Zondag 14/08/2022

Walschapprijs tuk op ideeënroman

In de pikorde van de literaire prijzen is de tweejaarlijkse Gerard Walschap Literatuurprijs zichtbaar aan een opmars bezig. Vanavond weten we wie Tom Naegels op de erelijst opvolgt. Er zijn acht genomineerden.

Door Dirk Leyman

ANTWERPEN l De Gerard Walschapprijs is een relatieve nieuwkomer onder de literaire lauwerkransen. Het is geen sinecure om dan je plaats onder de zon te veroveren. Maar de impact én grandeur van een literaire prijs lees je algauw af aan het palmares én het serieux waarmee de organisatoren te werk gaan.

De tweejaarlijkse prijs, begiftigd met 7.500 euro, ging eerder al naar Erwin Mortier, Ilja Leonard Pfeijffer, Josse de Pauw en Tom Naegels. Hij werd in 1999 in het leven geroepen door de gemeente Londerzeel als hommage aan zijn bekendste burger Gerard Walschap. Toch kijkt de prijs bewust niet naar het verleden én heeft hij een dimensie die de gemeentegrenzen ver overschrijdt. Het opzet is om "waardevol werk van hoofdzakelijk jonge auteurs in het licht te stellen". Concreet bekroont de Walschapprijs "Nederlandse of Vlaamse auteurs met maximum vier boeken" op hun conto. Op die manier benadrukt de jury haar voorkeur voor schrijvers die aan een hecht oeuvre timmeren.

Die jury (bestaande uit voorzitter Georges Wildemeersch, Elke Brems, Sophie Dewaele en juryhabituee Rob Schouten) maakt er zich niet met een jantje van leiden vanaf. In februari werden de eerste vier genomineerden gekozen, onlangs voegde de jury daar nog vier kandidaten aan toe om uiteindelijk tot zes Nederlanders, één Vlaming en een Nigeriaanse Vlaming te komen. De gebaande paden worden daarbij uitdrukkelijk gemeden: de Walschapprijs vist ook auteurs en boeken op die een herkansing verdienen. Schrijvers als Peter Delpeut, Vincent Overeem en Joyce Roodnat zullen hier weinig belletjes doen rinkelen. Anders ligt het bij Christiaan Weijts en Yves Petry, die zonder meer als grote kanshebbers gelden.

Opmerkelijk genoeg zijn de helft van de genomineerden debutanten, al vertoont hun werk verder niet de minste overeenkomst. De flamboyantie van Christiaan Weijts in zijn gemakshalve als stalkersroman omschreven Art. 285b contrasteert scherp met het bijna timide proza van Vincent Overeem in Novembermeisjes.

In Novembermeisjes verzamelde Vincent Overeem (°1974) zes verhalen over kopschuwe mannen die wel eens in de knoei zitten over hun seksualiteit. Hij dompelt ons onder in een sfeer van modale treurigheid en rafelige levens. "Je moest eigenlijk geruisloos kunnen leven", zo verzucht een van de hoofdpersonages, een angstige kantoorbediende die door zijn omgeving op de kop wordt gezeten. Overeem haalt ongetwijfeld enige mosterd uit het vroege werk van W.F. Hermans en Gerard Reve. De Nederlandse kritiek volgt intussen met argusogen zijn schrijfesbattementen. De Walschapprijs winnen zou geflatteerd zijn.

Peter Delpeut (°1956) als een debutant catalogeren, zoals het juryverslag doet, is hem enigszins oneer aandoen. De Nederlander legde in tal van geschriften al een bezetenheid voor film aan de dag. In 1998 ontving hij voor de speelfilm Felice, Felice... (waaruit ook een novelle werd gepuurd) zelfs een Gouden Kalf. Het vergeten seizoen is wél zijn eerste roman en treedt op het eerste gezicht in het spoor van Stefan Brijs' De engelenmaker. Hij gaat over een dorpsgemeenschap in de negentiende eeuw waar een pastoor wordt gedropt om klaarheid te brengen in de zaak van een meisje dat er elke week de stigmata krijgt toegediend. De jury schrijft dat Delpeut "godsdienstwaan, medische experimenten, tragische liefde, menselijke lafheid, verdrongen seksualiteit en pseudowetenschappelijkheid samenvoegt tot een heel levendig en boeiend verhaal". Een recensent vond dat Delpeut "veel mooier schrijft dan die duffe Jan Siebelink". Als outsider heeft Delpeut dus geen slechte papieren.

De Nigeriaans-Belgische Chika Unigwe (°1974), die zopas haar tweede roman Fata morgana publiceerde, stelde in haar debuut De feniks de interculturele problematiek op een delicate en schrijnende manier aan de orde. We volgen de Nigeriaanse vrouw Oge die na haar huwelijk met de Vlaamse Gunter in Turnhout belandt. Naast alle aanpassingsproblemen wordt ze geconfronteerd met borstkanker en verliest ze haar zoontje. De jury was vooral onder de indruk van de "beklemmende, verlammende droefheid die deze vrouw overvalt". Erwin Mortier omschreef De feniks bij verschijnen als "een prachtboek": "een verhaal dat pijn doet in zijn scherpte en opvalt door Unigwes erg krachtige zinnen, een dwingend ritme en rake beelden." Het dagblad Trouw had enige bezwaren: "Ungiwe slaagt er niet altijd in haar voorbeelden boven het persoonlijke leven van Oge uit te tillen."

De Leidse schrijver Christiaan Weijts (°1976) had geen last van wanklanken. Zijn superieure debuut Art. 285b vol gejaagde seks en muzikale tintelingen werd door Geerten Meijsing onthaald als "een hel van herkenning". Het uitbundige en hoogst amusante relaas van de 26-jarige pianoleraar Sebastiaan Steijn, die met veel omhaal vertelt over zijn turbulente affaire met de demonische 19-jarige dansstudente én stripteaseuse Victoria Fabers, nestelde zich in geen tijd in de gunst van kritiek, lezers en jury's. Uiteindelijk wordt Steijn aangeklaagd voor belaging. Shortlistnominaties voor AKO en Gouden Uil, de Selexyz Debuutprijs én een bekroning met de Anton Wachter Debuutprijs maakten voor Weijts het feest compleet. De jury van de Walschapprijs kan alvast moeilijk wegstoppen dat ze bijzonder onder de indruk is van deze "cultuurstrijd tussen hoog en laag, tussen klassieke kunst en platvloerse pornografie".

Dat de Walschapprijs oog heeft voor de ideëenroman én tuk is op romans met een maatschappelijke portee bleek al bij de vorige editie. Ditmaal selecteerde de jury drie romans die je onder die koepel kunt vatten.

Zeker niet kansloos is Désanne van Brederode (°1970), die ook door het leven gaat als echtgenote van Volkskrant-criticus Arjan Peters. Zij werd in 2005 ook al genomineerd voor Het opstaan en schrikt zelden terug voor breedgeschouderde en volgestouwde romans, zoals deze Hart in hart. Daarin passeren zowel Guantánamo Bay en Abu Ghraib, fair trade, kinderporno, de multiculturele samenleving en geloofskwesties de revue, om nog te zwijgen van liefde, overspel en verraad. De Nederlandse kritiek was bij momenten wel genadeloos voor het boek. Max Pam sprak van een "ratjetoe zonder een strakke verhaallijn". De jury is het daar lang niet mee eens. "Van Brederode weet verhaal en reflectie, actie en analyse zorgvuldig te doseren en evenwichtig uit te bouwen."

Hans den Hartog Jager (°1968) is nog zo'n schrijver die niet terugschrikt voor urgente thema's en gevleugelde literaire gedachte-experimenten. Zijn tweede roman Maltus voert een man op die zich afvraagt of hij de natuur naar zijn hand kan zetten, waartoe hij ethisch twijfelachtige proeven met ratten en apen onderneemt. Maltus wil in zijn rigide logica door overbevolking ontstane conflicten en moordpartijen bestuderen. Dat moet wel verkeerd aflopen. Het boek kreeg in Rekto:verso het predikaat "thriller zonder er één te zijn" maar de Nederlandse kritiek had het knap lastig met de geloofwaardigheid en de kille rationaliteit. Voor deze Walschapprijs valt Maltus allicht een maatje te licht uit.

Helemaal anders ligt het voor De achterblijver van Yves Petry (°1967), ook al een boek waarin de blinde onderwerping aan ratio en wetenschap nefaste gevolgen heeft. Het hoofdpersonage Gram Goetleven offert zijn beste krachten aan de aanmaak van een machine, lieflijk Baby geheten, die de "totale en sekseloze intelligentie" denkt te kunnen installeren en de mensheid moet degraderen tot een hoopje nitwits. Onderweg naar een congres valt het gebeitelde wereldbeeld van Goetleven in gruzelementen. Het is betekenisvol dat de jury haar fraaiste adelbrieven uit de kast haalt voor De achterblijver, intussen al zijn vierde roman: "Petry heeft dit hedendaagse sprookje neergezet in een taal vol vuurwerk, nu eens met intellectuele brille, dan weer van een meeslepende schoonheid. Met zijn flonkerende stijl geeft hij zijn verhaal precies de goeie swing om het te behoeden voor het gevaar van platte metaforiek en propagandakunst." Dat Petry door de eerbiedwaardige grote AKO-, Libris- en Gouden Uil-jury's zonder boe of bah over het hoofd werd gezien, kan een extra argument zijn om hem de Walschaplauweren toe te bedelen.

Ten slotte is er nog Joyce Roodnat (°1955). Haar tweede roman Sterrenschot lijkt helemaal tussen de plooien te vallen en bleek voor veel recensenten stilistisch een beproeving. Sterrenschot, een psychologische reisroman die Nederlanders tijdens een wetenschappelijke expeditie naar Groenland volgt, is traag en de personages zijn karikaturaal, zo luidt het oordeel.

De conclusie is klaar: nadat de jury haar heikele pro's en contra's zal hebben afgewogen, zullen Petry en Weijts in een scheidsgericht tegenover elkaar staan, al kunnen ook Delpeut en Van Brederode mee in de weegschaal liggen. Maar gezien de Walschapjury niet vies is van romans met maatschappelijke denkstof én Weijts over aandacht al niet mocht klagen, hebben Petry en Van Brederode misschien een extra geredelijke kans om de 7.500 euro op te strijken.

Het evenement rond de uitreiking van de Literatuurprijs Gerard Walschap, met alle genomineerden en ex-laureaten, vanavond om 20 uur in de Bourla, is gratis. Info: www.begeerte.be.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234