Woensdag 05/10/2022

Verlos ons van de Joden

In Het Derde Rijk. Een nieuwe geschiedenis brengt de Britse historicus Michael Burleigh de misdaden van het Derde Rijk voor het voetlicht. Niet de gruweldaden van de nazi's op zich, maar de morele decadentie van de toenmalige Duitse samenleving stelt hij aan de kaak. Door Joseph Pearce

Op 9 november 1938 sprak Heinrich Himmler zoals elk jaar zijn SS-Gruppenführer toe. Hij vroeg het publiek goed te beseffen dat Duitsland de strijd tegen de Joden niet mocht verliezen. Als dat gebeurde, sprak hij, zou "er zelfs geen reservaat Duitsland overblijven, want iedereen zal verhongeren en worden afgeslacht". Voor Michael Burleigh is Himmlers waarschuwing op de dag dat de synagogen brandden, meer dan honderd Joden werden gedood en dertigduizend Joodse mannen naar concentratiekampen werden afgevoerd het bewijs dat de nazi's al voor de oorlog alle remmen wilden losgooien. "Moordzuchtig geweld was in deze fase nog altijd een middel tot een doel, namelijk gedwongen emigratie, maar in sommige kringen was het wankele evenwicht aan het verschuiven, waarmee moord - op dat moment nog niet beschouwd als een bureaucratische missie op de schaal van een heel werelddeel - een doel op zichzelf werd."

Himmlers opvatting legt ook de kern van de nazi-ideologie bloot: de Jodenhaat was, aldus de eminente historicus Saul Friedländer, een verlossingsantisemitisme. Verlos ons van de Joden, zo de mantra, dan worden wij op onze beurt verlost van alle problemen die ons bedreigen. Hoewel Burleigh de moord op de Europese Joden een centrale plaats in zijn geschiedenis van het Derde Rijk geeft, is er geen enkele historicus die op een scherpere manier een oordeel over alle misdaden van Hitler en zijn handlangers velt. Het duizendjarige rijk was "het product van een ziek, fundamenteel moorddadig denken". Deze radicaliteit siert de Britse historicus. Tenslotte houden sommigen nog altijd vol dat Hitler een groot staatsman zou zijn geweest als hij de Joden met rust had gelaten. Nonsens, aldus Burleigh. "Andere rijken die gewapenderhand totstandkwamen, lieten kunst en literatuur na die nog steeds alom bewonderd worden, of bestuursvormen, gewoonten, talen en wetboeken die Europeanen en niet-Europeanen nog steeds toepassen, van Ierland tot India. Maar de vulgaire antibeschaving van de nazi's liet niets na van enige waarde behalve misschien haar huidige functie als wereldlijk synoniem voor de baarlijke duivel (...) Bij het nazisme was het letterlijk 'van niets tot niets': het leeft sterk voort in gedachten, merkwaardig ontstegen aan zijn armzalige prestaties. Het moet een zeldzaamheid zijn dat er een imperium bestond waarover niets positiefs te melden valt."

De bewijslast tegen het nazistische regime is overweldigend, ook al moet Burleigh zich wegens plaatsgebrek soms tot de saillante aspecten van een zaak beperken. Eén zaak blijft echter altijd nadreunen: het Derde Rijk was een roofzuchtige politieke religie die met haar bombastische beloften van verlossing in het hier en nu het Duitse volk rücksichtslos aan zich wist te binden. Of de Duitsers zich door die verlossingsretoriek gewillig een rad voor de ogen lieten draaien? Burleigh beantwoordt die vraag niet, hij focust op de misdaden van het totalitaire regime. Misdaden die al werden begaan zodra de Machtergreifung had plaatsgevonden. Van de ene dag op de andere werd de rechtsstaat opgedoekt en werd ze vervangen door willekeurige politieterreur. En wie het kwetsbaarst was, werd het hardst vervolgd. Geen wonder, aldus Burleigh, dat Hitler "net als andere staatshoofden in de wereld (...) het laatste toevluchtsoord (was) van gestoorden, wanhopigen, opportunisten en gewichtigdoeners".

Net als andere staatshoofden? Waaraan probeert Burleigh hier lucht te geven? Natuurlijk is het niet zijn bedoeling Hitler op hetzelfde trapje als een Bush of Poetin te plaatsen. Maar het valt wel op dat Burleigh regelmatig een parallel met de hedendaagse cultuur en met ons eigen tijdperk trekt, en dat hij het niet kan laten om tegen de schenen te schoppen van iedereen en alles waar hij een grondige hekel aan heeft. Soms is die vergelijking enigszins goedkoop, zoals wanneer hij de rekening maakt van de SS met haar op de dood gefixeerde kitsch. "Men kan zich afvragen waarom iemand zou willen rondlopen met schedels en gekruiste beenderen en runen, tenzij hij dezelfde morbide obsessies heeft als onvolwassen motorgangs." Het is een opmerking die wel goed past bij Burleighs tactiek om de puberale pretenties van de nazi's aan de kaak te stellen.

Veel meer ter zake doend is zijn analyse van oorzaken en gevolgen van het Derde Rijk. Maar is het 'nieuwe' geschiedenis om bij de Eerste Wereldoorlog te beginnen en te eindigen met de Amerikaanse eeuw? En is er verder nog iets 'nieuws' behalve deze blikverruiming? Burleigh belooft dat zijn boek niet zozeer de nadruk legt op een beschrijving van de extreme gruweldaden maar "daarentegen het verhaal (is) van de geleidelijkere en subtielere morele afbraak en transformatie van een moderne industriële maatschappij, waarvan de gevolgen door scherpzinnige waarnemers met een oog voor dergelijke zaken konden worden voorspeld. Aangemoedigd echter door onverantwoordelijke en egoïstische delen van de elite (...), ging het volk tegen alle menslievendheid, rede en scepsis in en vertrouwde op de anderszins bespottelijke figuur van Hitler."

Bovendien sluit hij zich aan bij de historici die sinds de jaren negentig het nazisme bestuderen als een "vorm van politieke religie of totalitarisme". Is dat dan nieuw? Zijn conclusie is hoe dan ook de moeite waard. "Zo bezien was het nazisme niet alleen maar een zaak van op hol geslagen wetenschap - hoe graag de critici van moderne genetica dit ook willen - en evenmin een aangepast christendom - hoe graag diegenen die het nazisme graag zien als een uitwas van christelijk antisemitisme dat ook zouden willen. Het was een creatieve synthese van beide elementen." De nationaal-socialistische ideologie sloeg aan, precies omdat zij sentimenten aanspraken "die verder gingen dan knokpartijen, wanhoop en haat". En de rol van Hitler in dat alles? De Führer, aldus de journalist Konrad Heiden, "heeft de sprakeloze paniek van de moderne massa's een stem gegeven en de naamloze angst een naam. Dat maakt hem tot de grootste massaredenaar van het massatijdperk." Dat klinkt als een compliment, ware het niet dat Heiden er onmiddellijk aan toevoegt dat Hitler hem deed denken "aan een vlag die zonder wind slap aan de mast hangt, een menselijke 'nulliteit' die wacht op de volgende gelegenheid om weer iemand te lijken".

In ieder geval slaagde deze nulliteit erin om zijn onderdanen mee te sleuren in een allesvernietigende raciale kruistocht tegen zogenoemd lebensunwertes Leben. Tegen Joden, socialisten, communisten, zigeuners, homoseksuelen, mentaal en fysiek gehandicapten, getuigen van Jehova, zwervers, dronkelappen, werkelozen, bedelaars en pooiers en iedereen die gezien werd als een gevaar voor de zuiverheid van de Volksgemeinschaft. Dit "barbaarse, biologisch populisme" werd overgoten met een saus van weerzinwekkend slachtofferschap, "dat moreel ontlastende excuus voor intolerantie, vervolging en geweld". Het utopische doel werd vervolgens in wetten gegoten. Die wetten waren overigens slechts een middel om de roep naar wraak en vergelding te legitimeren.

Maar Hitler, aldus Burleigh, wilde veel meer dan de uitschakeling van raciaal ballast. Wanneer hij de katholieke en protestantse kerken vervolgde, hoopte hij dat de gelovigen basiswaarden als medelijden en nederigheid overboord zouden gooien en ongevoelige roofdieren zouden worden, die hun vijand "met de onverschilligheid en meedogenloze doelbewustheid van een tijger of haai aan stukken zouden scheuren. Een afstandelijke God zou de slachting met volmaakte onverschilligheid aanzien." En ten slotte had het Derde Rijk ook plannen met de rest van de wereld. "Hitler streefde niet naar een hersteld evenwicht van de macht in Europa, in het belang van Duitsland, maar naar de vernietiging ervan, voorafgaand aan een racistisch rijk dat de meest wilde fantasieën van zijn revisionistische, keizerlijke en Weimarvoorgangers te boven ging."

Nooit eerder heeft een historicus met zoveel vuur en verontwaardiging de barbaarsheid van het Derde Rijk geopenbaard. Dat betekent niet dat Burleigh nuancering ontbeert, integendeel. Aan veralgemeningen heeft hij de pest, van mythevorming moet hij niets hebben. Zo maakt hij korte metten met diegenen die de Endlösung der Judenfrage relativeren. "De aandacht is verschoven naar de verbittering waarmee de Holocaust tot instituut is gemaakt en wordt herdacht. Dat is een ongelukkige zaak, want het doet geen recht aan de overlevenden en een aantal generaties van huidige en serieuze wetenschappers die de tijd en de plaats, zij het niet altijd de oorzaak, hebben gereconstrueerd van wat er is gebeurd." Bovendien houdt Burleigh bijzaken van hoofdzaken gescheiden en smukt hij zijn pleidooi op met pittige citaten en pregnante besluiten. Vreemd is dan ook dat er ondanks zijn scherpzinnige inzichten nu en dan zinnen binnensluipen die meer uitleg verdienen. Of zou een doorsnee lezer begrijpen dat de bolsjewieken de nazi's "dan wel in de buurt hebben gebracht van Othmar Spann of Oswald Spengler, maar dat betekent niet dat zij geen overeenkomsten meer vertoonden met socialistische partijen, die ook deels geworteld waren in ambachtelijk-utopische en etatistische tendensen'"? Jammer is ook dat de vertaling de kloeke maar soepele stijl van Burleighs proza onvoldoende in de verf zet. Wellicht onvermijdelijk als je vijf vertalers gebruikt.

Het Derde Rijk is niettemin een magnifiek werk. Maar het is evenzeer een schokkend werk, want Burleigh heeft aangetoond dat de Nieuwe Orde van Adolf Hitler door en door onmenselijk was, een regime waar "laffe, laaggeplaatste bureaucratische bullebakken die grotere bullebakken aanriepen om kritische mensen die zich niet overal bij neerlegden tot onderwerping te dwingen".

Michael Burleigh

Het Derde Rijk. Een nieuwe geschiedenis

Oorspronkelijke titel: The Third Reich. A New History

Vertaald door Amy Bais, Bep Fontijn, Peter de Jong, Rob van Kan & Albert Witteveen

De Bezige Bij, Amsterdam, 992 p., 59,90 euro.

Nooit eerder heeft een historicus met zoveel vuur en verontwaardiging de barbaarsheid van het Derde Rijk geopenbaard

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234