Woensdag 06/07/2022

'Voor vrije vrouwen, sexy maar niet vulgair'

Op een kapstok lijken het jurken van niks. Waarom dat zijn er miljoenen van verkocht? Waarom werden ze in de jaren zeventig gedragen door Betty Ford, Candice Bergen, Mary Tyler Moore en Angela Davis. Waarom willen vandaag Gwyneth Paltrow, Sandra Bullock en Raquel Welshs dochter Tahnee er een? 'Het is voor mij ook nog altijd een mysterie', zegt prinses Diane von Fürstenberg. 'Wat ik weet is dat ik een instinct heb voor wat vrouwen willen.' Op de canapé met een onverbiddelijke terugkomer.

Brussel / Eigen berichtgeving

Agnes Goyvaerts

Ik wist niet wat te verwachten toen ik arriveerde aan de anonieme poort op de Parijse rive gauche, in een straat vol antiquairs en kunstgalerieën. Zal de deur worden geopend door een lakei? Zal de prinses-modeontwerpster bewaakt worden door pr-mannen met oortelefoontjes en zwarte zonnebrillen? Moet ik een revérence maken? Niets daarvan. Boven aan de draaitrap met een versleten loper opent prinses Diane zelf de deur: blauwe daim jeans, lichtblauw overhemd, blauwe westernboots. Haar onopgemaakte gezicht met de hoge jukbeenderen nog altijd omkranst door de donkere krullen, die ze destijds zo haatte, omdat alle andere meisjes op school in Brussel steil en blond haar hadden. "Het regende er altijd en dan ging mijn haar oncontroleerbaar kroezen."

Of ik al geluncht heb, vraagt prinses Diane von Fürstenberg. Zij namelijk nog niet, want ze heeft de hele ochtend door Parijs gerend. Uit de keuken haalt ze een bord radijsjes en twee flesjes spuitwater. Ik begrijp meteen waar ze haar slanke figuur vandaan heeft. We zitten in haar bohémien-gezellige zitkamer om te praten over haar terugkeer in de mode, maar het komt onvermijdelijk ook op haar Belgische achtergrond en haar glamoureuze leven. "De meeste sprookjes eindigen als het meisje met de prins trouwt. Bij mij is het daar juist begonnen."

Het levensverhaal van Diane Halfin mag dan lezen als een sprookje, voor mij zit een levendige vrouw van vierenvijftig, die bovenal onafhankelijk wil zijn. "Het ongelukkigst was ik in de jaren tussen 1985 tot 1990, toen ik geen werk had. Ik had mijn firmanaam verkocht en de nieuwe eigenaars deden er dingen mee die mij absoluut niet zinden. Dat is overigens de belangrijkste reden waarom ik opnieuw ben begonnen in de mode. Weet u, ik heb drie kinderen: mijn zoon Alexandre, mijn dochter Tatiana, en mijn merk. Ik ben heel trots op de manier waarop de eerste twee zijn opgegroeid en waar ze zijn terechtgekomen. Met het merk had ik dus minder geluk. In de jaren zeventig was het een gigantisch succes. Van de legendarische wrap dress (een omslagjurk van bedrukt jersey, AG) zijn gigantische aantallen verkocht. Vijfentwintigduizend stuks per week gingen de deur uit. Heel Amerika wou ze hebben. Waarom? Het is tot vandaag een mysterie voor mij. Drie generaties hebben die kleren gedragen, nu bijna vier. Ik was 25 toen ik ze maakte, maar ze werden destijds ook gekocht door de generatie van mijn moeder. Begin jaren negentig zag ik hoe mijn dochter en haar vriendinnen ernaar op zoek gingen in tweedehandswinkels. En nu willen mijn nichtjes in Brussel van 15 en 16 ze ook al. Maar de business werd te groot en ik koppelde mijn lot aan een grote financier. Toen is het beginnen scheef te lopen."

Diane is de dochter van een joods-Griekse moeder en een Russische vader, die zich in Brussel vestigden. Tot haar veertiende ging ze hier naar school, maar ze wilde zo vlug mogelijk weg: "De dagen waren lang en saai, het was slecht weer en vooral, ik was bang dat er niets zou gebeuren in mijn leven." Ze heeft ervoor gezorgd dat die vrees ongegrond was. Op haar vijftiende wordt ze naar Engeland op kostschool gestuurd, waar ze het naar haar zin heeft. Vandaar gaat ze naar Madrid om Spaans te leren, dan naar Genève, waar ze deeltijds studeert, deeltijds werkt als receptioniste. In een nachtclub ontmoet ze de jonge blonde prins Egon von und zu Fürstenberg, een telg van een adellijk Duitse geslacht. Zeggen dat ze als joods meisje met open armen werd ontvangen, zou de waarheid geweld aandoen. Maar de twee zijn dolverliefd en de familie draait schoorvoetend bij.

In Parijs gaat Diane werken voor een agentschap dat de grote modefotografen - onder andere David Bailey - vertegenwoordigt. Daar lopen Twiggy en Verushka rond, de topmodellen van toen, hoewel ze die naam nog niet hadden. Diane leert er het reilen en zeilen van de modewereld en de kracht van het beeld kennen. Dat zal haar later nog van pas komen. Egon volgt inmiddels in New York een stage aan de Chase Manhattan Bank. Als ze hem gaat bezoeken, brengt hij haar in contact met Diana Vreeland, de invloedrijke hoofdredactrice van Vogue. Ze wil namelijk ook model worden. Op haar autoritaire manier brengt Vreeland haar aan het verstand dat ze daar beter niet aan begint. Het paar draait echter op volle toeren mee in het uitgaansleven, ze brengen nachten door in de legendarische Studio 54, samen met Halston, de mooie modekoning van toen, met Calvin Klein, Bianca Jagger, Elsa Peretti ( later beroemd als juwelenontwerpster), met de schrijfster Fran Lebowitz, Paloma Picasso en Andy Warhol. "Ja, het was een wild leven", geeft von Fürstenberg toe, "maar na een nacht uitgaan, ging ik wel werken. De anderen niet."

Het is in volle flowerpowertijd dat Diane vaststelt dat er in Amerika eigenlijk maar twee soorten kleren zijn: ofwel voluit hippie, ofwel stijve synthetische griezels, niets ertussenin. "Ik voelde aan dat vrouwen zoals ik iets wilden dat hun gevoel van bevrijding benadrukte, maar toch hun vrouwelijkheid niet wegmoffelde." Ze trekt naar Como, in Italië, naar een kennis die T-shirts maakt en laat er een eenvoudige bedrukte hemdjurk maken van katoenjersey. Het is een schot in de roos. Diana Vreeland moedigt haar aan, en het duurt niet lang of Diane wordt niet alleen prinses von Fürstenberg en moeder van twee kinderen (ze is drie maanden zwanger als ze trouwt met Egon), maar ook modekoningin. Ze is dan vierentwintig en alles is razendsnel gegaan. Ze heeft de wrap dress, de omslagjurk, ontworpen, die kennelijk aan een grote behoefte beantwoordt. De boetiek Giorgio Beverley Hills is een van haar eerste klanten, en algauw ziet ze de wrap om de lenden van Hollywood-sterren als Ali McGraw, Candice Bergen en Rita Hayworth, maar evengoed om die van de zwarte activiste Angela Davis en de feministe Gloria Steinem. In het huwelijk gaat het slechter. "Op mijn negentwintigste had ik álles gehad", zegt ze, "een gezin, een opwindend leven, een bloeiende business. Ik had 300 mensen die voor me werkten, ik stond op de voorpagina van The Wall Street Journal, op de cover van Newsweek." Maar haar huwelijk met Egon is op de klippen gelopen en een nieuwe vriend brengt haar naar Parijs. Ze komt wonen in het hôtel particulier waar we nu zitten. Ze houdt er literair salon, geeft enkele boeken uit en schrijft een artikelenreeks voor Vanity Fair. "Ik bleef royalties ontvangen van mijn merk, maar ik werd er zo triest van dat het een eigen leven leidde dat niets meer met mij had te maken. Ik werd er letterlijk ziek van. In 1990 heb ik er alles op gezet om de naam terug te krijgen. Ik wist niet meteen wat ermee aan te vangen, maar door mijn dochter en mijn schoondochter (Alexandra, een van de drie Miller-zussen, AG) ontdekte ik dat mannequins en andere jonge très branchées jonge meisjes mijn kleren gingen kopen in vintage stores. Marie-Rose Bravo, die toen presidente was van Saks, heeft me gezegd: 'Je moet gewoon opnieuw beginnen.' Ik had mijn twijfels. Ik zag dat mijn wraps werden gedragen door de dochter van Raquel Welsh, de dochter van Rod Stewart. 'Allemaal dochters van', dacht ik, 'ben ik nog wel bij de tijd?'"

Ze liet zich overtuigen. "Maar eerst heb ik een boek geschreven: Diane, a signature life, een soort business memoir. Met dat boek wou ik een streep trekken onder het verleden, door alles - nu ja, bijna alles, - te vertellen over mijn carrière en mijn privé-leven, en te zeggen: vanaf hier, van deze lijn begint een nieuwe toekomst. Dat was in 1996. Ik heb in the West Village dat formidabele gebouw kunnen kopen waar nu mijn kantoren zijn, mijn showroom, mijn appartement en naast de deur de boetiek, het kantoor van mijn zoon Alexandre en een theater waar ik tentoonstellingen organiseer. Ik heb bijna de hele straat en dat is erg aangenaam."

Vervolg op pagina 23

'Op mijn 29ste had ik alles gehad: gezin, opwindend leven, bloeiende business. Ik had 300 mensen die voor me werkten, ik stond op de voorpagina van 'The Wall Street Journal''

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234