Donderdag 20/01/2022

InterviewBenito Raman

‘Met mijn ervaring uit Duitsland zou ik bij de beste spelers in België moeten horen’

Benito Raman. ‘Nog een half jaar bij Schalke? Dan was ik gestopt met voetballen.’ Beeld BELGA
Benito Raman. ‘Nog een half jaar bij Schalke? Dan was ik gestopt met voetballen.’Beeld BELGA

Dames en heren, le nouveau Benito Raman (26) est arrivé. Zonder wilde haren, maar het hart nog steeds op de tong. Daarom: 40 minuten Benito Raman Uncensored. Over de Grote Terugkeer, de (on)zin van zijn sprints, dreigberichten en de Schalke-nachtmerrie die hem bijna deed stoppen.

SVL

Benito Raman is terug, tot spijt van wie het benijdt. In een paars shirt, in het Lotto Park. “Anderlecht en ik kunnen elkaar beter maken.” Wat de eerste weken al gebeurde. Vorig weekend was er een belangrijke assist, een week eerder opende hij in Eupen zijn rekening. Voor de zekerheid, “want ik twijfel nog steeds of het schot van Amuzu wel binnen zou gerold zijn”, zegt hij met de glimlach. Dat blijft een mysterie, maar één ding is zeker: Benito Raman geniet in eigen land weer van zijn familie én het spelletje.

Je bent een kleine maand weer in België. Hoe evalueer je jouw eerste weken?

“Mijn eerste wedstrijden vond ik niet al te best. Misschien had ik mezelf te veel druk opgelegd om vanaf het eerste moment te presteren. Tegen Seraing ging het al beter, maar er blijft natuurlijk progressiemarge. Dit was zeker nog niet de beste Raman. Al vind ik stilaan zeker mijn draai en vind ik ook het spelplezier terug. Soms nog met iets te veel enthousiasme. Ach, de supporters houden daarvan en de tegenstanders iets minder (lacht). Met de andere jongens klikt het. We vinden mekaar steeds beter.”

Met Zirkzee leek je afgelopen weekend al een zeer complementair duo.

“Dat klopt. De coach hamert erop dat als Joshua de bal heeft, ik meteen een loopactie in de diepte opzet. Zo speel ik graag. De dagen voor onze eerste wedstrijd samen zei Joshua me al hoe hij me zou aanspelen. En zo is het ook uitgevoerd geweest. Met onze ervaring uit de Bundesliga moeten we in staat zijn om elke wedstrijd grote kansen af te dwingen, om daar dan hopelijk uit te scoren.”

Een systeem met twee spitsen draagt dus jouw voorkeur weg?

“Niet per se. In de heenwedstrijd in Albanië was ik de enige spits en liep ik heel veel. Sommigen zeggen dat dat nutteloze inspanningen zijn, maar de statistieken spreken voor zich. Wanneer ik alleen voorin speel, maak ik veel meters en creëer ik ruimte voor anderen. Daar kunnen zij dan van profiteren. Dat ik nooit doseer? Zo kennen de mensen mij. In Duitsland is mijn uithouding fel verbeterd. Ik heb er eens 53 keer in één match minstens twee seconden sneller dan 24 kilometer per uur gelopen. Dat was een record in de Duitse competitie. (Tegen Frankfurt op 11 maart 2019, red.)

Wat is, naast uithouding, het belangrijkste dat je geleerd hebt in Duitsland?

“De Bundesliga is totaal anders dan de Jupiler Pro League, natuurlijk. Het gaat er voetballend een stuk sneller, de intensiteit is hoger. Eigenlijk ben ik in Duitsland een completere voetballer geworden. Ik heb er gewerkt aan mijn positiespel, uithouding en diepe sprints, ik ben koeler geworden voor doel... Er wordt ginds ook veel in de fitness gewerkt, al zal ik dat nooit graag doen (lacht). Ik heb er alleszins veel ervaring opgedaan. Daarmee zou ik bij de beste spelers van België en de wekelijkse uitblinkers van Anderlecht moeten horen. Nu is het aan mij om dat waar te maken. Lukt dat niet, dan heb ik als speler gefaald.”

Begreep je de twijfels bij je transfer naar Anderlecht?

“Omdat ik vorig seizoen amper gespeeld had in Duitsland, vroegen velen zich wellicht af wat ik Anderlecht kon bijbrengen. Na mijn eerste twee wedstrijden waren die twijfels ook terecht. Intussen heb ik wel getoond dat ik gewoon ritme nodig had. Het is voor elke voetballer moeilijk om er meteen te staan na vijf maanden inactiviteit. Als ik deze lijn kan doortrekken, gaan we leuke tijden tegemoet. En zullen de twijfelaars hun mening herzien.”

Sommige reacties gingen wel ver. Er waren zelfs persoonlijke berichten op Instagram.

“Online is het makkelijk om een mening te hebben. Zulke reacties gaan er bij mij even snel weer uit. Al waren er ook een paar berichten zonder enig respect, zelfs met een dreigende ondertoon. Zo was er een Standard-supporter die me stuurde ‘dat ik me kalm moest houden in Brussel, of dat hij anders mijn nek zou breken’. Ik kan veel accepteren, maar dat ging te ver.”

De stadions zitten straks weer vol. Heb je, in navolging van die berichten, schrik voor fluitconcerten?

(snel) “Waarom zou ik worden uitgefloten? Bij mijn weten heb ik nooit één slecht woord uitgesproken over een andere Belgische club. Ook de Luikse fans vrees ik niet. Er zijn talloze voetballers in de geschiedenis die voor twee rivalen hebben gespeeld. Als ze willen schelden of fluiten tijdens de match, mag dat. Dat doet me helemaal niets, ik lach er eens mee. Maar na 90 minuten moet de knop omgedraaid worden. Dan wil ik gewoon over straat kunnen lopen zonder woorden naar mijn hoofd geslingerd te krijgen.”

Over extreme supporters gesproken. Vijf maanden geleden beleefde je bij Schalke een nachtmerrie. De avond van de degradatie vielen fans de spelersgroep aan.

(zucht) “Ik was er die bewuste avond gelukkig niet bij. Aanvankelijk zeiden de supporters die aan het stadion stonden dat ze enkel wilden praten. Dat was natuurlijk onzin. Vlak na een degradatie kom je niet om 2 uur ’s nachts naar het stadion ‘om te praten’. De hel brak los. Spelers moesten vluchten en op hotel gaan slapen, iemand is door elf heethoofden naar huis gevolgd (Suat Serdar, red.), auto’s werden vernield... Die jongens hebben daar trauma’s aan overgehouden.

“De schrik zat er de dagen nadien goed in bij de spelersgroep, mezelf inclusief. We hebben even getwijfeld om de laatste matchen nog af te werken. De spelers die in de buurt van het stadion woonden, konden zelfs politiebescherming krijgen. Bij ons heeft er twee à drie weken dag en nacht security gestaan. Dat gaf me een geruster gevoel, zeker aangezien mijn vrouw en zoontje de laatste weken van de competitie door quarantaineregels alleen thuis waren.”

Hoe is het zover kunnen komen? Een traditieclub als Schalke 04 die zakt.

“Het voornaamste probleem was de sfeer in de kleedkamer. Die zat eigenlijk te goed. Nooit leefde het gevoel dat we zouden zakken, integendeel. Alles ging er heel ‘relaxed’ aan toe. Dat was de fout van iedereen binnen de club, van directie tot spelersgroep. Iedere week riepen we na de match wel dat we als kinderen speelden, niet goed genoeg waren... Maar de dag erna hadden die woorden geen impact op de training. Het leek alsof we een rustig seizoen kenden terwijl het water ons aan de lippen stond.”

Dat jullie vijf trainers versleten hebben, hielp ook niet. Een van hen kende zelfs de namen van de spelers niet.

“Christian Gross... (zucht). Hij is twee maanden hoofdcoach geweest, in al die tijd hebben we niets gedaan. Letterlijk niets. We bereidden een match tegen Bayern voor met kleine doeltjes van de middellijn tot tien meter verder. Er was geen enkele tactische bespreking. Dan vraag ik me af hoe je die wedstrijd wil winnen. Gross vroeg ook eens aan een ernstig geblesseerde ploegmaat of hij die blessure niet fakete. Tja.

“In sommige wedstrijden hebben we het als spelersgroep gewoon zelf gedaan. Zonder te luisteren naar de coach. We deden wat ons het beste leek, en het liep nog niet eens zo slecht op die momenten. Onder Gross’ opvolger, Dimitrios Grammozis, werd er wel goed en tactisch getraind. Al was het kalf toen al verdronken. De ploeg zat in zo’n negatieve spiraal, een ondankbare situatie voor hem. Dit seizoen lijkt het in tweede klasse gelukkig beter te gaan.”

Jullie voelden de slechte gang van zaken ook in jullie portefeuille. Hoeveel loon hebben jullie ingeleverd tijdens de coronacrisis?

“Vrij veel, we hebben er alles aan gedaan om de club te helpen. De eerste vier maanden van de crisis hebben we allemaal 30 procent van ons maandloon laten vallen. Nadien kregen we een tijdje weer ons normale loon, maar het laatste jaar hebben we nog eens 15 procent ingeleverd. Als je het in z’n geheel bekijkt, hebben wij als Schalke-spelers in twaalf à veertien van de achttien maanden loon afgestaan. En dat terwijl er clubs waren die tijdens de tweede golf niets meer vroegen van hun spelers.”

Was het initieel de bedoeling om terug te keren naar België?

“Ik wou sowieso vertrekken uit Duitsland. Samen met mijn entourage onderzocht ik mogelijkheden in Engeland, Spanje en Italië. Een concreet voorstel kwam er echter nooit. Een transfer naar België was dus niet het oorspronkelijke plan, maar door familiale omstandigheden is alles in een stroomversnelling gekomen. De interesse van Anderlecht kwam toen op het juiste moment. Mijn keuze was snel gemaakt.”

Er was toch interesse van Beerschot?

“We hebben gepraat, ja. Spelers als Holzhauser en Noubissi stuurden me ook wat berichtjes. Maar met alle respect: Beerschot zou het financieel moeilijk gehad hebben om mij binnen te halen. Een constructie via Sheffield United was misschien mogelijk, al is er met hen geen rechtstreeks contact geweest. Beerschot heeft me wel tot het allerlaatste moment proberen te overtuigen. Zelfs tot op de dag dat ik hier tekende.”

Is het de bedoeling om je te settelen bij Anderlecht of is Neerpede slechts een tussenstop?

“De onderhandelingen met Anderlecht zijn razendsnel gegaan. Ondanks dat risico ging ik ervan uit dat alles hier goed zou verlopen de komende jaren, om nadien eventueel nog eens de stap naar het buitenland te zetten. Maar voor hetzelfde geld ambieer ik een lange carrière bij Anderlecht. Ik ben alleszins heel blij dat ik hier getekend heb. Als ik nog een half jaar bij Schalke had gezeten, was ik gestopt met voetballen.”

Droom je nog van de Rode Duivels?

“De nationale ploeg is mijn ambitie, maar het is duidelijk dat ik eerst zal moeten presteren bij Anderlecht voor er weer een kans komt. Als ik een goed seizoen in Schalke achter de rug had gehad, was ik er wellicht vaak bij geweest en maakte ik misschien kans op een EK-selectie. Het is anders uitgedraaid. Nu moet ik hier weer voetballer worden en tonen dat ik het waard ben om opgeroepen te worden.”

Je bent intussen getrouwd en hebt een zoon: de wilde haren ben je kwijt. Hoe ben je de voorbije vier jaar geëvolueerd als persoon?

“Mensen die mij nog associëren met mijn eerste periode in België, kennen mij niet meer. Ik ben een volledig andere persoon. Op het veld is er natuurlijk nog dezelfde passie en emotie, ernaast ben ik veel rustiger geworden. Ik heb de Duitse mentaliteit overgenomen. Het vaderschap heeft mij in zekere zin ook veranderd. Vroeger trok ik me slechte trainingsdagen hard aan. Als ik nu een mindere dag op het voetbal heb gehad, vergeet ik die meteen wanneer ik Mason (zijn zoontje van 3,5 maand, red.) zie.”

Ben jij een huismus geworden?

(grijnst) “Ik ga nog steeds graag iets drinken en eten, hoor. Het verschil is dat ik niet meer elke week sta te springen om te gaan feesten. Wat ik wel eens wil doen, is na een wedstrijd een pintje drinken met de supporters (Raman ging intussen na de thuismatch tegen Laçi langs, red.). Bij Schalke ben ik eens bij de fans op hotel iets gaan drinken. Ze apprecieerden dat enorm. Het is jammer dat zulke volkse tradities stilaan verdwijnen uit het voetbal.”

En wat met de partijtjes snooker?

“Darts is nu mijn favoriete bezigheid! Ik heb thuis een bord opgehangen en ben er wel vrij goed in. In de familie klopt niemand mij (lacht). Pingpongen in de spelersruimte doe ik niet, da’s meer iets voor de jonge gasten.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234