Vrijdag 27/05/2022

VoorpublicatieEigenlijk Eva

Van ultraorthodoxe rabbijn tot trans vrouw: in ‘Eigenlijk Eva’ vertelt Abby Stein haar verhaal

‘In de synagoge staarde ik naar mijn ‘veise zoken’ en stelde me voor dat het geen kousen waren maar een panty zoals mijn zussen droegen.’ Beeld rv
‘In de synagoge staarde ik naar mijn ‘veise zoken’ en stelde me voor dat het geen kousen waren maar een panty zoals mijn zussen droegen.’Beeld rv

In Eigenlijk Eva vertelt Abby Stein (30), geboren als oudste zoon in een groot chassidisch gezin in Brooklyn, over de ongewone weg die ze heeft afgelegd. Deze passage situeert zich rond haar 13de verjaardag. Ze moet witte kniekousen gaan dragen, de puberteit is ingezet. Een voorpublicatie.

Abby Stein

Ik kreeg steeds vaker nachtmerries. In een ervan zat ik achter mijn zusje Miriam aan, maar ik kreeg haar niet te pakken. ‘Waarom ren je nou weg, Miriam?’ riep ik. ‘Je bent een jongen, maar wel een rare jongen,’ antwoordde ze. ‘Je bent een meisje dat zich voordoet als jongen en zich kleedt als jongen en dat vind ik eng. Ik ben bang dat ik net zo word als jij!’

‘Maar ik kan er niks aan doen!’ wierp ik tegen. ‘Ik wil wel als meisje door het leven gaan, maar iedereen zegt dat ik een jongen ben, dus speel ik het spelletje mee!’

Sjtisim,’ zei Miriam, het Jiddische woord voor lulkoek. ‘Je kunt er heus wel wat aan doen, je probeert het gewoon niet hard genoeg!’

‘Miriam, kom nou terug. Zeg me wat ik moet doen en dan doe ik het, maar kom alsjeblieft terug!’

‘Eerst moet je dood, pas daarna kun je opnieuw geboren worden als een echt meisje,’ zei ze. ‘Het is heel eenvoudig, je kunt het! Je hoeft alleen maar van het balkon te springen.’

Ik stapte het balkon op en dacht er even over na. ‘Je hebt gelijk, Miriam. Dat is mijn enige optie, eerst doodgaan en dan herboren worden,’ zei ik. Ik ging op de rand van het balkon staan en zette me schrap om te springen.

Toen werd ik badend in het zweet en huilend wakker. Ik had wel vaker nachtmerries gehad, maar nog nooit zo akelig als deze. Miriam horen zeggen dat ik haar bang maakte en dat ik dood moest beklemde me.

Miriam was dol op mij. We hielden allemaal van elkaar, maar Miriam en ik waren beste maatjes. In een gezin van dertien kinderen vorm je als vanzelf een hechtere band met een van je broers of zussen, iemand die op je let en voor je zorgt als je ouders daar even geen tijd voor hebben. Ik was de enige die Miriam ’s avonds in slaap kon krijgen en als ze ruzie had met een van de anderen moest ik haar altijd beschermen.

Een droom waarin ze me afwees omdat ik niet uitkwam voor het feit dat ik een meisje was — overduidelijk een projectie van mijn eigen angst — deed dus pijn.

Ik vond het angstaanjagend dat ik bereid was mezelf te pletter te gooien omdat zij me daartoe aanspoorde.

Die nachtmerrie had ik in de nacht van mijn dertiende verjaardag, de nacht voor mijn bar mitswa, toen ik zogenaamd een man ging worden.

Op mijn derde verjaardag werd mijn haar geknipt en kreeg ik een prinsengewaad aan.

Op mijn dertiende werd ik bar mitswa en ging ik witte kniekousen en een bonthoed dragen, zoals het een man betaamde.

Mijn dertiende verjaardag luidde bovendien de puberteit in. De weken daarvoor had ik al de eerste tekenen van baardgroei bij mezelf ontdekt, zachte donshaartjes in mijn hals, en kreeg ik voor het eerst erotische gevoelens. Ik wist niks van seks, want daar werden we noch op school noch thuis over voorgelicht; er werd niet eens gehamerd op seksuele onthouding, want iedereen ging ervan uit dat jongens en meisjes elkaar voor het huwelijk toch niet aan zouden raken – laat staan dat ze zouden zoenen of geslachtsgemeenschap met elkaar zouden hebben. Desondanks kreeg ik die gevoelens wel, en ze brachten me behoorlijk in de war.

Ik ging anders kijken naar jongens en vond sommige beduidend leuker dan andere. Om het allemaal nog verwarrender te maken vond ik sommige meisjes ook leuk, zij het minder uitgesproken – in mijn fantasieën trouwde ik altijd met een jongen. Alles bij elkaar, plus de voorbereidingen voor mijn bar mitswa, maakte het dat ik me meer dan ooit onbehaaglijk voelde over mijn gender­identiteit.

‘Tefillin zijn heilig,’ zei tati. ‘Zo heilig dat alleen mannen ze mogen dragen, omdat die een reiner lichaam hebben.’ Hij lichtte toe waarom vrouwen ze nooit dragen. De tefillin zijn onderdeel van een Bijbels ritueel: er zitten handgeschreven Bijbelteksten in de leren doosjes die je met leren veters om je arm en voorhoofd bindt. In de orthodoxe wereld dragen mannen ze elke doordeweekse ochtend. Binnenkort zou ik ze ook gaan dragen. Dat stelde me natuurlijk helemaal niet gerust.

Waar ik ook keek, overal zag ik signalen en voortekenen dat ik een man aan het worden was.

Een week voor mijn bar mitswa stuurde tati me op vrijdagavond vroeg naar bed.

‘Morgen moet je bijtijds op,’ zei hij. ‘Je moet voor het ochtendgebed naar het mikwe. Je wordt volwassen, dus je moet gaan doen wat alle volwassen mannen doen!’

Het mikwe is een ritueel bad dat dateert uit de tijd van de Tweede Tempel in Jeruzalem. In de meeste praktiserend-Joodse gemeentes zijn het vooral de vrouwen die zich bij wijze van zui­vering in het mikwe onderdompelen, na een bevalling en eens in de maand als ze ongesteld zijn geweest, maar binnen de chassidische gemeenschap maken juist de mannen er vaker gebruik van. Elke grote chassidische synagoge heeft een eigen mikwe en het is gebruik dat mannen zich er elke dag in onderdompelen.

'Ik vond het angstaanjagend dat ik bereid was mezelf te pletter te gooien omdat zij me daartoe aanspoorde.' Beeld rv
'Ik vond het angstaanjagend dat ik bereid was mezelf te pletter te gooien omdat zij me daartoe aanspoorde.'Beeld rv

Ik moet zeggen dat ik het mikwe heerlijk vond. Het was alsof je elke ochtend een warm bad nam, wat een erg fijn begin van de dag is. Jongens mogen er al heen voor hun dertiende verjaardag, maar meestal doen ze dat dan vóór de sjabbat, op vrijdagmiddag, niet op zaterdagochtend. Die bewuste ochtend mocht ik voor het eerst op de sjabbat met tati naar het mikwe. Toen ik na afloop met natte peies de synagoge binnenstapte liep ik een vriend van mijn ouders tegen het lijf. ‘Een kínd dat op de sjabbat naar het mikwe gaat? Dat zou toch verboden moeten zijn!’ zei hij gekscherend.

Hij bedoelde het als grapje, om me te plagen met het feit dat ik nog geen dertien was. Wat mij betrof had hij daarentegen gelijk: ik had inderdaad nog niks te zoeken in het mikwe, maar niet vanwege mijn leeftijd. Ik mocht er niet komen omdat ik een meisje was en meisjes pas gebruik­maken van het mikwe nadat ze getrouwd zijn.

Ik deed alsof ik zijn opmerking niet had gehoord en alsof het me niks deed, maar zijn stem en de ware woorden die hij onbedoeld had gezegd, bleven door mijn hoofd spoken. Ze galmden nog de hele dag door mijn hoofd.

Ik was naar het mikwe gegaan alsof ik een jongen was. Ik zat in de synagoge tussen de mannen, in de buurt van de thora, in plaats van achter het gordijn achterin bij de vrouwen, alsof ik binnenkort een man zou zijn.

Ik voelde aan alle kanten dat soort wrijving, bij elke stap die ik zette.

Ik deed mijn best om het allemaal helder voor mezelf te krijgen, om de jongen te vertalen naar een meisje. In de synagoge staarde ik naar mijn veise zoken en stelde me voor dat het geen kousen waren maar een panty zoals mijn zussen droegen, met snoezige schoentjes erbij.

Inderdaad, mama, alleen meisjes zeggen ‘snoezig’.

Abby Chava Stein, 'Eigenlijk Eva. Mijn transitie van ultraorthodoxe rabbijn tot trans vrouw', De Geus, 256 p., 20 euro. Uit het Engels vertaald door Lette Vos. Vanaf 18 januari verkrijgbaar. Beeld rv
Abby Chava Stein, 'Eigenlijk Eva. Mijn transitie van ultraorthodoxe rabbijn tot trans vrouw', De Geus, 256 p., 20 euro. Uit het Engels vertaald door Lette Vos. Vanaf 18 januari verkrijgbaar.Beeld rv

Abby Chava Stein (1991) is de eerste openlijke transgender vrouw met een ultra-orthodoxe achtergrond. Stein groeide op in een vooraanstaand chassidisch gezin met ­dertien kinderen in Brooklyn. Traditioneel kent die gemeenschap een strikte genderscheiding. Voor haar coming-out werd ze, in 2011, tot rabbijn gewijd. Stein verliet de gemeenschap maar nam haar rol als rabbijn later weer op. Haar organisatie helpt transpersonen uit de Joods-­orthodoxie.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234