Maandag 24/01/2022

AchtergrondVluchtelingen

Voor Iraakse Koerden blijft het Westen lonken, ondanks alles

Opblaasboten, gebruikt door migranten om het Kanaal over te steken, liggen opgeslagen in Dover, Engeland.  Beeld Getty Images
Opblaasboten, gebruikt door migranten om het Kanaal over te steken, liggen opgeslagen in Dover, Engeland.Beeld Getty Images

Aan de grens met Wit-Rusland zijn het vooral Iraakse Koerden die achter de prikkeldraad staan te kleumen. Ook bij het verdrinkingsdrama in Calais behoorden zij tot de slachtoffers. Waarom wagen zij deze gok terwijl hun land veilig is?

Jenne Jan Holtland

Tientallen familieleden in Iraaks-Koerdistan zitten momenteel in spanning, zich afvragend of hun zoons en dochters nog in leven zijn, of dat ze onder de opvarenden waren wier bootje afgelopen week omsloeg in het Kanaal. Zevenentwintig mensen kwamen daarbij om, de meerderheid was afkomstig uit de autonome Koerdische provincie in Noord-Irak.

Hele dorpen rond Erbil en Suleimaniya maken sinds maanden een exodus mee van hoofdzakelijk werkloze jongeren, op zoek naar een betere toekomst. Ze nemen het vliegtuig naar Wit-Rusland, of glippen de grens over naar Turkije, het begin van een hachelijke route naar Duitsland of Groot-Brittannië. Onder de doden van afgelopen week was Twana Mamand Muhammed, een twintiger uit het stadje Ranya, aan de voet van het Qandil-gebergte. “Het weer is slecht”, sms’te hij vanaf het bootje aan zijn broer op het vasteland. Daarna werd het stil.

Masrour Barzani, de 52-jarige premier van de autonome regio, ziet zijn landgenoten als slachtoffers van mensenhandelaren. “Deze mensen verlaten de regio niet onder welke druk dan ook, en ze worden niet wettelijk vervolgd”, zo zei hij tijdens een congres afgelopen week. “Ze vertrekken uit eigen beweging.” Van wanhoop is volgens Barzani geen sprake.

Werkloosheid

Vraag je het de Koerden zelf, dan kantelt dat beeld. Politicoloog Mera Jasm Bakr sprak voor een nog ongepubliceerd onderzoek van de Duitse Konrad Adenauer Stichting met jongeren (18 tot 30 jaar) uit de provincie, om te begrijpen waarom ze weg willen. Over de telefoon noemt hij de belangrijkste antwoorden: werkloosheid, corruptie, vriendjespolitiek en het gevoel totaal in de steek te zijn gelaten door de zittende macht. “En de ouders van deze jongeren zeggen: wij hebben geen goed leven gehad, we willen niet dat onze kinderen hetzelfde overkomt.”

Tot ruwweg 2014 stond Koerdistan er internationaal goed voor: de stabiliteit was groter dan elders in het land, en na de vondst van een nieuw olieveld openden multinationals als ExxonMobil, Gazprom en Total kantoren in Erbil. Met miljarden uit de Verenigde Staten en Bagdad werd de regionale hoofdstad in de markt gezet als het Dubai van Irak, inclusief een zakendistrict dat in huurprijzen kan wedijveren met Parijs.

“Met het oliegeld is niets gedaan om het platteland te ontwikkelen”, zegt Bakr. In plaats daarvan werden Koerden massaal aangenomen in de publieke sector: naar schatting één op de drie werkt voor de overheid. Baantjes in ministeries, media, bouwbedrijven, leger en universiteiten worden uitgedeeld op basis van loyaliteit aan de twee oppermachtige partijen: de KDP van Barzani (met Erbil en Dohuk als basis) en de PUK van de Talabani-familie (machtsbasis in Suleimaniya). Bakr vertelt over een ontmoeting met een hoogopgeleide twintiger. “Hoeveel talent je ook hebt, zei hij, in dit land kun je nooit opklimmen tot een invloedrijke positie, omdat de kleptocraten het voor het zeggen hebben.”

Tel daarbij op een enorme economische crisis; de olieprijs stortte aan het begin van de covidpandemie in, waarna de ambtenarensalarissen verlaagd werden en er protesten uitbraken. De geldstroom uit Bagdad is niet langer een garantie vanwege een politieke ruzie over de olie-export.

Repressie

Wie zijn onvrede uit, kan op repressie rekenen van het veiligheidsapparaat. Toen tienduizenden studenten afgelopen week de straat opgingen uit woede over het niet uitbetalen van de (kleine) studiefinanciering, openden soldaten het vuur en werden demonstranten in elkaar geslagen.

Aras Ali Majid (38) en zijn (kinderloze) vrouw hoopten in Europa toegang te krijgen tot een ivf-behandeling, zo vertelt hij over de telefoon vanuit Suleimaniya. Hij verkocht hun huis, zegde zijn baan op en betaalde zo’n 8.000 dollar (ruim 7.000 euro) aan een smokkelaar. Na twaalf dagen in de bossen tussen Polen en Wit-Rusland gaven ze het op; hun mobiele telefoons waren door Wit-Russische politieagenten afgepakt. Met een door de Iraakse regering gearrangeerd vliegtuig vlogen ze terug. “Het verhaal van de smokkelaar was een leugen. Nu zit ik zonder werk. Maar als ik het geld zou hebben, zou ik het opnieuw proberen.”

“In Koerdistan blijven was onmogelijk”, zegt Muhammad (25), die klem zit in de Wit-Russische hoofdstad Minsk en bang is om opgepakt te worden omdat zijn visum is verlopen. “Ik heb nergens spijt van. Ook als ik naar mijn land word teruggestuurd, ga ik opnieuw proberen Europa te bereiken.”

De huidige vertrekgolf is pas het begin, denkt onderzoeker Bakr. Bij de honderden mensen die uit Wit-Rusland werden gerepatrieerd, ziet hij veel schaamte, maar zolang de economische situatie niet verandert, blijft het Westen lonken. In de buurt van Ranya sprak hij een vriendengroep die had geprobeerd een gamebedrijf te beginnen. “Ze liepen tegen bureaucratische obstakels aan. Toen ze een lokale PUK-politicus om hulp vroegen, vroeg hij meteen 20 procent van hun winst.” Een illusie armer willen ze nu naar Europa, al weten ze nog niet precies hoe. Dat er streekgenoten verdronken zijn in het Kanaal, zal hen niet tegenhouden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234