Zondag 14/08/2022

AchtergrondExpo

De eerste expo van Wim Opbrouck: ‘Hier komt al mijn werk van de afgelopen drie jaar samen’

In aanloop van de opening van de tentoonstelling schildert Wim ­Opbrouck samen met een groep kwetsbare jongeren een walvis. Beeld Damon De Backer
In aanloop van de opening van de tentoonstelling schildert Wim ­Opbrouck samen met een groep kwetsbare jongeren een walvis.Beeld Damon De Backer

‘Ik ken mijn plaats, ik ben een acteur die al zijn hele leven tekeningen maakt.’ Wim Opbrouck brengt met de pretentieloze expo Open Hart in het Museum Dr. Guislain een ode aan het tekenen.

Sofie Van Hyfte

We kennen hem als acteur, we kennen hem als schrijver, als verteller, zanger en presentator. Maar iets dieper verscholen in het omvangrijke oeuvre van Wim Opbrouck zit zijn beeldende werk, dat vandaag voor het eerst op ruime schaal aan het grote publiek wordt getoond.

Voor hij ooit begon op de toneelschool, volgde Opbrouck een plastische opleiding. Zijn tekentafel heeft sindsdien nooit meer stof gevat. In Opbroucks wereld vinden dan ook steeds kruisbestuivingen plaats. Zo rondde hij net de theatertournee Ik ben de walvis af, een voorstelling in opdracht van de organisatie Te Gek!?, die een lans breekt voor mentaal welzijn. Simultaan werkte hij aan twee boeken over het thema en tussendoor bleef hij aan de lopende band tekenen. Getuige hiervan is een grote stapel schetsboeken die de man in een persoonlijk archief bewaart en die een centraal punt vormt in zijn solotentoonstelling Open Hart in het Museum Dr. Guislain.

De boeken zijn volgepakt met aantekeningen, flarden van theaterteksten, soms ruwe, soms uiterst secure schetsen. Vaak zijn het realistische taferelen, maar even goed zijn het verzonnen figuren of scenes die hij tijdens de vele voorbereidingen en wachttijden tussen theaterrepetities door op papier zette.

Eenzame walvis

Wat zijn werk zo typeert – of hij nu op een podium staat of hij schetst het neer op papier – is Opbroucks gave om een verhaal te vertellen. Zo springen uit de veelheid aan schetsen verhaallijnen die uitdijen tot de binnentuin van het museum, waar een gigantische bultrug is gestrand. Terwijl Opbrouck er een ogenschijnlijk simpele handeling uitvoert, het schilderen van het nagemaakte dier, schuilt er toch weer meer achter die inspanning. Samen met groepen kwetsbare jongeren – van vluchtelingen tot mensen met een mentale beperking – verft hij in aanloop naar de opening van de tentoonstelling het aangespoelde dier zwart, laag per laag. Die collectieve prestatie ziet hij als een zalving van de eenzaamheid en het lijden, waar de walvis voor staat.

“Ik kon me geen betere locatie voorstellen om dit te doen”, vertelt Opbrouck tussen het schilderen door. “De cirkel is rond. Hier komen alle projecten samen waar ik de laatste drie jaar aan heb gewerkt. Het strandt hier allemaal, letterlijk. We weten niet waarom een bultrug strandt, dat blijft een mysterie. Maar in dat stranden zit net heel het verhaal achter mijn werk. Het werd bijna onmiddellijk mijn beeld voor het boek, de voorstellingen en voor de expo. Het ontroert mij en dat deed het veertig jaar geleden ook al, toen ik voor het eerst een bultrug neerpende op papier.”

Opbrouck neemt ons mee naar het expogedeelte van Open Hart. Hij klinkt enthousiast en een tikkeltje nerveus. Ook voor hem is het de eerste keer dat hij het eindresultaat zal zien. Genereus als we hem kennen, maar atypisch voor een kunstenaar deed hij geen voorselectie en gaf hij zijn volledige oeuvre zonder omhalen aan curatoren Pierre Muylle en Patrick Allegaert. “Eerlijk, ik had deze werken zelf nooit gekozen”, zegt hij licht verwonderd. “Simpelweg omdat ik al lang vergeten was dat ik ze gemaakt heb.”

Imaginair herbarium

De tentoonstelling markeert enkele sleutelpunten uit Opbroucks beeldend oeuvre, zoals een reeks rood-blauw-zwarte aquarellen, dertig jaar geleden getekend voor een boek over de Eerste Wereldoorlog of een enkele intieme inkttekeningen die hij ooit voor Watou maakte en recent restaureerde – een uitschieter.

Wat opvalt, is hoe de werken een volledig ander aspect van de kunstenaar blootleggen. Zijn bombast en zijn humor kennen we vanop het podium en vanop televisie, maar de fijnzinnigheid die hij in die zaken legt, komt vooral in zijn schetsen naar boven. Letterlijk zelfs, met fijne lijnvoering, onder meer te zien in de subtiele buigingen die hij ooit voor NTGent maakte en in zijn vaak secure kleurkeuzes.

Zoals in zijn recentste werk dat gemaakt is tijdens de pandemie – nog een uitschieter. Het imaginaire herbarium, zoals hij het zelf noemt, bevat op licht absurde wijze steeds weer dezelfde plant. Die is op verschillende manieren getekend, maar wel telkens met een schrijnwerkerspotlood, rood aan de ene zijde, blauw aan de andere. Het resultaat werkt verstillend.

Het botanische motief keert een paar keer terug in de rondgang. Als hersenspinsels boven een peinzend figuur, in het hoofd van enkele rake portretten of als lichaamsdelen die verder lijken te willen groeien. Het doet denken aan woord-beeldassociaties. Uit het één groeit het andere verder.

De associaties komen ook terug in de Tekenklas. Op het gelijkvloers is een ruimte ingericht met een tiental tekentafels, elk voorzien van een camera. Vooraan hangt een groot scherm. “De tekenklas is een belangrijk onderdeel van ons project”, benadrukt Opbrouck. “Denk aan The Big Draw, dat jaarlijks in oktober plaatsvindt en iedereen oproept om samen te gaan tekenen. Er zal een voortekenaar aanwezig zijn en een voorlezer. Begeleid door tekst en beeld maakt elke deelnemer schetsen, per tekening krijg je tien minuten tijd. En zo verzamelen we na een uur zestig exemplaren.”

“Mijn werk is één grote ode aan het tekenen. Tijdens het tekenen kent de verbeeldingskracht geen grenzen. In een tekening schuilt er kracht om te ontdekken, maar ook om te ontsnappen. In Open Hart komt dat alles samen.”

Open Hart loopt van 26 juni tot 8 januari in Museum Dr. Guislain, Gent.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234