Dinsdag 24/05/2022

Vraag het aan het stof

Het Nederlandse tijdschrift Das Mag treedt ook op als curator van Meulenhoff Schatkamer. Na De autonauten van de kosmosnelweg van Julio Cortázar haalden ze de klassieker Ask the Dust van de Amerikaan John Fante van onder het stof. Tegelijk verschijnt De broederschap van de druif voor het eerst in het Nederlands.

Op een avond zat ik op het bed in mijn hotelkamer op Bunker Hill, pal in het centrum van Los Angeles. Het was een belangrijke avond in mijn leven, want ik moest een besluit nemen over het hotel. Een van tweeën: óf ik betaalde óf ik ging eruit, stond er op het briefje dat de hospita onder mijn deur geschoven had. Een groot probleem dat recht had op mijn onmiddellijke aandacht. Ik loste het op door het licht uit te draaien en naar bed te gaan.

's Ochtends werd ik wakker, bedacht dat ik meer beweging moest nemen en begon er meteen mee. Ik maakte een aantal diepe kniebuigingen. Toen poetste ik mijn tanden, proefde bloed, zag het roze op de tandenborstel, herinnerde me de advertenties en besloot de deur uit te gaan voor een kop koffie.

Ik ging naar het restaurant waar ik altijd naartoe ging, ging op de kruk voor de lange toonbank zitten en bestelde koffie. Het smaakte heel behoorlijk naar koffie maar was toch het geld niet waard. Ik zat daar en rookte een paar sigaretten, las de honkbaluitslagen van de American League, sloeg die van de National League expres over, en zag met voldoening dat Joe DiMaggio het Italiaanse volk nog altijd tot eer strekte, want hij stond boven aan de scorelijst.

Een fantastische slag, die DiMaggio. Ik liep het restaurant uit, stelde me op voor een denkbeeldige werper en gaf hem een poeier van een homerun tot over het hek. Toen liep ik de straat uit naar Angel's Flight en vroeg me af wat ik eens met de dag zou doen. Maar er was niets te doen, en dus besloot ik een eind door de stad te gaan lopen.

Ik liep in Olive Street langs een vuilgeel flatgebouw dat nog zo nat was als een vloeiblad van de mist van de afgelopen nacht, en dacht aan mijn vrienden Ethie en Carl, die uit Detroit kwamen en daar gewoond hadden, en ik herinnerde me de avond dat Carl Ethie had geslagen omdat ze een kind kreeg en hij geen kind wou. Maar ze kregen het kind toch en daar is alles mee gezegd. Ik herinnerde me het interieur van het flatgebouw, hoe het er naar muizen en stof had geroken, en de oude vrouwen die op warme middagen in de hal zaten, en de oude vrouw met de mooie benen. Dan was er nog de liftbediende, een gebroken man uit Milwaukee, die je altijd leek uit te lachen als je je verdieping noemde, alsof je wel gek was om juist die verdieping te kiezen, de liftbediende die altijd een bord met boterhammen in de lift had en een sensatieblaadje.

Toen liep ik heuvelafwaarts door Olive Street, langs de gruwelijke houten huizen waar een sfeer van moord en doodslag hing, en verder naar beneden, naar het concertgebouw, en ik herinnerde me dat ik daar eens met Helen naar het Don Kozakken-koor was wezen luisteren, en hoe ik me doodverveeld had en dat we daarom ruzie hadden gekregen, en wat Helen die avond had gedragen - een witte jurk, en hoe die mijn lendenen deed zingen als ik hem aanraakte. O die Helen - maar daarover een andere keer.

En nu stond ik op de kruising van Fifth en Olive, waar de grote trams de oren van je hoofd vraten met hun lawaai, en de benzinelucht de palmen iets treurigs gaf, het zwarte plaveisel nog nat van de mist van 's nachts.

En nu liep ik voor het Biltmore Hotel, langs de rij gele taxi's waarin alle chauffeurs zaten te pitten behalve de chauffeur die het dichtst bij de ingang stond, en ik vroeg me af hoe die kerels aan hun informatie kwamen, en ik herinnerde me de keer dat Ross en ik van een van hen een adresje kregen, hoe hij ons een vette knipoog had gegeven en ons nota bene naar Temple Street gereden had, en daar zagen we godbetert alleen twee hele onaantrekkelijke, en Ross zette door, maar ik zat in de salon platen te draaien en voelde me bang en opgelaten.

Ik passeerde de portier van het Biltmore en ik haatte hem meteen, met zijn gele tressen en zijn een meter negentig en zijn ponteneur, en toen kwam er een zwarte automobiel langs het trottoir aanglijden, en een man stapte uit. Hij leek rijk, en toen stapte er een vrouw uit, een heel mooie vrouw met een zilvervos om, en ze was als een melodie tussen stoeprand en klapdeuren en ik dacht o man, ik wou dat ik eventjes, een nacht en een dag maar, en ze was een droom toen ik langsliep, haar parfum nog in de natte ochtendlucht.

Toen ging er een hele tijd voorbij terwijl ik voor een pijpenwinkel stond te staren, en de hele wereld vervaagde behalve die etalage en ik stond daar en rookte ze allemaal, en zag mezelf als een groot schrijver met zo'n sjieke Italiaanse pijp, en een rottinkje, uit een grote zwarte auto stappen, en zij was er ook, apetrots op mij, de dame met de zilvervos. We lieten ons inschrijven, en toen dronken we een cocktail en dansten een tijdje, en toen namen we nog een cocktail en ik declameerde een paar verzen in het Sanskriet, en het leven was zo prachtig mooi, omdat er om de haverklap een schoonheid naar me keek, naar mij, de grote schrijver, en ik moest en ik zou mijn handtekening op haar menu zetten, en het meisje met de zilvervos was heel erg jaloers.

John Fante,Vraag het aan het stof, Meulenhoff/Das Mag, 208 p., 17,95 euro. Vertaling: Mea Flothuis.

John Fante, De broederschap van de druif, Meulenhoff, 216 p., 17,95 euro. Vertaling: Dirk-Jan Arensman.

---

Vraag het aan het stof

De jonge Arturo Bandini heeft het armoedige stadje in Colorado achter zich gelaten en is naar LA vertrokken. Een groot schrijver wil Arturo worden, maar dat valt niet mee. Dagen van schrijnende armoede wisselen af met een euforische periode als hij een verhaal heeft verkocht. Hij koestert een onhandige, hopeloze liefde voor Camilla Lopez, een serveerster in de bar waar hij vaak komt. Haar schoonheid betovert hem, maar haar Mexicaanse roots en het racisme dat ze daarmee oproept in het conservatieve Amerika, confronteren hem met zijn eigen afkomst en de pijn die veel van zijn daden drijft. Hij probeert indruk op Camilla te maken met zijn schrijverschap, maar als dan eindelijk zijn eerste roman verschijnt, is Camilla ineens verdwenen...

---

John Fante (1909-1983)

Amerikaans schrijver van Italiaanse afkomst

Auteur van onder meer de Bandini-cyclus, bestaande uit: Wait until Spring, Bandini (in 1989 verfilmd door Dominique Deruddere), The Road to Los Angeles, Ask the Dust en Dreams from Bunker Hill

Verdiende vooral geld als scenarioschrijver, onder meer met het script voor Walk on the Wild Side (met Jane Fonda, 1962)

Zijn werk is sterk autobiografisch met meesterlijke dialogen

In de jaren tachtig noemde Charles Bukowski hem 'Mijn god'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234