Donderdag 29/09/2022

AchtergrondDesign

‘Mevrouw, we borduren hier geen kussentjes’: de masculiene tijdgeest spiegelt zich in vrouwelijk design

null Beeld dm
Beeld dm

Niet zelden gingen mannen aan de haal met de ontwerpen van vrouwelijke designers. Zij mochten zich lange tijd alleen bezighouden met borduren, textiel en keramiek. Dat ze veel meer konden, toont een tentoonstelling in de Rotterdamse Kunsthal die deze vrouwen in de spotlights zet.

Harmen van Dijk

“Mevrouw, we borduren hier geen kussentjes.” Dat was het botte antwoord dat ontwerper Charlotte Perriand kreeg toen ze in 1927 solliciteerde bij de Franse design-grootheid Le Corbusier. Vrouwen die zich verbeeldden designer te zijn? Een beetje weven en pottenbakken mochten ze, maar serieuze zaken als meubels, lampen en apparaten ontwerpen, dat was mannenwerk. Vonden die mannen zelf.

Natuurlijk waren ze er wel en een grote expositie in Kunsthal Rotterdam geeft ze een podium: ruim honderd talentvolle vrouwelijke ontwerpers die sinds 1900 prachtig design maakten.

Inderdaad zijn er veel stofontwerpen, vloerkleden en serviezen te zien. Onvermijdelijk omdat vrouwen, toen ze begin twintigste eeuw werden toegelaten tot de kunstacademies, vrij dwingend naar de afdelingen textiel en keramiek werden doorverwezen. Maar er zijn ook stoelen, kasten, lampen en ontwerptekeningen voor complete huizen − het volledige designarsenaal.

Tot vandaag de dag in productie

Een glansrol is weggelegd voor de eerder genoemde Charlotte Perriand. Ze hield vol en werd toch aangenomen door Le Corbusier. Ze had een draaistoel ontworpen van metalen buizen, voor haar eigen appartementje in Parijs. Le Corbusier moest toegeven dat ze meer kon dan borduren en de stoel werd opgenomen in de collectie meubels van buisstaal die ze samen met de beroemde ontwerper en zijn compagnon Pierre Jeanneret ontwikkelde.

Kast van Charlotte Perriand, 1952. Beeld Vitra Design Museum
Kast van Charlotte Perriand, 1952.Beeld Vitra Design Museum

Een aantal van die meubels is tot vandaag de dag in productie. Maar het aandeel van Perriand in het ontwerpproces is lange tijd gebagatelliseerd. Onderzoek in de afgelopen decennia maakte haar grote rol duidelijk en nu geldt ze terecht als een topdesigner.

Het gebeurde nogal eens dat mannen met de eer gingen strijken als ze samenwerkten met een vrouw. Een treffend voorbeeld is de simpele lederen sofa die sinds 1930 geldt als een ontwerp van de beroemde architect Ludwig Mies van der Rohe. Pas onlangs is ontdekt dat Lilly Reich de ontwerper is.

Charlotte Perriand in de chaise longue die ze met Le Corbusier en Jeanneret ontwierp, 1928. Beeld Archives Charlotte Perriand ©ADAGP-AChP 2006.
Charlotte Perriand in de chaise longue die ze met Le Corbusier en Jeanneret ontwierp, 1928.Beeld Archives Charlotte Perriand ©ADAGP-AChP 2006.

Het is bijna onvoorstelbaar dat hij zo aan de haal kon gaan met haar idee, want Reich was bepaald geen beginneling. Ze had een eigen ontwerpstudio en was het eerste vrouwelijke bestuurslid van de Deutscher Werkbund, een club van ontwerpers en architecten.

Directeur en hoofdontwerper

Het was de masculiene tijdgeest. Zelfs als mannen wél alle eer gunden aan een vrouwelijke collega, had de buitenwereld daar geen enkele boodschap aan. Aino Marsio kon in het liberale Finland al in 1913 architectuur gaan studeren en vond daarna ook werk. In 1925 trouwde ze met collega Alvar Aalto en samen ontwierpen ze beroemde gebouwen en ook veel gebruiksvoorwerpen.

Toen ze de firma Artek oprichtten werd Marsio directeur en hoofdontwerper. En toch is haar man Alvar vele malen beroemder geworden dan zij. Kunsthistorici schreven ontwerpen van meubels gemakzuchtig toe aan hem, terwijl op de tekeningen toch duidelijk haar initialen stonden.

Glasservies Bölgeblick van Aino Marsia-Aalto, 1932. Beeld Vitra Design Museum
Glasservies Bölgeblick van Aino Marsia-Aalto, 1932.Beeld Vitra Design Museum

Het glasservies Bölgeblick dat op de tentoonstelling te zien is, staat wel sinds 1932 op haar naam. Het heldere ontwerp − geïnspireerd door kringen in een plas water − wordt nog altijd door de Finse firma Iittala verkocht. Ikea maakte er in de jaren negentig een kopie van − wat je zou kunnen opvatten als compliment voor de tijdloze kwaliteit.

Geen heldere taakverdeling

Het wereldberoemde Amerikaanse design-echtpaar Ray en Charles Eames vond een manier waarop ze niet in elkaars schaduw konden staan: van hun ontwerpen is nooit duidelijk wie wat heeft bedacht − alles draagt hun beider naam. In het Eames office, dat ze vanaf 1943 samen runden, bestond geen heldere taakverdeling.

Wie in 1948 de tijdloze La Chaise bedacht, is zelfs na intensief onderzoek niet duidelijk geworden. En dat geldt ook voor de kunststof kuipstoeltjes en de kapstok met gekleurde bolletjes, ontwerpen die nog altijd als warme broodjes over de toonbank gaan.

La Chaise van Ray en Charles Eames, 1948. Beeld Kunsthal Rotterdam
La Chaise van Ray en Charles Eames, 1948.Beeld Kunsthal Rotterdam

Op de tentoonstelling is een video-interview te zien van het Italiaanse design-echtpaar Massimo en Lella Vignelli. Het is aandoenlijk hoe Massimo zijn vrouw in het zonnetje wil zetten en zij lachend de eer weer naar hem terugkaatst. Ze emigreerden in 1964 naar de Verenigde Staten, waar ze zeer succesvol werden.

In hun New Yorkse kantoor werkten ze vijftig jaar intensief samen, maar tot grote frustratie van Massimo ging het in de media altijd over hem en weigerden klanten soms zaken te doen met zijn vrouw.

“Dit is openlijke genderdiscriminatie”, zei hij daarover. Alle vrouwen in architectuur en design hebben er volgens hem mee te maken gehad. “Alleen de moedigsten kunnen daarmee omgaan. En Lella is een van hen.”

Psychedelische stoffen

Desondanks komen er in de jaren vijftig en zestig steeds meer vrouwelijke ontwerpers die hun eigen studio’s beginnen. Ook op zakelijk gebied manifesteren vrouwen zich. De Amerikaanse Florence Knoll en de Italiaanse Maddalena de Padova staan aan het roer van grote designfirma’s die het werk van − ook mannelijke − ontwerpers op de markt brengen.

Het Finse textielbedrijf Marimekko wordt vrijwel geheel gerund door vrouwen die bonte, soms haast psychedelische stoffen maken die beeldbepalend zijn voor de flowerpowertijd. In 1968 komt het bedrijf met de allereerste unisex kledinglijn.

Stof van Marimekko. Kunsthal Rotterdam, Here We Are! Women in Design 1900 - Today. Foto Marco De Swart Beeld Marco De Swart, Kunsthal Rotterdam
Stof van Marimekko. Kunsthal Rotterdam, Here We Are! Women in Design 1900 - Today. Foto Marco De SwartBeeld Marco De Swart, Kunsthal Rotterdam

Rond de millenniumwisseling lijken vrouwen een gelijkwaardige plek te hebben veroverd in de designwereld. Over deze generatie ontwerpers hoeft geen speciale vrouwententoonstelling te worden gemaakt − ze worden puur op hun prestaties beoordeeld.

Vitra Design Museum

De expositie Here We Are! in de Kunsthal is gemaakt in samenwerking met het Vitra Design Museum in het Duitse Weil am Rhein. Vitra is een bekend meubelmerk, dat klassieke ontwerpen van Ray en Charles Eames produceert, maar ook de bekende poldersofa van Hella Jongerius.

Daarnaast heeft het bedrijf een indrukwekkende collectie design van grote ontwerpers die wordt tentoongesteld in een futuristisch museumgebouw bij de meubelfabriek.

Probleem opgelost? De makers van de tentoonstelling leggen terecht de vinger op een volgende gevoelige plek. Design lijkt in de 120 jaar die de Kunsthal belicht een nogal westerse aangelegenheid te zijn geweest. In de komende jaren zal die focus ongetwijfeld worden verlegd.

In de laatste zaal hangt een groot, kleurig wandtapijt, gemaakt door het Zuid-Afrikaanse collectief Matri-Archi(tecture). De directeuren Khensani de Klerk en Solange Mbanefo willen hiermee de zichtbaarheid van zwarte vrouwen in de wereld van architectuur en design vergroten.

En ook vanuit de westerse wereld worden initiatieven genomen, zoals het Zwitserse feministische platform Futuress, dat designers uit de hele wereld met elkaar wil verbinden. Dat smaakt naar meer.

Here We Are! is tot 30 oktober te zien in Kunsthal Rotterdam.

Ontwerpen van de toekomst

Here We Are! zet een resem iconische designs van vrouwen in de kijkers, zoals Greta Magnussons ‘Grasshopper’ lamp, Liisi Beckmanns kleurrijke, plastic fauteuil en Cini Boeri’s glazen ‘Ghost chair’ zijn te zien. Andere hoogtepunten zijn modernistische stukken van de beroemde Charlotte Perriand, Eileen Gray en Clara Porset. Ook minder bekende baanbrekende vrouwen worden uitgelicht. Louise Brigham publiceert in 1909 een vooruitstrevend boek over hoe zelf meubels te maken van gebruikte materialen. En we zien een zelden getoond tapijt van vernieuwer Gunta Stölzl: het eerste vrouwelijke afdelingshoofd van het Bauhaus.

Daarnaast toont de expo ook hoe vrouwen nu de grenzen van wat we design noemen verleggen, vooral door de nieuwste technologieën die ze gebruiken. De Duitse Julia Lohmann werkt bijvoorbeeld met materialen gemaakt op basis van zeewier, terwijl de Nederlandse Christien Meindertsma een biologische afbreekbare stoel van verstevigd vlas heeft ontworpen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234