Dinsdag 09/08/2022

NieuwsWetenschap

Wetenschappers bekijken ‘superworm’ die piepschuim verorbert, met hoop op toepassing in recycling

Larve van de keversoort Zophobas morio. Beeld Hung Vu / Universiteit van Queensland
Larve van de keversoort Zophobas morio.Beeld Hung Vu / Universiteit van Queensland

Australische wetenschappers hebben in detail bestudeerd hoe keverlarven piepschuim verorberen. De enzymen die daarbij een rol spelen, kunnen mogelijk ooit gebruikt worden voor recyclingprocessen in de industrie.

Ernst Arbouw

Ze hebben als bijnaam ‘superworm’, vooral omdat ze uitstekend geschikt zijn als reptielenvoer, maar de larven van de keversoort Zophobas morio beheersen een truc die met recht het predicaat ‘super’ verdient: ze lusten polystyreen. Piepschuim dus. Onderzoekers van de Universiteit van Queensland in Brisbane (Australië) bekeken hoe de diertjes precies overleven op een polystyreendieet. Het resultaat verscheen donderdag in het tijdschrift Microbial Genomics.

Dat larven van de Zophobas morio op een of andere manier overleven op polystyreen, was al langer bekend. De ontdekking van die ongebruikelijke voedselkeuze wordt toegeschreven aan een groep middelbare scholieren van een eliteschool op de Filipijnen. De Australische onderzoekers wilden vooral weten hoe de beestjes de lange polymeerketens omzetten in bruikbare energie. Daarvoor richtten zij zich op bacteriën in de spijsvertering van de larven. De enzymen die de micro-organismen gebruiken bij het omzetten van het materiaal, zouden in theorie ooit gebruikt kunnen worden in een industrieel recyclingproces.

Afbraak van plastics

Het is niet voor het eerst dat wetenschappers kijken naar een mogelijke rol voor micro-organismen bij de afbraak van plastics. Japanse onderzoekers vonden in 2016 op een vuilnisbelt in het stadje Sakai een bacterie die de kunststof polyethyleentereftalaat (PET) kon verteren. Duitse onderzoekers vonden een bacterie die kan overleven op een dieet van polyurethaan (PU).

Milieubiotechnoloog Mark van Loosdrecht, hoogleraar aan de TU Delft en zelf niet bij dit onderzoek betrokken, noemt het Australische werk een “solide studie”. Hij wijst echter op een tekortkoming: de onderzoekers vonden wel enzymen die een rol spelen bij de afbraak van styreen, maar hoe de Zophobas morio de lange ketens polystyreen opknipt naar losse moleculen styreen, wordt niet duidelijk.

“Ik vermoed dat dat eerder een fysisch-chemisch proces is, en niet iets bacterieels. Heel simpel gezegd: evolutie werkt vrij goed. Als het voor een bacterie eenvoudig was om lange polymeerketens om te zetten naar bruikbare moleculen, dan zouden we dat wel vaker zien gebeuren.”

Kleine gewichtstoename

Van Loosdrecht wijst erop dat de larven weliswaar konden overleven op polystyreen, maar dat de beestjes niet echt floreerden. In drie weken tijd vertoonden de piepschuimeters nauwelijks gewichtstoename, terwijl een controlegroep op een normaal dieet wel aankwam. Hij is voorzichtig als het gaat om de vooruitzichten van bio-installaties waarin polystyreen of andere kunststoffen op grote schaal geschikt worden gemaakt voor hergebruik. “Dit onderzoek is nog ver verwijderd van een praktische toepassing.”

Wereldwijd wordt jaarlijks 15,6 miljoen ton polystyreen geproduceerd, genoeg om de hele gemeente Groningen, inclusief de dorpen Haren en Ten Boer, te bedekken met een laag van 2,5 meter piepschuim. Slechts een klein deel daarvan wordt hergebruikt. De kunststof wordt gebruikt als isolatiemateriaal in de bouw, in verpakkingen en bijvoorbeeld voor isolerende koffiebekers.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234