Dinsdag 27/09/2022

Het kunstenaarsstatuut discrimineert, mevrouw De Coninck

"Kunstenaars worden ongelijk behandeld, de diversiteit staat onder druk", aldus een open brief aan Monica De Coninck, minister van Werk. Enkele ondertekenaars zijn Mesut Arslan (0090), Sven Augustijnen, Jan Boelen, Piet Coessens (Roger Raveelmuseum), Anne Daems, Peter De Cupere, Koenraad Dedobbeleer en Dirk Dewit (BAM).

OPINIE

Het 'kunstenaarsstatuut' werkt met twee maten en gewichten, sinds de RVA in 2011 het begrip 'artistieke prestaties' enkel nog laat gelden voor 'podiumkunsten, film- en audiovisuele sector'. Wat met alle andere? Benieuwd hoe de Arbeidsrechtbank vandaag zal oordelen over de discriminatie.

De verscheidenheid aan kunstpraktijken is groot, ten opzichte van het aantal legale statuten waaronder men deze talloze praktijken kan uitoefenen als een beroep. Als een kunstenaar betaald wordt, dan is deze verplicht om ofwel als werknemer, ofwel als zelfstandige te zijn ingeschreven, of nog beide te combineren. Beide statuten, die zijn afgestemd op voorbeelden uit meerderheidspraktijken zoals arbeiders en bedienden, vallen moeilijk te rijmen met de minderheidspraktijken van kunstenaars.

Na een proces dat teruggaat tot 1969, werd in 2002 de wet betreffende de sociale zekerheid van de loontrekkenden aangepast en uitgebreid tot alle kunstenaars die werken creëren of uitvoeren in opdracht en tegen betaling van een loon. Die zijn in principe werknemer, maar wanneer ze voldoen aan bepaalde voorwaarden, kunnen ze kiezen om te werken als zelfstandige. Tegelijk werden bijzondere regels voor tijdelijke werknemers inzake werkloosheid - de toelating tot de werkloosheid en de berekeningen van de werkloosheidsuitkeringen - aangepast voor alle 'artistieke prestaties'. Sinds de aanpassingen aan het werknemersstatuut in 2002, maken vele kunstenaars uit uiteenlopende praktijken gebruik van het werknemersregime. Het stelde hen in staat een duurzame kunstpraktijk te ontwikkelen. Dat zoveel nieuwe mensen sinds 2002 bijdragen aan het mutuele systeem van het werknemersregime mag dan ook een succes heten.

Tot de RVA in oktober 2011 het begrip 'artistieke prestaties' opnieuw reduceerde tot de "podiumkunsten, film- en audiovisuele sector". In één klap werd een grote groep kunstenaars, die tegen betaling van een loon artistieke prestaties levert, uitgesloten van beschermingen van de werknemers. Beeldhouwkunst, experimentele kunst, fotografie, grafiek, hybride kunst, installatiekunst, literatuur, performance, poëzie, schilderkunst, urbanistische interventies vallen zo uit de boot. Tegelijk wordt van deze kunstenaars, binnen het werknemersregime, wél nog verwacht dat zij de helft van hun inkomsten afstaan aan loonlasten voor de sociale zekerheid, zonder toegang tot de volledige sociale zekerheid van dit regime. Dat veel kunstenaars nu administratief uitgesloten worden van het kunstenaarsstatuut is niet alleen een discriminatie, maar ook een bedreiging voor de diversiteit aan kunstpraktijken.

De RVA werd door juridische uitspraken al verplicht om bepaalde administratieve regels met betrekking tot het kunstenaarsstatuut opnieuw in te trekken, wegens tegenstrijdig met de wet. Er kwam ook al advies van de Raad van Arbeid in juli 2012 over deze kwestie. Maar dit probleem kan niet enkel op een juridische manier opgelost worden. Een regering kan door besparingsmaatregelen een administratie niet vragen om de wet niet langer toe te passen. Wij roepen Monica De Coninck, Minister van Werk, dan ook op om actie te ondernemen en de verdere uitholling van het kunstenaarsstatuut stop te zetten.

Wij vragen de intrekking van de omzendbrief van de RVA uit oktober 2011, die een enge invulling gaf aan het begrip 'artistieke prestaties'. Bovendien vragen wij een precisering van de wetgeving. Wij wensen een expliciete verwijzing naar het begrip artistieke activiteit in artikel 10 van het ministerieel besluit van 26 november 1991 en 116 paragraaf 5 van het koninklijk besluit van 25 november 1991, als "de creatie en vertolking van artistieke werken, inzonderheid op het vlak van de audiovisuele en beeldende kunsten, de muziek, de literatuur, het spektakelbedrijf, het decorontwerp en de choreografie", zoals dat in de inleiding van deze besluiten nu reeds omschreven werd en in overeenstemming met de wet betreffende de sociale zekerheid van loontrekkenden. Deze voltooiing moet mogelijke misverstanden in de toekomst vermijden.

Kunstenaars vragen enkel de toepassing van de wet betreffende de sociale zekerheid van loontrekkenden, die zelf reeds bepaalt dat zij als tijdelijke en onregelmatige werknemers dezelfde rechten hebben op de bescherming van het werknemersregime net zoals alle andere werknemers.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234