Vrijdag 01/07/2022

InterviewBoeken

Vladimir Sorokin: ‘Ik wilde maar één ding: dat de KGB mijn tekst niet in handen kreeg’

Vladimir Sorokin: ‘In Rusland kun je schrijven wat je wilt, zolang het niet rechtstreeks verwijst naar Poetin of het regime.’ Beeld NYT
Vladimir Sorokin: ‘In Rusland kun je schrijven wat je wilt, zolang het niet rechtstreeks verwijst naar Poetin of het regime.’Beeld NYT

Al veertig jaar schopt Vladimir Sorokin (66) met griezelige verhalen tegen heilige huisjes in Rusland. Zijn boeken worden nu naar het Engels vertaald. ‘Poetin is een krankzinnig monster. Een Rus wordt vanaf de kleuterschool gemarineerd in geweld.’

Alexandra Alter

In de voorbije veertig jaar heeft het werk van Vladimir Sorokin zowat elk politiek en sociaal taboe in Rusland doorgeprikt. Zijn roman Blue Lard, waarin onder meer een ­expliciete seksscène met klonen van Stalin en Chroestsjov zit, leidde tot een strafonderzoek wegens pornografie. Aanhangers van het regime beschuldigden hem ervan kannibalisme te promoten en ijverden voor een verbod op zijn novelle Nastya, een griezelige allegorie over een meisje dat door haar gezin gekookt en opgegeten wordt. Demonstranten plaatsten een gigantische sculptuur van een toilet voor het Moskouse Bolsjojtheater en gooiden zijn boeken erin, een fecale metafoor die Sorokin deed denken “aan een van mijn eigen verhalen”.

BIO • Russische postmoderne schrijver en conceptueel kunstenaar • geboren op 7 augustus 1955 in Bikova, bij Moskou • studeerde scheikunde, hield zich daarna bezig met schilderkunst • debuteerde in 1972 als dichter • groeide uit tot een van de belangrijkste ondergrondse Russische kunstenaars • gevlucht sinds de invasie, woont vandaag in Berlijn • veel van zijn werk wordt nu vertaald in het Engels

Elke aanval op zijn werk heeft Sorokin alleen maar brutaler, en populairder, gemaakt. “Een Russische schrijver heeft twee opties: ofwel ben je bang, ofwel schrijf je”, zei hij vorig jaar in een interview. “Ik schrijf.”

Sorokin wordt beschouwd als een van de meest inventieve Russische schrijvers. Hij is een iconoclast die de evolutie van zijn land naar een autoritaire staat beschrijft, met subversieve ­fabels die naargeestige hoofdstukken uit de ­Sovjet-geschiedenis door de mangel halen, en met futuristische verhalen die de vinger leggen op de sluipende repressie van de 21ste eeuw.

Maar ondanks zijn reputatie als getalenteerde postmoderne stilist en onverbeterlijke onruststoker, is hij nog altijd relatief onbekend in het Westen. Slechts enkele boeken van hem zijn ­gepubliceerd in het Engels, ook al omdat het geen sinecure is om zijn werk te vertalen, en omdat het zo hard op de maag valt.

Daar komt nu verandering in: acht van zijn boeken komen weldra uit in een Engelse vertaling. Die aandacht is niet toevallig. Al veertig jaar portretteert Sorokin Rusland als een wereldrijk in verval dat afkalft onder een militaristisch, gewelddadig en repressief regime. Gezien de actuele gebeurtenissen blijkt zijn oeuvre op tragische wijze visionair.

Voor Sorokin is de gewelddadige Russische invasie van Oekraïne niet alleen een militaire slachtpartij, maar evengoed een semantische oorlog die gevoerd wordt met propaganda en leugens – een aanslag op de waarheid die schrijvers koste wat het kost moeten bestrijden.

“De rol van schrijvers zal gezien de huidige omstandigheden veranderen”, zegt Sorokin. “Als een nieuwe tijd van censuur aanbreekt, dan zullen de woorden van schrijvers alleen maar krachtiger worden.”

‘KRANKZINNIG MONSTER’

Sorokin – zilverkleurige manen, zachte stem, bedaard, bedachtzaam – oogt niet als de brutale, polariserende figuur waarvoor hij vaak versleten wordt. Je denkt meer aan een kluizenaar, een wijze.

Hij praat vanuit Duitsland en lijkt enigszins ontredderd, maar niet verrast, omdat hij aankijkt tegen wat wel eens een lange ballingschap kan zijn. Hij en zijn echtgenote Irina woonden alternerend in Vnoekovo, een voorstad van Moskou, en in Berlijn, waar ze een helder, met kunst gedecoreerd appartement hebben. Drie dagen voor de invasie van Oekraïne verlieten ze Rusland.

Dat ze toen naar Berlijn vertrokken was ­toeval, maar nu lijkt het voorbestemd. Sorokin ziet het niet meteen zitten om naar Rusland ­terug te keren zolang Poetin aan de macht is. Hij heeft de invasie publiekelijk veroordeeld, en noemde Vladimir Poetin een ‘krankzinnig ­monster’. Hij bevindt zich dus in een penibele situatie, aangezien Poetin Russen die tegen de oorlog zijn heeft uitgeroepen tot ‘uitschot’ en ‘verraders’.

Terwijl hij het verpletterende geweld in Oekraïne aanschouwt, wordt Sorokin, die de Russische invasie vergeleek met “een moord op je eigen moeder”, nog maar eens geconfronteerd met de bodemloze aanleg voor geweld van de mens, een constant thema in zijn werk.

“Waarom kan de mensheid niet zonder geweld?”, vraagt hij. “Ik ben opgegroeid in een land waarin geweld de voornaamste lucht was die de mensen inademden. Dus als mensen me vragen waarom er zoveel geweld in mijn boeken zit, vertel ik hen dat ik daar van de kleuterschool af in ondergedompeld en gemarineerd ben.”

EROTISCHE VERHALEN

Sorokin past niet in het klassieke plaatje van de dissidente schrijver. Hij is altijd kritisch voor het regime van Poetin geweest, maar is verder stilistisch en ideologisch moeilijk in een vakje te ­steken. Hij werd aan de schandpaal genageld omdat hij in zijn verhalen inging tegen de traditionele waarden van de Russisch-orthodoxe kerk, maar is wel een vroom christen. Hij hanteert een heerlijke prozastijl om gruwelijke zaken te beschrijven. Hij wordt geëerd als literaire erfgenaam van reuzen zoals Toergenjev, Gogol en Nabokov, maar stelt bijwijlen ook de waarde van literatuur ter discussie: romans zijn “niet meer dan papier met typografische tekens”.

‘Ik ben opgegroeid in een land ­waarin geweld de voornaamste lucht was die de mensen inademden.’ Beeld NYT/ZOE NOBLE
‘Ik ben opgegroeid in een land ­waarin geweld de voornaamste lucht was die de mensen inademden.’Beeld NYT/ZOE NOBLE

Hij is een meesterlijk imitator, die virtuoos met genrekenmerken speelt. Sorokin waagt zich aan zowel postmoderne politieke satire (The Queue), als aan esoterische sciencefiction (The Ice Trilogy), alternatieve geschiedschrijving en futuristische cyberpunkfantasieën (Telluria).

“Als je zijn boeken leest, kom je terecht in een waanzinnige nachtmerrie, en dat bedoel ik als een compliment”, zegt de romancier Gary Shteyngart. “Hij vindt het juiste vocabularium om de waarheid te formuleren.”

De Engelse vertalingen die dit jaar uitkomen, getuigen allemaal van de duizelingwekkende bizarheid van Sorokins werk. En ze illustreren zijn obsessie met de gruwelen van Ruslands verleden en zijn angst voor de toekomst van het land.

Het eerste boek, Their Four Hearts, komt deze maand uit bij Dalkey Archive Press en volgt vier archetypische Sovjet-helden die groteske vernederingen moeten ondergaan, als onderdeel van een wrede missie die ermee eindigt dat ze samengeperst worden tot kubussen die als dobbelstenen over een bevroren meer van vloeibaar gemaakte menselijke resten worden gerold. Sorokin schreef de roman in 1991, bij het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Het boek was zo controversieel dat woedende arbeiders in de drukkerij weigerden het te drukken.

Het tweede boek, Telluria, komt in augustus uit bij NYRB Classics. Het is een dystopische fabel die zich afspeelt in de nabije toekomst, in een Europa dat uiteengevallen is in middeleeuwse feodale staten waar de mensen verslaafd zijn aan een drug genaamd tellurium. Sorokin gebruikt het rookgordijn van een geflipte fantasie bevolkt door centauren, misdadige robots en pratende honden die lijken eten, om verdoken kritiek op totalitaire tendensen in het hedendaagse Rusland te uiten.

“Sorokin heeft zijn plaats in de canon verdiend”, zegt Max Lawton, een superfan van Sorokin, die alle acht op stapel staande uitgaven in het Engels vertaald heeft, en die optrad als tolk tijdens het interview. “Ik vond het krankzinnig dat hij nog niet exhaustief vertaald was.”

Het is een sinister toeval dat de nieuwe vertalingen er komen op een moment waarop Russische schrijvers een nieuwe golf van repressie vrezen – een dreiging die Sorokin doet terugdenken aan zijn jonge jaren als undergroundschrijver in de Sovjet-tijd.

“Je kunt in Rusland schrijven wat je wilt, zolang het maar niet rechtstreeks verwijst naar Poetin of het regime”, zegt hij. “Maar ik weet niet hoe het gaat zijn. Misschien komt er wel literaire censuur. Misschien wordt het gewoon een soort déjà vu. Als dat gebeurt, dan word ik terug naar mijn jeugdjaren geworpen.”

Sorokin groeide op in een voorstad van Moskou – zijn vader was professor metaalkunde. Zijn literair talent kwam hem al op jonge leeftijd goed van pas, toen hij erachter kwam dat hij geld kon verdienen door erotische verhalen aan zijn klasgenoten te verkopen.

Sorokin studeerde olie-ingenieurswetenschappen aan het Instituut voor Olie en Gas in Moskou, maar voelde zich meer aangetrokken tot de beeldende kunsten. Hij werkte als tekenaar voor een communistisch jongerenmagazine, en daarna als illustrator van kinderboeken en als grafisch ontwerper.

Begin jaren 80 werd hij een bekende naam in de ondergrondse literaire scene van Moskou. Hij schreef zijn eerste roman, The Queue, een absurdistische persiflage van de Sovjet-­bureaucratie en -verdrukking, in de vorm van flarden dialoog onder mensen die urenlang in de rij staan om onbekende goederen te kopen. “Ik wilde maar één ding: dat de KGB mijn tekst niet in handen kreeg”, zegt Sorokin.

Toen het boek in 1985 in Frankrijk uitgegeven werd, leverde het Sorokin de reputatie van gladde provocateur op. Pas na de val van de Sovjet-Unie werd het in Rusland gepubliceerd.

“Hij was zo bedreven in het voor schut zetten van het regime”, zegt Masha Gessen, een Russisch auteur die ook bijdragen voor The New Yorker levert. “Hij vond het Sovjet-regime echt belachelijk, en vond bij uitbreiding ook dat de expliciete confrontatie ermee absurd was.”

‘Ik zag signalen van verandering in de Russische samenleving die roken naar de middel­eeuwen.’ Beeld NYT
‘Ik zag signalen van verandering in de Russische samenleving die roken naar de middel­eeuwen.’Beeld NYT

In de loop van het volgende decennium schreef Sorokin een reeks experimentele boeken die onderzochten hoe taal en betekenis door de Sovjet-autoriteiten tot wapens werden gemaakt. In The Norm, dat begin jaren 90 uitkwam, gebruikte Sorokin een rauwe metafoor voor de staatspropaganda: burgers moeten een walgend riekende fecale substantie inslikken die verdeeld wordt door de overheid.

“Hij hield de totalitaire staat voor: het domein van de betekenis is niet het jouwe, het behoort jou niet toe. En hij nam het met een krachtig gebaar terug van de staat”, zegt Nariman Skakov, professor Slavische talen en literatuur aan Harvard University.

‘IK HEB HET NIET GEDAAN’

Begin jaren 2000 maakte Sorokin zich alsmaar meer zorgen over de afkalving van burgerlijke vrijheden en het groeiend isolationisme onder Poetin, wat hij opvatte als een terugkeer naar de gewelddadigheid van het middeleeuwse ­Rusland. Het zette hem aan tot het schrijven van zijn meest openlijk politiek boek, Day of the ­Oprichnik, dat zich afspeelt in een Rusland in de nabije toekomst dat is verworden tot een tsaristische dictatuur.

“Ik zag signalen van verandering in de Russische samenleving die roken naar de middel­eeuwen”, zegt Sorokin. “Toen ik het boek schreef, zeiden veel critici: je moet wel een serieuze kater hebben om dit te schrijven. Een paar jaar later stopten ze met lachen en begonnen ze die middeleeuwse geur ook te ruiken in hun dagelijks leven.”

Sindsdien breit Sorokin voort op zijn visioen van een futuristisch ‘nieuw-middeleeuws’ Rusland dat autoritairder en militaristischer wordt en meer achteroploopt, in boeken zoals The Sugar Kremlin, Telluria en Manaraga. Tijdens de pandemie voltooide hij zijn recentste roman in de middeleeuwse cyclus, Doctor Garin.

Die speelt zich af in een futuristische dystopie getekend door kernoorlog, militaire dictatuur en een kwaadaardig ras van genetisch gewijzigde supersoldaten. De roman volgt een arts die in een sanatorium werkt en zorgt voor een groep van kleine, bizar gevormde ‘politieke’ wezens, waartoe onder meer misvormde miniversies van Boris Johnson, Angela Merkel en Poetin behoren. De laatste wordt Vladimir genoemd en kan slechts één ding uitbrengen: “Ik heb het niet gedaan.”

Zoals zo vaak bij Sorokin is het onmogelijk het werk in een vakje te steken – het is een dolle mengeling van cyberpunk, fantasy, satire en ­sciencefiction, gelardeerd met flarden dagboekpassages en dissidente literatuur uit de Sovjet-­tijd.

Sorokin zegt dat hij zich aangetrokken voelt tot futuristische, fantastische contexten, omdat die de meest accurate lens bieden om de chaos en de instabiliteit van het heden te observeren. “De wereld verandert zo onvoorspelbaar dat klassiek realistisch proza er niet in slaagt het allemaal te vatten”, zegt hij. “Het is als schieten op een vogel die al weggevlogen is.”

“Daarom verkies ik die complexe optica”, zegt hij. “Om te zien wat echt is, heb je twee telescopen nodig: één uit het verleden, en één uit de toekomst.”

Acht andere boeken om Rusland en Oekraïne beter te begrijpen

Marc Jansen, Grensland

Oekraïne betekent letterlijk vertaald ‘Grensland’. Het grensgebied, waar in het verleden grote mogendheden als Polen en Rusland, het Habsburgse en Ottomaanse Rijk, nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie met elkaar in botsing kwamen, is pas sinds het uiteenvallen van de USSR in 1991 een onafhankelijke republiek. Historicus Marc Jansen verklaart in dit rijk geïllustreerde overzichtswerk de langzame ontstaansgeschiedenis van Oekraïne, de rol van de Tataren en de Kozakken en de geboorte van de Oekraïense natie.

Jansen schreef ook Een geschiedenis van Rusland: van Rurik tot Poetin.

Lisa Weeda, Aleksandra

Het debuut van deze Nederlandse schrijfster staat op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. In de roman speurt Lisa Weeda op verzoek van haar 94-jarige Oekraïense oma in Loehansk naar het graf van oom Kolja, wat haar brengt bij het verhaal van haar Don-Kozakkenfamilie. Het meest frappante aan deze roman is - zoals Ivo Victoria eerder al opmerkte in deze krant - dat Weeda ondanks alle tragiek lichtvoetig blijft schrijven, alsof het een sprookje is waarvan ze tegen beter weten in blijft hopen dat er toch nog een mooi einde zit aan te komen. Ooit, later.

Jonathan Holslag, Van muur tot muur - De wereldpolitiek sinds 1989

De val van de Muur zou het begin zijn van een periode van wereld­vrede. VUB-politicoloog Jonathan Holslag laat zien waar het misging en hoe het kan dat we weer muren bouwen in plaats van afbreken. Het boek verscheen vorig jaar, maar is een essentiële gids om te begrijpen waarom Poetin misbruik kon maken van de westerse zwakte om Oekraïne binnen te vallen. Het legt haarfijn uit hoe wij ons wentelden in ons vredesdividend, terwijl we onze energiebevoorrading en maakindustrie afhankelijk maakten van autoritaire regimes zoals Rusland en China.

Svetlana Aleksijevitsj, Het einde van de rode mens

Nobelprijswinnares Svetlana Aleksijevitsj (73) borduurt een lappendeken met getuigenissen van voormalige Sovjetbewoners. Hoe zij in de jaren negentig alle houvast kwijtraakten na de verpulvering van het communistische Russische rijk en haast terugverlangden naar de voorspelbaarheid van hun sovjet­bestaan. Aleksijevitsj schrijft de kleine geschiedenissen van haar gesprekspartners zo treffend neer dat je beter vat waarom Rusland een schijn­democratie blijft. Zonder noemenswaardige vrijheid, zonder groot­schalig verzet.

Masha Gessen, De toekomst is geschiedenis

De Russisch-Amerikaanse journaliste Masha Gessen (1967) geeft een fenomenaal inzicht in de gebeurtenissen en krachten die Rusland de afgelopen decennia ontwrichtten. Ze volgt mensen die geboren werden in de nadagen van het Sovjet­rijk. Zij koesteren elk hun eigen aspiratie. Gessen brengt in kaart hoe hun levens beïnvloed worden door de intriges van een verpletterend regime, waarin de oude Sovjet-orde kon terugkeren in de vorm van een maffiastaat die nu ook elke dissidentie tegen de oorlog in Oekraïne genadeloos de kop indrukt.

Nino Haratischwili, Het achtste leven (voor Brilka)

Een familiekroniek die de hele 20ste eeuw en zes generaties omvat en begint in een Georgische stad waar een pater familias een verrukkelijke chocoladedrank bedenkt met onvermoede bijwerkingen. Zijn dochters en kleinkinderen proberen te overleven terwijl de Sovjetterreur om zich heen grijpt en later de perestrojka inzet. Het geheime recept van opa’s chocoladedrank komt hen vaak van pas. Of net niet. Nooit ligt deze literaire ‘baksteen’ van bijna 1.300 bladzijden zwaar op de maag: kleindochter Niza - de ‘vertelster’ - heeft gevoel voor humor en ironie te over.

Edward Lucas, De Nieuwe Koude Oorlog

Lang voor de volledige invasie van Oekraïne sloeg Edward Lucas alarm over de dreiging die uitging van Poetin. Al in 2008 schreef hij een baanbrekend boek dat waarschuwde hoe hij de wereldvrede bedreigt. Toen nog Oost-Europa-correspondent bij The Economist volgde Lucas op de voet hoe de autocratische Poetin critici ombracht en buurlanden destabiliseerde. Lang voor westerse defensie­planners de hybride oorlogsvoering van de Russen doorgrondden, gaf Lucas aan hoe Poetin met cyberaanvallen en politieke manipulaties de EU en het VK ontwrichtte.

Catherine Belton, Poetin en zijn mannen

Na de implosie van de Sovjet-Unie greep één groep KGB’ers de macht, onder leiding van Poetin. Tot op vandaag hebben ze de volledige controle over een netwerk van oligarchen en hun kapitaalstromen, die worden ingezet voor een geopolitieke agenda. Catherine Belton beschrijft hoe het zover kwam. De financieel journaliste werkte veertien jaar aan dit boek. Ze sprak met insiders en reconstrueerde hoe Poetin in Dresden na de instorting van de USSR met zijn KGB-vrienden uit Sint-Petersburg beslag legde op allerlei sleutel­sectoren van de economie.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234