld, zeker voor vrouwen die in België zijn geboren en hoogopgeleid zijn. Voor vrouwen met een niet-EU-migratieachtergrond en een laag opleidingsniveau (32%) blijft er wel een grote kloof met hun mannelijke evenknie (67%), zo blijkt uit cijfers van het Vlaams Steunpunt Werk.

Met rasse schreden gaat het echter niet meer vooruit, ziet Stevens. “We hebben al het laaghangend fruit nu wel geplukt.” Vooral op sectorbasis blijven de verschillen groot. In sectoren waar vrouwen ondervertegenwoordigd zijn, bijvoorbeeld de ICT-sector, liggen de lonen vaak een pak hoger. “Het zit het hem soms ook in de posities. In de vliegsector is bijvoorbeeld een grote loonkloof, omdat er veel mannelijke piloten zijn en veel vrouwelijke stewardessen.”

Doordat vrouwen veel vaker deeltijds werken – van de loontrekkende vrouwen in België werkt 43 procent deeltijds en van de loontrekkende mannen 12 procent – is de loonkloof zonder correctie voor arbeidsduur eigenlijk 23 procent. “In bevragingen geven vrouwen nochtans aan dat ze liever meer uren zouden werken”, zegt Sarah Vansteenkiste (Steunpunt Werk). In de zorg, een vrouwelijke sector, zijn deeltijdse contracten nog vaak de norm, en die zijn niet zomaar te combineren met een tweede job – én een gezin.

Waar het vrouwen vooral aan blijft schorten, is macht. Het is de allerlaagste deelscore in de jaarlijkse index van het Europees Instituut voor Gendergelijkheid (EIGE). In Europa vullen vrouwen slechts 30 procent van de sleutelrollen in grote bedrijven – directiecomité, raad van bestuur of andere comités. Ondanks het feit dat meer vrouwen hoog opgeleid zijn.

De wet op genderquota van tien jaar geleden, die bepaalt dat een derde van de bestuurders in een beursgenoteerd bedrijf vrouw moet zijn, werpt in België nochtans vruchten af. We gingen van 18 procent vrouwelijke bestuurders in 2014 naar 35 procent in 2019. De angst voor de ‘excuustruus’ is bovendien onterecht gebleken. “Die bedrijven doen het niet plots slechter”, zegt Stevens.

Volgens haar gebeurt de inhaalbeweging echter enkel waar het wettelijk moet. Want bij diezelfde grote bedrijven is het aantal vrouwelijke CEO’s in dezelfde periode gedaald van 12 naar 7 procent. Eerder dan een ‘glazen plafond’ is er sprake van een ‘lekkende pijp’, zegt Stevens. Doorheen de loopbaan lekt vrouwelijk talent weg, wat aan de top tot een grof onevenwicht leidt. De doorstroming hapert.

Je ziet het in allerlei sectoren, bij bedrijven en bij de overheid. Het middenmanagement slaat vaak al een eerste onevenwicht, de toplaag diept het uit. Ook binnen universiteiten tonen de meest cijfers uit het academiejaar 2016-2017 hoe het gelijke speelveld op (post)doctoraal niveau plots barsten vertoont bij de start van het professorschap. Hoe hoger die benoeming, hoe minder vlot de doorstroming. De broodnodige inhaalbeweging – 1 op de 4 proffen is vandaag een man – gebeurt niet.

Representatie heeft nochtans een voelbare impact. Neem bijvoorbeeld medisch onderzoek, waar de mannelijke blik decennialang de norm is geweest. Uit analyses blijkt dat 70 à 90 procent van de patiënten met onverklaarde klachten een vrouw is, en dat is geen toeval.

Economisch gezien rendeert het ook. Dat blijkt keer op keer als diversiteit binnen bedrijven naast prestaties wordt gelegd. “Daar raken organisaties ook stilaan van doordrongen, zie ik”, zegt Bieke Purnelle. “Maar onzichtbare uitsluitingsmechanismen blijven ons parten spelen. Bij blinde audities voor een dirigent is het resultaat anders dan wanneer je die persoon ziet. Kwaliteiten worden op basis van geslacht anders beoordeeld.”

Te weinig inhoudelijk gewicht

“Vrouwen tellen is ook niet alles”, zegt politicoloog Karen Celis (VUB/RHEA). Zo is er het fenomeen van de glazen klif, waarbij vrouwen een topfunctie krijgen als een bedrijf in vieze papieren zit. Een vergiftigd geschenk dus, maar soms ook een unieke kans die vrouwen dus toch maar aangrijpen. Hoewel niet gedocumenteerd in onze contreien, wijzen experts opvallend vaak richting politiek. Denk maar aan de eerste Belgische vrouwelijke premier, Sophie Wilmès. “Het is moeilijk te bewijzen, maar het lijkt er wel op dat die aanstelling er kwam op een moment dat andere liberale leiders de kelk aan zich lieten voorbijgaan”, aldus Celis.

Ondanks de m/v-gelijkheid in parlement en regering, ziet zij ook nog veel te weinig inhoudelijk gewicht. “Als je kijkt naar het denkkader, naar wat als politiek relevant thema wordt beschouwd, blijven de belangen van de vrouw te weinig belicht.” Denk maar aan het geboorteverlof – de grote gelijkmaker volgens experts – waar bedrijven zoals AB Inbev of Volvo dan maar zelf het initiatief nemen. En hoewel er een hausse is aan actieplannen, meldpunten en opleidingen voor parket en politie, zien Stevens en Purnelle dat de preventie van gendergerelateerd geweld een blinde vlek blijft in het beleid.

Ook die cijfers ogen in ons land niet fraai. 4 op de 5 vrouwen tussen de 16 en 69 jaar oud werd ooit het slachtoffer van seksueel geweld, 1 op de5 vrouwen werd ooit verkracht, zo blijkt uit het recente UN-MENAMAIS-onderzoek. Recente #MeToo-verhalen, zoals het grensoverschrijdend gedrag in The Voice Holland of aan universiteiten, drukken ons met de neus op het machtsonevenwicht dat daar een rol kan spelen. “Naar mijn aanvoelen zitten we daar wel op een scharniermoment”, zegt Celis.

Er zijn genoeg andere zaken waar we best gelukkig van mogen worden. De ESA die voor haar komende missie op een astronautenteam met veel vrouwelijke leden mikt. De beide winnaars van de Ronde Van Vlaanderen krijgen dit jaar dezelfde som geld. Dat de meeste wielrensters geen volwaardig profstatuut hebben, verander je daar niet mee. “Maar het belang van zulke symbolen mag je echt niet onderschatten”, zegt Stevens.

Ook structureel is er hoop: bij jongeren onder de 25 is er in het aandeel leidinggevenden geen verschil meer. Purnelle ziet een mindshift bij de jongere generaties. “Middelbare scholieren of studenten pikken het niet meer. Kijk maar naar de mondigheid waarmee ze op straat komen tegen grensoverschrijdend gedrag. Je kan er niet meer omheen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234