Zondag 03/07/2022

'Wij zijn allemaal explorators'

Voor Robert Ballard, 's werelds grootste avonturier van de diepzee, is exploratie een manier van lmeven. De man die de Titanic en de Bismarck ontdekte, en meer dan 110 onderwaterexpedities op zijn naam heeft, geeft advies over de navigatie in de wilde wateren van het zakenleven.

Anna Muoio

Dit is de man die de RMS Titanic vond, de Heilige Graal van de onderwaterexploratie. Onlangs ontdekte hij de USS Yorktown, het diepste scheepswrak dat ooit werd gevonden. Hij kwam het Duitse slagschip Bismarck op het spoor, verkende de luxepakketboot RMS Lusitania en vond antieke Romeinse wrakken in de Tyrrheense Zee. Van op zijn post in het Woods Hole Oceanographic Institution leidde hij een wetenschappelijke expeditie die nieuwe levensvormen ontdekte aan de rand van hydrothermale kraters in de buurt van de Galápagos-eilanden. Hij nam deel aan de eerste bemande exploratie van de Midden-Atlantische Rug, een 15.000 kilometer lange onderzeese bergketen. Alles samen heeft hij meer dan 110 onderwaterexpedities geleid of eraan deelgenomen. Robert Ballard, de man die meer van de oceaanbodem heeft gezien dan eender welke levende wetenschapper, is op 56ste één van de grootste explorators ter wereld.

'Explorator' is geen beroep dat je op visitekaartjes leest, wat niet belet dat steeds meer mensen het zijn. De hedendaagse manager verkent immers onbekend terrein en navigeert in een nieuwe economie die nooit in kaart gebracht is. "Wij zijn allemaal explorators", zegt Ballard. "Ik doe het op een erg opvallende manier, maar in feite zijn we allemaal op zoek naar fundamentele waarheden. En dat is de essentie van de exploratie."

In zijn dertigjarige loopbaan als explorator heeft Ballard geleerd zijn werk als een kringloop te zien. Hij vergelijkt het met de stadia van de epische reis van de archetypische held: dromen, je voorbereiden, een ploeg samenstellen, eropuit trekken en leiden, hindernissen overwinnen, de waarheid ontdekken, de nieuwe kennis delen. Volgens Ballard zijn dat ook de stadia die de manager moet doorlopen om een project van zijn oorspronkelijke conceptie tot zijn uiteindelijke realisatie te brengen.

Ballard is voorzitter van het Institute for Exploration in Mystic, Connecticut, stichter en directeur van de JASON Foundation for Education en schrijver van een aantal boeken, waaronder een autobiografie, Explorations (samen met Malcom McConnel, Hyperion, 1995). Hij legt uit wat exploratie voor hem betekent en wat de voorwaarden zijn voor het succes.

DROMEN. "Explorator zijn betekent dat je een droom hebt. De droom geeft je leven richting en helpt je om de dagelijkse beslissingen te nemen. Laat de droom je over je leven vertellen: bekijk de mogelijkheden door de filter van de droom en vraag je af of een gegeven situatie je dichter bij de realisatie van de droom zal brengen.

"Ik had mijn droom al toen ik nog een kind was. Ik wist dat ik de zeebodem wou verkennen. Het probleem was dat er geen manier bestond om daar te geraken. Er waren geen bemande diepzeetoestellen of onderzeevaartuigen met afstandsbediening. Ik hoorde echter geruchten over nieuwe technologieën, zoals vezeloptica en robotica, waarvan ik wist dat ze een deel zouden zijn van mijn droom. Ik besefte dat ik moest leren wat ik 'parallel denken' noem - de verschillende convergerende ontwikkelingen in de gaten houden die de realiteit dichter bij mijn droom zouden brengen. Ik moest ook leren mijn droom aan anderen te verkopen. Vaak voelde ik mij meer een verkoper dan een wetenschapper. Als je je droom verkoopt, moet je aan tafel gaan zitten met je geldschieters, alles zo duidelijk mogelijk voorstellen en hen ervan overtuigen dat het zal lukken. Kijk hen in de ogen en knipper niet. Ze willen je nooit zien knipperen.

JE VOORBEREIDEN. "Een echte explorator is zich altijd aan het voorbereiden op de volgende expeditie. Heel mijn leven heb ik over de zee geleerd. Het is een proces dat nooit eindigt. Ik heb jaren gewijd aan het in kaart brengen van een onderzeese bergketen. Als geoloog heb ik de platentektoniek bestudeerd, het vulkanisme en complexe hydrothermale processen. Ik heb het grootste deel van mijn vroege volwassenheid onder zee doorgebracht, terwijl ik 110 expedities leidde of eraan deelnam. En elke expeditie was een voorbereiding op de volgende.

"Eén van de sleutels van de voorbereiding is begrijpen wat er zal gebeuren. Ik ben altijd een voorloper geweest. In 1973 pleitte ik voor bemande duiktoestellen voor onderzeese exploratie. Ik wou de oceaanbodem bereiken in plaats van er mijlen boven te blijven. Het onderzoek en de financiering werden echter gedomineerd door een heleboel prominente en machtige geofysici en hun 'beproefde' technologie: oppervlakteschepen en sonar. Tegen 1980 voerde ik dan weer campagne tégen bemande duiktoestellen, die toen algemeen aanvaard werden. Ik was klaar voor het volgende paradigma van de exploratie: op afstand bediende duikboten.

"Ik denk altijd in termen van de toekomst. Waar wil ik over vijf, tien, vijftien jaar staan? Voorspellen wat er zal gebeuren, is niet moeilijk, je moet alleen weten hoe je het moet zien. De meeste mensen hebben het echter zo druk met bij te blijven met wat vlak voor hen ligt dat ze geen tijd hebben om verder te kijken. Als je naar de toekomst kijkt, kun je ze gemakkelijk zien: ze ligt daar."

EEN TEAM SAMENSTELLEN. "Het juiste team is het hart van elke expeditie. Als ik iemand ontmoet, weet ik onmiddellijk of ik hem wel of niet zou willen aannemen - ik vertrouw mijn intuïtie. Toch laat ik altijd mijn team beslissen. Als ik iemand aanneem, dwing ik het team om hem te aanvaarden. Als hij dan een vergissing maakt, zal het team onmiddellijk zeggen dat ik de verkeerde heb gekozen. Maar als het team zelf iemand aanneemt die een fout maakt, zullen ze hem dekken.

"Mijn expedities zijn meestal bemand met erg intelligente mensen - wetenschappers, op jacht naar hun eigen Gulden Vlies. Maar een schip is te klein voor een legertje ego's. De laatste persoon met wie je 6.000 meter onder de oceaan wil gaan, is iemand die intellectueel volledig op zichzelf gericht is. Als ik een team leid, zorg ik dus dat iedereen iets te winnen heeft. Ik heb verschillende agenda's: deze man hier denkt aan biologie, de ander heeft belangstelling voor paleolithische geschiedenis, een derde wil een nieuwe technologie testen. Wie zich op één detail concentreert, is blind voor alle andere mogelijke ontdekkingen."

EROPUIT TREKKEN EN LEIDEN. "De eerste taak van een expeditieleider is het totaalbeeld in de gaten te houden en de details aan anderen over te laten. Een goede leider weet dat efficiënt zijn synoniem is met gezag delegeren. Maar daar schuilt wel degelijk een gevaar: de persoon aan wie je delegeert, kan zijn eigen agenda hebben. Tijdens de expeditie naar de Bismarck had ik een student gekozen om wacht te lopen. Voor ik ging slapen, vertelde ik hem precies welke koers hij moest volgen. Toen ik wakker werd, ontdekte ik dat hij zijn eigen koers had gevaren in plaats van de mijne te volgen. Hij had niet alleen een bevel in de wind geslagen en kostbare tijd verloren met het najagen van zijn eigen ideeën, hij had bovendien gefaald. Hij begon zich uitgebreid te verontschuldigen, maar ik zei dat ik geen excuses wou horen. Hij kon kiezen: mijn bevelen opvolgen of zijn eigen expeditie organiseren. Zo eenvoudig is dat.

"Mijn grootste mislukking was echter de expeditie die ik in 1988 leidde om in de Middellandse Zee antieke wrakken in kaart te brengen. Tegelijkertijd zocht ik naar sporen van onderzeese vulkanische activiteit en werkte ik mee aan een geologisch onderzoek. Het was een ingewikkelde expeditie. We hadden een filmploeg van National Geographic aan boord. Naast de gebruikelijke scheepsbemanning van technici was ik de enige wetenschapper. Het was een vergissing geen collega's mee te nemen - er was geen intellectueel centrum. Het was alsof je alleen soldaten had en geen officieren.

"Anders dan op de meeste van mijn expedities was er deze keer geen concrete focus. Ik wist niet zeker wat ik zocht. Het was meer een intuïtief zoeken, maar ik slaagde er niet in de bemanning de redenering achter mijn strategie duidelijk te maken. Na dagen van vruchteloos zoeken werden sommige mensen opstandig en trokken ze mijn beslissingen in twijfel.De hele structuur van het team begon te ontbinden en ik besefte dat ik de expeditie moest afblazen. Dat was een van de bitterste en meest frustrerende momenten van mijn loopbaan, maar het leerde me veel over leiding geven. Ik weigerde mij te laten verslaan. In 1995 en 1997 keerde ik terug naar de Middellandse Zee en ontdekte ik de grootste concentratie van antieke scheepswrakken die ooit in de diepzee zijn gevonden."

OBSTAKELS OVERWINNEN. "Op elk punt van de reis zul je allerlei obstakels ontmoeten. Een van de lastigste is de menselijke hindernis, zowel op individueel als op bureaucratisch niveau. De truc is dat je nooit mag opgeven. Blijf vechten tegen de bureaucraten die je in de weg staan en vroeg of laat zullen ze bezwijken. Als je volhoudt, zul je vroeg op laat op hun deur kloppen en merken dat ze weg zijn om te lunchen of een kop koffie te drinken - en dan is de weg vrij.

"Een andere grote hindernis die je moet overwinnen, is de mislukking. Als je faalt - en dat zal je doen - moet je doorzetten. De eerste keer dat ik op zoek ging naar de Bismarck, faalde ik. Maar ik ging terug en zei tegen mijn sponsors dat ik nu tenminste wist waar hij niet lag. Toen bracht ik mijn mensen weer samen, we herbegonnen en we slaagden.

"Het grootste obstakel is echter de angst. Toen wij de Titanic vonden, 3.800 meter onder de zeespiegel, wisten we dat we hem moesten filmen. Om dat te kunnen, zouden we de Argo, ons op afstand bediende onderwatervaartuig dat met krachtige camera's uitgerust was, over het wrak moeten sturen. We wisten echter niet of het wrak recht lag. Dat was een levensbelangrijk detail. Als het wrak overeind lag, zouden de vier enorme schoorstenen, de masten voor en achter, de tuidraden en de radioantenne vijftien meter boven de superstructuur uitsteken en een reusachtig spinnenweb vormen. In dat geval bestond het risico dat we de Argo zouden verliezen als we hem te dichtbij brachten. Het probleem was dat ik de Arbo dichtbij zou moeten brengen om te weten of het schip al dan niet recht lag. Ik besloot het risico te nemen. Voor die missie koos ik mijn beste mensen, het team dat ik het meest vertrouwde - de mensen die de wacht hielden terwijl ik sliep. Earl Yong was de piloot die de Argo op afstand bediende. Hij had slechts één sensor die hem vertelde wat er onder de Argo lag. Wat vóór hem lag, kon hij helemaal niet zien. De duikboot ging recht op de Titanic af. Op het scherm zagen we het sonarsignaal snel stijgen - de Argo bewoog zich recht naar die enorme massa. Ik zei tegen Yong dat het zou voelen alsof hij op de Titanic zou botsen en dat hij zich instinctief zou willen terugtrekken. Ik zag dat heel zijn lichaam zich spande - zijn knokkels werden wit.

"De Argo daalde eindeloze minuten lang. Ik besefte dat de Titanic inderdaad overeind lag. We gingen er voorzichtig omheen, tot ik zag dat de masten en de schoorstenen omgevallen waren. Dat betekende dat de tuidraden neerlagen en we niet bang moesten zijn dat de Argo in de kabels verstrikt zou raken. Maar die enkele minuten lang dreigden we alles te verliezen."

DE WAARHEID ONTDEKKEN. "Exploratie heeft voor mij altijd te maken gehad met het vinden van waarheden. De zee is die zin een echte schatkamer. Op de oceaanbodem ligt meer geschiedenis dan in alle musea van de wereld samen. Als ik bedenk dat geen enkele Amerikaanse wetenschapper ooit met een bathyscaaf eender waar op het zuidelijk halfrond is neergedaald, of dat wij nog nooit de bodem van de Zwarte Zee hebben verkend, vraag ik mij af welke hoofdstukken uit de geschiedenis van de mens wij missen.

"Natuurlijk bestrijkt de waarheid verschillende categorieën. De eerste helft van mijn leven heb ik besteed aan het zoeken van de waarheden van de natuurhistoricus: onderzeese vulkanen, hydrothermale kraters, platentektoniek. Na de ontdekking van de Titanic besefte ik dat ik genoeg lava en buiswormen had gezien voor de rest van mijn leven. Nu heb ik belangstelling voor de geschiedenis van de mens. Ik wil antwoorden vinden op de fundamentele vragen: wie, wat, waar, wanneer en hoe. Een ontdekking zoals die van de Titanic helpt ons om blanco bladzijden van de geschiedenis te vullen. En dat is wat exploratie hoort te doen."

NIEUWE KENNIS DELEN. "Het delen van je kennis is de laatste stap van de epische cyclus. Het bevrijdt je van je verplichting. Volgens de mythe begon de reis van Columbus toen hij tegen koningin Isabella zei: 'Geef mij uw juwelen en ik zal de wereld verkennen.' Zijn reis was pas afgelopen toen hij met het nieuws van zijn ontdekkingen terugkeerde.

"Nadat ik de Titanic had gevonden, kreeg ik meer dan 10.000 brieven van kinderen die wilden weten hoe het was geweest. Zij wilden dat ik mijn kennis deelde. Daarom heb ik de JASON Foundation for Education gesticht, een educatieve organisatie zonder winstoogmerk die voor duizenden kinderen in heel de wereld live-uitzendingen verzorgt van exploraties. Zo konden in 1990 200.000 kinderen 'virtueel' meereizen met ons team toen wij de wrakken verkenden van de Hamilton en de Scourge, twee gewapende schoeners die in de Oorlog van 1812 in het Ontario-meer waren gezonken.

"Uiteindelijk is dat de echte taak van een explorator: alles delen wat je hebt geleerd, het voor anderen beschikbaar maken en de cyclus sluiten die je startte toen je de reis begon."

©De Morgen / Fast Company

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234