Donderdag 19/05/2022

Vogels zonder nest

Voor wie danst bij Ultima Vez gaat vriendschap soms per mail en liefde per sms. Je reist, je leeft, je zweeft, je lijdt, je reist opnieuw. En je weet niet wat de dag van morgen brengt. 'Dit leven heeft een beperkte houdbaarheid.'

Aymará Parola kijkt door het raam naar de geelbruine velden. Ze ziet het soort vergezicht waarop je ieder moment de aftiteling verwacht. Een enkele boom, zwarte paarden en hier en daar een groene vlek. We schrijven 2009. Las Rosas is een plek zonder beweging. De choreografie van het Argentijnse dorp is beperkt tot stofwolken en schaduwen.

Aymará Parola is een danseres, geschoold in de hedendaagse dans van Buenos Aires. In Las Rosas heeft het internet zijn intrede gedaan en brengt YouTube de jonge Argentijnse naar Europa.

Ze zoekt op 'dance' en 'Europe', en vindt na een tijdje Wim Vandekeybus. Er waait wat stof het huis binnen. Aymará ziet jonge mensen met witte betonblokken gooien. Ze klikt verder en ontdekt ook andere gezelschappen, andere voorstellingen, andere dansers, andere stijlen. Ze licht op en slaat een pad in. Er zal vanaf nu altijd een tijd 'voor', en een tijd 'na' zijn.

Aymará haalt op zolder een paar reiskoffers en raapt haar leven bijeen. Dat leven weegt dertig kilo. Ze koopt een enkeltje Athene en zegt gedag: "Ik ga het proberen, moeder. Ik ga het proberen."

Ze komt aan in Griekenland, spreekt geen Grieks, geen Engels, geen Frans, maar ze kan wel dansen. Aymará zwerft rond en haalt wat geld op als lerares in een tango-opera. Af en toe belt ze haar moeder en bijt op de tanden.

Eind 2010 zoekt ze een uitvalsbasis om op expeditie te gaan. Een bus brengt haar naar Brussel. Het vriest stenen uit de grond als ze aankomt in een door de koude afgebleekte stad. Ze zwerft er rond. Aymará is amper groter dan haar reiskoffer, weegt amper meer en sleurt haar hebben en houden mee naar audities, die ze vindt op aanplakborden en internetfora. Ze reist Europa rond, maar keert altijd terug. Brussel ligt centraal, Brussel begrijpt de dans. Maar niemand moet haar. Aymará Parola wordt overal afgewezen. Ook Ultima Vez zegt 'neen'.

Ze gaat dan maar opdienen in restaurant Fin de siècle en denkt aan een noodgedwongen terugkeer naar de velden en bomen van Las Rosas. Beetje bij beetje brokkelt ze af, belt haar moeder en houdt zich sterk. Wat rest, is een zachte, aanmoedigende stem in dat kleine hoofd: "Probeer het een laatste keer."

In het KVS-theater zit ik recht tegenover Aymará (32), die me haar geschiedenis vertelt. Ze zegt iets wat ze nooit eerder aan iemand toevertrouwde: "In die periode was ik ten einde raad. Ik heb toen mijn curriculum vitae, euh, aangepast. Ik heb dingen verzonnen."

In 2011 is er een nieuwe auditie van Ultima Vez. Wim Vandekeybus zoekt nog één iemand voor Oedipus. Het stemmetje laat van zich horen.

"Ik was eigenlijk niet van plan om deel te nemen. Ultima Vez? Dat is concurreren met honderden dansers van over de ganse wereld voor één plek."

Het bleek haar momentum. Ze vergat het opdraven met voor- en hoofdgerechten. Ze won en ze bediende zichzelf: champagne en een telefoontje naar haar moeder. "Ik huilde als een klein kind." Bij Ultima Vez vindt ze snel verwanten, andere goudzoekers.

Ze botst op Elena Fokina, de dochter van een Russische barbier. Elena vertrekt in 2001 in Moskou en landt op 4 december om 23u30 - "Ik vergeet het moment nooit" - in Zaventem met weinig meer dan 100 dollar, twee paar kousen en een grote droom. Het plan was vier dagen Brussel, in een hotel op Sainte-Catherine, op vraag van Ultima Vez. Lost in translation. Haar leven was een film zonder plot. Nu klinkt dat zo: "Het voelde aan als een trip, als drugs. Alsof ik volledig bedwelmd in een gat sprong dat ik niet kende." Die vier dagen werden een maand, werden veertien jaar, werden een carrière.

Dronken avond

"Come on. Touch each other, feel each other. A bit more aggression, please." Vandekeybus geeft aanwijzingen. Hij wijst op looplijnen. In het KVS-theater wordt What the Body Does Not Remember, het oerstuk van Vandekeybus dat hem en de compagnie in 1987 helemaal lanceerde, nauwkeurig ingeoefend. De vorige voorstelling is al even geleden en er dienen andere dansers ingepast voor het optreden in Heist-op-den-berg. Het pluimgewicht uit Argentinië glijdt door de zaal, een Tsjech doet push-ups, een Italiaan staat op zijn handen. Je ruikt olie, balsem en jonge lijven. Je ziet kracht in armen en benen.

Dansers als die van Ultima Vez zijn vermaarde atleten. Honderden duiken er in de filter, slechts een paar blijven over. Zij. Aangetrokken door de onrust en de goesting zich fysiek te uiten. Praten doen ze met hun lijf. Ze maakten hun ankers los en lieten zich leiden - het zijn vogels zonder nest. Elena had twee paar kousen; Aymará paste net niet in haar eigen koffer. Morgen bestaat niet.

Eddy Oroyan (36) ligt op zijn rug en staat na een forse lendenslag rechtop. Zijn lijf is dat van een tienkamper. Spieren die als stalen kabels om zijn armen zijn geweven, een hoofd dat rust op een stierennek en een borstkas als een kogelvrije vest. Eddy komt uit Hawaï. Ook hij knipte alle lijntjes door. Als danser bij een TED-voordracht bracht het lot hem naar Europa. Eddy had geen zin meer in commercials en andere onderbetaalde troep. Hij ging en keek niet om.

"Je moet heel bewust kiezen voor dit leven. Je familie en vrienden zie je amper. Het is niet allemaal romantiek. Je bent niet vaak thuis, leeft in hotelkamers en je sociaal leven gaat daar vaak aan ten onder. Ik ben al twee keer getrouwd. En twee keer ging mijn huwelijk kapot aan mijn dansleven. Skype en WhatsApp gaan je relatie heus niet redden. Straks, in mei, eindigt What the Body. Het kruispunt komt steeds dichterbij. Wil ik een vrouw en een kind? Dan moet ik echt een belangrijke keuze maken."

Eddy koos destijds bewust voor de vlucht vooruit. Hij ziet zijn vrienden dan wel niet, maar met What the Body zag hij wel Hongkong, Mexico en Brazilië. Hij leidt een simpel leven, zonder enig bezit. Hij wil alleen genoeg geld om naar de film te kunnen gaan. Zijn leven draait om ervaren.

"Ik herinner me een dronken avond in Brazilië. Mijn lijf was helemaal kapot na een show. We sloegen wat drank in, liepen bezopen door de stad en maakten korte filmpjes. Als ik die filmpjes terugzie, voel ik me de koning op aarde."

American ninja

Een half uur na de repetitie zijn de lijven afgekoeld. Er hangt een lichte damp in de zaal. Eddy krabbelt overeind en rekt zijn rug. De pijn steekt op. What the Body is een fysieke beproeving. Ze moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen en weer doorgaan.

"Soms ben ik bang, net voor ik het podium op moet. Bang voor de pijn. Ik ga zes keer per voorstelling dood. Maar hoe langer het stuk duurt, hoe meer ik me een krijger voel, an American ninja. Al blijft het een opgave om mijn lichaam telkens zo ver te duwen."

Hij wijst me op een kleine knobbel, op de rand van zijn voet. Twee maanden geleden, in Frankrijk, loopt Eddy tijdens een voorstelling van What the Body in cirkels rond de scène. Op een gegeven moment hoort hij een doffe krak en voelt zijn voet opzwellen.

Eddy denkt aan een gescheurde pees. Hij loopt verder en zoekt oogcontact met de anderen. De pijn wordt heviger, maar hij loopt even. Bleek er een beentje te zijn gebarsten in zijn voet.

Aymará overkwam hetzelfde. In Mexico sprak een dokter over tendinitis. Weken later wees een scanner op een breuk in de kuit.

Eddy: "Ik vraag me af hoe lang mijn lichaam het nog trekt. Op tour is er altijd wel een osteopaat of arts snel bereikbaar. Ik heb quasi overal pijn. Maar zo lang de pijn niet groter is dan het plezier, doe ik verder."

De opofferingen zijn ook van psychische aard. Er is de afstand met het thuisfront. Het kost ook mentale kracht om telkens opnieuw een veeleisende show op te voeren. Om je telkens op te laden en nadien leeg te lopen. Een danser is geen bodemloos vat.

Eddy: "In wezen is een danser ook een loner. Soms trek ik me terug, 's avonds, na een voorstelling of op een vrije dag. Dan lees ik op mijn hotelkamer Charles Bukowski en kijk door het raam naar een stad die ik niet ken. Ik schrijf ook. Ik ben de notulist van mijn eigen leven. When you're ready to burn out, neem dan een blad papier en orden je gedachten. Ik doe het vaak. Of ik neem poëzie ter hand. Je kruipt in je hoofd en denkt aan een ander leven, aan een andere wereld."

Placebo

In zijn appartement in Koekelberg duwt Manuel Ronda (38) de houten voordeur zachtjes in het slot. Een kleine mok pruttelt op het vuur. Zijn zoontje, Rocco, heeft in tegenstelling tot zijn vader geen warrig, sluik haar. Rocco is ros.

Elena, de Russische met de 100 dollar en de twee paar kousen, is het lief van Manuel Ronda en Rocco is het kind van die liefde, zeg maar een kind van Ultima Vez. Italiaan Manuel heeft Hongaarse roots, z'n moeder komt uit Boedapest. Migreren zit in de genen, zegt hij. Voor Manu was de sprong in het onbekende eerder een bewuste stap. Hij liet het kindertheater in Genua voor bekeken en belandde in België, en later in de armen van Elena.

Wie vrienden en familie amper ziet, creëert een eigen kring van getrouwen. Dat is wat Ultima Vez voor velen is geworden: een ersatzfamilie. Ook voor iemand als Revé Terborg, een Nederlandse die afgelopen zomer de rangen vervoegde: "Ik voelde me instant opgenomen in een warm nest. Mijn vriend achterlaten in Amsterdam was geen lachertje, maar de schok was zacht, met dank aan de dansers."

Elena neemt Rocco op de arm, en legt uit: "Het is een familie die je niet zelf kiest. Aanvankelijk was Ultima Vez een gezelschap die creatie per creatie afwerkte. Nu is het een lappendeken en lopen sommige voorstellingen parallel. Er is meer personeelsverloop, waardoor het familiegevoel wegebt. Maar ergens klopt het wel. Je zit dagen, weken, maanden, soms zelfs twee jaar lang quasi dagelijks samen. Je slaapt in hetzelfde huis of hotel, op dezelfde gang, je eet samen, je danst samen, je leeft samen. En misschien wel het belangrijkste: je deelt alles en verdrijft de eenzaamheid."

"Homesick", Elena gebruikt het woord een paar keer.

"Soms heb je geen zin om te dansen. Alsof je nog maar eens een container hout moet klieven. Op tour kan het leven zwaar zijn, en wil je naar huis. Maar je hebt geen thuis. Er is alleen het podium."

Costa Rica

In se zijn de dansers van Ultima Vez naast vrienden en collega's, ook concurrenten. Vandekeybus betrekt als voormalig danser heel vaak de dansers zelf bij een creatie.

Een voorstelling groeit organisch. Aan hen om accenten toe te voegen, om hun ziel te leggen in een nieuwe choreografie. Het maakt het rondtoeren makkelijker. De persoonlijke binding is de drijfveer. Daarom is iedere nieuwe creatie ook een strijd. Wie wordt geselecteerd en wie niet? Ook al overstijgt het amicale vaak het professionele, wie op de bank zit en een concurrent ziet scoren, die heeft geen goesting om zich op te warmen.

De onderlinge strijd is hoog. Er is minder werk, daar zorgt de regering wel voor, en de houdbaarheid van een danserslijf is beperkt. Ook het loon is relatief karig. Een jonge twintiger krijgt zo'n 1.500 euro netto per maand. Daar komt wel een dagelijkse onkostenvergoeding bij, de 'per diem'. De besparingen doen voltijds naar deeltijdse contracten afglijden, en België is heus niet het enige land dat er het mes in zet.

In wezen is een dansgezelschap ook een moeilijk te managen team. Er zitten ook ego's in de kleedkamer. Aymará liet eerder al eens vallen dat een psycholoog geen slechte zaak zou zijn. Hetzij om de mentale dreun van blessures op te vangen, hetzij om de groep te gidsen en potentiële brandhaarden voortijdig te blussen. Ultima Vez is een magneet in de danswereld, maar een magneet stoot ook af.

Zebastián Méndez Marín (28) schrijdt met een longboard door de zaal van het KVS-theater. Hij buigt diep door de knieën, houdt met zijn handen de rand van het bord vast en snijdt zijn bochten aan als een piloot. Marín is een klein, gedrongen ventje dat je niet makkelijk opzij zet. Marín waaide uit Costa Rica over naar Guatemala om ook in Brussel te eindigen. Ook hij maakt deel uit van What the Body Does Not Remember, en samen met twee anderen zegt hij Ultima Vez nu de wacht aan. Hij trekt terug naar zijn vaderland.

"Mijn ziel lag niet in What the Body. De aaneenschakeling van loodzware shows werd en wordt me te veel. Ik voel me een werknemer, die aan een hels tempo werken moet. Langzaamaan zag ik mijn droom uiteenvallen. Tot alleen nog de realiteit overbleef. Mensen zien het goede, en pas op, het is ook vaak intens en fantastisch, maar het is ook echt hard. Reizen van de ene in de andere tijdzone, eten op de vreemdste momenten, optreden en bekaf in een vreemd hotel naar het plafond staren. En mijn geest, die raakte helemaal zoek.

"Ik wil mijn leven opnieuw openbreken en zelf iets creëren. Is dit het einde van mijn carrière? So be it. Na het achterlaten van Guatemala koos ik voor een ander leven. Nu doe ik dat opnieuw, wetende dat ik Ultima Vez veel gaf en vice versa. That's life, man."

We sluiten af met Manuel Ronda, vader van de kleine Rocco. Hij is de belichaming van de gelouterde, ervaren danser. Hij en zijn Russisch lief Elena. Voor Manuel is dansen geen job, het is expressie.

Thuis tekent hij, en kan hij zich ook verliezen in de beelden die hij schetst. Zijn leven staat in het teken van beweging. Neem de beweging weg en de klok valt stil. Manuel is bijna veertig. Zijn lichaam wil met pensioen, de culturele sector zit in vieze papieren, hij weet niet wat er na zijn danscarrière volgt, en zijn sociaal leven is gefragmenteerd. Maar Manu leeft vandaag.

De Hollandse Revé, Amerikaan Eddy, Costa Ricaan Zebastián, Argentijnse Aymará, de Russische Elena, de Italiaan Manuel e tutti quanti: ze hebben datgene wat je niet grijpen kan, datgene wat dans zo intens maakt: passie, in alle maten en gewichten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234