Zondag 22/05/2022

ReportageWK veldrijden

Sven Nys verkent WK-rondje in Fayetteville: ‘Lange klim bepaalt wie kampioen wordt’

Sven Nys is zijn kunstjes op de fiets nog niet verleerd. In Fayetteville vindt hij een mooie en zware omloop. Beeld Belga
Sven Nys is zijn kunstjes op de fiets nog niet verleerd. In Fayetteville vindt hij een mooie en zware omloop.Beeld Belga

Sven Nys vlamt anderhalf uur door het Centennial Park in universiteitsstad Fayetteville, dat het tweede WK cyclocross ooit op Amerikaanse bodem huisvest. ‘Ik ben onder de indruk’, zegt hij. ‘Hier wint geen outsider.’

DNR

Sven Nys, teammanager van Baloise Trek Lions, bezocht deze site al in oktober. Toen was Fayetteville de tweede manche in de wereldbeker en fietsten de renners in de blubber. Dit weekend zal van modder geen sprake zijn. De ondergrond in het Centennial Park ligt er kurkdroog bij, het parcours is razendsnel. Het park, gelegen op de top van Millsap Mountain, werd de voorbije weken aangekleed met kraampjes en eetstandjes. Een veldritparcours dat er zowaar ‘gezellig’ uitziet, het is eens wat anders.

“Drie jaar geleden zijn ze hier van nul met de opbouw gestart”, vertelt de 45-jarige Nys. “Een initiatief van de familie Walton, de steenrijke eigenaars van Wallmart, de grootste warenhuisketen uit de VS. De Waltons hebben hun hoofdzetel in Bentonville, hier een paar kilometer verderop, en hebben de voorbije jaren miljoenen dollars geïnvesteerd in de promotie van het offroadfietstoerisme in de regio. Honderden kilometer trails hebben ze aangelegd. Dit WK past in dat plaatje. De aanleg van dit parcours alleen al heeft ongeveer 5 miljoen dollar gekost.”

Een deel van dat budget is gegaan naar kunstgras. De ondergrond zit vol stenen en was allesbehalve geschikt om op te crossen. Een scenario zoals dat bewuste WK in het Luxemburgse Bieles wilden ze vermijden, dus werd het hele parcours vol grasmatten gelegd. “Dat veroorzaakte in oktober, toen de regen met bakken uit de lucht viel, nog kleine ongemakken omdat er gleuven waren ontstaan tussen de matten. Intussen is het gras ingegroeid en werden nog een aantal stukken toegevoegd. Vandaar dat de omloop er nu als een biljartlaken uitziet. En hoe meer erover gereden wordt, hoe beter het bolt.”

De start

De startzone is breed en lang, ziet Nys, met een flauwe bocht naar links bij het induiken van het veld. “Daarna volgt snel een scherpe, haakse bocht, evenwel zonder echt gevaar op valpartijen. Een bewust lusje om de hoge startsnelheid te breken en het peloton op een lint te krijgen, want hierna gaan we onmiddellijk vol een lange en razendsnelle afdaling in.

“Ooit Mario Bros. gespeeld?", vraagt Nys plots. “Een computerspel waarmee je met een autootje over een parcours scheurt en probeert niet uit de bocht te vliegen. Je kunt de afdaling ermee vergelijken, maar dan op de fiets en door een bos. Dit is, mede dankzij de grasmatten, schitterend aangelegd.

“De afdaling duurt en blijft duren. Gelukkig wordt ze even onderbroken door een bruggetje. Om de snelheid eruit te halen voor de brug is na de wereldbekermanche een lusje ingebouwd. Zo wordt de brug vanuit stilstand opgereden. Let wel, dit is het enige stukje zonder kunstgras, dus dat wordt opletten voor stenen die boven komen. De brug zelf dient als breker voor de lange afdaling, die hierna gewoon verder slingert tot aan het diepste punt van het parcours.”

null Beeld DM
Beeld DM

De klim

Vals plat, wordt verteld over de klim. Maar dat valt lelijk tegen, vindt Nys, omdat je de snelheid van de afdaling niet kunt meenemen naar het eerste stuk van de klim. “Zo goed bolt dat dus niet. En de klim blijft duren. Eerst licht bergop, dan een steiler stuk, dan weer wat gematigder en finaal komt er nog een nieuw aangelegde ‘puist’. Ik ken geen enkele cross in Europa met zo’n lange helling, zelfs niet de Koppenberg. Schrijf maar op: deze klim bepaalt wie wereldkampioen wordt.”

Volgens de tweevoudige wereldkampioen voel je als renner hier al in de eerste of de tweede ronde of je de benen hebt om te winnen. “Een sprinter zal vooral mikken op overleven, om het dan af te maken aan de finish. Anderen, zoals Toon Aerts of Eli Iserbyt, gaan die klim willen benutten om het verschil te maken. Aerts met de lengte van de klim in zijn voordeel, Iserbyt met de steil hellingsgraad. Hier moeten ze de koers hard maken”, meent Nys. “Best in volle finale, maar ik vermoed dat ze halverwege al een keer gaan testen om te zien hoe de waardeverhoudingen zijn. Niet all-in, want het is geen parcours dat er zich toe leent om lang alleen te rijden. Maar zo’n test halfkoers is interessant. Ook wij als toeschouwer gaan daar al veel wijzer worden.”

Niet onbelangrijk: hier verken je als renner maar beter degelijk, zegt Nys, want de keuze van de versnellingen is belangrijk en dat is zeer individueel, ook omdat niet alle toppers met hetzelfde materiaal rijden. “Ook de bandenkeuze lig nog niet vast. Ik verwacht dat het griffo gaat worden: iets minder grip, maar wel beter bollend. Ook daarvoor verkennen renners best op dezelfde uren als wanneer ze hun wedstrijd rijden. Dan is, uitgaand van identieke weersomstandigheden, de ondergrond vergelijkbaar.”

Dat het een perfecte klim voor Wout van Aert is, stelt Nys nog. “Toen ik dit in oktober voor het eerst zag schoot de naam Van Aert me meteen door het hoofd. Nu komen we uit bij de vier favorieten: Pidcock, Iserbyt, Aerts en Van der Haar. Voor Vanthourenhout had het wellicht iets technischer mogen zijn.”

De trap

“Na de eerste passage door de materiaalpost, waar ik weinig wissels verwacht, heb je nog dat laatste bultje om de klim pittig af te sluiten. Daarna volgt een crosstechnische passage, geïnspireerd op Ruddervoorde, om naar de laatste loodzware zone te gaan: de immens trap.”

Nys komt puffend boven. “Je moet die trappen van beneden aankijken om te beseffen hoe hoog en lastig die zijn. Ik tel 37 treden. De binnenkant zal voor de mannen met de kortere beentjes zijn. De grotere jongens als Aerts zijn wellicht beter af door rechts te lopen.”

Dit is de laatste zware hindernis richting de finish. “Nadat je in volle finale voluit bent gegaan op de klim moet je die inspanning hier doortrekken om een eventuele kleine voorsprong te behouden. Ook onderweg is de trappenpartij van belang, ze mat af.”

"Je moet die trappen van beneden aankijken om te beseffen hoe lastig die zijn."Beeld Belga

Eens boven op de trappen volgt een spectaculaire afdaling. Tenminste, zo ziet die eruit. “Om eerlijk te zijn, eigenlijk stelt dit weinig voor”, zegt Nys. “Zelfs amateurs gaan hier vlot naar beneden rijden. Dit is een extraatje om de Amerikaanse fan te vermaken. Eentje voor de show.”

De aankomst

“In het laatste stuk valt vooral de carrousel op. Knap afgewerkt, maar daar gaat het verschil niet meer gemaakt worden. Als het hier nog samentroept, wordt het een sprint op een rechte lijn van bijna 200 meter, heel licht bergaf. Je kunt mooi je lijn kiezen. Het heeft geen zin om de sprint in te zetten. Integendeel, je zit maar beter in tweede of derde positie.”

De conclusie

“Dit is een gewoon een heel mooie omloop. Ik ben onder de indruk van de arbeid die geleverd is. Ik heb hier een Olympische Spelen-gevoel. Deels artificieel, wel opgebouwd met natuurlijke elementen als hout en stenen. Zelfs voor de cameramannen zijn houten staketsels, inclusief afdak, gebouwd. Als je dit parcours afkeurt, dan is dat omdat je hier niet bent geweest.

“Op sportief vlak wordt dit een eerlijk WK met de lange klim als scherprechter.” Dat het een vliegmeeting kan worden? Daar gaat Nys niet mee akkoord. “Uiteraard bepalen de weersomstandigheden of een parcours er droog of nat bij ligt. En nee, het is niet supertechnisch. Maar dat is in het verleden al meermaals het geval geweest. Brede parcoursen, weinig haakse bochten, wat meer lichtlopend. Dat komt de spankracht ten goede. Ik heb hier niets op aan te merken.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234