Zondag 02/10/2022

Voor de man die in pak en as zit

Een maatpak is onbetaalbaar voor Jan en alleman. Niet dus. Steeds meer winkels bieden deze exclusieve

service voor weggeefprijzen. En hoewel de oude, klassieke kleermakersgarde die ontwikkeling met lede ogen aanziet, is het draagplezier er niet minder om. Erik Zwaga heeft alle stadia van pakkendragen doorlopen. Van Boss tot

Armani, van Dolce & Gabbana tot het

‘personalised’ pak.

r zijn dingen op kledinggebied waar een man van de wereld niet mee te koop loopt. Zoals: de lengte van zijn sokken, hoe hij zijn das knoopt, hoe vaak zijn schoeisel wordt gerenoveerd, of zijn pak een echt maatpak is. Over dergelijke trivia heeft hij het niet. Want die zijn voor hem vanzelfsprekend, en trouwens dergelijke details ziet het geoefende oog snel. Alleen wordt het voor deze ingewijden wat maatpakken betreft moeilijker om echte van lookalikes te onderscheiden. De reden: het handmade kostuum zit sinds een paar jaar in een nivelleringsproces en wordt hierdoor goedkoop, goedkoper, goedkoopst. Als je sommige aanbieders op internet moet geloven meten ze je voor 170 euro al een dergelijk pak aan.

Stel, je stapt een kledingzaak binnen voor een confectiepak van een op de massa gericht prestigelabel. Je past zo’n pak, en nog een keer. Loopt vervolgens te dralen onder het toeziend oog van vaak verveeld personeel en kunt maar niet ontdekken wat het label rechtvaardigt om 1.250 euro (of soms bijna het dubbele) te vragen. Het moet toch meer zijn dan de naam, bevrediging van het snobgevoel en het idee dat je ‘meedoet’ met mode? Want onder ons gesproken en gezwegen: mannenmode is eigenlijk saai. Doodsaai. Niet de casual collecties van hippe mainstreammerken, maar de klassieke collecties van de upperscale-labels, zeg maar kleding (de moneymakers) die je uiteindelijk in de winkel ziet. Zoiets levert weinig kijkplezier op voor de pers. Wat valt er bijvoorbeeld nog over een zwart, strak en perfect gesneden kostuum, dat tot treurens toe elk seizoen in elke topsegmentcollectie terugkeert, te schrijven? Dat de schouders van ontwerper A dit keer geen vulling hebben? Dat ontwerper B het double-breasted colbert opnieuw heeft geïnterpreteerd? Dat de fel contrasterende gestreepte voering van ontwerper C een verademing is? Niet echt. Designers en modehuizen weten dat ook. Daarom fleuren ze de collecties tijdens de halfjaarlijkse shows in Milaan, Parijs en New York op met ‘afleidingsmateriaal’. Denk: modellen met goddelijke lichamen. Denk: een overdosis accessoires. Denk: een overkoepelend stylingthema. Denk: zeer experimentele, kunstacademie aandoende outfits (de aandachttrekkers) die je nooit of zelden in de winkel terugziet. Zoals bij Prada. De vrouw, Miuccia, achter het Italiaanse luxelabel dat geldt als lifestyle- en modeautoriteit van de eerste orde, vatte het na de millenniumwissel al als volgt samen: “Na jaren van experimenteren is er nog maar één ding waarmee je echt revolutionair kunt zijn, namelijk conventionele chic.”

Entrepreneurs

Daar ben ik - op pakkengebied dan - vijftien jaar geleden mee begonnen. Eerst de te breed geschouderde Hugo Bossen en Daniel Hechters: die ‘zaten’ niet, maar ‘stonden’. Maar het waren in ieder geval pakken - vond ik - waarmee je toen voor de dag kon komen. Daarna de B-lijn van Giorgio Armani, Emporio. Niet echt fout, maar die moesten te vaak naar de stomerij om ze terug in het gareel te krijgen. Mijn beste ervaring: Dolce & Gabbana. Hun pakken zitten als gegoten en geven me daardoor een prettig en zelfverzekerd gevoel. Ik weet dat ik veel authentiek snob- en draagplezier kan beleven in een pak van een avant-gardist als Martin Margiela of een traditionalist als Corneliani, maar het is de prijs die me weerhoudt. Om over het genot van een personalised pak maar te zwijgen. Dat laatste behoort nu voor starters op de pakkenmarkt sinds kort tot de mogelijkheden. Hiervoor zijn de entrepreneurs verantwoordelijk die de afgelopen jaren goedkopere en effectievere inkoop-, productie- en distributiemanieren hebben ontwikkeld waardoor het zich loont om een nieuwe generatie mannen een ‘ouderwetse kleermakerservaring’ te geven, tot voor kort voorbehouden aan leden uit het oud geld-, nieuw geld- en captains of industry-circuit. Het is een concept dat meer inhaakt op de service, snelheid en het gemak waarmee de ‘nieuwe man’ nu zijn pakken koopt, dan op het daadwerkelijke kleermakersvak.

Initialen

In België zijn het nu vooral Café Costume (opgezet door neven en nichten van de oprichters van het Van Gils-confectielabel) en Suitsupply die met deze service hard aan de weg timmeren. Suitsupply - de eerste die dit snelle made to measure-concept introduceerde - werd in 1999 door de gesjeesde rechtenstudent Fokke de Jong langs de snelweg A4 bij Hoofddorp in Nederland opgezet. Hij maakte gebruik van de overcapaciteit van Italiaanse ateliers (waar de grote merken hun collecties laten produceren) en kocht tegen afbraakprijzen maatpakken. Inmiddels is hij tientallen winkels verder, waaronder ook in Antwerpen, Wijnegem en Maasmechelen. Toch kan ik iedereen aanraden die overweegt een nieuw pak aan te schaffen een dergelijke ‘cut to the bone’-ervaring te ondergaan. Want vanaf rond de 700 euro haal je een maand later het meestal in een Italiaans atelier vervaardigde pak op - waaraan gemiddeld negen à twaalf uur handmatig is gewerkt - dat rekening houdt met je figuur. Dat gaat als volgt: je past in de winkel een basispak dat vervolgens met een aantal ‘meetpunten’ op je lijf wordt geschreven. Zodat je ongelijke (of geen) schouders, voorover- of achteroverbuigende lichaam (waardoor er te veel stofplooien op je borst dan wel rug ontstaan) en bijvoorbeeld een ‘buik in wording’ netjes worden gemaskeerd. Maar het allerleukste aan een ‘op maat’-pak is de service: je waant je als klant geen koning, maar keizer. Het personeel is overdreven vormelijk, blijft zeer nadrukkelijk vousvoyeren - “Kunt u even een kwartslag draaien? Kan ik u een verfrissing aanbieden?” - en laat met een iets te nadrukkelijke kennis van kleermakerszaken weten waarom het misschien verstandiger is om voor een bepaald model of stof te kiezen, iets wat voor de ouderwetse kleermaker, die je nog steeds in elke provinciestad vindt, vanzelfsprekend is. Maar als ze beleefd informeren naar je initialen en of deze in het pak handgeborduurd mogen worden, dan geef je je gewonnen: “Doe mij er maar drie. Ieder seizoen!”

Napels-look

Dat denken inmiddels steeds meer mannen. Het leidde tot enige prikkeling bij de oude leveranciers waar de instapprijs gemiddeld vanaf 1.300 euro is. De kritiek: deze ‘nieuwe kleren van de keizer’ leiden tot een verward beeld omdat er een groot verschil blijft tussen handgemaakte confectie en op maat gemaakte pakken. Bij die laatste wordt veel meer op de totaalbalans gelet; dat het pak niet op de knopen trekt en het in zijn geheel recht hangt. Je vergelijkt een VW ook niet met een BMW. Insiders zien deze verschillen wel. En dan met name aan de mouw. Die wordt als een overhemdmouw ‘ingezet’. Zonder schoudervulling en zonder vormgevende hulpstoffen in het ‘binnenwerk’ geeft dit op de kop van de mouw minuscule plooitjes die de handmatige totstandkoming versterken. Dat heet ook wel de Napels-stijl. Deze stad staat synoniem voor een maatpaklook die zich onderscheidt van de strenge Londense Savile Row-stijl door een iets meer ‘losse’ en dandy-achtige uitstraling. Deze look werd ooit geïntroduceerd door toenmalig Fiatbaas Umberto Agnelli - every inch a gentleman. Hij liet met subtiele gebaren zien dat zijn pakken handmade waren. Zoals het onderste knoopsgat van de colbertmouwen bewust open laten. Bij de meeste pakken zijn die namelijk dichtgenaaid en kun je er dus geen knoop doorlaten. Hetzelfde geldt voor het knoopsgat op de linkerrevers: bij een confectiemodel steek je daar geen zwierige bloem in.

Deze look kreeg internationaal bij de rijken der aarde veel navolging. En het ziet ernaar uit dat dit de nieuwe maatpaktrend wordt: je laten inspireren door mannen die wereldwijd worden geassocieerd met klasse, smaak en hun stijlvolle manier van kleden. Voorbeelden te over: de hertog van Windsor, Humphrey Bogart, Helmut Berger en James Stewart. En, onvoorzien, door het enorme succes van de televisieserie Mad men lijkt het erop dat het scherpgesneden, handgemaakte pak de komende seizoenen weer maatstaf gaat worden. En als je denkt ‘dat vinden (jonge)mannen van nu saai’, dan zou ik zeggen: kijk eens naar Justin Timberlake, Brad Pitt en David Beckham als die op de rode loper paraderen: überklassiek van top tot teen. n

Bij mannen wordt stijl, klasse en verfijning nog altijd geassocieerd met een op maat gemaakt pak.

Wordt het scherpgesneden, handgemaakte pak de komende seizoenen weer de maatstaf? Dan zit de populariteit van televisieserie ‘Mad men’ daar ongetwijfeld voor iets tussen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234