Woensdag 18/05/2022

AchtergrondSyrië

Waarom dictator Assad van zijn Arabische buren weer mag meedoen

Steeds meer van Assads buren lijken voorzichtig de toenadering te zoeken, ondanks zijn bloedige bewind.  Beeld AP
Steeds meer van Assads buren lijken voorzichtig de toenadering te zoeken, ondanks zijn bloedige bewind.Beeld AP

Na tien jaar politieke en diplomatieke isolatie halen Assads buren voorzichtig de banden weer wat aan. Maar vooralsnog zitten de VS in de weg van een volledige rehabilitatie.

Isabel Bolle

Een brede lach en een wat onhandige omhelzing. Daarmee sloot de Syrische president Bashar al-Assad begin deze maand sjeik Abdullah bin Zayed al-Nahyan in de armen, de minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Arabische Emiraten. Het had alles weg van een hartelijk weerzien, en dat was het ook. Voor de eerste keer in tien jaar zette Bin Zayed weer voet in Damascus. Zijn laatste bezoek, ook als minister van Buitenlandse Zaken, had begin 2011 plaatsgevonden, net na het uitbreken van de revolutie.

Het bezoek van de topdiplomaat staat niet op zichzelf. Na tien jaar van oorlog lijken steeds meer Arabische landen bereid de relatie met Syrië te normaliseren, na eerder de diplomatieke banden te hebben verbroken als reactie op de brute manier waarop de Syrische regering in 2011 de protesten neersloeg.

Sommige landen, waaronder de VAE en Saudi-Arabië, stopten miljoenen in het financieren van de rebellen. Maar nu Assad nog altijd in het zadel zit, na tien jaar van oorlog, met honderdduizenden doden, miljoenen ontheemden en een vernietigende economische crisis, lijken steeds meer van zijn buren langzaam bij te draaien.

Diplomaten die de voorbije tien jaar directe ontmoetingen uit de weg gingen, spreken weer met elkaar af. Zo zocht de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken Sameh Shoukry tijdens de algemene vergadering van de VN in september zijn Syrische collega Faisal Mekdad op. Het was de eerste ontmoeting op het hoogste diplomatieke niveau sinds 2011. Shoukry liet achteraf weten dat Egypte zal helpen onderzoeken welke stappen genomen moeten worden om “Syriës positie in de Arabische wereld te herstellen”.

Ook in september reisde de Syrische minister van Defensie naar Jordanië om in de hoofdstad Amman voor het eerst in tien jaar met zijn ambtge­noot te spreken. Enkele dagen later belde de Jordaanse koning Abdullah II voor het eerst sinds 2011 weer met de Syrische president. Het verraadt een verlangen om de banden met Syrië weer langzaam aan te halen.

‘Normalisatietrein is vertrokken’

Dat verlangen speelde mogelijk al eerder, meent Joe Macaron, verbonden aan het Arab Centre Washington DC. Zo heropenden de VAE en Bahrein in 2018 hun ambassades in Damascus, en ook Jordanië en Saudi-Arabië leken het water te testen. Maar al snel werd duidelijk dat de VS stevig tegengas boden.

“De Trump-regering stuurde destijds een duidelijke boodschap dat het tegen elke vorm van het normaliseren van de banden met Syrië was. Dit was ook in de tijd dat de Caesar-wet gesmeed werd”, vertelt Macaron. De wet werd in 2020 van kracht en legt sancties op aan iedereen die zaken doet met de Syrische regering, het leger of de geheime dienst. Ook lagen er sancties in het verschiet voor iedereen die steun bood aan de Syrische olie- en gasindustrie, of bouwwerkzaamheden wilde verrichten in het land. Het was een effectief ontmoedigingsbeleid voor landen die zouden willen investeren in de winstgevende heropbouw van Syrië.

Maar met het aantreden van Joe Biden klinkt een ander geluid uit Washington. “De regering heeft nu een andere aanpak. Ze verwerpt het aanhalen van de banden niet helemaal, en geeft geen echt sterke waarschuwing af dat Arabische leiders hier niet aan moeten beginnen”, aldus Macaron.

Dat is een aanpak met gevolgen. “De Arabische normalisatietrein heeft het station nu verlaten, en de VS doen er weinig aan om hem actief te stoppen. Het ziet ernaar uit dat hij nog wel even zal doorrijden.”

Een comeback in de Liga

Deze ontwikkelingen zijn ook op een breder niveau almaar zichtbaarder. Eind 2011 werd Syrië geschorst door de Arabische Liga, eveneens uit protest tegen het op bloedige wijze neerslaan van demonstraties. Maar nu pleiten steeds meer stemmen ervoor Syrië weer toe te laten tot de organisatie. Landen zoals Irak, die de diplomatieke banden met Syrië nooit verbroken hebben, zullen hier zeker mee instemmen. Ook Egypte en de VAE zijn uitgesproken voorstanders van een Syrische comeback. Komend voorjaar wordt de volgende top van de organisatie gehouden in Algerije, dat pleitbezorger is van een Syrische rentree. Naar verwachting zal het opnieuw toelaten van Syrië dan op de agenda staan.

De Algerijnse president Abdelmadjid Tebboune liet deze week weten dat hij Syrië er eigenlijk het liefst al in maart bij wil hebben. “Syrië moet aanwezig zijn”, zei de president tijdens een interview met de Algerijnse staatstelevisie. “Als we een Arabische top organiseren, dan willen we dat die inclusief is, en een springplank voor de hereniging van de Arabische wereld.”

De Emiraten gaan voorop

Terwijl andere landen zich voorzichtig roeren, reiken de Emiraten het Syrische regime al langere tijd een uitgestoken hand, vrij publiekelijk ook. Zo uitten ze in maart stevige kritiek op de sancties die de VS aan Syrië hebben opgelegd. In april stuurden ze een vliegtuig met voedsel en coronavaccins naar Damascus.

Ook boden de Emiraten de Syrische regering een paviljoen aan op de Wereldexpo die in oktober in Dubai werd geopend, een paviljoen op kosten van de VAE. En kort na het bezoek van minister Bin Zayed in november werd bekend dat de Syrische regering een deal heeft gesloten met meerdere bedrijven in de Emiraten. Zij gaan de komende twee jaar een grote zonne-energiecentrale bouwen in Damascus. Het is onduidelijk of dit tegen de Amerikaanse sancties in zou gaan.

Grote buur Saudi-Arabië kijkt intussen de kat uit de boom. Er zijn sporen van bereidheid om de banden met Syrië aan te halen, maar het land stelt zich daarbij een stuk terughoudender op dan andere landen. Ook de toenadering tussen Saudi-Arabië en Syrië bestaat uit het doorbreken van een lange stilte op het diplomatieke front. Na een pauze van tien jaar komen de ontmoetingen tussen vertegenwoordigers van beide regeringen weer op gang.

Voordelen van normalisatie

Zo bracht het hoofd van de Saudische inlichtingendienst, Khalid bin Ali al-Humaidan, in mei een bezoek aan Damascus, en ontmoette hij vorige maand tijdens een top in Caïro het hoofd van de Syrische inlichtingendienst. Eerder dit jaar bracht een Syrische ministeriële delegatie, onder leiding van de minister van Toerisme Mohammed Martini een officieel bezoek aan Saudi-Arabië.

Na afloop prees de Syrische minister van Buitenlandse Zaken de terugkeer van ‘een basisniveau van Arabische solidariteit’. Macaron: “Er is sprake van een zekere uitwisseling tussen Saudi-Arabië en Syrië. Maar bij deze bezoeken betreft het geen ministers van Buitenlandse Zaken, zoals bij andere landen. Saudi-Arabië wacht nog even af, om te kijken of het het waard is.”

Die waarde kan uit verschillende dingen worden gehaald. Door de relatie met het Syrische regime te normaliseren kan flink geprofiteerd worden, zoals de deal tussen de Emiraten en Syrië over de bouw van een nieuw zonnepark laat zien. Maar er kunnen ook geopolitieke voordelen aan zitten: door de banden met Assad aan te halen en zo de eigen invloed in Syrië te vergroten, kan tegenwicht worden geboden aan de invloed van Iran. Dat is nu nog altijd militair aanwezig in Syrië, met de Iraanse Nationale Garde en aan Iran gelieerde milities. Assad zou op zijn beurt diplomatiek een stuk wendbaarder worden als hij kan rekenen op de steun van andere landen dan Rusland en Iran, die momenteel zijn enige vrienden van formaat zijn.

VS omzeilen eigen sancties

Een van de grootste obstakels die Assads terugkeer op het internationale toneel in de weg zitten zijn de Verenigde Staten. De Amerikanen sluiten alle steun voor het normaliseren van de banden met het Syrische regime uit totdat sprake is van enige implementatie van VN-resolutie 2254, die oproept tot ‘eerlijke en vrije verkiezingen’.

Naar aanleiding van het bezoek van Bin Zayed aan Damascus verwoordde de woordvoerder van het State Department, Ned Price, de Amerikaanse bezorgdheid over deze laatste ontwikkeling. “We maken ons zorgen over de berichten over deze ontmoeting, en het signaal dat de ontmoeting afgeeft”, zei Price tijdens een persconferentie. “Deze regering zal geen enkele steun geven aan pogingen tot normalisatie, of tot rehabilitatie van Bashar al-Assad, die een brute dictator is.”

Hezbollah als redder in nood

Zolang de Caesar-wet van kracht is, zullen landen waarschijnlijk terughoudend zijn in hun toenadering tot Assad; de sancties waar de VS mee schermen zijn niet niks. Aan de andere kant, de VS hebben de Caesar-wet tot nu toe pas één keer ingezet, en dit jaar bleek dat de Amerikanen vrij plooibaar zijn in de toepassing ervan.

In augustus kwam de Amerikaanse ambassadeur in Beiroet, Dorothy Shea, zelfs met een plan om de Caesar-wet te omzeilen, in een poging de Libanese brandstofcrisis te verlichten. Door een tekort aan brandstof in Libanon hebben de energiecentrales, die op diesel draaien, de laatste maanden grote moeite gehad om stroom te leveren. Burgers stonden uren in de rij voor tankstations en ziekenhuizen liepen het gevaar dat ze zonder stroom kwamen te zitten. Hezbollah wierp zich op als redder in nood door meerdere leveringen brandstof uit Iran te regelen, een trap tegen het zere been van de Amerikanen.

Aanhangers van Hezbollah vierden de levering van brandstof uit Iran. Beeld AFP
Aanhangers van Hezbollah vierden de levering van brandstof uit Iran.Beeld AFP

Enkele uren nadat Hezbollah-leider Hassan Nasrallah had aangekondigd dat de eerste olietanker onderweg was uit Iran, kwam Shea met een voorstel gas uit Egypte naar Libanon te exporteren, door de 1.200 kilometer lange Arabische gasleiding via Jordanië en Syrië. Syrië mag een deel van het gas houden voor eigen gebruik.

De transactie wordt gefinancierd met een lening van de Wereldbank en er vinden geen contante betalingen plaats. Daarom heeft het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken laten weten dat het geen sancties toe zal passen. Dat mag dan juridisch gedegen zijn onderbouwd, het is niemand ontgaan dat de VS hebben geholpen een maas in de eigen wet te vinden. Dit voedt het idee dat de VS misschien bereid zijn meer dingen door de vingers te zien.

Ook op internationaal vlak worden er stappen genomen

Met het bloed dat aan de handen van het Syrische regime kleeft, is het moeilijk voor te stellen dat het op een dag ooit weer zal meedoen met de rest van de wereld. Macaron denkt ook niet dat het zo snel zal gaan. “Natuurlijk is niets ondenkbaar in de politiek, maar ik zie nog geen volledige legitimiteit voor Bashar al-Assad, niet voordat stappen zijn gezet in de richting van een oplossing voor het conflict.” Maar ook al is een volledige rehabilitatie van het Syrische regime en Assad ondenkbaar, een gedeeltelijke variant lijkt in aantocht. Niet alleen in het Midden-Oosten, ook op een breder internationaal niveau.

Zo werd Syrië in mei gekozen in de raad van bestuur van de Wereldgezondheidsorganisatie, wat tot protest leidde van de Syrische oppositie. Die benadrukte dat het Syrische regime ongeschikt is zo’n positie te vervullen, terwijl het de laatste tien jaar juist veel medisch personeel in eigen land heeft vermoord.

Interpol kwam in oktober in het nieuws toen het bekendmaakte dat het alle restricties heeft opgeheven die het Syrië in 2012 had opgelegd. Hierdoor krijgt Syrië opnieuw toegang tot het communicatienetwerk en databases van de internationale politieorganisatie, en kan het Interpol verzoeken internationale arrestatiebevelen uit te vaardigen.

Bezoekers van de basketbalwedstrijd tussen Syrië en Kazachstan verzamelen zich buiten het stadion in Damascus.  Beeld Reuters
Bezoekers van de basketbalwedstrijd tussen Syrië en Kazachstan verzamelen zich buiten het stadion in Damascus.Beeld Reuters

Vorige week mocht Syrië voor het eerst sinds het begin van de oorlog weer gastheer spelen van een groot internationaal sporttoernooi. Na onderhandelingen met de Aziatische tak van de internationale basketbalbond Fiba kreeg het toestemming de wedstrijd tussen Syrië en Kazachstan te organiseren. In een lang bericht op de website van de Fiba wordt deze mijlpaal uitgebreid gevierd, maar er wordt niet ingegaan op de reden waarom het internationale basketbal Syrië zo lang niet heeft aangedaan.

Slechts terloops wordt verwezen naar ‘de verschillende situaties door de jaren heen’ waardoor het land ‘de kans niet kreeg’ gastheer te zijn. Op de beelden van de wedstrijd die de Fiba online heeft gezet zijn alle vertrouwde elementen van een internationaal toernooi te horen en te zien: joelende fans, schelle vuvuzela’s en zwaaiende vlaggen. Het stadion in Syrië lijkt op elk ander stadion ter wereld. Op één ding na: net buiten beeld, boven de tribunes, hangt een gigantische afbeelding van Bashar al-Assad. Hij kijkt neer op het spel, een lichte glimlach op zijn gezicht.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234