Maandag 08/08/2022

ADHD

Ouders, leraars en huisartsen moeten beter geïnformeerd worden over rilatine

Na 185 bestaande studies te hebben bekeken, konden onderzoekers niet met zekerheid zeggen dat methylfenidaat (het werkende bestanddeel in rilatine) de levens van minderjarigen met ADHD verbetert. Beeld THINKSTOCK
Na 185 bestaande studies te hebben bekeken, konden onderzoekers niet met zekerheid zeggen dat methylfenidaat (het werkende bestanddeel in rilatine) de levens van minderjarigen met ADHD verbetert.Beeld THINKSTOCK

Tienduizenden Belgische kinderen slikken rilatine. Toch blijft het onduidelijk hoe het meest gebruikte ADHD-medicijn werkt en wanneer het nu wel of niet voorgeschreven moet. Om de kennis te verbeteren, zet minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) in op ADHD-experts. In 2016 moet elke provincie er een hebben.

FEMKE VAN GARDEREN

390.000 euro. Dat bedrag moet volgend jaar bijkomend uitgetrokken voor tien deeltijdse ADHD-experts. Bedoeling is dat zij, per provincie, aan ouders, leerkrachten, maar ook huisartsen de nieuwste inzichten over de aandachtsstoornis bijbrengen.

Het verbeteren van deze kennis past in het beleidsplan 'Geestelijke gezondheidszorg voor kinderen en jongeren', waarvoor minister Maggie De Block in totaal 21,2 miljoen euro vrijmaakte. Met dat plan moeten enerzijds gecoördineerde netwerken opgezet worden, die op een provinciaal niveau alle betrokkenen over de sectoren heen moeten samenbrengen.

Anderzijds moet de zorg op het terrein versterkt worden. Het is daar dat de informatieverstrekkers, waartoe De Block de ADHD-experts rekent, komen kijken, samen met de mobiele teams en de ondersteuners bij crisissituaties. "Het doel is om jongeren de juiste zorg, op de juiste plaats en op het juiste moment te geven", aldus woordvoerster Els Cleemput.

Voorschrijfgedrag loopt uiteen

De experts moeten gespecialiseerd zijn in de stoornis. "Bedoeling is dat ze op verschillende plekken aan de slag gaan. Dat kan op vraag van bijvoorbeeld een CLB, dat ouders of leerkrachten rond het thema wil samenbrengen, maar evengoed bij een lokaal overleg onder huisartsen."

Dat de kennis over ADHD, en vooral over het ADHD-medicijn bij die laatste groep beter kan, beaamt professor huisartsgeneeskunde Jan De Maeseneer (UGent). "We weten al lang dat het voorschrijfgedrag in de provincies enorm uiteenloopt", zegt hij. West-Vlaanderen spant de kroon. Vorig jaar bleek het nog, uit een studie. Amper 20 artsen bleek er 60 procent van de rilatine voor te schrijven. Vooral in Kortrijk bleken de doosjes opvallend vaak verkocht te worden. Het aantal kinderen dat het middel er slikte, lag er twee keer boven het landelijk gemiddelde. De Maeseneer: "Ligt het aan een hogere prestatiedrang? Aan hogere verwachtingen? Niemand weet het."

De Maeseneer is wel te vinden voor het plan met de ADHD-experts. "Maar ik hoop dat het niet alleen bij die experts blijft. Het lijkt mij nodig om ook te onderzoeken waar dat uiteenlopende voorschrijfgedrag aan te wijten is."

Rilatine wordt in ons land terugbetaald bij twee indicaties: ofwel bij ADHD, maar enkel bij wie 6 tot en met 17 jaar is, ofwel bij narcolepsie, ongeacht de leeftijd. Uit cijfers van het Riziv blijkt dat in 2014 in totaal 27.854 patiënten het middel terugbetaald zagen. 26.214 daarvan waren minderjarig.

Opvallend in dit licht, is een review die de Cochrane Collaboration, een internationale, onafhankelijke onderzoeksgroep, bekendmaakte. Na 185 bestaande studies te hebben bekeken, konden ze niet met zekerheid zeggen dat methylfenidaat (het werkende bestanddeel in rilatine) de levens van minderjarigen met ADHD verbetert.

"Het kan een aantal symptomen, als hyperactiviteit en concentratieproblemen, verbeteren. Maar we kunnen niet zeggen of dit door het medicijn komt, of dat dit opweegt tegen de bijwerkingen, als slaap- en eetproblemen." De onderzoekers roepen daarom artsen op om het medicijn weloverwogen voor te schrijven.

Professor kinder- en jeugdpsychiatrie Marina Danckaerts (KU Leuven) meent dat hun conclusie niet nieuw is. "Ze is correct, dat wel. Het klopt dat er, op basis van het bestaande onderzoek niet gezegd kan worden dat de voordelen van methylfenidaat opwegen tegen de nadelen. Dat moet bij iedere jongere afzonderlijk goed bekeken worden. Maar het omgekeerde kunnen we dus ook niet stellen."

Danckaerts vindt die kritische houding goed, maar betreurt dat ze niet voor de rilatine-alternatieven geldt. "Er zijn heel prille niet-medicamenteuze pistes aangaande ADHD, die ook onderzoek verdienen, maar waarvoor geen geld wordt vrijgemaakt."

Professor Dirk Van West, kinder- en jeugdpsychiater bij het Ziekenhuis Netwerk Antwerpen, treedt haar bij. "Specialisten weten al lang dat rilatine heel uiteenlopende effecten heeft. Zeker als het geneesmiddel niet ingebed is in een volledig programma. Rilatine moet maar in tweede of derde instantie een piste zijn, eerst moet er ingezet op psychosociale interventies."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234