Dinsdag 09/08/2022

Review

Hozier komt hier graag? Welnu: hij is altijd welkom

Hozier. Beeld Alex Vanhee
Hozier.Beeld Alex Vanhee

Een troubadour vond gisteren z'n thuisstek: net als Elbow en Editors is het Ierse muzikantenkind Hozier - né Andrew Hozier-Byrne - in België altijd iets méér welkom dan elders. In Vorst liet hij op zijn beurt verstaan hier graag te komen.

Vincent Van Peer

Hoziers reputatie zit 'm soms in de weg. Hij is de zoon van een bluesman, en verslond van kindsbeen af muziek die in de verste verte niks met Aqua, Lou Bega of Blue te maken had; nochtans de cd-singletjes die elk rechtgeaard jaren 90-kind in huis hoorde te hebben. De jonge Andrew vond zijn genot in Muddy Waters, Howlin' Wolf en Robert Johnson, en hij deed dat niet eens via de omweg van pakweg The Rolling Stones. Zijn favoriete zangeressen waren niet Anita Doth of Zohra - waar is de tijd - maar wel Ella Fitzgerald en Nina Simone. Oude ziel in een jong lijf, meneer.

Als je uitgaat van al die referenties - bij zijn eerste internationale stappen werd hij ook nog eens ingehaald als de nieuwe Van Morrison - dan verwacht je je aan véél. Aan een nukkige verteller, bijvoorbeeld, aan een geblutst man, aan een soort gereïncarneerde John Fahey: aan een contraire figuur die niet helemaal thuishoort in de 21ste eeuw, alleszins. En dan is het even schrikken wanneer op het podium van Vorst plots een gereputeerd volksmenner voor je staat, een liedjesmachine en een popmuzikant die in bijna elk nummer de handjes op elkaar krijgt.

Voor het eerst al in song één: 'Like Real People Do', dat haar akoestische begin gebruikt als schijnbeweging. Het optreden begint pas echt na de inval van de veelkoppige begeleidingsgroep, die het hele optreden lang nooit minder dan uitstekend zal zijn. 'Angel of Small Death' ruikt daarop het momentum en pakt uit met een dosis Grootse Pop. De elektrische gitaarsolo is net fout genoeg om enig overdreven sérieux onderuit te halen en de vlam en passant in de pan te steken. Dit is blekejongensgospel op maat van een ruimte waarin soms ook sportevenementen georganiseerd worden: een overtuigend begin.

Hozier. Beeld Alex Vanhee
Hozier.Beeld Alex Vanhee

'From Eden' heeft niet dezelfde catchiness, maar wel een mooiere tekst: "Babe, there's something lonesome about you / Something so wholesome about you / Get closer to me." Het beste van Hozier als schrijver, dat. 'Jackie and Wilson' is dan weer gemaximaliseerde rhythm 'n blues, met de nadruk op dat eerste, plus het feelgoodgehalte van een gemiddeld zomerfestival.

'Somone New' komt er op het moment dat er links en rechts iemand begint te dorsten naar een herkenbaar melodietje - in afwachting van 'Take Me to Church' is dat dus 'Someone New'. Hier is Hozier de schrijver misschien iets minder in vorm ("And so I fall in love just a little / Oh a little bit every day with someone new"), maar Hozier de muzikant vangt dat ruimschoots op: het achtergrondkoortje met de verrukkelijke Alana Henderson op kop klinkt alleen op het kwetsbare 'In a Week' even prangend.

Er zijn nog Momenten te rapen: 'Arsonist's Lullabye' is donkere kamerpop met grootheidswaanzin, 'It Will Come Back' - met een geweldig Brits aandoend gitaarriedeltje als intro - blijft tot aan de laatste minuut erg ingetogen en 'Take Me to Church' zet net voor de bis geheel verwacht de feestmuts op: niet dat het een vrólijk nummer is, maar iedereen is blij om het te horen.

Evenwel: na een hele avond Hozier - nu ja: een uur en een kwart - valt niet alleen het leuks op, maar ook het formuleachtige.

Formuleachtig? Ik heb soms de indruk dat Hozier, net als Dotan, Mumford and Sons en Bastille, te veel vertrouwt op torch songs aangedreven door keiharde, afgekapte, op de voorgrond geduwde percussie ("bóém-bóém-bóém-bóém!"). Het zijn paukenslagen die het ritme bij momenten door je keel duwen - nóg harder mee klappen! - en die elk streepje drama met een takelwagen op het voorplan sleuren, het liefst nog vergezeld van enkele epische ooh-ooh-ooh's. Eén nummer werkt dat, maar na vijf nummers ebt het effect weg.

Hozier. Beeld Alex Vanhee
Hozier.Beeld Alex Vanhee

Zondigt Hozier daarmee tegen het Grote Regelboek van de Muziek? Maar nee. Het duidt wél aan dat hij nog niet stevig genoeg in zijn schoenen staat om spontaan aan subtiliteit te doen. En dat hij een minder getalenteerd songschrijver is dan zijn grote voorbeelden - geen schande. Hozier is blues, soul en gospel zoals een quattro formaggi met cheesy crust een uitgebreide kaasschotel is. Zo'n cheesy crust hapt op tijd en stond lekker weg, maar ze is er vooral omdat het goed schijnt te marcheren, niet omdat het móét.

Maar schuif dat gerust terzijde als detailkritiek van een ouwe zeur. Om te illustreren: van 'Blackbird' wilde ik bijna zeggen dat het een nummer uit de B-schuif was, tot de auteur ene P. McCartney bleek te zijn, en de originele uitvoerders The Beatles. Wat loop ik dus nog te raaskallen: Hozier komt hier graag? Welnu: Hozier is altijd welkom.

Hozier. Beeld Alex Vanhee
Hozier.Beeld Alex Vanhee
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234